Groeten uit Castricum en Bakkum

Zomerexpositie in de Duynkant

Oud-Castricum komt op haar Open Dagen in mei, juni, juli en augustus met een nieuwe expositie: Groeten uit Castricum en Bakkum. En de titel zegt het al: er is een duidelijke verwijzing naar de vele toeristische trekpleisters in onze mooie gemeente. Campings in alle maten, restaurants met en zonder ster, culturele evenementen, heerlijke stranden, duin, bos, alle vakantieplezier en vertier passeert de revue in expositiegebouw de Duynkant.

Neem een camera mee, want u vindt er ook een speciaal fotobord waar u een vakantiekiekje kunt maken van uw gezin, familie of vrienden. In de filmzaal wordt afwisselend een filmpje over de opening in 1949 van de speeltuin aan de Tetburgstraat in Bakkum en een vakantiefilm uit 1940 vertoond.

De Duynkant kunt u niet missen. Er staat deze zomer een enorme strandstoel aandacht te trekken. En u ziet er een originele schelpenkar, beschikbaar gesteld door Menno Twisk van het Strandvondsten- en Streekmuseum.

Open Dagen

De Open Dagen zijn elke eerste en derde zondag van de maand. De expositie start dus zondag 5 mei a.s. Openingstijden zijn van 13.30 tot 16.00 uur.
Adres: Geversweg 1b.
U bent van harte welkom.

Nieuwsbericht van Jan Possel

Schatrijke Duinen

Het rondetafelgesprek op dinsdag 19 juni 2018 georganiseerd door Steunpunt Monumenten & Archeologie Noord-Holland had als thema archeologie in het Noordelijk en Zuidelijk Duingebied. Het Steunpunt was gast in het gebouw De Duynkant van Oud-Castricum. Ruim dertig genodigden, waaronder vertegenwoordiging van Oud-Castricum, bogen zich over de vraag hoe de kwetsbare archeologie, en dus de kennis over onze voorouders, in het duingebied te beschermen en/of juist zichtbaar te maken.

PWN is de dagelijkse uitvoerder in het gebied als het gaat over water en natuur. Er is in het duingebied mĂ©Ă©r dan water en natuur. Er zijn drie cultuurlagen en conflictarcheologie. Voorwerpen kun je bewaren bij een verstoring, maar sporen in het landschap niet. Het belang natuur wordt getoetst door Provincie en Staat en het belang cultuur en archeologie door de betreffende Gemeente die over het duingebied beleid maakt. Dit overleg leidde tot het boekje Schatrijk Noordelijk Duingebied. Een verzameling van kwetsbaarheden …

De kaft van het boekje Schatrijk Noordelijk Duingebied (foto Rino Zonneveld)

De groep aanwezigen vormden vier overlegtafels. De opdracht was: kom tot een overzicht van vondsten en vindplaatsen, belangrijke verhalen en aandachtspunten voor behoud, beheer, beleid, benutten en beleven van de archeologie in het duingebied.

Voor de terreinbeheerders in het duin ligt er inmiddels een protocol dat bijna klaar is. Dit protocol geeft dan samen met de uitkomst van het rondetafelgesprek richtlijnen voor beleid aan lokale groepen, gemeenten, PWN en archeologen. 

Een overlegtafel met kaart van het duingebied en betrokken en bezielde deelnemers (foto Steunpunt Monumenten en Archeologie Noord-Holland)

Het resultaat was de prachtige glossy Schatrijk Noordelijk Duingebied die op 7 december 2018 in slot Assumburg werd gepresenteerd.

Ook Paul Slettenhaar, wethouder Gemeente Castricum, kreeg een glossy overhandigd. (foto Rino Zonneveld)

De onderwerpen in het boekje die Castricum en Bakkum betreffen zijn: de Wei van Brasser met vroegmiddeleeuws aardewerk, de onderstoven nederzetting Arem, de oorlog van 1799 met als gevolg resten van soldaten en uitrusting in de duinen, de pottenstapel van Castricum met door vingers ingedrukte versiering op de rand en de vraag naar de functie, de Atlantikwall met haar resten die nu conflictarcheologie wordt genoemd, bunkers en kunstschuilkelder.

