Kroniek 2001 van Castricum (Jaarboek 25 2002 pg 94-96)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 25, pagina 94

Kroniek 2001 van Castricum

Januari

1 Castricum telt 23.132 inwoners; 225 meer dan op 1 januari 2000.

1 Harry Wegdam, oud-hoofd van de Pius X-school, overleden. Ook overlijdt Petrus Bruggeling, die betrokken was bij veel plaatselijke activiteiten. Beiden zijn 84 jaar geworden.

6 De gemeentelijke nieuwjaarsmanifestatie C’2001 heeft dit jaar als motto ‘Tussen strand en polderland’ als aanloop tot de fusie met Akersloot en Limmen. De zalen in Geesterhage zijn ingericht met stands van organisaties en verenigingen die een bijdrage leveren aan het groene hart van de nieuwe gemeente.

9 Bekend wordt dat de waarde van woningen in Castricum in de afgelopen vier jaar gemiddeld met bijna 75 procent is gestegen.

12 De veertienjarige Sander Bruinzeel, leerling van het Bonhoeffer College, komt om het leven bij het oversteken van de bewaakte spoorwegovergang in de Heemstederweg.

19 Wethouder Meijer installeert het Lokaal ComiteŐĀ Castricum dat de activiteiten in het kader van het Internationaal Jaar van de Vrijwilligers zal verzorgen.

30 Ambtenaren in Limmen en Akersloot zijn bezorgd over hun positie bij de vorming van de nieuwe gemeentelijke organisatie. De Bijzondere Ondernemingsraad zegt het vertrouwen op in de gemeentesecretaris van Castricum.

Tijdelijke behuizing van de Openbare Bibliotheek en Leeszaal aan de Burgemeester Boreelstraat in Castricum.
Tijdelijke behuizing van de Openbare Bibliotheek en Leeszaal aan de Burgemeester Boreelstraat in Castricum, 1973. Sinds 1964 stond hier een zowel openbare als rooms-katholieke bibliotheek. Vanwege de nieuwe bibliotheekwet zijn beiden gefuseerd in 1970. Op 25 juni 1976 werd de bibliotheek aan de Geesterduinweg geopend. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

30 De besturen van de bibliotheken van Castricum, Akersloot en Limmen hebben besloten tot fusie over te gaan en eŐĀeŐĀn bibliotheekorganisatie te vormen.

Februari

9 De Ministerraad heeft ingestemd met het wetsontwerp voor de gemeentelijke fusie dat nu aan de Tweede en vervolgens aan de Eerste Kamer wordt voorgelegd.

Bouw van nieuwe woningen aan de Kleibroek bij de school de Sokkerwei.
Bouw van nieuwe woningen aan de Kleibroek bij de school de Sokkerwei in Castricum, 2003. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

16 De eerste paal is geslagen voor het plan Sokkerwei. Hiermee is het officieŐąle startsein gegeven voor de bouw van de eerste duurzame basisschool van Nederland. Verder wordt er ruimte voor kinderopvang, woningen en praktijkruimten in het complex opgenomen.

22 Mevrouw J. Stam-Zwaan wordt door de burgemeester gefeliciteerd met haar honderdste verjaardag.

24 Oud-raadslid Gerrit de Boer wordt benoemd tot lid van verdienste van de Bond van Nederlandse Militaire Oorlogs- en Dienstslachtoffers.

28 Gebieden in de duinen, die begraasd worden door vee, zijn afgesloten in het kader van preventieve maatregelen tegen mond- en klauwzeer.

29 Luis Vergera Fernandez is benoemd tot pastor voor de parochies van Castricum en Bakkum.

Maart

7 Sjoukje 110 van Cor en Gea Kuijs heeft al 100.000 liter melk geleverd.

11 Treinverkeer stilgelegd en wegen afgesloten door een gaslek in de Oranjelaan.

De van Haerlemlaan in 1968
De van Haerlemlaan in 1968. Foto JosPe, collectie RAA. Toegevoegd.

12 Herinrichting van de Van Haerlemlaan van start. Ook de kruising met de Van Oldenbarneveldweg wordt aangepast. Verder worden dertig kilometerzones ingericht in de Zeeheldenbuurt en in de Componistenbuurt. In de Koningin Wilhelminalaan wordt een drainageplan uitgevoerd.

17 Fanfareorkest Emergo neemt deel aan het concours voor vaandelafdeling orkesten in Arnhem en verwerft zich een vaste plaats onder de Top-orkesten.

20 Wethouder Lamme stelt de heringerichte Oranjelaan opnieuw in gebruik. Niet iedereen is tevreden met het resultaat.

26 Bep Zegwaard wordt bij haar afscheid van de gymnastiekvereniging DOS benoemd tot lid van verdienste.

27 Enorme zwermen spreeuwen bezorgen bewoners in de wijken Kooiweg en Noordend overlast.

30 Mevrouw Van Ladesteyn neemt na een bijna 25-jarig dienstverband afscheid van de VVV in Castricum.

31 De schaakvereniging Castricum gedenkt het 75-jarig bestaan onder andere met een openbare schaaksimultaan van de dameskampioen van Nederland Zhao Qin Peng. De erepenning van de gemeente Castricum wordt uitgereikt aan Bart Schlosser die zich al ruim vijftig jaar voor de club inzet.

31 De voorzitter van de Stichting Castricums Monument ons een Zorg, Jaap Mosk, overhandigt de opbrengst van verschillende acties, een cheque van 50.000 gulden aan de Kerkvoogdij van de hervormde gemeente voor de restauratie van het leiendak van de kerk.

April

21 OfficieŐąle opening van de gerenoveerde jeugdherberg Koningsbosch.

Jeugdherberg Koningsbosch.
Jeugdherberg Koningsbosch. Heereweg 84 in Bakkum, 2012. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

27 Zes Castricummers krijgen een lintje opgespeld. Het zijn mevrouw T. Hendriks, mevrouw Knebel en de heren P. Kreijger, J. van Riel, J. Graafland en G. te Boekhorst. De heer A.J. Bas wordt op het ministerie van Verkeer en Waterstaat benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau.

29 Mevrouw Cretier-Van den Hoek, kosteres en vrijwilligster van de hervormde gemeente, wordt na de zondagse kerkdienst verrast met een koninklijke onderscheiding.


Jaarboek 25, pagina 95

Mei

5 Receptie ter gelegenheid van het veertigjarig bestaan van de Amateur tuindersvereniging.

5 Lies Vink vertrekt voor een voettocht van Castricum naar Assisi. Sponsorgeld komt ten goede aan straatkinderen van Kathmandu in Nepal.

5 De Werkgroep Oud-Castricum brengt een fietsrouteboekje uit, samengesteld door Ernst Mooij, waarin de Sint-Aagtendijk centraal staat.

5 Castricum Actief roept belanghebbenden op bezwaar te maken tegen de ‘enorme kaalslag’ die nodig zou zijn voor een rotonde in de Zeeweg. Ook het voornemen van de provincie om voetgangers en fietsers geen voorrang te verlenen wordt afgewezen. De Vereniging Castricum Veilig tekent bezwaar aan en 1.200 handtekeningen worden door ouders van leerlingen van de Cuneraschool aan de wethouder aangeboden.

5 Paneldiscussie over knelpunten en kansen voor duurzaamheid op basis waarvan de Stuurgroep Duurzaam Castricum een programma voor de komende jaren wil voorbereiden.

De Skulpers uit Castricum.
Het Castricums Shanty en Folksongkoor De Skulpers geniet grote bekendheid in Castricum en omgeving. Dit Koor werd in november opgericht bij Paal 45 op het strand van Castricum. Gekozen werd voor de toepasselijke naam Skulpers omdat de vroegere schelpenvisser skulper werd genoemd. In de beginperiode zong het koor haar eigen Skulper Lied. Castricum aan Zee, 1995. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

20 Castricum’s Shanty Koor ‘De Skulpers’ bestaat vijf jaar en dat wordt gevierd met een festival waaraan vele koren en orkesten meewerken.

31 Een door de gemeente georganiseerde paneldiscussie over ouderenbeleid levert veel suggesties en aanbevelingen op.

Juni

2 De heer Onrust ontvangt een koninklijke onderscheiding voor zijn verdiensten voor vele verenigingen en organisaties op het terrein van de sport.

2 Riet Peters 25 jaar vrijwilligster bij Duin en Bosch.

15 Concert van de Marinierskapel en muziekvereniging Emergo, waarbij voor de eerste keer de compositie La Guerre OublieŐĀe ten gehore wordt gebracht. Het thema is de oorlog in 1799 tussen het Frans-Bataafse leger en de Engels-Russische invasiemacht.

20 De heer Peter Schouten, gemeentesecretaris van Limmen, wordt benoemd als beoogd gemeentesecretaris tot projectleider van de nieuw te vormen gemeente.

22 De gemeenteraden van Akersloot, Limmen en Castricum nemen het formele besluit tot samenvoeging en opheffing van de drie oude gemeenten ingaande 1 januari 2002. De gemeenteraad van Castricum neemt een motie aan inzake het op zeer korte termijn actualiseren van de bestemmingsplannen voor de buitengebieden.

24 Dominee Theo Haitjema neemt na 16 jaar afscheid van de hervormde gemeente.

29 Peuterspeelzaal Dikkertje Dap viert het 25-jarig bestaan.

Het terras van Johanna's Hof.
Restaurant Johanna’s Hof werd ge√ęxploiteerd door Gerrit Dokter. In 1999 is er brand uitgebroken en de keuken, jachtzaal, kantoor en stallen zijn afgebrand. Binnen 2 maanden ging de zaak met noodvoorzieningen weer open en in 2001 was de heropening. Johannisweg 3 in Bakkum, 1995. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

29 Heropening van het restaurant Johanna’s Hof door topkok Cas Spijkers in aanwezigheid van 700 gasten.

Juli

Burgemeester C. Waal.
Burgemeester C. Waal. Raadhuisplein in Castricum, 1998. De heer Waal staat te boek als een echte bestuurder, die in veel situaties bestuurservaring heeft opgedaan. Per 7 april kan hij daar het burgemeesterschap van Castricum aan toevoegen. Waal is geboren in Soest. Van 1974 tot 1984 was hij wethouder van Leiden. In de periode 1984-1993 vervulde hij het burgemeesterschap van Deventer. In 1993 werd hij benoemd tot voorzitter van de Hogeschool Rotterdam en Omstreken deze functie legde hij in 1996 neer. Daarna is Waal adviseur van de Hogeschool Rotterdam en Omstreken en lid van Provinciale Staten van Zuid-Holland. Ronald Goedheer. Collectie
Dagblad Kennemerland. Toegevoegd.
 

(zonder datum) Burgemeester Waal verricht de openingshandeling van de vierde ‘Jeugdvakantie cocktail’: verschillende vakantieactiviteiten die zijn georganiseerd door de Stichting Welzijn Castricum.

Augustus

2 Plan tot herinrichting van het strandplateau wordt officieel bekend gemaakt.

Het strandplateau van Castricum.
Het strandplateau van Castricum, 2002. Midden op de foto het restaurant Blinckers en links de grote parkeerplaats. Bij de strandafgang zien we links en rechts de strandpaviljoens. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

5 Oldtimershow en muziekdag in de Dorpsstraat.

24 Het Pompoenen-zomeravondconcert in de Tuin van Rommel trekt ruim 500 bezoekers.

29 Vijftig jaar geleden werd de Parochie Maria ten Hemelopneming opgericht. Met verschillende vieringen en feesten wordt dit feit herdacht. De heer Harrie Geerts ontvangt een pauselijke onderscheiding.

September

6 Ad van de Velde, gedurende 35 jaar journalist en fotograaf van het Nieuwsblad voor Castricum, overleden. Vanuit zijn belangstelling voor de historie ondersteunde hij de activiteiten van de werkgroep ten volle. Hij schonk zijn in de loop van de jaren opgebouwde fotocollectie aan de Werkgroep Oud-Castricum.

Rechts de fotograaf
en schenker van alle foto's Ad van de Velde.
Rechts de fotograaf en schenker van alle foto’s Ad van de Velde, links en midden Cor Lof en Tanya de Goede voor het kantoorpand van het Nieuwsblad voor Castricum aan de van Egmondstraat 5. Foto Ad van de Velde. Collectie Nieuwsblad voor Castricum. Toegevoegd.

8 Open Monumentendag, waarbij de toren van de dorpskerk kan worden beklommen.

15 Een wervingsactie onder jongeren voor vrijwilligerswerk is gestart in het kader van het Internationale Jaar voor de Vrijwilliger.

15 Verenigingenmarkt in winkelcentrum Geesterduin.

17 Jan Meyer en Han Knebel nemen afscheid als vrijwilligers van de serviceverlening van de Stichting Welzijn Castricum.

18 Ellen Bodewes ontvangt een koninklijke onderscheiding ter gelegenheid van haar afscheid van de volksdansvereniging Igram.

26 Ruim 80 panden worden aangewezen als rijksmonument. Het betreft panden en voormalige bedrijfswoningen van het ziekenhuis Duin en Bosch, het vroegere koloniehuis Sint-Antonius en de jachtopzienerswoning Kijk Uit.

Oktober

1 W. ‘t Hooft treedt terug als voorzitter van de Raad van Bestuur van psychiatrisch ziekenhuis Duin en Bosch.

2 Wethouder B. Meijer en H. Posthuma van het PWN starten samen met projectontwikkelaar T. Biesterbos officieel de uitvoering van de herinrichting van het strandplateau.

8 Het bestuur van de Woningbouwvereniging Castricum wordt geschorst door de Raad van Toezicht wegens verschil van inzicht over een wijziging van de bestuursvorm.

Piet de Groot.
Piet de Groot en Annie de Ruyter met hun drie dochters. Schoolstraat 26 in Castricum. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

13 Piet de Groot van de voormalige smederij in de Schoolstraat overleden.


Jaarboek 25, pagina 96

25 Het 24e jaarboekje van de Werkgroep Oud-Castricum, gewijd aan het thema strand, wordt aangeboden aan strandvonder Thijs Bakker.

