De eerste lagere school van Castricum

Door: Eric Bor

Het voormalige raadhuis aan de Dorpsstraat

Wanneer het onderwijs in Castricum precies is gestart weten we niet, maar in 1584 was er in elke geval een schoolmeester. Het schoolgebouw bevatte in die tijd tevens het huis van de meester en een ruimte waar rechtgesproken werd. In de achttiende en negentiende eeuw werd er een deel van de dorpskerk afgeschot om een schoollokaal te creëren, als de school voor andere zaken werd benut of als er een grotere ruimte nodig was.

Tot 1850 fluctueerde het aantal leerlingen sterk. Vooral als er een hervormde schoolmeester was, vonden de katholieke ouders, die in het dorp ruim in de meerderheid waren, het niet nodig hun kinderen naar school te sturen en vaak kregen zij de pastoor daarbij aan hun zijde. In 1850 kwam er een katholieke hulponderwijzer: meester Ludewig. Het leerlingenaantal steeg daardoor zodanig, dat er een nieuwe school nodig was.

Op 11 januari 1854 werd een nieuwe door timmerman Handgraaf gebouwde school met één lokaal geopend. De honderdvijftig leerlingen die er op dat moment waren, moesten er allemaal in. Pas in 1866 zou er een scheidingsschot komen. De hervormde meester Schut, die vanaf 1825 voor de klas had gestaan, werd in 1859 vervangen door de katholieke meester Ludewig. Het leerlingenaantal bleef stijgen, maar het was best moeilijk extra onderwijzers te krijgen, doordat de financiële positie van de gemeente dat niet toeliet. Iemand die wél bleef, was meester Dekker, die in 1875 aantrad. Hij zou 42 jaar aan de school verbonden blijven. In 1884 werden er drie lokalen en een onderwijzerswoning aangebouwd. Tijdens de verbouwing werd opnieuw gebruik gemaakt van de kerk.

In 1894 ging meester Ludewig met pensioen. Hij werd opgevolgd door C.J.  Bussen. Toen in 1900 de Leerplichtwet was ingevoerd, nam het leerlingenaantal verder toe, omdat ouders hun kinderen nu niet meer thuis konden houden om op het land te werken. In 1905 kwam een tweede openbare lagere school aan de Van Oldenbarneveldweg in Bakkum gereed en in 1919 kwam bij de Pancratiuskerk de eerste  katholieke meisjesschool en een jaar later ook een jongensschool. Meester Bussen ging in 1926 met pensioen en zijn opvolger Zinkweg kon in 1933 de nieuwe school aan de Bakkummerstraat in gebruik nemen. De school in de Dorpsstraat werd in 1934 gesloopt.

Bronnen

Tekst:
  • E. Baars. Onderwijs 1850 – 1940 in Castricum. Jaarboek Oud-Castricum 11 (1988) p. 17-28
  • W.A.M. Steeman. Onderwijs 1800 tot 1860: de dorpsschool van Castricum, Jaarboek Oud-Castricum 11 (1988) p. 8-16

  • Foto’s:
  • Beeldbank Oud-Castricum

  • N.B. Meer columns van Eric Bor lezen?
    U vindt al zijn columns hier.

    De Van Tienhoven Hoeve

    Door: Eric Bor

    Het voormalige raadhuis aan de Dorpsstraat

    Als je vanaf de Zeeweg de Heereweg op gaat in de richting van Egmond, is de eerste boerderij rechts het gemeentelijk monument de Van Tienhoven Hoeve. De boerderij is in 1903 gebouwd als vervanging van de boerderij Het Zeeduin die op het terrein stond van de huidige villa Fochteloo. Prinses Marie von Wied-van Oranje had het duingebied dat zij ten zuiden van de Zeeweg bezat, verkocht aan de provincie die er het provinciaal ziekenhuis Duin en Bosch liet bouwen. Langs de Van Oldenbarneveldweg kwamen dokterswoningen, waaronder Fochteloo.

    Haar opa Koning Willem I had dat duingebied in 1829 tegelijk met het Bakkumse duingebied ten noorden van de Zeeweg aangekocht, om samen met jonkheer Daniel Theodore Gevers van Endegeest een duinontginningsproject op te starten. De bedoeling was dat er economisch rendabele landbouw in het duingebied zou komen, maar dat is nooit gelukt. Na de dood van Willem I ging het gebied naar zijn zoon prins Frederik, die het naliet aan zijn dochter prinses Marie.