Het boekje van 131 pagina’s is te koop bij het Huis van Hilde voor slechts €2,10. Een genot om te lezen over de archeologie in de duinen van Groet tot het Noorzeekanaal. Het kan ook (gratis) gedownload worden van de site van Steunpunt Monumenten & Archeologie Noord-Holland, de uitgever van het blad.

Bron: Rino Zonneveld

Maak een luchtreis boven Castricum

Nieuwe expositie in De Duynkant

Na de succesvolle expositie ’50 Jaar Protest in Castricum’ komt Oud-Castricum vanaf 3 februari 2019 met een nieuwe tentoonstelling: ‘Castricum van boven’ een verzameling  bijzondere foto’s van grote hoogte. Dus kom op de eerste of de derde zondag van de maand naar de Open Dag in De Duynkant en maak een mooie luchtreis boven ons dorp. U vliegt over alle bekende punten. De Zanderij, het dorpscentrum, de Heereweg, het strand, de wijk rond het Bakkummerduintje, Antonius, Geesterduin, het stationsgebied, de wijk rond de Wilhelminalaan, onze nieuwbouwwijken in diverse stadia, Duin en Bosch, Geesterduin, Tulpenveld en de Oosterbuurt. En het leuke is: het is een reis door de tijd. De oudste foto’s dateren van 1923, maar er zijn er ook van de jaren ’50 en ’70.  Zo ziet u in vogelvlucht de ontwikkeling en groei van ons mooie dorp.

Open Dagen

De Open Dagen van Oud-Castricum zijn elke 1e en 3e zondag van de maand in gebouw De Duynkant aan de Geversweg. De openingstijden zijn van 13.30 uur tot 16.00 uur en iedereen is welkom. Vooral natuurlijk nieuwe donateurs, die graag ons werk de komende tijd willen steunen. De toegang is gratis voor donateurs; andere bezoekers betalen 1 euro.

Nieuwsbericht van Jan Possel

Protestsongs in De Duynkant

Geslaagd muzikaal afscheid van protestexpositie Oud-Castricum

Zondag 20 januari was het Open Dag in de Duynkant, het gebouw van Oud-Castricum. En al snel moesten er stoelen bijgeschoven worden, want op het programma stond een optreden van Frank Edam en het aktiekoor De Straatklinker. Zij gingen geheel in stijl de expositie “50 jaar Protest in Castricum” afsluiten. Namelijk met protestsongs.

Frank bracht de stemming er meteen in met een lied uit 1266 (!) van Jacob van Maerlant. Daarna namen hij en het koor ons mee door de roerige jaren, eindigend met een prachtig eigen lied over de harde realiteit van nu. Vele hete hangijzers passeerden onderweg de revue. Vietnam, Provo, Gastarbeiders, Apartheid, Populisme, Extremisme en lokale onderwerpen als Vliegveld in Zee, Vliegtuiglawaai, Verkeersinfarct Beverwijkerstraatweg, Rondweg en de aantasting van het kwetsbare duingebied.

Daarna konden de bezoekers, vrijwel allemaal van de protestgeneratie, voor de laatste keer de expositie bewonderen, waaronder een speciaal voor de expositie gemaakte film van Anton Visser.

Werkgroep Oud-Castricum kan met de onderwerpkeuze (zie ook de openingstoespraak van Bernard van den Boogaard) en aanpak van deze tentoonstelling terugkijken op een zeer geslaagde aktie.