75 jarig bestaan van Tennisclub Bakkum.
75 jarig bestaan van Tennisclub Bakkum. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

26 Megaparty ter afsluiting van de festiviteiten rond het 75-jarig bestaan van de Tennisclub Bakkum.

30 De heer Peter Schouten, beoogd gemeentesecretaris en projectleider fusie, heeft besloten zijn functie neer te leggen. Hij wordt gemeentesecretaris in de gemeente Graft-De Rijp. Als tijdelijk projectleider wordt vervolgens mevrouw drs. H.C. Witbraad aangesteld.

31 Docent Henk Brandsma neemt afscheid van het onderwijs, waarvan 24 jaar bij het Bonhoeffer College.

November

1 De besturen van de voetbalclubs CSV en de Sportclub Castricum zijn het eens geworden over een fusie.

8 Duin en Bosch en de Vrijwilligerscentrale van de stichting Welzijn tekenen een samenwerkingsovereenkomst over de begeleiding van mensen met een psychiatrische achtergrond.

Jeugdschaken in Castricum.
Jeugdschaken in Castricum. Foto Ad van de Velde. Toegevoegd.

10 De schaakvereniging Castricum viert het 75-jarig bestaan, waarbij het jubileumboek, samengesteld door voorzitter J. van Riel, wordt gepresenteerd.

14 Verkiezingen voor de gemeenteraad van de nieuwe gemeente. Gemeente- en Dorpsbelang krijgt 8 van de 23 zetels, VVD en CDA behalen er ieder vier, PvdA en Groen Links ieder drie en D66 eŐĀeŐĀn zetel. De totale opkomst van de kiezers blijft onder de 50 procent.

18 Wethouder Meijer heet in zijn functie als loco-burgemeester Sint-Nicolaas welkom en overhandigt hem daarbij de erepenning van de gemeente Castricum; een onderscheiding die ook een beetje voor mevrouw Van der Himst en de Pieten is.

29 De raad verleent eervol ontslag aan gemeentesecretaris H. Sterken. Op 7 december wordt hem een afscheidsreceptie aangeboden.

30 Het eerste exemplaar van het fotoboek ‘Dwalend door Castricum’ wordt door samensteller Henk Glas aan burgemeester Waal overhandigd.

December

1 In het pand waar voorheen banketbakkerij Kuilman was gevestigd, openen de broers Thorvald en Gaylord de Winter hun restaurant ‘Apicius’.

11 De heer W.J. Kozijn wordt als opvolger van de heer C.J.D. Waal benoemd tot waarnemend burgemeester per 1 januari 2002.

14 Na een ruim 40-jarig dienstverband bij bedrijf Jaap de Bie neemt stratenmaker Rob Hofman afscheid. Hij heeft de straatstenen van half Castricum in zijn handen gehad.

19 De laatste vergadering van de gemeenteraad van Castricum. Een intentieovereenkomst voor de herinrichting van het Bakkerspleintje wordt na een initiatiefvoorstel van de VVD alsnog aanvaard.

21 Bijzondere raadsvergadering waarin afscheid van de leden van de raad wordt genomen. Ook oud-leden van raad en college zijn hierbij aanwezig. De oud-wethouders Stam en Wokke halen in toespraken herinneringen op.

22 Opening van een tentoonstelling in het raadhuis van tekeningen en schilderijen met als thema ‘Ode aan Castricum’.

Waarnemend gemeentesecretaris Niek Kaan.
Van links naar rechts Ymte van Gosliga (wethouder), Niek
Kaan (waarnemend gemeente secretaris), Bert Meijer (wethouder), Cees Waal (burgemeester) en André Lamme (wethouder). Raadhuisplein 1 in Castricum, 2001. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

28 Afscheidsbijeenkomst en receptie van het college van burgemeester en wethouders. Sectorhoofd maatschappelijke zaken en waarnemend gemeentesecretaris Niek Kaan wordt benoemd tot ere-burger van Castricum.

29 De Werkgroep Oud-Castricum verzorgt een Castricum-dag in het raadhuis. Heden en verleden komen aan bod in een fototentoonstelling en tijdens film- en diavoorstellingen, verzorgd door Jaap Stuifbergen en Loek Zonneveld.

Anneke van der Kamp
Niek Kaan

Fototentoonstelling in het raadhuis. V.l.n.r.: Jaap Stuifbergen, Loek Zonneveld en Peter Levi, leden van Oud-Castricum.
Fototentoonstelling in het raadhuis. Van links naar rechts Jaap Stuifbergen, Loek Zonneveld en Peter Levi, leden van Oud-Castricum.

Castricum – Honderd jaar geleden 1902 (Jaarboek 26 2003 pg 90-91)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 26, pagina 90

Castricum – Honderd jaar geleden 1902

In het jaar 1902 was er in Castricum veel te doen over het ruimtegebrek op de Lagere School waardoor het niet vanzelfsprekend was dat alle kinderen onderwijs zouden kunnen volgen. De gemeenteraad beraadde zich veelvuldig over uitbreidingsplannen van de bestaande school of over de bouw van een nieuwe school in Bakkum.
De informatie voor dit artikel is ontleend onder andere aan de notulen van de gemeenteraadsvergaderingen, de inkomende en uitgaande stukken van de Gemeente Castricum, de provinciale bladen en de registers van de burgerlijke stand.
Het gemeentebestuur bestaat op 1 januari 1902 uit burgemeester Johannes Mooij, de wethouders Wulbert Melker en Jacob Kuijs en de raadsleden Jan Schuijt, Jan Twisk, Cornelis Spaansen, Joseph Goes en Johan Hogenstijn. De gemeenteontvanger is Bernardus A. Res.

Op 1 januari 1902 telt Castricum 1969 inwoners. Dit aantal is op 31 december 1902 toegenomen tot 1990. In het jaar 1902 zijn in Castricum 63 kinderen geboren; er worden 19 huwelijken gesloten en er overlijden 30 personen. Door het geboorteoverschot van 33 en doordat er 12 personen minder in Castricum komen wonen (62) dan er zijn vertrokken naar elders (74), neemt het inwonertal slechts met 21 personen toe.
In 1902 telt Castricum voor de gemeenteraadsverkiezingen 277 kiesgerechtigde personen.

 
21 januari 1902

In de gemeenteraad is de vraag aan de orde welke wegen binnen de gemeente in aanmerking komen voor een verbod op het rijden met motorrijtuigen. De raad meent dat hiervoor geen noodzaak is, maar vindt wel dat een plaatselijke verordening over de snelheid met het rijden van motorrijtuigen in het leven moet worden geroepen.

Albertus Jacobs is op 24 jan. 1902 aangesteld als onbezoldigd rijksveldwachter.

 
13 februari 1902

In 1901 is er door de gemeenteraad een ‘commissie tot wering van het schoolverzuim’ ingesteld. Door de raad wordt nu besloten om de secretaris van deze commissie, C.J. Bussen, een jaarwedde toe te kennen van 25 gulden en de overige vijf leden per vergadering een presentiegeld van 50 cent. Bovendien is er een rooster van aftreden per 1 april vastgesteld: C.J. Bussen (hoofd der school) en Jac. Res in 1902, M. de Haas en F. Twisk in 1903 en J.M. Goes en D. Dekker (onderwijzer) in 1904.

 
3 april 1902

De gemeenteraad van de gemeente Beverwijk vraagt aan Castricum om adhesie te betuigen met een verzoek aan Zijne Majesteit de Koning. Het betreft de verbetering van het vaarwater de Pijp: te weten een verbreding en verdieping ervan. Castricum wil zich hiermee niet inlaten omdat de gemeente niet belanghebbend is.

 
24 april 1902

Bij de bepaling van de hoogte van de belasting op de verkoop van sterke drank worden de volgende kasteleins genoemd met hun omzet:

L.A. van Benthem (Dorpsstraat, later de Oude Schimmel) 3007 liter
P. Lute (Burg. Mooijstraat) 2751 liter
wed. J. Koopman (De Rustende Jager – Dorpsstraat) 1344 liter
B. Wempe (hoek Burg. Mooijstraat – Dorpsstraat) 850 liter
D. de Winter (De Goede Verwachting – Heereweg in Bakkum) 129 liter
wed. F. Twisk (Heereweg in Bakkum) onbekend aantal liters

 
16 april 1902

De onderwijzer Gerrit F. Beetsma vraagt en krijgt eervol ontslag in verband met zijn benoeming per 1 juni tot hoofd van een school in Oosthuizen.
De gemeente kampt met een groot gebrek aan ruimte in de Openbare Lagere School. Er zijn plannen om de school op de hoek van de Dorpsstraat uit te breiden of van een extra verdieping te voorzien. Het blijft echter bij plannen. Na overleg met het kerkbestuur van de oude Ned.-Hervormde kerk wordt overeenstemming bereikt om een deel van het kerkgebouw voor het onderbrengen van de gehele eerste klas te huren voor vijf gulden per week. De nog overgebleven kinderen zouden in de raadszaal geplaatst kunnen worden en er zou een onderwijzer benoemd moeten worden. Voor het maken van schoolbanken is een inschrijving uitgevoerd.

 
6 mei 1902

De heer J.M. Goes wordt ter vervanging van de overleden J.W. Koopman benoemd tot brandweercommandant.

 
15 mei 1902

Er wordt door de gemeenteraad een ingekomen stuk behandeld van een aantal ingezetenen die de raad erop wijzen dat ingevolge de leerplichtwet kinderen van 6 jaar de school moeten bezoeken en de raad te kennen geven daarin te voorzien. Hoezeer de raad die mening ook deelt en ook kan bewijzen dat stappen zijn gezet, moet toch worden vastgesteld dat hierin niet zonder meer kan worden voorzien en het ook nog onduidelijk is hoe dit probleem moet worden opgelost. Besloten wordt om de districtsschoolopziener uit te nodigen om van de toestand nader kennis te nemen.
De voorzitter zegt dat hem ter ore is gekomen dat er plannen schijnen te bestaan hier een R.-K. school op te richten.

De gemeente leent 2000 gulden ter financiering van de werkzaamheden aan de straatweg naar Egmond en de weg in Noord-Bakkum.


Jaarboek 26, pagina 91

11 juni 1902

Regardus L. van der Ven uit Noordwijk wordt benoemd tot onderwijzer.

Door de gemeenteraad worden de volgende verordeningen vastgesteld:

  • ter voorziening van maatregelen tegen kinkhoest, hoofdzeer en andere huidziekten
  • op het begraven en de begraafplaatsen binnen de gemeente Castricum
  • tot wijziging der verordening op de handhaving der plaatselijke politie

 
De heer Schuijt geeft de uitdrukkelijke wens te kennen om een school te hebben onder de buurtschap Bakkum en Schulpstet. Ofschoon dit voor de verdere toekomst misschien wel wenselijk zal zijn, worden door de raad daartegen vanwege de aanmerkelijk hogere kosten veel bezwaren ingebracht. Het besluit wordt genomen om uitbreiding van de bestaande school door de heer De Wolf, gemeentearchitect van Beverwijk, te laten onderzoeken.

 
18 juni 1902

De heer De Wolf heeft na zijn bezoek aan de school op 14 juni gemeld dat aanbouw hem het meest geschikt voorkomt: een zijvleugel vanuit de school langs het raadhuis in de richting van het kerkhof. Opbouw van de school acht hij minder geschikt.
De gemeenteraad heeft vanwege de beperkte ruimte overwegende bezwaren tegen aanbouw. Opnieuw wordt de bouw van een school elders weer ter sprake gebracht. Enige ingezetenen hebben het verzoek aan de raad gericht om een school in de buurtschap Bakkum te bouwen. Het aantal kinderen dat is geboren tussen 1889 tot en met 1896 en een school in de nabijheid van Zuid-Bakkum zal kunnen bezoeken, bedraagt 104. Daarvoor zijn de kinderen gerekend uit de buurtschappen Noord- en Zuid-Bakkum, de Duinontginning, een gedeelte van het Schulpstet en de Duinderbuurt. Op voorstel van raadslid Goes worden nog geen besluiten genomen en wacht men af tot officieel bekend is of alhier een krankzinnigengesticht zal worden gebouwd.
De districtsschoolopziener wordt goedkeuring gevraagd om onderwijs te mogen geven in een bovenzaal van een café aan de kinderen waarvoor nog geen plaats is op school. De eigenaar van het café wil dit lokaal niet afstaan, maar daarvoor wel tijdelijk de doorrijstal beschikbaar stellen.

 
9 juli 1902

Er is nog niets bekend over de stichting van een krankzinnigengesticht onder de buurtschap Bakkum waarvan de bouw van de school aldaar afhankelijk wordt gesteld. Burgemeester en wethouders vinden dat het dringend tijd wordt om nadere stappen te zetten. De districtsschoolopziener maakt vooral op financi√ęle gronden bezwaar tegen een school in Bakkum. Zijns inziens moet de gemeente niet te veel rekenen op een te bouwen krankzinnigengesticht aldaar en voor de bouw van de school zal het niet van invloed zijn. B&W stellen voor – na de overweging dat de ruimte bij de school reeds zeer beperkt is en zij deze ruimte willen behouden – om tot opbouw van de school in de Dorpsstraat over te gaan. Hiertoe wordt door de gemeenteraad besloten en ook om de onderwijzerswoning voor een beperkt bedrag te laten opknappen. Overigens wordt een hulpschool, ook na realisatie van de opbouw, niet ongewenst geacht. Architect De Wolf zal worden gevraagd de opbouwplannen uit te werken.

 
20 augustus 1902

Adviseur Rups uit Edam deelt mee dat zijns inziens de opbouw van een verdieping op de drie lokalen wel mogelijk zal zijn, mits de muren doelmatig versterkt en gekoppeld worden. De totale kosten worden geraamd op 9.498,- gulden, terwijl een nieuwe school met onderwijzerswoning wordt begroot op 13.834,- gulden. De beslissing blijft moeilijk en wordt uitgesteld.

 
2 september 1902

Wulbert Melker treedt vanwege zijn hoge leeftijd (bijna 78 jaar) af als wethouder en wordt raadslid. Hij wordt als wethouder opgevolgd door Joseph Goes.

De burgemeester heeft over de schoolbouw contact gehad met de Griffier der Staten van Noord-Holland, die wel voelde voor een school te Bakkum en aanraadde om de districtsschoolopziener hierover te informeren. Goes stelt voor nog wat te wachten, omdat nadere stappen zijn gezet tot het stichten van een bijzondere school. Een stemming maakt duidelijk dat men vóór een school te Bakkum is in het vertrouwen dat subsidie wordt ontvangen. Beide plannen zullen aan Gedeputeerde Staten worden voorgelegd.