    Zeeweg 23, gebouwd voor Hannes Jacobs

    Commissaris van de Koningin mr. Gijsbert Van Tienhoven zorgde ervoor dat de bewoners die boerderij Het Zeeduin moesten verlaten, Jacob Kuijs en zijn gezin, schadeloos werden gesteld door de bouw van een nieuwe boerderij aan de Heereweg. Deze boerderij werd vernoemd naar de commissaris van de Koningin: ‘Van Tienhoven Hoeve’. Achter Het Zeeduin stond een boerderijtje dat later museum werd en vervolgens theehuis. De bewoner daarvan, Hannes Jacobs, moest ook zijn huis uit. Voor hem werd het vrijstaande huis Zeeweg 23 gebouwd. Na Jacob Kuijs kwam veehouder Piet Beentjes die gehuwd was met Anna Bruin in de Van Tienhoven Hoeve. Het echtpaar kreeg maar liefst 14 kinderen: 7 jongens en 7 meisjes. Vanaf 1945 werd de boerderij bewoond door hun zoon Klaas Beentjes. In 1968 nam Simon Mooij het bedrijf over. Deze werd in 1998 opgevolgd door zijn zoon Michel, die – in overeenstemming met het beleid van het PWN – biologisch is gaan boeren.

    Bronnen

    Tekst:
  • Werkgroep Oud-Castricum,

  • Foto’s:
  • Beeldbank Oud-Castricum

  • Noot van de redactie. Lees meer over de Van Tienhoven hoeve in Jaarboek 33 (2010), p. 52-60. Stolpboerderijen in Castricum en Bakkum (deel 7 – slot).

    N.B. Meer columns van Eric Bor lezen?
    U vindt al zijn columns hier.

    Vroegere bewoning gebied Castricum

    door Eric Bor

    Waterput bestaande uit stapel bodemloze potten gevonden nabij de Cieweg (2e /3e eeuw n.C.)

    Vanaf ca. 200 v. Chr. werden de gronden die al drooggevallen waren bewoond. Sporen daarvan zijn gevonden in het zuidelijke gedeelte van Castricum aan de Heemstederweg en bij pompstation H in het duingebied op de grens met Heemskerk. De eerste kolonisten waren Friezen die zich uit Noord-Duitsland via de oostelijke hoge zandgronden (Drenthe) in de 5e eeuw v. Chr. langzaam over de kustgebieden hebben verspreid.

    Zij konden spinnen en weven, waarvoor vlas en schapenwol werd gebruikt. Ze maakten hun eigen aardewerk en gebruikten metalen als lood. De huizen waren eenvoudig opgetrokken uit materialen uit de directe omgeving. De constructie bestond uit een rechthoek van stevige palen, de wanden van twijgen zijn met klei bestreken, de daken met riet of plaggen afgedekt. Ze hadden runderen, schapen en varkens. Ook het paard was bekend. De streek was rijk aan wild en vis. Door de uitgestrekte bossen was er voldoende hout.

    De Romeinen legden tussen 15 en 50 n. Chr. nabij de zeemonding bij Velsen een vlootbasis aan. Inheemse bewoningssporen uit deze tijd zijn aangetroffen nabij de Dorpsstraat, de Cieweg, de Heemstederweg en de oude buurtschap Heemstede. Vanaf de vierde eeuw steeg de zeespiegel zodanig, dat bewoning langzaamaan onmogelijk werd. Pas omstreeks het jaar 700 werden de omstandigheden weer geschikt voor bewoning. In het zuidwestelijk duingebied zijn sporen van akkerbewerking uit die tijd gevonden. Omstreeks het jaar 900 werd het gebied bij de Willem de Rijkelaan bewoond.

    Omstreeks het jaar 1000 wordt een aanvang gemaakt met dijkaanleg – eerst in de vorm van lage kaden (Zanddijk). Rond die tijd is vermoedelijk ook de eerste kerk in Castricum gesticht. Door de toenemende wateroverlast tussen 1000 en 1400 n. Chr. zowel van de grote meren als van de zee, was de Castricumse bevolking genoodzaakt haar grondgebied door een aaneengesloten bedijking (Korendijk, Heemstederdijk, Kerkedijk en Boogaertsdijk) af te sluiten. Het kasteel Kronenburg ten oosten van Castricum werd vermoedelijk in de tweede helft van de 13e eeuw gebouwd.

    Bronnen

    Tekst:
  • F. Baars, Inleiding bij het verslag over de archeologische opgravingen aan de Willem de Rijkelaan, Werkgroep Oud-Castricum 1983

  • Foto’s:
  • Beeldbank Oud-Castricum

  • N.B. Meer columns van Eric Bor lezen?
    U vindt al zijn columns hier.