Open Dagen

De Open Dagen van Oud-Castricum zijn elke 1e en 3e zondag van de maand in gebouw de Duynkant aan de Geversweg. Openingstijden zijn van 13.30 uur tot 16.00 uur en iedereen is welkom. Dat geldt natuurlijk vooral voor nieuwe donateurs die het werk van Oud-Castricum de komende tijd willen ondersteunen. De entree is voor donateurs gratis, de overige bezoekers betalen 1 euro.

Protest in Castricum from Filmboer Produktie /Anton Visser on Vimeo.

Voor honderd jaren

In afl. 2 van den loopenden jaargang van het Vaktijdschrift vermeldt M. Kramer interessante bijzonderheden betreffende een onderwijzersbenoeming te Castricum een eeuw geleden (1804.)

Na den inhoud van verschillende documenten aangaande de vacature en de sollicitanten te hebben medegedeeld, wordt de lezer met de correspondentie tusschen den Schout en Secretaris van Castricum en den Schoolopziener in kennis gesteld.

Vervolgens komt een uitgebreid verslag van het onderzoek der sollicitanten. Hieruit blijkt, dat eerst de Schout en Secretaris hen „omtrent hunne kunde in de nederduitsche taal, schoolonderwijs en verdere vereischten, ook door proeven in het schrijven, lezen en zingen en geschiktheid tot het schoolonderwijs” heeft geëxamineerd. Daarna zijn de genomineerden (een zestal) aan den tand gevoeld door burger Pr. Corver, Schoolonderwijzer te Velzen.

Door „den eersten genomineerden” , N. ANSLIJN, waren de getuigschriften vóór het examen teruggevraagd. Van dezen had de Schoolopziener in zijn „advis op de 32 sollicitanten” geschreven:

„N. Anslijn is, als Schoolonderwijzer praeferent – ik durf u verzekeren, dat gij in meer opzichten, dan in de taal, ook in Rekenkunst, wis- en Aardrijkskunde een bekwaam man in hem zult aantreffen. Hij schrijft zelf niet fraai, maar onderwijst goed, heeft daarin vaste theoretische gronden, – en levert, dit weet ik, goede schrijvers.-Hoe kan dit zamen gaan? zult gij vragen. Zeer wel, omdat theorie en Praktijk zeer onderscheiden zijn.”


De Schoolopziener verwachtte, „dat het Gem. Bestuur wel zoo veel achting voor het departementaal Schoolbestuur zal aan den dag leggen, dat de man met het volledig getuigschrift althans op de Nominatie worden geplaatst”.

Nadat Anslijn zich echter had teruggetrokken moest men een keuze doen uit het overgebleven vijftal, dat „van half 10 tot des namiddags om half een uuren” door genoemden burger Corver „op eene hem vereerende wijze met eene weergalooze juistheid en nauwkeurigheid; waar in de bewijzen van des examinators uitmuntende kunde en ervarenheid doorstraalde; eerst in de vereischten van eenen goeden onderwijzer der Jeugd, en het onderwijs in het bijzonder; daar na omtrent de gronden der nederduitsche taal, het regelmatig lezen, als mede de rekenkonst, (was) geëxamineerd“; en nadat de 5 genomineerde burgers in de kerk openlijke proeven hadden gegeven in het lezen en zingen werd „tot Schoolonderwijzer, koster, voorzanger en gerechtsbode van Castricum verkoren en aangesteld de burger Pieter Kieft te Amsterdam.

Volgens art. 1 zijner Instructie moest hij zich „met alle oplettendheid en naarstigheid[1] in het schoolhouden en onderwijzen gedragen naar de wetten en naar het Reglement van orde voor de openbare scholen, binnen de Bataafsche Republiek”, en hij genoot hiervoor (als schoolmeester en gerechtsbode) per jaar _ . . f 125, benevens f 3 emolumenten[2]!