 
29 oktober 1902

Voor de bouw van de school te Bakkum wordt de hiervoor benodigde grond door Hare Koninklijke Hoogheid de vorstin van Wied geschonken. Het betreft twee percelen bosgrond aan de oostzijde van de Bakkummerweg (nu Van Oldenbarneveldweg) ter grootte van in totaal 21 aren. De waarde hiervan wordt geschat op 210 gulden. Voor de kosten van het schoolgebouw, inventaris en onderwijzerswoning ter hoogte van 12.000 gulden wordt subsidie aangevraagd.

De opzichter van Waterstaat heeft een opmerking gemaakt over een waterplas tegenover het perceel van de heer De Haas in de Kerkbuurt (nu – in 2003 – firma Schotten, woninginrichting aan de Dorpsstraat), tegenover de Bakkummerweg (nu Torenstraat), bij de ingang van de doorrijstal van de weduwe Koopman (De Rustende Jager). Hij ziet gaarne dat voor lozing van water wordt gezorgd. De opzichter verzoekt om enig puin aan te brengen om te zien of dit voldoende is.

 
26 november 1902

GS hebben hun goedkeuring gehecht aan het besluit tot het aanvaarden van het geschenk van de grond van Hare Koninklijke Hoogheid de vorstin van Wied voor de bouw van een school.

Het verzoek van de burgemeester van Akersloot wordt behandeld, waarin gevraagd wordt adhesie te betuigen met het request aan de minister van Waterstaat, Handel en Nijverheid tot het verkrijgen van een brug over het Noord-Hollands kanaal ter vervanging van de pont. Het college besluit deze steunbetuiging te tekenen.

 
31 december 1902

De gemeenterekening over het jaar 1902 telt aan ontvangsten 15.321 gulden. De uitgaven bedragen 15.304 gulden, zodat een batig saldo overblijft van 17 gulden.

Simon Zuurbier

Castricum – Honderd jaar geleden 1901 (Jaarboek 25 2002 pg 90-92)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 25, pagina 90

Castricum – Honderd jaar geleden 1901

Rijksstraatweg (nu Dorpsstraat) in 1901.
De Rijksstraatweg (nu Dorpsstraat in Castricum) in 1901. Met rechts vooraan de bazar van de weduwe De Graaf-Louter. Men beweert dat dit pand al in 1799 hier als stal te vinden was. Een bij het huis gevonden kanonskogel is in de gevel ingemetseld. Vandaar de naam Het Huis met de Kogel. Later in 1886 is de stal verbouwd tot vier woninkjes. Let op dat er nog vier deuren in het pand zijn. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

In het jaar 1901 hebben er in Castricum geen schokkende gebeurtenissen plaats gevonden. Voor het jaarlijkse overzicht van ‘Castricum van honderd jaar geleden’ moeten we volstaan met de betrekkelijk eenvoudige zaken die in de plaatselijke politiek speelden. Het geeft vooral de sfeer van die tijd weer. De informatie is ontleend aan de notulen van de gemeenteraadsvergadering, de inkomende en uitgaande stukken van de Gemeente Castricum, de provinciale bladen, de burgerlijke stand registers enzovoorts.

Op 1 januari 1901 bestaat het gemeentebestuur uit burgemeester Johannes Mooij, de wethouders Wulbert Melker en Jacob Kuijs en de raadsleden Arie Asjes, Joseph Goes, Jan Schuijt, Cornelis Spaansen en Jan Twisk. De gemeenteontvanger is Bernardus A. Res.

Zo’n honderd jaar geleden heeft Castricum bijna 1.900 inwoners. Op 1 januari 1901 telt Castricum 1.894 inwoners. Het aantal inwoners is op 31 december 1901 toegenomen tot 1.969. In het jaar 1901 zijn in Castricum 82 kinderen geboren; er worden slechts 9 huwelijken gesloten en er overlijden 25 personen. Door het geboorteoverschot van 57 en doordat er 18 personen meer in Castricum komen wonen (108) dan er zijn vertrokken naar elders (90), neemt het inwonertal met 75 personen toe.

Een zandweg met op het pad de arts Pieter Stolp.
Een zandweg met op het pad de arts Pieter Stolp. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

De medische zorg wordt in Castricum behartigd door de arts Pieter Stolp en de verloskundige Elisabeth Kieft-Slot.

 
10 januari 1901

Verzoek van Yde Bergsma, bierhandelaar en mineraalwaterfabrikant te Beverwijk, om een uitweg te mogen hebben van het land ‘De Groote Weide’ naar de Bakkersweg (Ruiterweg) en een van de Leeningeweide naar de Groenelaan.

De gemeenteraad besluit een sollicitatieprocedure te starten voor een extra onderwijzer vanwege het grote aantal te verwachten schoolkinderen (227 kinderen). Het jaarsalaris wordt vastgesteld op 575 gulden.

De fouragehandel van M. de Haas in de Dorpsstraat ca. honderd jaar geleden. Hier hadden toen baldadige jongens een of ander voorwerp op de tramrails gelegd. Nu (in 2002) is hier de firma Schotten, woning inrichting, gevestigd.
De fouragehandel van M. de Haas in de Dorpsstraat ca. honderd jaar geleden. Hier hadden toen baldadige jongens een of ander voorwerp op de tramrails gelegd. Nu (in 2002) is hier de firma Schotten, woning inrichting, gevestigd.

 
30 januari 1901

De directie van de Stoomtram Haarlem – Alkmaar meldt dat er voor de winkel van de heer M. de Haas door baldadige jongens een of ander voorwerp op de rails is gelegd “waardoor een knal ontstond, die het publiek niet kon verklaren maar toch deed vreezen”. Aan de burgemeester wordt beleefd verzocht een onderzoek in te stellen om herhaling te voorkomen.

 
13 februari 1901

Er is een bespreking over de slechte toestand van de weg naar Egmond-Binnen. Een commissie uit Gedeputeerde Staten (GS) met Burgemeester en Wethouders van Castricum maakt de afspraak dat er een begroting van de kosten moet worden opgesteld. Hiermee wordt de heer N. de Wolf, opzichter van gemeentewerken van Beverwijk, belast.


Jaarboek 25, pagina 91

 
13 maart 1901

Als vervolg op een Koninklijk Besluit wordt door de gemeenteraad een commissie ingesteld tot wering van het schoolverzuim in Castricum. Benoemd worden de heren C.J. Bussen, hoofd der school, D. Dekker, onderwijzer, M, de Haas, J.M. Goes, Jac. Res en F. Twisk, allen woonachtig te Castricum. Deze commissie verleent enkele maanden later landbouwverlof voor vier tot zes weken aan zeventien met name genoemde kinderen in de maanden juli, augustus en september.

 
25 maart 1901

Als nieuwe onderwijzer wordt de heer Gerardus J. Schipper uit Amersfoort aangesteld.

Het bestuur van de afdeling Velsen en omstreken van de ‘Hollandsche Maatschappij van Landbouw” heeft een verzoek gericht aan de gemeente Velsen om een aanlegsteiger te bouwen in het Noordzeekanaal, die voor het laden en lossen van goederen gebruikt zou kunnen worden door schepen die een geregelde vaart op Engeland onderhouden. Dit bestuur vraagt nu aan de gemeenteraad van Castricum in het belang van de landbouw om genoemd verzoek bij de gemeenteraad van Velsen te steunen. De Castricumse gemeenteraad besluit dit te doen. Enkele maanden later komt de gemeente Velsen met het voorstel om de aanlegsteiger door de belanghebbende gemeenten te laten bekostigen. De gemeenteraad besluit in deze zaak niet verder te gaan dan de reeds eerder uitgebrachte adhesieverklaring.

In 1901 wordt Bernardus Wempe caféhouder van het café (later genoemd 'Sportlust') op de hoek van de Burgemeester Mooijstraat en de Dorpsstraat.
In 1901 wordt Bernardus Wempe caf√©houder van het caf√© (later genoemd ‘Sportlust’) op de hoek van de Burgemeester Mooijstraat en de Dorpsstraat.

17 april 1901

Bernardus Wempe vraagt vergunning aan het gemeentebestuur voor verkoop van sterke drank in het klein vanaf 1 mei 1901 in de lokaliteit op de hoek Dorpsstraat-Kramersweg (Burgemeester Mooijstraat). Vóór Wempe was hier N. van Schie de caféhouder.

De landelijke Bakkummerweg (nu Torenstraat in Castricum) in 1901.
De landelijke Bakkummerweg (nu Torenstraat in Castricum) in 1901. Op de achtergrond de toren van de Nederlands hervormde kerk. De Bakkummerweg is de verbindingsweg van Castricum met Bakkum. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.


19 juni 1901

Gemeentearchitect van Beverwijk N. de Wolf heeft een begroting voor de Bakkummerweg naar Egmond aan den Hoef ingediend die ruim 18.000 gulden bedraagt. GS gaat akkoord met de opgemaakte begroting en wenst te vernemen hoe de gemeente een en ander denkt te bekostigen.
De gemeenteraad en het college zijn van mening dat het voor de gemeente financieel veel te bezwaarlijk is om de verbetering van de weg te realiseren op een zodanige wijze dat de kosten van 18.000 gulden alleen ten laste van de gemeente zouden komen. Zij geven de heren van GS in overweging of er geen termen zouden bestaan voor een aanmerkelijke subsidie van de provincie. Als dat niet het geval is, dan zal de gemeente zich moeten beperken tot ten hoogste het gewone onderhoud, waardoor de schuldenlast van de gemeente toch al aanmerkelijk zal toenemen.

Pieter Koelewijn, rijksveldwachter.
Pieter Koelewijn, geboren in 1872 in Katwijk, werd in augustus 1901 aangesteld als rijksveldwachter, jachtopziener te Castricum en woonde met zijn gezin in de Schoolstraat. Omdat hij niet uit het dorp wilde verhuizen, was hij brigadier titulair, wat betekende dat hij wel de rang had maar niet het bijbehorende salaris. In september 1908 werd hij geplaatst in Bakkum en ging wonen in de toen nieuw gebouwde politiepost aan de Van Oldenbarneveldweg. Het was een grote, sterke man met een grote baard, die in zijn uniform indruk maakte. Hij had het vertrouwen van de Bakkummers. Bij zijn 25-jarig jubileum kreeg hij van de bevolking een gouden horloge met inscriptie. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

1 augustus 1901

De heer P. Koelewijn te Noordwijk is aangesteld tot rijksveldwachter – jachtopziener met de standplaats Castricum.

 
7 augustus 1901

De heer Scholtens, hoofdingenieur van de Provinciale Waterstaat, komt met een plan om de weg naar de Egmonden alleen op die plaatsen te herstellen waar dit het hoogst nodig is en zich te beperken tot die plaatsen die gevaar voor het verkeer opleveren door diep ingereden wielsporen, uitgereden kantlagen of diepe knikken. De heer Scholtens wil bewerken dat de provincie te hulp zal komen. Het zou dan gaan om een stuk van ongeveer 1.200 meter dat er het ergste aan toe was. Dit redmiddel zou er dan voor zorgen dat de weg dan nog een paar jaar begaanbaar zou zijn. Met de verwachte komst van de stoomtram Egmond-Alkmaar zal de busdienst ‘De drie Egmonden’ naar Castricum vermoedelijk wel vervallen. De weg zal dan niet meer zoveel te lijden hebben en in zijn geheel onder handen genomen kunnen worden met vermoedelijk subsidie van de provincie.

Inmiddels heeft het college Gerrit Nijman op diens eigen aanmelding aan het ‘straten’ gezet. Het gaat om het weggedeelte van het spoor naar het dorp. Als blijkt dat dit naar volle tevredenheid wordt uitgevoerd, zal het college Nijman verder inschakelen. Er wordt besloten om 16.000 straatstenen te kopen.

 
28 augustus 1901

Ook Gedeputeerde Staten komt met een voorstel om 1.200 meter van de weg naar Egmond, met daarin de slechtste plekken, te laten herstellen. De kosten worden geraamd op 4.500 gulden. De gemeenteraad neemt dit voorstel ter kennisgeving aan en besluit om voort te gaan met het herbestraten zoals dat nu is begonnen door Gerrit Nijman.

Door de gemeenteraad is een nieuwe verordening vastgesteld op de heffing van een Hoofdelijke Omslag. De vorige verordening dateerde al van een raadsbesluit uit 1865. Door een wet van eind 1900 is een nieuwe verordening noodzakelijk geworden. Deze belasting ten behoeve van de gemeente wordt jaarlijks geheven. Hierbij worden alle personen aangeslagen die belastingplichtig zijn en minimaal 250 gulden per jaar verdienen. Het is een soort inkomstenbelasting die wordt geheven naar de geschatte inkomsten uit arbeid, bezittingen, uitkeringen en renten, verminderd met de kosten die voor de verwerving van het inkomen gemaakt moeten worden. De zuiver belastbare inkomens worden over een groot aantal tariefklassen verdeeld: de jaarinkomens van 25 tot 2.200 gulden in 36 klassen.
Het gezamenlijke bedrag van het zuivere belastbare inkomen van de inwoners is de grondslag voor het te heffen percentage. Dit percentage is voor alle inkomens gelijk. Het totaal van de geheven belasting moet gelijk zijn aan het bedrag dat door de gemeente voor dat jaar bij de begroting was vastgesteld.

 
3 september 1901

Be√ędiging van de nieuw gekozen raadsleden: Wulbert Melker wordt dan herkozen als wethouder en Johan Hogenstijn komt als nieuw raadslid en neemt de plaats in van Arie Asjes.

Bakkummerweg in Bakkum, circa 1920.
Bakkummerweg in Bakkum, circa 1920. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

Enkele ingezetenen van vooral Noord-Bakkum (dit betrof toen het gebied in de omgeving van Hoogeweg en Limmerweg) verzoeken een spoedige verbetering van de onbegaanbare zandweg (nu de Duinweg) door bestrating of door een andere wijze van beharding van deze weg vanaf de Bakkummerweg (Heereweg) door de duinen naar Noord-Bakkum tot aan de boerderij van Jan Meijne (hoek Madeweg). Het verzoek wordt ondertekend door de bewoners van Noord-Bakkum en door verschillende middenstanders uit Castricum, die met het bezorgen van hun klanten groot belang hadden bij een verbetering van de weg.