    De heerlijkheid Bakkum

    Door: Eric Bor

    Het voormalige raadhuis aan de Dorpsstraat

    Bakkum is tussen de vierde en zevende eeuw ontstaan als nederzetting op een strandwal aan de duinvoet. In een akte uit het jaar 980 wordt het voor het eerst genoemd als ‘Bacchem’ Het oorspronkelijke dorp Bakkum lag ten noorden van de huidige Zeeweg en had al in de vroege middeleeuwen twee kernen. Zuid-Bakkum vormde het eigenlijke dorp, hier stond in later tijd een raadhuis (rechthuis). De bebouwing was gesitueerd rond de driehoek Bleumerweg, Achterlaan en Heereweg. Het gehucht Noord-Bakkum omvatte een tiental huizen in de omgeving van de huidige Hogeweg.

    In de middeleeuwen berustte het gezag bij de graaf van Holland, die als leenheer een groot deel van het graafschap in leen had uitgegeven. Een plaats of dorp, waarvan de graaf afstand van het gezag had gedaan, werd een (ambachts-)heerlijkheid genoemd. We weten dat Bakkum in 1431 als heerlijkheid in leen werd gegeven aan de Heer van Egmond.

    Wapen van Geelvinck: Mr. Nicolaas 1749-1765, Mr. Joan 1765-1802

    Tot 1613 bleef het in bezit van het machtige geslacht van de heren van Egmond. In dat jaar kocht raadspensionaris Johan van Oldenbarnevelt de ambachtsheerlijkheid. Na diens onthoofding in 1619 verkocht zijn vrouw Maria van Utrecht de heerlijkheid Bakkum in 1625 aan de familie Van der Mijle. Daarna kwam de heerlijkheid achtereenvolgens in bezit van de families Perné, Geelvinck, Schuyt en Braakenburg (waarmee weer een aantal straatnamen verklaard zijn).

    Nicolaas Geelvinck was al ambachtsheer van Castricum toen hij in 1749 de heerlijkheid Bakkum kocht. Vanaf toen raakten Bakkum en Castricum steeds meer met elkaar verbonden. Tijdens de Franse overheersing tekende keizer Napoleon op 21 oktober 1811 een decreet dat Bakkum per 1 januari 1812 onderbracht bij Castricum. Sindsdien is Bakkum een onderdeel van Castricum. David Braakenburg, die nog met trots de titel ‘Ambachtsheer van Backum’ voerde, overleed in 1986. Zijn zoon meldde mij desgevraagd dat hij zich niet met de titel had beziggehouden, maar wel de enige mannelijke erfgenaam is. Heer van Bakkum tegen wil en dank, dus…

    Het wapen van Bakkum is een klimmende eenhoorn. Die eenhoorn vinden we in alle wapens van de verschillende ambachtsheren sinds 1625 terug.

    Bronnen

    Tekst:
  • Werkgroep Oud-Castricum: Jaarboek Oud-Castricum jg. 3 (1980), p. 3-18 Simon Zuurbier, De Heerlijkheid Bakkum en zijn Ambachtsheren

  • Foto’s:
  • Beeldbank Oud-Castricum

  • N.B. Meer columns van Eric Bor lezen?
    U vindt al zijn columns hier.

    De bocht in de Dorpsstraat in 1964

    Door: Eric Bor

    Het voormalige raadhuis aan de Dorpsstraat

    Op de beeldbank van Oud-Castricum kwam ik een foto tegen van de bocht in de Dorpsstraat die mij uitnodigde voor een trip down Memory Lane (zie foto 1). Dit was het Castricum uit mijn jeugd. Ik dacht eerst op grond van de auto’s en de zomerjurk van de jongedame met de kinderwagen dat de foto eind jaren vijftig genomen was, maar het bijschrift vermeldde het jaartal 1964, dus de foto stamt toch al uit de tijd dat je je radiootje kon afstemmen op de piratenzender Radio Veronica om de Beatles te beluisteren.

    Links het terras van bondscafé Van Benthem naast de voormalige veiling van Ons Belang (links, niet in beeld), die toen al verhuisd was naar de overkant van het spoor. Daarachter, links in de Burgemeester Mooijstraat de Wassalon, een wasserette waar mijn moeder regelmatig kwam omdat de wasmachines en centrifuges er een stuk geavanceerder en (dus) sneller waren dan de apparaten bij ons thuis. Foto 3 toont de Wassalon duidelijk. Daarnaast op foto 1 de haringkar van Gerrit van Velzen uit de Bakkummerstraat, die later werd overgenomen door Fred Gans en naar de overkant van de Dorpsstraat verhuisde.