Niettegenstaande de „uitmuntende kunde en ervarenheid” van den examinator schijnt er aan burger Kieft’s ontwikkeling wel het een en ander te hebben ontbroken. Althans weinige maanden na zijn benoeming werd in de vergadering van het gemeentebestuur behandeld „eene Missieve href=”#voetnoot01″>[03] van het Departementaal Schoolbestuur voor het noordelijk gedeelte van Holland”, houdende een kennisgeving, „dat door het zelve Schoolbestuur op den 7 Juny voorn. had onderzoek gedaan naar de kunde en bekwaamheid van Pieter Kieft; hem nagenoeg in alles derwijze zwak gevonden had, dat het hem niet had kunnen geven een volledig getuigschrift, maar hem alleen had toegestaan het school alhier, geduurenden Ă©Ă©n Jaar waar te nemen, om zich dan, in Juny 1805, andermaal door het zelve te laten examineeren, voorts zijn leedwezen te kennen gevende, dat het zoo ongunstig omtrent de bekwaamheid van dien persoon, zich genoodzaakt zag te berichten, maar dat het daartoe gedrongen wierdt eensdeels door de waarheid der zaake, en anderdeels door het onaangenaam gevoel, ’t welk bij het zelve had moeten opkomen, toen het gezien had, dat deze vergadering, bij het beroep van dezen, in vergelijking onkundigen man, andere sollicitanten waren voorbijgegaan, van wier meerdere kunde en bekwaamheid, het zelve de overtuigendste proeven ondervonden had”.

Niettegenstaande de „uitmuntende kunde en ervarenheid” van den examinator schijnt er aan burger Kieft’s ontwikkeling wel het een en ander te hebben ontbroken. Althans weinige maanden na zijn benoeming werd in de vergadering van het gemeentebestuur behandeld „eene Missieve[3] van het Departementaal Schoolbestuur voor het noordelijk gedeelte van Holland”, houdende een kennisgeving, „dat door het zelve Schoolbestuur op den 7 Juny voorn. had onderzoek gedaan naar de kunde en bekwaamheid van Pieter Kieft; hem nagenoeg in alles derwijze zwak gevonden had, dat het hem niet had kunnen geven een volledig getuigschrift, maar hem alleen had toegestaan het school alhier, geduurenden Ă©Ă©n Jaar waar te nemen, om zich dan, in Juny 1805, andermaal door het zelve te laten examineeren, voorts zijn leedwezen te kennen gevende, dat het zoo ongunstig omtrent de bekwaamheid van dien persoon, zich genoodzaakt zag te berichten, maar dat het daartoe gedrongen wierdt eensdeels door de waarheid der zaake, en anderdeels door het onaangenaam gevoel, ’t welk bij het zelve had moeten opkomen, toen het gezien had, dat deze vergadering, bij het beroep van dezen, in vergelijking onkundigen man, andere sollicitanten waren voorbijgegaan, van wier meerdere kunde en bekwaamheid, het zelve de overtuigendste proeven ondervonden had”.

Gelukkig voor Kieft werd „na deliberatie geresolveerd, om zonder zich te expliceeren over het in dien brief medegedeelde, en dus zonder op den inhoud enig het minste regard[4] te slaan, die missieve aan te nemen voor notificatie”. Na juni 1805 was hij dan ook nog in functie[5] en men scheen in zijn dorpje tevreden over hem, want hij werd in het laatst van dat jaar bovendien nog aangesteld als Doodgraver!


M. Kramer

Dit artikel van M. Kramer is Ă©Ă©n van de velen die hij heeft geschreven. Deze doet er toe omdat het over Castricum gaat.

Uit: Nieuw Leven, Weekblad voor Opvoeding en Onderwijs in School en Huis, 2e jaargang, no. 41, p. 488-489, 17-01-1906

Bron: Rino Zonneveld


[1] naarstigheid is ijver

[2] emolument is een beloning voor werk buiten het normale salaris.

[3] missieve is een ambtelijke brief

[4] regard is acht

[5] Pieter Kieft is in 1825 vervangen door dhr. Schut.