De gemeenteraad besluit om met 3 of 4 raadsleden de weg ter plaatse te gaan beoordelen. Deze beoordeling van de raadsleden ter plaatse gaf aan dat het verbeteren van de weg, zoals werd gevraagd, heel kostbaar was. De burgemeester neemt het plan op om een gesprek aan te gaan met enige heren die het verzoek hadden ingediend.

Er volgt nog een verzoek van een klein groepje Noord-Bakkummers om het volgende deel van het voornoemde weggedeelte (te verbeteren) vanaf de hoek


Jaarboek 25, pagina 92

Madeweg langs het schuthok (dit stond op de kruising van Duinweg – Hoogeweg en was voor het schutten van loslopend vee) langs de Zanddijk tot voorbij de woning van de heer Jan Bakkum (totale lengte circa 1.800 m).

Pand van Hoebe, de smid, aan de Bakkummerstraat 102.
Pand van Hoebe, de smid, aan de Bakkummerstraat 102. Pentekening van Lau Hoebe. Toegevoegd.

 
10 september 1901

Johannes Hoebe uit Egmond aan Zee vraagt vergunning om binnen de gemeente Castricum aan de Bakkummerweg een smederij te mogen vestigen (in deze smederij wordt niet met stoom gewerkt).

Het gezin van Lammert de Winter.
Het gezin van Lammert de Winter bij het huis aan de van Oldenbarneveldweg 17 in Bakkum. Van links naar rechts Cor, Neel, vader Lammert, Jan, Jaap, moeder Kaatje, Jane, Jans, Heintje en Dirk de Winter. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

 
25 september 1901

Lammert de Winter verzoekt om een toegang naar zijn perceel B584 te mogen aanleggen waarvoor dan twee struiken houtgewas moeten worden gerooid. Op het perceel wordt een smederij gebouwd.

Leerlingen en leerkrachten Eerste Openbare Lagere School.
Dit is de Eerste Openbare School nabij het Raadhuis aan de Dorpsstraat in Castricum, 1897. Op de binnenplaats staat links meester C.J. Bussen, hoofd der school . Per 1 mei 1894 ging schoolhoofd Ludewig met pensioen. In totaal was hij zo’n 38 jaar aan de school verbonden geweest. Cornelis Bussen, onderwijzer aan de rooms-katholieke parochieschool te Leiden, volgde hem op. Het onderwijsteam bestond toen uit vijf mannen en drie vrouwen, die de zorg hadden voor 230 leerlingen. Meester Bussen smaakte het genoegen in 1911 eindelijk een betere woning te kunnen betrekken in het in dat jaar gebouwde nieuwe gemeentehuis naast de school. De voordeur van zijn huis aan de zijkant van dat gebouw is nu nog te zien. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Een verordening wordt vastgesteld voor de regeling van de jaarwedden voor het onderwijzend personeel aan de openbare lagere school, de enige school in Castricum. Per vijf dienstjaren gaat het salaris omhoog, na 20 dienstjaren blijft het constant; voor het hoofd der school varieert het jaarsalaris tussen 950 en 1.250 gulden, voor een onderwijzer van 550 tot 750 gulden. Hoofd der school is Cornelis J. Bussen; de onderwijzers zijn Gerrit Beetsma. Dirk Dekker en Gerardus J. Schipper en de onderwijzeressen zijn Maria A.J. Sluijsken en Dieuwertje Eenhoorn.

 
8 oktober 1901

W. Koopman, rijtuigmaker te Castricum, heeft mede namens nog vier andere ingezetenen een vergunning aangevraagd tot het houden van een verloting van roerende en onroerende goederen waarvan de opbrengst gedeeltelijk zou strekken ten voordele van de bewoners van Transvaal en Oranje Vrijstaat in Zuid-Afrika. Dit verzoek is via de burgemeester en de provincie terechtgekomen bij de minister van financi√ęn. Laatstgenoemde geeft bij besluit van 8 oktober 1901 geen toestemming, omdat onroerende goederen niet verloot mogen worden en ook omdat particuliere verlotingen niet worden toegestaan, wanneer daarmee geheel of gedeeltelijk eigen voordeel wordt beoogd. De opbrengst van de verkochte loten wordt geraamd op 25.000 gulden. Hiervan zal 13.000 gulden in mindering gebracht worden voor de kosten van aankoop der prijzen en vervolgens ook nog verminderd worden met de salarissen en voorschotten. In de verloting zitten een herenhuis en een burgerwoning, beide in Castricum.

 
17 oktober 1901

Gerrit Nijman wordt tot vaste werkman aan de gemeentewegen aangesteld voor 7 gulden per week van maart tot december en voor 6 gulden per week van december tot maart.

Wapen van de Heeren
van Backum.
Wapen van de Heeren van Backum. Bakkum 1700. In de 18e eeuw had het dorp een dorpsbestuur, bestaande uit een schout en vijf schepenen die eigen wetten en voorschriften uitvaardigden. De schepenen werden voor een periode van één jaar benoemd, waarbij de schout de voordracht bij de Heer van Bakkum deed. Na goedkeuring door de Heer van Bakkum volgde de benoeming en ging het dienstjaar in, dat liep van Pasen tot Pasen. Als raadhuis (rechthuis) werd de oude St.-Cunerakapel, op de hoek van Achterlaan en Heereweg in het centrum van Bakkum, gebruikt. In dit raadhuis was ook lange tijd een school gevestigd met één schoolmeester, maar in 1800 was deze school al vervallen en gingen de kinderen naar Castricum, Limmen of Egmond-Binnen naar school. Collectie Oud-Castriicum. Toegevoegd.

Het aanbod van de heer Braakenburg van Bakkum wordt aangenomen om de wapenborden van de Heeren van Backum (zie jaarboek 25 pagina 15) in de raadzaal op te hangen.

Het armenhuis aan de Overtoom hoek Schoolstraat in Castricum.
Het armenhuis aan de Overtoom hoek Schoolstraat in Castricum. Schilder: Huib Hogenstijn. Foto Jacques Schermer. Toegevoegd.

 
4 december 1901

J. Stuifbergen, voorheen gemeentewegwerker, heeft een schaars inkomen en verzoekt de gemeente daarin verbetering te brengen. De heer Goes oppert het idee om het echtpaar in het Algemeen Armenhuis op te nemen als weesvader en weesmoeder. Het alternatief is 50 cent per week extra van het Algemeen Armbestuur.

 
31 december 1901

De gemeenterekening over het jaar 1901 telt aan ontvangsten 12.619 gulden. De uitgaven bedragen 12.520 gulden zodat een batig saldo overblijft van 99 gulden.

Simon Zuurbier

Jaarverslag 2001 (Jaarboek 25 2002 pg 93)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 25, pagina 93

Jaarverslag 2001

De activiteiten van dit jaar waren gericht op de verdere voorbereiding en het realiseren van de uitbreiding van ‘de Duynkant‘ met een historisch informatie centrum.

Door de werkgroep is ook dit jaar weer in verschillende plaatselijke en regionale verbanden samengewerkt of hulp verleend. Onze collectie werd door verschillende schenkingen aangevuld.

Overhandiging eerste jaarboek 2001 aan Thijs Bakker.
In het jaarboek 2001 staat een artikel over de strandjutter Thijs Bakker. In het restaurant De Kim op het strandplateau krijgt hij uit handen van de voorzitter Simon Zuurbier het eerste exemplaar overhandigd.

De belangrijkste gebeurtenissen en activiteiten 2001 volgen nu in chronologische volgorde:

  • Op 6 januari was de werkgroep Oud-Castricum tijdens de nieuwjaarsmanifestatie van het gemeentebestuur in Geesterhage aanwezig met een fototentoonstelling.
  • Op 15 januari bracht een kleine afvaardiging van de werkgroep een bezoek aan de Vereniging Oud-Hoorn. Daar bekeek deze het gebouw van deze historische vereniging om een idee te krijgen hoe een historisch informatie centrum kan worden ingericht.
  • Op 18 januari werd mevrouw Katja Bossaers, provinciaal consulent geschiedbeoefening, speciaal uitgenodigd bij de bestuursvergadering om adviezen te geven met betrekking tot een historisch informatie centrum.
  • Op 29 januari werden in de ledenvergadering, voor de realisatie van het historisch informatie centrum, vier werkgroepen ge√Įnstalleerd; ‘Gebouw’, ‘Informatiecentrum’, ‘Inrichting’ en ‘Sponsoring’.
  • Op 14 april was ‘De Duynkant’ geopend voor bezoekers in verband met het ‘Open Museumweekend’.
  • Op 26 april besloot de gemeenteraad op voorstel van het college om een bedrag van 190.000¬† gulden beschikbaar te stellen voor de bouw van het historisch informatie centrum.
  • Op 9 juni was de jaarlijkse voorjaarsexcursie. Onder leiding van Ernst Mooij fietsten wij de door hem samengestelde ‘St.-Aagtendijkroute’.
  • Op 8 oktober werd met de bouw van het historisch informatie centrum begonnen.
  • Op 25 oktober werd het eerste exemplaar van het 24e jaarboekje in het kader van het hoofdthema ‘Strand’ uitgereikt aan de heer Thijs Bakker.
  • Op 15 november, op onze jaarlijkse donateursavond, hielden de heren Bert Veer en Harry de Raad, beiden werkzaam op het Regionaal Archief in Alkmaar, een boeiende lezing over de Castricumse schatten in het Regionaal Archief.
  • Op 2 december brachten de besturen van Oud-Akersloot, Oud-Limmen en Oud-Castricum een gezamenlijk advies uit betreffende het ontwerp van een nieuw gemeente wapen.
  • Op 29 december, ter gelegenheid van het afscheid van de gemeente Castricum als zelfstandige gemeente, presenteerden Loek Zonneveld en Jaap Stuifbergen in het gemeentehuis namens de werkgroep Oud-Castricum een dia- en videovoorstelling.

De zes werkgroepen

Werkgroep archeologie
Dit jaar was de werkgroep betrokken bij een archeologisch onderzoek onder leiding van R.A.A.P. op de hoek van de Breedeweg-Rietkamp. Hier werden bewoningssporen uit de Romeins-inheemse tijd aangetroffen en aardewerk uit de 17e/18e eeuw. Aan het einde van het jaar was de werkgroep aanwezig bij het archeologisch onderzoek in de duinen (zie hierover het artikel van Rob van Eerden in dit jaarboekje).

Werkgroep inventarisatie
Deze werkgroep is al enkele jaren bezig om al het materiaal wat Oud-Castricum in bezit heeft digitaal te ontsluiten. Het grote voordeel hiervan is dat wij op deze manier de gegevens gemakkelijk kunnen terugvinden. Dit jaar zijn er weer veel bestanden bijgekomen of aangevuld; zo zijn er heel veel foto’s en ansichtkaarten gescand en via de computer te raadplegen. Met het gegeven dat volgend jaar de uitbreiding van ons gebouw gerealiseerd is en dat we daarin een historisch informatie centrum gaan inrichten om de bezoeker beter te kunnen informeren, is veel energie gestoken in het ontwikkelen van een intranet pagina. Er komt een computer in de nieuwe ruimte te staan waarop de bezoeker, eventueel met hulp, zelf kan gaan zoeken in de bestanden. Daar kunnen bezoekers ook bijvoorbeeld onze bibliotheek raadplegen.

Werkgroep jaarboekje en archiefonderzoek
Wekelijks werd op dinsdagavond door een groepje van vier personen in het Regionaal Archief in Alkmaar veel onderzoek verricht. Het onderzoek richtte zich voornamelijk op de onderwerpen voor het huidige en de toekomstige jaarboekjes.

Werkgroep financi√ęn
De lopende exploitatie over het jaar 2001 werd positief afgesloten. Verschillende activiteiten werden ontplooid ter verwerving van fondsen en donaties om de inrichting van het nieuwe gebouw te kunnen bekostigen. Het beroep dat in dit kader werd gedaan op onze donateurs voor een extra bijdrage bracht circa 4.500 gulden op.

Fotowerkgroep
Ter voorbereiding van het ‘Jaar van de boerderij’ (in 2003) werd een groot aantal boerderijen gefotografeerd. De panden in het dorp die werden afgebroken, zijn ten behoeve van het fotoarchief op de foto gezet.

Public Relations
De werkgroep heeft dit jaar regelmatig van zich laten horen door middel van krantenartikelen en een interview op radio Castricum. Ook werd de fietsroute ‘St.-Aagtendijk’ uitgegeven. Het boekje bevat foto’s en een beschrijving van historisch belangrijke kenmerken in het landschap tussen Castricum, Uitgeest, Krommeniedijk en Beverwijk.

Bestuur, leden en donateurs

Op 31 december 2001 was het bestuur als volgt samengesteld:
S.P.A. Zuurbier, voorzitter
Mevrouw A.H.A.M. van Boxtel, secretaris
M.G.J. Schiermann, penningmeester
P.A. Levi, lid
H.M. Vermanen, lid
L. Zonneveld, lid

Aan de werkavonden in ‘de Duynkant’ en andere activiteiten werd door een twintigtal werkende leden deelgenomen. Op 31 december 2001 bedroeg het aantal donateurs 1268.

Aan de werkende leden komt veel dank toe voor hun bijdrage aan het werk van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum en de extra inzet die is geleverd bij de totstandkoming van het historisch informatie centrum.

Antoinette van Boxtel

Kraakman, meneer (Jaarboek 25 2002 pg 58-63)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.

Verschenen artikelen over personen: Asjes, AlbertBakker, ThijsBoreel van Hogelanden, JacobDeelen, Derk vanDekker, DirkGevers, FritsGinhoven van, HuibertHageman, ArieHeeck, CorHeideman, HenkHeimans, EliHoberg, JanHurk, Gesina van derJacobi, Jan WillemJacobs-Wentink, GréKieft, PieterKortenoever, EldertKraakman, JacobKramer, MatthijsKrist, MeineLeenaers, HenriLommen, PietMooij, CorMooij, Geertje ten WoldeNuhout van der Veen, JoachimPeperkamp, CorPortegies, SijfQuack, Jan deRendorp, JacobRommel, AlbertSchotvanger, DirkStuyt, JanToepoel, LeoTulp, LideTwisk, EngelVeldt, KlaasVlaanderen-Boot, Tiny vanWeenen, Wub vanZaalberg, Hermanus


Jaarboek 25, pagina 58

Wie was … meneer Kraakman

Mijnheer Kraakman in zijn eeuwige manchester broek.
Mijnheer Kraakman in zijn eeuwige manchester broek.