    Voor de haringkar staat Gurben Veenstra op z’n vast plek in zijn karakteristieke houding. Je kunt het op de foto niet duidelijk zien, maar hij heeft vast z’n klompen aan. Op foto 2 heeft Gurben gezelschap van Lena Schotvanger en Cor Beentjes (de spoorman). Naast Gurben op foto 1 het huisje van Piet Schotvanger en de manufacturenzaak van Twisk. Boven de winkel van Twisk zie je de schoorsteen van de bakkerij op het Bakkerspleintje.

    Aan de overkant van de Dorpsstraat naast de boom staat de telefooncel die we gebruikten om onze vrienden te bellen waar ze bleven als we in het weekend bijvoorbeeld in de Voem Voem zaten, want mobieltjes hadden we nog niet. De telefoonnummers kenden we uit ons hoofd. Die nummers vielen overigens wel op te zoeken: in zo’n celletje hingen de telefoonboeken van heel Nederland. Dankzij de Frogs hebben we een fraaie close up van een Castricumse telefooncel (foto 4).

    Bronnen
    Foto’s:
  • Beeldbank Oud-Castricum

  • Noot van de redactie: dit deel van de Dorpsstraat wordt behandeld in deel 6 van de geschiedenis van de Dorpsstraat: 32e jaarboek (2009) Ook in dit jaarboek een Schotvanger, Dirk (Jaarboek 32 2009 pg 71-78) – Oud-Castricum (oud-castricum.nl).

    N.B. Meer columns van Eric Bor lezen?
    U vindt al zijn columns hier.

    School en onderwijzerswoning in aanbouw

    Door: Eric Bor

    Het voormalige raadhuis aan de Dorpsstraat

    Deze keer een prachtig scherpe foto uit 1904 van de bouw van de openbare lagere school en de bijbehorende onderwijzerswoning op de Van Oldenbarneveldweg. De arbeiders poseren duidelijk voor de ‘kiek’, zoals een foto destijds genoemd werd. Ze hebben vrijwel allemaal een pet op, alleen de heer in pak met de rol papier -vermoedelijk bouwtekeningen – en de arbeider links op de steiger hebben een hoed op. De bovenste rij mannen balanceert op een randje en de timmerman die links bovenin ‘hangt’, zwaait met zijn hamer. Rechtsonder staan twee dames die vermoedelijk weinig met de bouw te maken hebben: op de kiek gaan is nu eenmaal woest aantrekkelijk.

    De bouw van de school was noodzakelijk omdat de dorpsschool in de Dorpsstraat te klein werd voor het leerlingenaantal. Prinses Marie Van Wied-Van Oranje had het terrein waarop de school en de onderwijzerswoning gebouwd werden, ter beschikking gesteld. In 1904 werden de in 1903 door architect N. de Wolf getekende gebouwen aanbesteed. Er waren 23 inschrijvers en de bouw werd gegund aan de firma Kabel en Borst voor 13.950 gulden.

    Detail van het portiek van de woning

    Voor de onderwijzerswoning en de school werden dezelfde stenen en dakpannen gebruikt en beide gebouwen kregen speklagen met gele en rode stenen. De school kreeg mooie windveren aan de zijkanten en het huis een verdiept portiek waarvan de overkapping rust op fraai gesneden stijlen. Beide gebouwen verkeren nog vrijwel in de oorspronkelijke staat. Het zijn nu gemeentelijke monumenten. Op de foto’s die door de jaren heen van het huis en de school gemaakt zijn, is een aardige ontwikkeling te zien. Aanvankelijk stonden er hekken aan de straatkant op enige afstand van de gebouwen. Op de foto uit 1985 zie je dat er ruim baan gegeven is aan het verkeer: de rijweg is breed en de stoepen zijn smal. Op de foto uit 2012 is de rijbaan aanzienlijk versmald en is er voor het huis weer ruimte voor een tuintje en een stoep.

    Huis en school in 1985 en 2012

    Bronnen
    Tekst:

    • Werkgroep Oud-Castricum

    Foto’s:

    Noot van de redactie:
    Over het onderwijs en de scholenbouw in Castricum en Bakkum zijn in het 11e jaarboek (1988) drie artikelen opgenomen:

    N.B. Meer columns van Eric Bor lezen?
    U vindt al zijn columns hier.