Meneer Kraakman was voor veel Bakkummers een mysterieuze en excentrieke persoonlijkheid, die in een grote auto door het dorp reed of, altijd in hetzelfde manchester pak, op de fiets voorbij kwam. Slechts weinigen hebben hem goed gekend, hoewel het een sociaal voelende en vriendelijke man was. Hij beheerde het erfgoed van zijn familie, bestaande uit vele landerijen en boerderijen, die zijn grootvader en zijn vader al hadden aangekocht. Hij resideerde in de afgelegen villa De Doornduyn, waarvan hijzelf de grondlegger was en waar hij tot zijn dood heeft gewoond. Overdag sliep hij en pas in de nachtelijk uren werd hij weer actief. Hij was heel betrokken bij het wel en wee van zijn pachters en heeft in Bakkum-Noord zijn sporen nagelaten. Zijn grote rijkdom stelde hem in staat zijn leven in te richten zoals hij dat zelf wilde.

Luchtfoto uit 1941 van De Doornduyn te midden van de beginnende aanplant.
Luchtfoto uit 1941 van De Doornduyn te midden van de beginnende aanplant.

Jacobus Petrus Maria (Jaap) Kraakman werd op 24 september 1897 in Alkmaar geboren als enig kind van Hendricus (Henri) Petrus Maria Kraakman en Catharina (Catho) Henrica Kortmann, Vader Kraakman was een begenadigd advocaat in Alkmaar en tevens een geldschieter met wie niet te marchanderen viel. Hij had zijn kantoor eerst in de Langestraat en later aan huis in de Nassaulaan. Zijn vrouw had hij tijdens zijn rechtenstudie in Leiden leren kennen. In de jaren (negentien) twintig hij samen met de advocaten Leesberg en Kusters.

Ook grootvader Jacobus Petrus, naar wie Jaap was vernoemd, was al advocaat in Alkmaar. Deze grootvader, die leefde van 1830 tot 1907, had ook nog veel andere functies. Zo was hij lid van Provinciale Staten, lid van de gemeenteraad, secretaris van de Kamer van Koophandel en Kapitein van de schutterij. In de families Kraakman en Kortmann kwamen veel juristen, doktoren, hoogleraren en bestuurders voor. Jaap Kraakman liet zich eens ontvallen dat op een gegeven moment bijna alle leden van de regering wel ergens verwant waren aan zijn familie.

Jaap volgde lager onderwijs in Alkmaar en heeft daarna zes jaar in Haarlem, Rosmalen en Nijmegen privé voortgezet onderwijs genoten op verschillende katholieke kostscholen. In 1917 keerde hij terug in het ouderlijk huis.
Wat nu? was de vraag, waarvoor zijn ouders zich geplaatst zagen. Dankzij de bemiddeling van zijn vader werd Jaap eerst volontair bij burgemeester Mooij op het gemeentehuis van Castricum. Iedere dag kwam hij met de stoomtram uit Alkmaar. In De Rustende Jager at hij tussen de middag zijn brood. Voor de koffie kreeg hij een kwartje van de gemeente, een kwartje dat hij volgens overlevering in zijn zak hield.

De Rustende Jager.
De Rustende Jager aan de Dorpsstraat in Castricum, 1968. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

In aansluiting op zijn Castricumse periode, heeft hij nog een tijdje in Bergen op het gemeentehuis gewerkt en bij de Raad van Arbeid in Alkmaar. Toen het hem duidelijk werd dat hij niet persé hoefde te werken, vanwege de rijkdom van zijn vader, heeft hij daar direct een punt achter gezet. Jaap heeft daarna alleen nog als assistent en chauffeur van zijn vader gefungeerd, bijvoorbeeld wanneer deze in zijn functie van toegevoegd advocaat naar de marine moest in Den Helder.

Joh. Duijn en Gré Gijzen met hun dochters.
Joh. Duijn en Gré Gijzen met hun dochters El en Ans. Bleumerweg in Bakkum, 1982. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Joh. Duijn, veehouder aan de Bleumerweg; “De grootvader van Kraakman heeft in de 19e eeuw veel grond gekocht, niet alleen in Bakkum, maar ook in andere delen van de provincie. Grond was heel weinig waard, niet meer dan een paar centen per vierkante meter, omdat miltvuur de veestapels had gedecimeerd. Zo is er veel land maar ook woonhuizen en ander onroerend goed goedkoop in zijn bezit gekomen. Mijn vader Reinier pachtte destijds de boerderij van de vader van Jaap. Mijn ouders hadden een goede band met die familie. We mochten een enkele keer mee in de grote auto. De enorme snelheid van wel 100 kilometer per uur, die de auto op de Zeeweg haalde, maakte grote indruk. Jaap Kraakman herinner ik mij als een bijzondere persoonlijkheid maar zeker ook als een gezellige, aanspreekbare man.”

Villa Doornduyn van Kraakman aan de Duinweg 2 in Bakkum.
Villa Doornduyn van Kraakman aan de Duinweg 2 in Bakkum. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

De Doornduyn

Vader Kraakman overleed in 1936. Enkele jaren later besloten Jaap en zijn moeder op een perceel weiland van 2 hectare aan de Duinweg in Bakkum-Noord, genaamd ‘Doornduin’, een landhuis te laten bouwen. Deze grond, voorheen in het bezit van Cor Twisk, was in 1882 door zijn grootvader op een publieke veiling gekocht. In 1903 werd nog een strook grond langs de Duinweg van de gemeente overgenomen.

Aan architect Majella Cijffers uit Bergen werd de opdracht verleend voor het ontwerpen van een landhuis. Als architect en stedenbouwkundige van die gemeente van 1929 tot 1943 heeft hij het gezicht van Bergen meebepaald. Cijffers had een voorkeur voor kubistische gebouwen met platte daken in de stijl van het Nieuw Bouwen, een bouwstijl die nogal eens op weerstand stuitte. Hij heeft die voorkeur niet gevolgd of kunnen volgen bij het ontwerp van het landhuis van de familie Kraakman, dat een romantische uitstraling kreeg en een rieten dak met Anton Pieck-achtige dakkapellen.

In juli 1939 werd op naam van mevrouw Kraakman-Kortmann een bouwvergunning afgegeven voor een grote villa. De Tweede Wereldoorlog gooide roet in het eten. Het omvangrijke bouwplan met 4 slaapkamers, een woon- en een eetkamer en een personeelsverblijf, werd nog in hetzelfde jaar vervangen door een wat kleinere versie.


Jaarboek 25, pagina 59

In het ontwerp was nu wel een bomvrije schuilkelder opgenomen met een nooduitgang naar de tuin. Kraakman moet een vooruitziende blik hebben gehad, want het zou nog enige tijd duren voordat de Duitse troepen zich meldden.

Antoon Borst.
In 1913 laat Anthonius Christophorus (Antoon) Borst (1881-1955) bij de Kamer van Koophandel in Alkmaar een aannemersbedrijf inschrijven. In datzelfde jaar koopt hij een onbebouwd perceel tuingrond gelegen aan de oostzijde van de Bakkummerstraat, dat zich uitstrekt van de Eerste tot de Tweede Groenelaan. Hier bouwt hij na enkele jaren zijn eerste bedrijfspand.

Nog in 1939 begon de bouw van de ‘halve villa’ met schuilkelder door aannemer Anton (Toon) Borst. In een rapportage in het Noordhollands Dagblad zestig jaar later schreef de journalist Jurriaan Geldermans: “Weinig landhuizen in Nederland zullen zo’n onverbrekelijke eenheid vormen met de directe omgeving als ‘De Doornduyn’ in Castricum. Met recht een buiten, waarvan de glooiende rieten kap letterlijk naadloos overgaat in het stekelige duingras. Waar de vijver in de ruim twee hectaren grote tuin wordt gevoed door de sloten van omringende weilanden. Waar de tientallen volwassen bomen volledig in harmonie zijn met de bosschages in het aangrenzende duingebied.”

Toen moeder en zoon in 1940 in het nieuwe huis trokken, stond het nog niet zo mooi in het geboomte en was de omgeving nog kaal. Mevrouw Kraakman-Kortmann voelde zich er erg verlaten en smeekte haar zoon om mee terug te gaan naar hun woning aan de Alkmaarse Nassaulaan. Jaap peinsde er niet over en zijn moeder keerde alleen terug naar Alkmaar. Hij bloeide op in de nabijheid van het duingebied en probeerde de flora op zijn eigen terrein zoveel mogelijk bij de echte natuur te laten aansluiten. Hij ontwierp de tuin en samen met een groep jonge kerels groef hij de vijvers en wierp heuvels op.

Kraakman en Cor Huysmans bezig met metingen in verband met de watertoevoer naar een vijver.
Kraakman en Cor Huysmans bezig met metingen in verband met de watertoevoer naar een vijver.

Juffrouw Kelderman en Cor Huysmans

Vooral in de beginjaren had Jaap verschillende personen in dienst voor de aanleg en onderhoud van zijn landgoed, maar zijn meest trouwe krachten zijn geweest Josephina (Fien) Kelderman en de op negentienjarige leeftijd bij hem in dienst getreden huisknecht-tuinman Cornelis (Cor) Josephus Huysmans.

Juffrouw Fientje woonde ruim 34 jaar in ‘De Doornduyn’. Zij regelde het huishouden en verzorgde ook de moeder van Jaap Kraakman, die in de oorlogsjaren weer bij haar zoon was komen wonen, tot haar overlijden in 1953. Fien was afkomstig uit Deventer en werd vanwege de oorlogsomstandigheden in Limmen ondergebracht bij de familie Metzelaar; mevrouw Metzelaar was een halfzuster van haar. De familie had het pension Weltevreden aan de Rijksstraatweg en Jaap Kraakman en zijn moeder vonden daar in de oorlogsjaren ook tijdelijk onderdak. Zo leerde hij Fien Kelderman kennen en haalde haar over om bij hem in dienst te treden.

Hoewel ze een HBS-opleiding had afgerond en een kantoorbaan had, is ze toch op dat verzoek ingegaan. Haar vader bezat in Deventer een machinefabriek en een smederij. Ze had zo haar opvattingen, waaruit bleek uit welk milieu zij afkomstig was. Een gewone huishoudster was ze niet en wilde ze niet zijn. Haar functie was meer die van gezelschapsdame. Als ze eens een keer door personen die de situatie minder goed kenden mevrouw Kraakman werd genoemd vond ze dat niet erg, maar een huwelijk met mijnheer Kraakman is nooit aan de orde geweest. Zij assisteerde in latere jaren ook bij zakelijke beslommeringen, waar Kraakman zelf steeds minder aandacht voor had. Toen het autorijden hem minder goed afging, was het juffrouw Kelderman die haar rijbewijs ging halen.

Cor Huysmans was met Kraakman in contact gekomen, omdat ook zijn vader al voor hem had gewerkt. Huysmans: “Ik ben in 1940 op mijn negentiende jaar bij Kraakman in dienst gekomen. Ik was nog geen week bij hem toen hij me vertelde dat hij een huisje in Limmen had gekocht dat, als het leeg zou komen, voor mij bestemd was. Ik durfde toen nog niet eens aan een meisje te denken. Het huis en de grond grensde aan het perceel dat mijn vader van Kraakman huurde. Uiteindelijk is het mij bij testament geschonken en nu woon ik er vanaf mijn trouwen al 51 jaar. Vanuit mijn raam kan ik De Doornduyn nog net zien. Ik zorgde voor de tuin en haalde ook de boodschappen, juffrouw Kelderman regelde de huishouding.”

Huysmans werkte er altijd met veel genoegen en had een heel goede band met zijn baas. Hij kon zijn tijd grotendeels zelf indelen. Hij was vanaf het begin betrokken bij de inrichting en het onderhoud van het terrein. Rondom het huis werden letterlijk wagonladingen berken en beuken geplant, al leken het in het begin eerder kleine struikjes. Elke dag moest Huysmans de jonge aanplant een emmer water geven. Een tuinder waarschuwde dat die bomen zo zou worden ‘doodgegoten’ en diens voorspelling kwam inderdaad uit.
Daarop liet Kraakman een tweede wagonlading jonge boompjes aanvoeren. Nu werden op advies van de deskundige tuinder bij elke boom als voeding vier natte Limmerturven gelegd. Dat bleek de juiste aanpak te zijn, want de beplanting sloeg toen wel goed aan.

Het was de wonderlijke gewoonte van Kraakman om overdag te slapen en ‘s nachts te leven. In de ochtenduren trok hij zich terug in zijn slaap/werkkamer en pas in de loop van de middag verscheen hij weer.

Cor Huysmans: “Al voordat het huis helemaal klaar was gingen wij er slapen om het huis te bewaken. Mevrouw Kraakman wilde ook liever niet dat haar zoon daar alleen was en beloofde me 3 kwartjes voor iedere nacht die ik er door zou brengen. De stretchers waar we op sliepen heb ik nog. Om 7.00 uur ging de wekker. Meneer Kraakman zorgde voor het eten en maakte zo nodig afspraken over het werk. Vervolgens ging hij dan slapen tot een uur of drie, vier. In de winter zag je hem helemaal niet. Zijn grootvader had dezelfde gewoonte, ook die sliep overdag en werkte zoveel mogelijk ‘s nachts.”

Siem Mooij.
Siem Mooij. Heereweg 1 in Bakkum, 2012. Collectie Oud-Castricum.Toegevoegd.

Buurtbewoner Siem Mooij: “Ik heb ook ervaren dat mijnheer Kraakman vooral ‘s nachts in de weer was. In mijn jeugd bracht je als je ergens te dansen was geweest, soms een meisje naar huis en dan kwam je hartstikke laat thuis. Op een nacht ging ik via de Noorderstraat richting huis, de boerderij Zeeveld, toen ik langs de weg in het pikkedonker een auto zag staan. Geschrokken deed ik het licht uit van mijn fiets en kwam dichterbij.


Jaarboek 25, pagina 60

Toen herkende ik de aparte auto van meneer Kraakman en zag ik ook dat hij er zelf onder lag. Ik zei maar iets in de geest van: “Zo meneer Kraakman, u bent ook nog laat hier. Heeft u pech of zo?” Hij kwam onder de auto vandaan en zei: “Het was van dat mooie weer en ik dacht kom laat ik eens een stukje gaan rijden. Nu heb ik iets aan die auto gehoord wat ik niet thuis kan brengen en ben ik bezig om uit te zoeken wat het is.”

Verre reizen

Kraakman had een brede interesse in veel onderwerpen, vooral op natuur en historisch gebied. De Werkgroep Oud-Castricum ontving van hem scherven uit de Romeinse tijd die hij op zijn terrein had gevonden en andere voorwerpen. Hij had een grote bibliotheek en hij verzamelde alle Nederlandse bankbiljetten, brillen, munten, Delftsblauwe tegels (die hij zelf uit oude boerderijen had gehaald) en postzegels. De waarde van zijn postzegelverzameling was destijds getaxeerd op 45.000 gulden. Kunstenaars in Bergen die panden van zijn vader en later van hem huurden, betaalden soms met schilderijen. Zo bezat hij, volgens Cor Huysmans, zelfs werken van Matthieu Wiegman en Charley Toorop. Zijn werk/slaapkamer, lag vol met boeken en papieren en de werkster mocht er niet komen. Alleen als hij op vakantie was, mocht er door Huysmans schoongemaakt worden, maar alles moest wel exact op dezelfde plaats terug gelegd worden, iedere afwijking viel hem onmiddellijk op.

Houtsnijwerk: Jaap Kraakman geportretteerd achter zijn bijzondere schaakstukken.
Houtsnijwerk: Jaap Kraakman geportretteerd achter zijn bijzondere schaakstukken.

Kraakman was een veelzijdig mens. Hij had zeker een talenknobbel, want hij had zichzelf Italiaans geleerd en kon Russisch lezen. Hij was een trouw belijder van het rooms-katholieke geloof en bezocht iedere zondag de abdijkerk in Egmond. Kraakman had gevoel voor kunst en was heel bedreven in houtsnijden. Zo maakte hij bijvoorbeeld een complete kerststal. Cor Huysmans heeft enkele werkstukken van hem gekregen, waaronder een houten paneeltje met een daarin uitgesneden reiger. Kraakman hield ook van klassieke muziek al speelde hij zelf niet. Een grote vleugel in de huiskamer werd door zijn moeder en door Fien Kelderman bespeeld. Filmen en fotograferen was een andere hobby en daarvoor beschikte hij over een uitgebreide film- en foto uitrusting. Hij heeft vooral op zijn buitenlandse reizen heel wat meters film verschoten en prachtige foto’s gemaakt.

Mijnheer Kraakman en juffrouw Kelderman in Veneti√ę op vakantie.
Mijnheer Kraakman en juffrouw Kelderman in Veneti√ę op vakantie.

Jaarlijks ondernam Kraakman lange reizen naar Itali√ę, Spanje, Griekenland en Frankrijk. Er werd in hotels gelogeerd, maar vooral op latere leeftijd ging hij het liefst kamperen.

Cor Huysmans: “Hij bleef soms maanden weg en werd vergezeld door juffrouw Kelderman. Achterneefjes of achternichtjes, die bij het kamperen een handje hielpen, gingen mee of trokken een paar weken met ze op. Hij bezat een grote zware tent van negen meter lang met drie compartimenten van drie meter, waarvan √©√©n voor hem, √©√©n voor zijn reisgenoten en een eetgedeelte. Achterin zijn grote auto stond een grote kist waar een soort keuken in zat, voor het gebruik op de kampeerplaats.”

Zijn achternicht Melitta Dorbeck: “In hun jeugd trokken mijn vader en Oom Jaap vaak met elkaar op en maakten ze lange fietstochten. Ik ben zelf in de jaren (negentien) zestig mee geweest op vakantie naar Sicili√ę en heb het een heel bijzondere belevenis gevonden. Voor Oom Jaap was opstaan rond een uur of twaalf al vrij vroeg en tegen de tijd dat we ergens naar toe konden waren veel bezienswaardigheden alweer gesloten. Hij bestudeerde reisgidsen en wist veel van de streek die we bezochten. Ik herinner me dat Oom Jaap eens een uitgebreid verhaal vertelde over de beroemde weg waar we op dat moment overheen reden. Jammer was alleen dat we er weinig van zagen, omdat het al weer donker was geworden. Hij was een heel goede chauffeur en kon uren achterelkaar doorrijden en was dan doof voor de aandrang van tante Fientje om toch eindelijk eens te pauzeren. In mijn tijd had Oom Jaap een Peugeot waarop een grote kist voor de tent en de andere bagage was geschroefd. Tijdens de lange vakantie werd op een gegeven moment die kist eens leeg gehaald en toen bleek dat een van zijn manchesterpakken met knickerbocker door vochtinwerking helemaal was vergaan.”

De eerste auto van Kraakman was een 8-cilinder Graham Paige; een uit Amerika ge√Įmporteerde limousine.
De eerste auto van Kraakman was een 8-cilinder Graham Paige; een uit Amerika ge√Įmporteerde limousine.

Graham Paige

Een auto die Kraakman heel lang heeft gehad, was een in Nederland zeldzame Amerikaanse auto van het merk Graham Paige uit 1928, die hij van zijn vader had overgenomen. Die had hem omstreeks 1930 gekocht van zijn buurman in de Nassaulaan in Alkmaar, de rechter Vaz Diaz, wiens benen te kort waren om goed bij de pedalen van deze enorme auto te kunnen komen.

Cor Huysmans: “Het benzineverbruik lag rond de 1 liter op 4 kilomter en bij bepaling van de etappes moest goed rekening gehouden worden met de aanwezigheid van benzinepompen. De auto woog 2.244 kilogram schoon aan de haak. Het was het type limousine met drie zittingen achter elkaar en een raam achter de plaats van de chauffeur. Hij was zo groot dat Garage Pouwels een ander exemplaar nog eens heeft omgebouwd tot ambulance. De auto had twee reservebanden; een lekke band kwam vaak voor omdat er nog al eens spijkers op de weg lagen uit paardenhoeven. Het dak van de auto is ooit vervangen door een linnen kap die je open kon draaien. De kap was op een gegeven moment helemaal vergaan. Mijnheer Kraakman had naast zich in de auto een paraplu die hij opstak als het ging regenen. Uiteindelijk is de wagen voor de sloop verkocht aan Joop van der Steen. De krik en ander zwaar gereedschap van die auto heb ik nog altijd bewaard.”

Joop van der Steen: “Omstreeks 1948 heb ik de Graham Paige gesloopt. Nu heb ik er spijt van want hij zou zeker 200.000 gulden waard geweest zijn. De spaakwielen zijn gebruikt voor boerenkarren; luchtbanden waren toen heel schaars.


Jaarboek 25, pagina 61

De carrosserie is als schuilhok op het tuintje van mijn vader gezet en ik heb er nog goeie herinneringen uit mijn verkeringstijd aan overgehouden. De tussenbank is nog jaren in gebruik geweest als tuinbank. De wielen, de koperen radiateur en de koperen koplampen hebben nog aardig wat opgebracht.”

Tankversperring.
Aan de Beverwijkerstraatweg op de hoogte van de rotonde H√∂ckerhindernis of drakentanden werden vooral toegepast op bouwkundig moeilijke plaatsen. Type 1939 bestond uit vijf in plaats van vier rijen betonblokken. Deze was bestand tegen tanks tot circa 36 ton. Bij de aanleg van de Castricummerwerf (1986) zijn de ‘ drakentanden’ gesloopt door de firma Kruk uit Beverwijk. Door het slopen kon er grond geruild worden die nodig was om de Oude Haarlemmerweg te verbreden en de Castricummerwerf te ontsluiten. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Tweede wereldoorlog

In de loop van 1942 werden veel Duitse soldaten in Castricum en Bakkum gelegerd. De bouw van een verdedigingslinie langs de westkust met kustbatterijen, radarstations en tankversperringen begon. Velen werden gedwongen om hun huis te verlaten en de sloop van veel huizen en boerderijen nam een aanvang.

Cor Huysmans: “Meneer Kraakman zag wel aankomen dat de Duitsers bij hem zouden worden ingekwartierd. Hij gaf de timmerman opdracht van alle eiken deuren in het huis goedkope grenen kopie√ęn te maken. De originele deuren hebben we ergens opgeslagen en na oorlog weer terug gehangen. Vlak voordat de Duitsers in 1943 binnenstapten, hebben we al het koperwerk ‘s nachts uit het huis gehaald en begraven in de tuin. Net als een kist met nikkelen munten. We schrokken erg toen ze juist op die plaats wilden gaan bouwen. Hals over kop hebben we alles weer opgegraven en naar een andere plaats gebracht. Totdat we werden verrast door een Duitser. Meneer Kraakman kon hem afleiden, waarop ik nog net met kruiwagen en al wist weg te komen.”

In de tuin werden twee bunkers gebouwd die aan twaalf soldaten plaats boden. In de grote woonkamer van het huis hielden zij hun dansavondjes. Later was Kraakman er trots op dat het ze nooit gelukt is om zijn grote kluis open te krijgen; er was zelfs op geschoten. In totaal zijn er in de driehoek Duinweg, Doornduyn en de jeugdherberg Koningsbosch 31 bunkers gebouwd, wat een enorme ingreep was in dat beperkte gebied. Ook de aanleg van een tankgracht, die dicht langs De Doornduyn liep, betekende nog al wat. Luttele meters van het terras lag een zes meter hoge bult grond, die bij het uitgraven van de gracht was opgeworpen.

Kraakman moest in januari 1943 evacueren en vond samen met zijn moeder onderdak in Limmen. Voor de opvang in Limmen was hij heel dankbaar en hij heeft dat tot uitdrukking gebracht door aan de gemeente een stukje grond aan de Hoogeweg te schenken, bestemd voor een boom, ter herinnering aan de kroning van koningin Juliana op 6 september 1948. Een voorwaarde was dat over deze grond geen fietspad mocht komen en het plantsoentje ligt er dan ook nu nog ongeschonden bij. De historische vereniging van Limmen profiteert nog van de films die Kraakman na de bevrijding in Limmen maakte en waarop onder andere de aftocht van de Duitsers is te zien.


Jaarboek 25, pagina 62

In augustus 1945 kon in De Doornduyn weer worden gewoond en de tuinaanleg werd opnieuw opgestart. De sporen van de Duitsers verdwenen met uitzondering van de twee bunkers aan de zijkant van het huis, die werden aangepast als kippenhok en om wat tuingereedschap en overwinterende planten kwijt te kunnen. Het terrein dat ooit weiland was geweest veranderde steeds meer in een prachtig natuurpark. Regelmatig ontving Kraakman er familieleden en dat waren samenkomsten waar hij en Fien Kelderman, die ook tot de familie werd gerekend, naar uitkeken. Vooral in de wintermaanden vond Fien het veel te stil op De Doornduyn.

Juffrouw Kelderman en Jaap Kraakman met op De Doornduyn kamperende familieleden.
Juffrouw Kelderman en Jaap Kraakman met op De Doornduyn kamperende familieleden.

Kraakman onderhield zijn gasten graag met lange monologen over diverse, vaak historische onderwerpen, waarvan hij een studie had gemaakt. Traditie was het jaarlijks kerstdiner dat vele uren duurde, onderbroken door speeches, discussies, enzovoorts. Ook vonden er wel familiefeestjes plaats in Johanna’s Hof of in restaurant Komman. In de zomer werd er vaak door gezinnen van neven en nichten, zowel van Jaap als van Fien op het terrein gekampeerd. Ideaal natuurlijk omdat er ook gelegenheid was om te zwemmen in de grote vijver. Velen bewaren goede herinneringen aan de vakanties daar. Graag gingen de kinderen met oom Jaap op de tandem mee naar het dorp omdat ze dan bij veel winkels een kleine traktatie kregen; een stukje worst bij de slager of koek van de bakker.
Oom Jaap en tante Fientje, zoals ze door alle neefjes en nichtjes werden genoemd, vervulden een centrale rol in het familieleven.

Tankgracht

Kraakman was een goed zwemmer en hij kon het heel lang onder water uithouden. Verteld wordt dat hij in zijn jeugd de eerste was die van de spoorbrug het Noord-Hollands kanaal in dook. Ook werd hij in zijn puberjaren gesignaleerd, drijvend in een teil in de gracht in Alkmaar bij de molen van Piet met een boek in zijn hand. De grote vijver bij De Doornduyn is zeker ook aangelegd om te dienen als privé-zwembad. Kraakman dook er regelmatig in vanaf een soort duikplank. De vijver werd bevolkt door allerlei soorten grote karpers en hij vond het leuk om ze een stukje brood tussen zijn tenen te laten weghappen.
Later maakte Kraakman, net als veel Bakkummers, ook gebruik van een overblijvend deel van de tankgracht die op zijn land lag. Hij had na de oorlog bedongen dat dat stukje gracht niet gedempt zou worden ter wille van de jeugd van Bakkum.

Tankgracht met zwemmers.
Tankgracht met zwemmers. Bakkum, 1950. Dit gedeelte van de tankval lag in noordelijkste puntje van Noord-Bakkum. De tankval is in 1943 aangelegd door de Duitsers als onderdeel van de Atlantikwall.Het is aan dhr Kraakman van Doornduyn te danken dat een stukje tankval, dat op zijn grondgebied lag, bewaard werd. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Siem Mooij vertelt: “Mijn broer Piet en ik gingen ook graag zwemmen in het stuk tankgracht aan de Bleumerweg dat zou blijven bestaan. Voor het dichten van de rest waren rails gelegd waar lorries over konden rijden voor het vervoer van grond. Het weiland liep een beetje af naar de tankgracht. We vonden het leuk om zo’n lorrie te pakken en hem op gang te duwen om ons er zo naar toe te laten rollen om te gaan zwemmen. Meneer Kraakman had dat gezien en vroeg of hij mee kon rijden. Ik werd als jongste voorop gezet en meneer Kraakman en Piet duwden hem aan en sprongen er achterop. Door de ongelijke gewichtsverdeling ontspoorde de lorrie en kantelde om en alle drie doken we in het zand. Meneer Kraakman had een wondje op zijn gezicht en zijn pijp was in twee√ęn gebroken We dorsten thuis niets te zeggen, maar tot onze schrik kwam meneer Kraakman ons de volgende dag tijdens het melken opzoeken. Hij had verband om zijn hoofd. Hij wilde ons alleen even laten weten dat het toch eigenlijk allemaal goed afgelopen was.”

Het stuk land met de tankgracht heeft Kraakman na de oorlog willen schenken aan de initiatiefnemers voor een plaatselijk zwembad. Klaas Veldt en Gerrit Ronk senior hadden hem voor dat comité gevraagd. Het aanbod werd afgeslagen. Men vond dat de tankgracht veel te ver van het dorp lag. Grootvader en vader Kraakman hadden in Bakkum-Noord overigens grondaankopen gedaan met een nog grootsere toekomstvisie. Zij meenden dat het gebied in het verlengde van de Bleumerweg de ideale plaats zou zijn voor de situering van een station, dat zowel voor Castricum als voor Limmen en Egmond zou kunnen dienen.

Pachtzaken

Veel boeren in Bakkum-Noord, maar ook in andere plaatsen in de provincie, pachtten grond van Kraakman. Pachtcontracten hanteerde hij lange tijd niet. Voor hem was het ‘een man een man, een woord een woord’. Pas in zijn laatste levensjaren heeft hij pachtzaken ook schriftelijk geregeld om te voorkomen dat er na zijn overlijden problemen zouden ontstaan. Zijn pachters respecteerden en waardeerden hem. Boeren kwamen vaak met paard en wagen langs om de (lage) pacht te betalen. De pachtsom bleef zo achter bij wat algemeen gebruikelijk was dat pachters zich er zelfs ongerust over maakten.

Cor Huysmans: “Meneer Kraakman verhuurde voor 90 gulden per hectare, toen de gebruikelijke pachtprijs al 300 gulden was. In mei en september moest worden betaald, maar een boer die pas was begonnen mocht in vier delen betalen of soms schold hij het hele bedrag kwijt. Kraakman wilde niet dat een boer bijvoorbeeld een koe moet verkopen om hem te kunnen betalen. “Jij kan het beter gebruiken als ik”, zei hij dan.

Cor Huysmans nog eens terug op De Doornduyn.
Cor Huysmans nog eens terug op De Doornduyn.

Op een gegeven moment begonnen pachters het geld via de bank over te maken. Daar vond Kraakman niets aan. Hij gaf de voorkeur aan persoonlijke contacten. De heer Pé Hes herinnert zich dat hij meneer Kraakman vroeg een stukje grond te mogen kopen om er een huis op te bouwen. Kraakman vond dat wel goed en vroeg hem wat hij er voor wilde betalen. Met het voorgestelde bedrag stemde hij meteen in. Jaren later was de transactie nog niet notarieel geregeld en opnieuw toog Hes naar meneer Kraakman. Die schreef toen op een papier dat hij het stuk grond aan Pé Hes had verkocht. Met dat bewijsstuk moest Hes vervolgens zelf de notaris maar vragen om de verkoop vast te leggen.

De waterhuishouding in Bakkum-Noord was een grote zorg. De waterwinning bracht grote veranderingen voor het duingebied met zich mee en had ook gevolgen voor de achterliggende graslanden.

Uitbreiding van het pompstation in de duinen voor de drinkwatervoorziening. Johannisweg in Bakkum. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Joh. Duijn: “Mij is verteld dat er eens zoveel water uit de richting Egmond kwam, in de buurt van duinboerderij Johanna’s Hof, dat de Zeeweg, toen nog een zandpad, helemaal wegspoelde. Toen het pompstation kwam, verdween de tuinbouw uit het duingebied. De tuinders brachten er wel een piepertje heen, maar er kwam soms niets meer terug. Het had ook gevolgen voor de landerijen in de polder.


Jaarboek 25, pagina 63

Landschap rond de Schulpvaart.
Landschap met de Grote Bocht in de Schulpvaart. Links de Zeeweg. Rechts in de weilanden is begin jaren (negentien) tachtig de wijk Kooiweg noord gebouwd. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Een aantal boeren, onder anderen Henk Twisk, Cor Twisk en ikzelf stak de koppen bij elkaar en er werd een plan gemaakt voor de watertoevoer uit de Schulpvaart. Het plan werd in 1947 uitgevoerd. Eerst werd er proef gedraaid met een tijdelijke pomp en later is een vijzelgemaal aangeschaft. De kosten werden op basis van eigendomsgrootte omgeslagen. Ik was de penningmeester van dat project. Het is een groot succes geworden, dankzij de medewerking van heel veel belanghebbenden. In die tijd waren er nog tientallen boeren in Bakkum-Noord. Kraakman was een voortrekker van het vervolg van het irrigatieproject richting landerijen rond de Zanddijk. Hij had zich verdiept in de materie en samen met Cor Huysmans uitgebreide hoogtemetingen verricht. Het water moest daar nog belangrijk hoger worden opgestuwd en een tweede vijzelgemaal was nodig. Het Lange Rond heeft het hele project, dat van levensbelang is voor de agrari√ęrs, nu overgenomen.”

Epiloog

Op 23 oktober 1977, nog maar een maandje tachtig jaar, stierf Jaap Kraakman aan een hartinfarct. Hij was al jaren hartpati√ęnt en afhankelijk van medicijnen. Indrukwekkend was dat heel veel pachters hem de laatste eer bewezen en bij het afscheid aanwezig waren. Kraakman werd in Alkmaar begraven in het graf van zijn ouders en grootouders. De tekst op het bidprentje luidde: “Nu is Jaap dan heengegaan en heeft een bijzondere leegte achtergelaten bij allen, die hem van nabij mochten kennen. Het kleine paradijsje De Doornduyn, dat zijn schepping was, was vaak voor velen een rustpunt in deze woelige wereld. Hij is nu thuis gekomen in het hemelse Paradijs. Voor hen die achterbleven rest slechts een mooie onuitwisbare herinnering.”

De Doornduyn bleef nog bijna twee jaar onveranderd, omdat in het testament was opgenomen dat er niets mocht worden veranderd, zolang huishoudster juffrouw Kelderman er nog woonde. Ook Cor Huysmans bleef gewoon in dienst. De pachters van de landerijen hadden het eerste recht van koop en velen hebben die kans ook gegrepen. De erfenis werd verdeeld onder zo’n veertig verre familieleden en andere erfgenamen. Alleen al de successierechten van Kraakmans landerijen, huizen en overige bezittingen bedroegen 61 miljoen gulden.

Tenslotte was het in 1979 dan toch gedaan met de oude staat van De Doornduyn. Mevrouw Kelderman vertrok naar een woning in Castricum. De nieuwe eigenares mevrouw Kloes-Freitag moderniseerde het bestaande deel van de villa grondig en bouwde er bovendien een nieuw stuk aan, grotendeels overeenkomstig het eerste nooit helemaal uitgevoerde plan van architect Cijffers.

Villa Doornduyn na de brand in 1993.
Villa Doornduyn na de brand in 1993. Foto Ad van de Velde. Toegevoegd.

Weinig later werd het landgoed doorverkocht aan de heer Singh. In 1993 brak er brand uit, waarbij de hele bovenverdieping afbrandde en de eigenaar zodanige brandwonden opliep dat hij in het ziekenhuis moest worden opgenomen. Nog in hetzelfde jaar heeft de familie Van der Velden het pand overgenomen. De wederopbouw van de uitgebrande villa nam bijna anderhalf jaar in beslag. De in latere jaren gerealiseerde aanbouw werd afgebroken en weer opgebouwd met speciaal in de juiste kleur vervaardigde Brabantse handbakstenen. Het deels verbrande parket werd aangevuld met gelijk gekleurd hout.

Gaandeweg ontstonden de contouren van het huis dat architect Cijffers ooit voor ogen moet hebben gestaan. Een brede villa die half verzonken in de heuvels ligt, waarbij het geaccidenteerde landschap terugkomt in de met dakkapellen gesierde glooiingen van de rieten kap. Het natuurpark wordt zorgvuldig onderhouden, waarbij nog steeds dankbaar gebruik gemaakt wordt van planten die worden gekweekt door de nu 83-jarige Cor Huysmans.

De Doornduyn in de tegenwoordige staat.
De Doornduyn in de tegenwoordige staat (in 2002).

De schepping van Kraakman is voltooid in een vorm zoals hij zelf nooit heeft kunnen aanschouwen. Toch zal het voor velen altijd het huis van die bijzondere meneer Kraakman blijven.

Niek Kaan

Bronnen:

  • Archief gemeente Castricum.
  • Rapportage over De Doornduyn van Jurriaan Geldermans in het Noordhollands Dagblad van 2 februari 1999.
  • Mondelinge informatie van mevrouw Melitta Dorbeck en mevrouw Visschers en de heren Cor Huysmans, Siem Mooij, Joh. Duijn, Joop van der Steen en Th.L.G.M. Keesom.

Bakkum, vijftig jaar kerk (Jaarboek 25 2002 pg 55-57)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.

Verschenen artikelen over de Pancratiuskerk in Castricum:
Pancratiuskerk tot reformatie  – Pancratiuskerk: restauratie in 1953 – Pancratiuskerk: restauratie in 1992 – Klok van de Hervormde kerkGroeten uit Wetsinge
Verschenen artikelen over de katholieke Pancratiuskerk in Castricum:
R.K. Pancratiusparochie – R.K. Pancratiuskerk, vorige
Verschenen artikel over begraven in Castricum
Verschenen artikel over de Gereformeerde kerk in Castricum: De Gereformeerde Kerk van Castricum (1931-2005)
Verschenen artikel over de Nederlands Hervormde Gemeente in Castricum: Nederlands Hervormde Gemeente
Verschenen artikel over 50 jaar kerk in Bakkum


Jaarboek 25, pagina 55

Vijftig jaar kerk in Bakkum

(Voormalige) rooms-katholieke kerk Maria ten Hemelopneming.
(Voormalige) rooms-katholieke kerk Maria ten Hemelopneming. Brederodestraat 12a in Bakkum. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Rond 1900 wilden de katholieken van Bakkum eigenlijk al een eigen kerk. In die tijd ging Dirk Cornelis Twisk, in 1866 in Bakkum geboren, met enkele anderen naar Haarlem om de bisschop, Monseigneur (Mgr.) Bottemanne, het plan voor te leggen om een eigen kerk in Bakkum te stichten. “Het idee zullen we in overweging nemen”, zei de bisschop en daar is het toen bij gebleven.

Door de groei van Bakkum kwam het plan voor een kerk in Bakkum in 1935 weer naar boven. De parochie van de Pancratiuskerk bestond uit ongeveer 6.000 zielen, waarvan er 1.200 in Bakkum woonden. Eerst zou er een school in Bakkum moeten komen en dan zou de kerk volgen. Er werd een commissie gevormd en giften werden verzameld.

Toen brak de Tweede Wereldoorlog uit en alle bouwplannen verdwenen van tafel.

Pastoor De Wit

Op 26 november 1949 ontving J.Th.J. de Wit, kapelaan in Scheveningen, de volgende brief van de bisschop: “Weleerwaarde Kapelaan, Bij dezen delen Wij U mede, dat Wij U benoemen tot Kapelaan te Castricum, met de opdracht onder de bestaande parochie van de H. Pancratius daar te Bakkum de oprichting van een nieuwe parochie voor te bereiden. Wij verzoeken U Vrijdag 9 december aanstaande op Uw nieuwe standplaats aanwezig te zijn. Met oprechte hoogachting verblijven Wij gaarne Uw dienaar in O.H. J.P. Huibers, Bisschop van Haarlem.”

De grens voor de nieuwe parochie was de spoorlijn, daarnaast ging de ‘bomenbuurt’ ook tot de parochie behoren. Deze buurt is via de overweg in de Eerste Groenelaan met Bakkum verbonden. De Wit wilde graag dicht bij zijn toekomstige parochianen wonen en daarom betrok hij in februari 1950 een woning aan de Vinkebaan.

De Maria ten Hemelopneming kort na de opening in 1951, naar een ontwerp van architect ir. dr. Thomas Nix. Wegens geldgebrek was de pastorie er nog niet; die werd in 1954 opgeleverd.
De Maria ten Hemelopneming kort na de opening in 1951, naar een ontwerp van architect ir. dr. Thomas Nix. Wegens geldgebrek was de pastorie er nog niet; die werd in 1954 opgeleverd.

Pastoor De Wit benoemde verder in een bouwcommissie G. Borst en P. Stuifbergen. Architect ir. dr. Thomas Nix uit Rotterdam maakte de ontwerpen voor kerk en pastorie en na gesprekken met het bisdom was er begin september 1950 een definitieve tekening voor een kerk met 750 zitplaatsen. Besloten werd dat de firma A. Castricum te Castricum de kerk mocht gaan bouwen voor de prijs van ongeveer 115.000 gulden. Wegens geldgebrek was er nog geen plaats voor de pastorie.

Op 8 november 1950 werd de eerste steen gelegd door deken B.G. Hosman uit Beverwijk; in het midden, rechts van hem, met bonnet bouwpastoor J.Th.J. de Wit.
Op 8 november 1950 werd de eerste steen gelegd door deken B.G. Hosman uit Beverwijk; in het midden, rechts van hem, met bonnet bouwpastoor J.Th.J. de Wit.

Op 8 november 1950 werd de eerste steen gelegd door deken B.G. Hosman van Beverwijk. Deze steen bevindt zich links in de altaarruimte bij de preekstoel. Achter deze steen is een loden bus ingemetseld met daarin een oorkonde die de volgende tekst bevat: “In het Heilig Jaar 1950, op de octaafdag van de plechtige dogmaverklaring van Maria’s Tenhemelopneming, in het 12e jaar van het Pontificiaat van Paus Pius de twaalfde, het 2e jaar van de regering van Hare Majesteit Koningin Juliana, het 15e jaar van het Episcopaat van Monseigneur J.P. Huibers, is op de 8e november de eerste steen gelegd door Deken B. G. Hosman, van de parochiekerk Bakkum, die toegewijd aan Maria, haar Tenhemelopneming tot titel voert. In aanwezigheid van Deken B.G. Hosman, Pastoor J.Th.J. de Wit, Pastoor G.J. Goes, Burgemeester C.F. Smeets, architecten De Jongh, Taen en Nix uit Rotterdam, aannemer A. Castricum, opzichter G. Jansen en de leden van de bouwcommissie P. Stuifbergen en G. Borst en wethouder P. de Vries”.

Het Nieuw Noordhollands Dagblad schreef op 5 april 1951: “De bouw van de nieuwe Parochiekerk in het hart van Bakkum vordert goed.


Jaarboek 25, pagina 56

Dagelijks zijn tien a vijftien man in de weer en men hoopt omstreeks Pinksteren het kerkgebouw in gebruik te kunnen nemen.”

De consecratie van de kerk vond plaats op 21 augustus 1951 door de bisschop van Haarlem, Mgr. Huibers.
De consecratie van de kerk vond plaats op 21 augustus 1951 door de bisschop van Haarlem, Mgr. Huibers.

Op 29 mei 1951 vond de kerkinzegening plaats door vicaris-generaal Ammerlaan. Deze dag was voor pastoor De Wit wel een heel bijzondere dag, omdat hij ook zijn zilveren priesterfeest vierde. Op 3 juni van dat jaar werd de eerste plechtige H. Mis door pastoor De Wit in de nieuwe kerk opgedragen. Het kerkbestuur bestond toen uit pastoor De Wit, G. Borst, J. Kleverlaan, P. Stuifbergen en N. Veldt, de latere wethouder van Castricum. Op 21 augustus 1951 werd de kerk geconsacreerd door de bisschop van Haarlem, Mgr. Huibers, die daarna een pontificale Heilige Mis opdroeg.

Kerkenbollenveiling en kerkvee

Het spreekt vanzelf dat er heel wat geldmiddelen voor de nieuwe parochie nodig waren. Er moesten kerkgewaden in de liturgische kleuren worden aangeschaft, een monstrans (waarin gewijde hosties worden bewaard), een ciborie (kelk voor hosties) en andere altaarbenodigdheden. Pastoor De Wit wist veel bijdragen van de parochianen te verwerven. Verder werd er plaatsengeld vastgesteld; de eerste banken gingen 25 gulden per jaar kosten. Links waren de vrouwen- en rechts de mannenplaatsen. C. de Nijs, de latere koster, inde tijdens de kerkdiensten het geld voor de losse plaatsen.

Doordat de financi√ęle situatie van de kerk redelijk gezond was, kon er na enkele jaren al gedacht worden aan een pastorie naast de kerk. De kosten daarvan werden begroot op 70.000 gulden en begin 1954 werd de pastorie door de firma P. de Nijs opgeleverd. Wat was pastoor De Wit blij, temeer omdat hij bij het bisdom gedaan had weten te krijgen dat er bij de pastorie ook een garage voor zijn oude Chevrolet kon worden gebouwd.

Gelden voor de jonge parochie vloeiden ook binnen via de kerkenbollenveiling. Het systeem werkte als volgt. Aan bollenkwekers werd gevraagd een partij bloembollen beschikbaar te stellen. Deze werden gepoot in een akker die gratis werd onderhouden. Als de tijd daar was, werd van de kansel afgekondigd dat de bloembollen in een caf√© werden geveild. Zo’n veiling bracht heel wat geld op, omdat de koper vaak de gekochte partij weer beschikbaar stelde, zodat er weer opnieuw geveild kon worden. De grote man achter de kerkenbollenveilingen was Piet Zonneveld.

Ook was er een actie met kerkvee, het lammerenfonds. Daarvoor werden enige lammeren door veehouders een periode gevoederd en verzorgd en daarna verkocht. De opbrengst was dan voor de kerk. Ook kon men in het bezit komen van een ‘papieren lammetje’, waardoor men zich verplichtte een bepaald bedrag gelijk aan de verzorging van een lam aan de parochie bij te dragen. Later behoorden ook pinken tot het kerkvee. En nog steeds draagt de werkgroep ‘Bij de pinken’, onder de kundige leiding van Joh Duijn, jaarlijks enkele duizenden guldens als opbrengst van de verkoop van kerkvee aan de parochie af.

Groei en afname van de parochie

Door de uitbreiding van het dorp groeide het aantal parochianen gestaag van 1.584 in 1952 tot 2.404 in 1964. Pastoor De Wit kreeg dan ook in 1957 assistentie in de persoon van kapelaan Kok en later achtereenvolgens van kapelaan Wenneker en kapelaan Van Adrichem.

In oktober 1961 kwam Th.G. (Dirk) Brandsen als kapelaan naar Bakkum. Buiten zijn taak in deze parochie had hij een drukke baan in het ziekenhuis Duin en Bosch en in de zomermaanden verzorgde hij later ook de kerkvieringen op het kampeerterrein Bakkum. In die tijd kon men hem dan ook regelmatig op zijn bromfiets in het dorp aantreffen. In dit verband is het wel aardig te vermelden, dat het kerkbestuur op 5 november 1962 besloot de pastoor een autovergoeding van 500 gulden per jaar te geven en aan de kapelaan een bromfietsvergoeding van 100 gulden per jaar.

Rooms-katholieke Bethlehemkerk aan het Kortenaersplantsoen.
Rooms-katholieke Bethlehemkerk aan het Kortenaersplantsoen in Bakkum. Foto Ad van de Velde. Toegevoegd.

Door de oprichting van de Bethlehemparochie aan het Kortenaerplantsoen in 1966 werd het grondgebied van de parochie verkleind. De spoorlijn werd toen de uiterste grens. Pastoor De Wit ging in augustus 1967 met emeritaat. Hij overleed plotseling nog geen drie maanden later. Opvolger was Chr. ten Velthuis, die pastoor van de parochie was van augustus 1967 tot 1 april 1972. De pastores Ten Velthuis en Brandsen waren parochiepriesters in een tijd waarin veel zaken in de katholieke kerk ter discussie werden gesteld.

De tijd van grote vernieuwingen voor kerk en maatschappij was aangebroken. De roep om inspraak en democratisering kwam ook binnen de kerk op gang. De ontkerkelijking was groot. Bij een enquête onder de Castricumse parochianen in 1968 werden al 41 procent niet praktizerenden geteld. Er werden gespreksgroepen van gelovigen opgericht en beide pastores onderhielden goede contacten met deze groepen die, daartoe aangemoedigd door de besluiten van het Tweede Vaticaans Concilie en in Nederland door onder andere bisschop Bekkers en kardinaal Alfrink, hun eigen verantwoordelijkheid niet uit de weg gingen.

Dit alles leidde tot enige vernieuwingen en veranderingen in de katholieke kerk. In 1969 werd in de Bakkumse parochie een parochieraad ingesteld, die deels bestond uit rechtstreeks door de parochianen gekozen leden en deels uit leden die, vanwege hun functie binnen de katholieke gemeenschap in Bakkum, vrijwel automatisch lid van de parochieraad dienden te zijn. De parochieraad was de voorloper van de huidige parochievergadering.


Jaarboek 25, pagina 57

Dirk Brandsen was kapelaan in Bakkum van 1961 tot 1984. Hij was zeer geliefd bij zijn parochianen.
Dirk Brandsen was kapelaan in Bakkum van 1961 tot 1984. Hij was zeer geliefd bij zijn parochianen.

Pastor Brandsen

Pastor Dirk Brandsen wist veel oude en jonge parochianen enthousiast te maken om mee te denken en mee te werken in werkgroepen en koren. Het eerste nummer van het parochieblad ‘de Schakel” verscheen en ouders gingen samenwerken in een gezinsvieringengroep. Jan Meijer en Leo Prinz leidden en begeleidden kinder- en jongerenkoren. In 1976 werd het 25-jarig bestaan van de parochie aangegrepen om de krachten van de Bakkumse gemeenschap te bundelen.

Er was een uitgebreid feestprogramma bestaande uit eucharistievieringen, een promenadeconcert, een muziekshow, het Orakels Cabaret, een bustocht door de duinen voor de ouderen en een groot slotfeest op het plein bij de Cuneraschool. Kort na deze festiviteiten werd de start gegeven van de actie ‘Geef Bakkum de ruimte’ voor de bouw van een ontmoetingsruimte bij de kerk. Dit leidde tot de feestelijke opening van ‘De Eenhoorn’ in november 1980.

Ontmoetingsruimte De Eenhoorn.
Ontmoetingsruimte De Eenhoorn aan de 2e Groenelaan in Bakkum. Foto Ad van de Velde. Toegevoegd.

Naar een pastorale eenheid

Door een tekort aan priesters en het kleinere aantal gelovigen gingen in 1982 de drie parochies, St.-Pancratius, de Bethlehem en de Maria ten Hemelopneming één pastorale eenheid vormen. De pastores van die parochies, Brandsen, Van Dinteren en Vis rouleerden in de drie wijkkerken.
Ook op oecumenisch gebied ontwikkelden zich initiatieven, zoals de oprichting van de Raad van kerken Castricum, die cursussen en gespreksgroepen organiseerden en het houden van interkerkelijke liturgische vieringen.

In 1982 vierde de parochie het zilveren priesterjubileum van pastor Brandsen. In 1984 werd hij ernstig ziek. Hij schreef in ‘de Schakel’ van juli 1984: “Lieve mensen, u hebt mij dat leven aan de andere kant van het gordijn helpen te leven. Ik hoop dat we samen nog wat kunnen optrekken. Alle goeds voor u allen en tot een volgende keer. Ik blijf aan u denken in mijn contacten met de Schepper van al wat leeft.” Op 4 september 1984 overleed pastor Dirk Brandsen op 56-jarige leeftijd. Hij was bijna 23 jaar lang in Bakkum werkzaam en aan hem heeft de Bakkumse gemeenschap heel veel te danken.

Pastor Frits Bakker kwam in 1983 naar Bakkum en Castricum. Voor de drie parochies ging hij als vormingswerker vrijwilligers voor pastorale taken opleiden en begeleiden. Dankzij zijn enthousiaste aanpak ontstonden er werkgroepen voor liturgie, doop, vormsel, jongerenpastoraat en avondwake.

In 1986 kwam pastor J. Kroegman het priesterteam versterken. Daarv√≥√≥r was pastor Th.V. Klawer een jaar voor de drie parochies werkzaam geweest. In 1989 werd pastor Jan van Diepen aangesteld, hij ging in de pastorie in Bakkum wonen. In het jaar daarna arriveerde pastor Gerard Huisman. In 1991 ging pastor Vis met pensioen. Van Diepen en Huisman vormden een hecht team, de taken werden goed verdeeld. Nieuwe plannen werden gesmeed, sommige konden worden uitgevoerd, andere werden niet opgepakt, omdat het elan van de jaren (negentien) zestig bij de gelovigen niet meer zo aanwezig was. De secularisatie nam grotere vormen aan. Toch ontstond er een nieuw kerkkoor ‘Cantare’. Pastor G. Zaal werd weekend-assistent voor de drie parochies.

Van Diepen had bij zijn komst al kenbaar gemaakt dat hij hier, gezien zijn leeftijd, hooguit tien jaar zou blijven. Hij heeft zich aan zijn woord gehouden en in augustus 1998 werd met pijn in het hart afscheid van hem genomen. Hij vertrok naar Den Helder en per 1 november van dat jaar werd kapelaan H. Versteeg tijdelijk benoemd. Het was al direct duidelijk dat deze benoeming in het geheel niet paste in de geest van de door de vorige pastores van Bakkum en Castricum geleide geloofsgemeenschap. Eind december 1999 nam Versteeg afscheid. Daarop volgde een jaar met invallende pastores, waaronder Luis Vergara, Bertus Stuifbergen en mevrouw L. Hoogeland. Het waren drukke tijden voor pastor Gerard Huisman, die ter gelegenheid van zijn 25-jarig jubileum als pastoraal werker in september 2000 terecht in het zonnetje werd gezet. Per 1 maart 2001 volgde de benoeming van pastor Luis Daniel Vergara Fernandez uit Mexico. Pastor A.M. Cassee uit Heemskerk bleef administrator (kerkrechtelijk gezien het hoofd van de parochie). Per 1 juni 2002 is Vergara tot administrator van de gezamenlijke parochies van Bakkum en Castricum benoemd.

Vrijwilligers

Zoals eerder vermeld, werken er veel vrijwilligers in de parochie van Bakkum. Zij oefenen een zelfstandige functie uit, in een bestuur of in een werkgroep. De (vice)voorzitter heeft als coördinator een belangrijke taak. Peter Alkemade, een uitstekende organisator, was voorzitter van het kerkbestuur. Tijdens zijn voorzitterschap speelden de volgende belangrijke gebeurtenissen: het 25-jarig jubileum van de parochie (1976), het zilveren priesterjubileum van pastor Brandsen (1982), de vorming van een pastorale eenheid van de drie parochies (1982), het overlijden van pastor Brandsen (1984) en de vervulling van de daardoor ontstane vacature.

In 1987 kwam er een nieuwe parochiestructuur met een parochiebestuur en een parochievergadering. Harrie Geerts werd daarvan de nieuwe voorzitter. Onder zijn leiding kwam pastor Van Diepen naar hier. Veel jaren van overleg volgden naar aanleiding van het in 1990 verschenen rapport van de Commissie Kerkgebouwen Beverwijk, die van mening was dat twee van de drie parochiekerken in Bakkum en Castricum moesten sluiten. De Bethlehemparochie werd opgeheven.

In 1994 bepaalde het bisdom dat de kerk van Bakkum bleef bestaan en een zelfstandige parochie kon blijven. Harrie Geerts, die kan terugzien op een moeilijke maar geslaagde bestuursperiode, droeg in 1996 de vice-voorzittershamer over aan Nel Weckseler. Zij kwijt zich ook nu nog enthousiast van haar taak.

In 2000 heeft het bisdom nog eens bevestigd dat deze parochie kan blijven voortbestaan. Er moet dan wel sprake blijven van een levendige parochiegemeenschap met voldoende inzet van vrijwilligers. Hopelijk vormt de zeer geslaagde viering van het 50-jarig bestaan in 2001 een belangrijke basis voor een gezonde toekomst van de parochie van Bakkum.

Harry van de Sandt

De auteur Harry van de Sandt is redactielid van ‘de Schakel’, het parochieblad van de Bakkumse parochiegemeenschap.

Bronnen: