Duin en Bosch, evacuatie (Jaarboek 18 1995 pg 27-30)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.

Verschenen artikelen over Duin en Bosch in Bakkum:
Duin en Boschbegraafplaatsevacuatiepati√ęntenzorgtrammetje
Extra: JacobiJacobi gezin en grafmonument –¬†Broeder Krist vertelt …Raadsel met schilderij opgelost

Verschenen artikelen over WO1: eerste Wereldoorlog
Verschenen artikelen over WO2:¬†Castricum in oorlogstijd¬†–¬†Dagboek kapelaans¬†– De dood van Arie Hageman –¬†Duin en Bosch, evacuatie¬†–¬†Duinkant, een verdwenen dorpje¬†– Oorlogsherinneringen Nardus Bos –¬†Oorlogsverhaal Tiny van Vlaanderen-Boot¬†– verdedigingswerken –¬†verzetsstrijders¬†–¬†Leenaers, dokter¬†–¬†tante Sientje


Jaarboek 18, pagina 27

Een ziekenhuis op drift

De evacuatie van Duin en Bosch

Evacuatie Duin en Bosch, uitladen van goederen in Rosmalen.
Evacuatie¬†Duin¬†en¬†Bosch, uitladen van goederen in Rosmalen. De¬†evacuatie moest plaatsvinden op 23 juni 1942. Teenstra ontsloeg eerst 60 betere pati√ęnten. De overige 770 pati√ęnten werden overgeplaatst naar andere instellingen: 254 pati√ęnten gingen naar de Willem Arntsz hoeve bij Den Dolder, 195 werden geplaatst in Groot-Graffel te Warnsveld, 162 in Medemblik en 159 in Rosmalen (Coudewater). De directie koos domicilie in een voormalig schoolgebouw in Limmen om zodoende dichtbij het ziekenhuis te blijven en de zaken in de gaten te houden.¬†Pati√ęnten en personeel hebben het nodige te lijden gehad van de oorlogsomstandigheden. De Joodse pati√ęnten die naar Den Dolder en Rosmalen waren ge√ęvacueerd, konden uit de handen van de bezetter worden gehouden; in Medemblik en Warnsveld zijn ze slachtoffer van de terreur geworden. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Juni 1942

Door velen werd het reeds gevreesd, door anderen mogelijk ver­wacht: maar in juni 1942 werd de directie van Duin en Bosch geconfronteerd met een aan duidelijkheid niets te wensen overla­tend bevel van de Duitse Wehrmacht tot ontruiming van het grote ziekenhuiscomplex met uitzondering van een paar bedrijfsgebou­wen, zoals ketelhuis, centrale, wasserij en keuken. Het bericht kwam voor de directie als een donderslag bij heldere hemel en betekende voor bewoners en personeel zonder meer op zeer korte termijn evacuatie naar oorden elders in het land. Ik sprak erover met personen, die er nauw bij betrokken waren en zich er alles van konden herinneren, al is het 53 jaar geleden. Zij wisten er dikwijls kleurig en boeiend over te vertellen. Dat sommigen van hen al niet meer onder ons zijn, is een onontkoombaar gegeven.

Dokterswoning van Duin en Bosch, van Oldenbarneveldweg 38 in Bakkum.
Dokterswoning van Duin en Bosch, van Oldenbarneveldweg 38 in Bakkum. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

Limmen

De directie en de centrale boekhouding en administratie werden voorlopig ondergebracht in een van de dokterswoningen, maar ver­huisden evenwel spoedig naar een niet meer in gebruik zijnd schoolgebouw in Limmen. Van hieruit trachtten geneesheer-directeur dr. Teenstra en hoofdadministrateur Van Keeken plus een aan­tal medewerkers, contact te houden met de vier evacuatiebestemmingen in Warnsveld, Medemblik, Rosmalen en Den Dolder. Het onderhouden van deze contacten bleek later zeer moeilijk te zijn.

Mannelijke pati√ęnten en personeel van Duin en Bosch tijdens de evacuatie periode in Groot Graffel te Warnsveld tijdens de tweede wereldoorlog.
Mannelijke pati√ęnten en personeel van¬†Duin en¬†Bosch¬†tijdens de evacuatie periode in Groot Graffel te¬†Warnsveld¬†tijdens de tweede wereldoorlog. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Warnsveld

“Ik werd met vele anderen aangewezen als begeleider van een groep van 195 mannelijke en vrouwelijke pati√ęnten voor evacuatie naar de psychiatrische inrichting ‘Groot-Graffel’ in Warnsveld”, vertelde me oud hoofdverpleegkundige Arie Kossen, toen nog jong verpleger. De groep werd ondergebracht in twee paviljoens waarover dokter Ten Raa de leiding had. “De huisvesting kon nooit optimaal zijn, want Groot-Graffel kon normaal 700 mensen herbergen. Na ons arriveerde nog een groep vrouwen uit Santpoort, zodat er een overbezetting van 400 mensen was. De voedselvoorziening was aanvankelijk uitstekend, maar werd snel minder en er werd tenslotte bijna honger geleden. Een ‘zwaar’ onderhoud met de rentmeester van de stichting, een belangrijke figuur, leidde tot duidelijke verbetering, er kwam meer eten. De verstandhouding met het personeel van Groot-Graffel was zonder meer prima, er werd met elkaar gezongen, zelfs toneel gespeeld, kortom we werden gastvrij ontvangen door onze collega’s in het dorp, die huisvesting aanboden aan het gehuwde personeel van Duin en Bosch. Ik en mijn vrouw met wie ik in het gemeentehuis van Warnsveld trouwde, woonden op kamers bij een collega.”

Toen de voedselsituatie minder werd kon men bij boeren in de omgeving naast melk, ook nog lang rogge en tarwe bemachtigen. “Ik kocht bij een heel goede boer zelfs een big tegen de geldende prijs per kilo. Niks geen ‘zwart’. Ik bracht hem in een zak achter op de fiets naar huis”, lacht Arie Kossen bij de gedachte eraan. Het leven werd eind 1944, begin 1945 echt moeilijk toen Warnsveld in de frontlinie kwam te liggen. Het echtpaar Kossen bracht nog een dag of vier door in de kelder bij de buren, terwijl de granaten van de Duitsers en Canadezen en de gevreesde V1‚Äôs van de Duitsers over het dorp gierden. “Begin 1945 werd ik met andere collega ‘s bij toerbeurt tewerkgesteld bij het aanleggen van versterkingen en geschutsopstellingen voor de Duitsers. Ik zat midden in de winter aan de IJssel te kappen en te zagen voor 35 gulden in de week met zaterdags een worst en een brood mee naar huis.” Arie Kossen kan er boeiend en met zin voor humor einde¬≠ loos over vertellen.

Over het wel en het wee van de pati√ęnten schrijft dokter Ten Raa in zijn sober bijgehouden, maar veelzeggende dagboek over de laatste angstige maanden in Warnsveld:

  • 23 januari 1945 Vandaag veel onrust in de lucht, bommen en schieten.
  • 26 januari 945 Moordende koude, 15 graden beneden nul. Brand¬≠stoffen slinken onrustbarend.
  • 6 februari 1945 De hele dag bombardementen. Veel pati√ęnten van¬≠nacht onrustig. Huilen en schreeuwen.
  • 13 februari 1945 Rantsoenen vet en boter zeer sterk beperkt. Voor ongeveer 1500 pati√ęnten is nog zo’n 12 kilogram boter per week beschikbaar. Het middageten van de pati√ęn¬≠ten is ongeveer de helft van gewoonlijk. Kolen zijn op en er moet met hout worden gestookt.
  • 10 maart 1945 Door gebrek aan hout, stopt heden de centrale ver¬≠warming. Koude noordenwind, koud op alle zalen.
  • 28 maart 1945 Met opgewektheid gevierd het 25-jarig dienstjubileum van zuster Fekkes, vooral nu de gebeurtenis¬≠sen wijzen op een snel naderend einde van de oor¬≠log.
  • 31 maart 1945 Vanmiddag is alles op en om het terrein in oorlogsopstelling. De pati√ęnten van de zolders zullen beneden op de grond slapen. Alle mobiele pati√ęn¬≠ten blijven ‘s nachts in de kleren.
  • 4 april 1945 Om half twee ‘s middags begint een beschieting met granaten, die met korte onderbrekingen duurt tot 10 uur ‘s avonds. Na talloze granaatinslagen, die een mannelijke pati√ęnt doodden, kwam om 10 uur ‚Äės avonds nog mitrailleurvuur op ons mannen¬≠ paviljoen, waardoor 2 pati√ęnten op slag gedood werden. Toen kort na 1 uur vier voltreffers op ons vrouwenpaviljoen. Het was een hel toen de Canadezen door de gangdeuren naar binnen scho¬≠ten. Begeleid door broeder Nonnekes, die een branden¬≠de lantaarn omhooghield, kon ik de Canadese offi¬≠cier overtuigen, dat dit een ziekenhuis was en geen militaire vesting, zoals hij op zijn kaart had staan. Het was zijn opdracht het gesticht volkomen te vernietigen. Even na ons gesprek hield het artille¬≠rievuur op ons gesticht op.
  • 5 april 1945 Een helse nacht om nooit te vergeten. Alle pati√ęn¬≠ten tezamen gepakt met het personeel in de bene¬≠den gangen. Niemand sliep. Alle personeel hielp voortreffelijk in de allerzwaarste omstandigheden.

Tot zover het dagboek van dokter Ten Raa. De volgende dag was Groot-Graffel bevrijd. Vier pati√ęnten lieten het leven en in de loop van de evacuatie werden de enkele Joodse pati√ęnten, die van Duin en Bosch waren meegekomen, weggevoerd naar de vernietigings¬≠kampen in het oosten.


Jaarboek 18, pagina 28

“Het was een benauwde en angstige tijd, die je nooit meer ver¬≠geet,” aldus Arie Kossen. Zijn groep keerde het eerst terug op Duin en Bosch op 30 oktober 1945.

Hoofdgebouw te Medemblik.
Hoofdgebouw te Medemblik.

Medemblik

Met als einddoel het zusterziekenhuis in Medemblik kroop in die bewogen juni maand in 1942 een lange karavaan autobussen, vracht- en verhuiswagens richting IJsselmeer, waar 162 mannelij¬≠ke pati√ęnten en 40 personeelsleden zouden worden ondergebracht. De algemene leiding berustte bij dokter Kruytbosch; de dagelijkse leiding was in handen van zuster Frikkee.
Oud-verpleegster Jeanne Kriekaard (in 1994 overleden) was er bij en vertelde me haar ervaringen: “De ontvangst was uitermate har¬≠telijk en warm, het laatste niet in het minst door de grote ketels met stevige, smakelijke soep, die de keuken in Medemblik voor ons had bereid.” Die ontvangst was haast symbolisch voor de fijne verstandhouding, die er in die lange evacuatietijd was ontstaan. Het ziekenhuis kende niet als Duin en Bosch paviljoens, maar het ‘bloksysteem’, waarbij de bevolking eigenlijk onder √©√©n dak woont, dat wil zeggen in twee grote vleugels en een hoofdgebouw. De Duin en Bosch-bewoners werden in een aantal door de Medemblikker pati√ęnten ontruimde zalen ondergebracht, terwijl een grote werkzaal als ziekenzaal werd ingericht. Het ongehuwde personeel van Duin en Bosch werd in slaapkamertjes gehuisvest op de bovenverdieping, terwijl de gehuwden al redelijk snel onderdak vonden in het stille stadje.

“In het ziekenhuis mengden onze mannen zich al gauw onder de Medemblikkers, omdat sommige zalen eigenlijk gewoon in elkaar overliepen. Het ging wederkerig en ‘s avonds was het vaak √©√©n grote familie en een en al gezelligheid. Tussen de personeelsleden waren de relaties eveneens prima, wat later zou blijken uit een handvol huwelijken, die er werden gesloten. Het eten was er heel lang goed en voldoende, maar in de laatste winter werd het steeds meer mondjesmaat net als overal. Licht en verwarming waren er de laatste maanden nauwelijks meer. Grote met hout gestookte en soms bar rokende en stinkende kachels zorgden nog voor wat behaaglijkheid. Het water werd tenslotte tot een minimum gerant¬≠soeneerd”, aldus Jeanne Kriekaard, die een trieste herinnering had aan die dag in maart 1944 toen de Duitsers 9 Joodse pati√ęnten van Medemblik en Duin en Bosch wegvoerden naar Auschwitz, waar ze het leven lieten. “We waren machteloos en verslagen”, besloot ze haar verhaal.

Pati√ęnten en personeel ge√ęvacueerd in Medemblik.
Pati√ęnten en personeel ge√ęvacueerd in Medemblik.

Aanvankelijk als huishoudelijke hulp, later in de grote keuken werkzaam heeft Gr√© Froma-Zonneveld aan die jaren in Medemblik – ondanks alles – veel goede herinneringen. “De verstandhouding tussen het interne perso¬≠neel van Medemblik en ons was prima en er ontston¬≠den van lieverlede hechte relaties tussen de broeders van Medemblik en de zusters en dienstmeisjes van Duin en Bosch. Op Duin en Bosch vond men in die jaren de omgang van broeders met dienstmeisjes maar zo zo”, wil ze even kwijt. Een sterke, angstige herinnering heeft ze aan 15 januari 1945 toen zo’n 100 man Gr√ľne Polizei en Wehrmacht een grote razzia hielden in het ziekenhuis, dat – overigens niet ten onrechte – door de Duitsers werd beschouwd als een broeinest van verzet en een verblijfplaats voor onderduikers. “Ik werd uit de keuken gehaald en door de beruchte Fischer, commandant van de Gr√ľne Polizei, gesommeerd hem de weg te wijzen boven in het hoofdgebouw, waar hij kennelijk niet vond wat hij zocht. Ik ging trillend op mijn benen weer met hem naar beneden. Veel later hoorde ik dat zich op zolder een bekende Medemblikker ver¬≠zetsman schuilhield. In de vroege ochtend van die dag werd een aantal uitwonende personeelsleden – op weg naar hun werk – op een hoop gedreven en voor verhoor meegenomen naar het hoofdkwartier van de Gr√ľne Polizei. De meesten werden vrij snel weer losgelaten, een paar moesten voor een verder verhoor naar Alkmaar, maar ook zij keerden gauw terug, behalve een paar broeders van Medemblik, die naar Duitsland werden getransporteerd. Een aantal jonge Medemblikker verplegers – bevreesd voor de Arbeitseinsatz in Duitsland – bracht de dag door in de verwarmingskelders, die zich onder het gehele complex uitstrekten. Ze kwamen na vertrek van de Duitsers weer te voorschijn, al hadden ze wel angstige ogenblikken gekend.”

Wat haar het meest is bijgebleven, was de beschie­ting van een kleine Nederlandse vrachtboot door een Engelse Typhon op het IJsselmeer vlak onder de haven van Medemblik een paar weken vóór de bevrijding. Met een aantal doden en gewonden aan boord meerde de boot af langs het ziekenhuisterrein aan de Westerhaven, waar al snel de nodige en nog mogelijke hulp werd geboden. Een paar oudere Duin


Jaarboek 18, pagina 29

en Bosch-zusters begeleidden de gewonden op een met stro en strobalen bedekte boerenwagen met een witte vlag naar het zie­kenhuis in Enkhuizen: een gevaarlijke onderneming met die vlieg­tuigen in de lucht.

De klokkenstoel op het terrein van Duin en Bosch.
De klokkenstoel op het terrein van Duin en Bosch. De klokkenstoel stond voorheen bij het Provinciaal Ziekenhuis in Medemblik. Hij verhuisde naar Castricum na sluiting van het Provinciaal Ziekenhuis in Medemblik in de jaren kort na 1960. In de jaren na 1960 heeft er op Duin en Bosch vervangende nieuwbouw plaats gevonden. Na de voltooiing daarvan is door de aannemer een klokkenstoel geschonken en is de luiklok daarin opgehangen.De klokkenstoel stond bij het Oude Huys, museum, theehuis. Toen de vervangende nieuwbouw werd gesloopt en er veel ging veranderen op het zieknhuisterrein is in 2014 de klok door Parnassia Vastgoed Groep aan de Oudheidkundige Vereniging Medenblick geschonken. De klok staat nu in het museum van deze vereniging. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Toen de Bevrijdingsdag eindelijk kwam, werd de etensbel aan de muur van het hoofdgebouw uitbundig geluid (hij prijkt nu naast het Duin en Bosch-museum in een klokkenstoel). “Ja, je was blij, maar toch timide en triest om wat er gebeurd was, het fusilleren van drie Medemblikker personeelsleden. Je kende ze allemaal zo goed”, besloot Gr√© Froma haar verhaal.

De aankomst in juni 1942De aankomst in juni 1942 op 'Coudewater' te Rosmalen.
De aankomst in juni 1942 op ‘Coudewater’ te Rosmalen.

Rosmalen

“Die evacuatie kwam als een donderslag bij heldere hemel. De nacht v√≥√≥r het vertrek sliepen we met de vrouwen in het stro, omdat ledikanten en bedden al in de vrachtauto’s waren geladen”, vertelde hoofdverpleegster Chris Commandeur mij’ toen ik twee jaar geleden met haar sprak over de evacuatie naar het rooms-katholieke gesticht ‘Coudewater’ in het Brabantse Rosmalen. Met haar colle¬≠ga en huisgenote Jeanne Holtrop vergezelde ze een groep van 159 vrouwen, die onder supervisie van mevrouw dokter Aukes moes¬≠ten verhuizen naar het zuiden des lands. De pati√ęnten werden ondergebracht in een tweetal ontruimde paviljoens, het personeel in het zogeheten ‘Sanatorium’. Toen er later nog 200 mensen uit ‘Oud-Roosenburg’ bij Loosduinen en 150 uit Noordwijkerhout bij kwamen, moest het personeel zich in de dorpen Berlicum en Rosmalen vestigen. Hoe was het contact met het personeel van Coudewater? “Er was heel weinig contact, de omgang was bijna gereserveerd. Mogelijk speelde daarbij de katholieke signatuur van het gesticht wel een rol; we leefden eigenlijk helemaal apart en dat was onder de gegeven omstandigheden toch wel vreemd”, aldus de zusters. “De voedselvoorziening was bepaald goed te noemen. Dank zij een eigen boerderij, waarvan de verbouwde tarwe, rogge en peulvruchten nooit werden ingeleverd bij de Duitsers, was er haast geen gebrek, terwijl de keuken in 1944 toch voor zo‚Äôn 1500 mensen moest zorgen”, weet Chris Comman¬≠deur. “Er werd ook regelmatig clandestien geslacht. Nee, honger hebben we nooit geleden zoals de mensen in Den Dolder, al kon¬≠ den wij het moeilijk begrijpen dat de pati√ęnten van hun klasse-afdeling ondanks de schaarste altijd betere en ruimere voeding kregen, terwijl iedereen toch dezelfde bonkaarten had.”

De zusters willen het zo veel jaren later nog wel even kwijt. Ontspanning was er vrijwel niet en daarvoor was ook geen gele¬≠genheid toen van medio tot eind 1944 de Engelsen en Canadezen gestaag oprukten in het zuiden en Coudewater in de frontlinie kwam te liggen. “Een angstige tijd door de schietpartijen en bombardementen over en weer. De pati√ęnten werden in de kelders van de paviljoens ondergebracht waar ze beschermd waren tegen bomscherven. Het was gewoon een hel als de granaten over Coudewater gierden en de bommen insloegen, terwijl je ‘s nachts de vrouwen in de kelders moest verzorgen en verschonen. Velen waren incontinent. We konden er amper rechtop staan”, herinne¬≠ren de zusters zich nog maar al te goed. Overigens vielen er geen slachtoffers, behalve een zuster uit Oud-Roosenburg, die door een granaatscherf werd getroffen en gewond werd. Op 24 oktober werd Coudewater door de Engelse troepen bevrijd. “Ik was die dag jarig en had me geen mooier verjaardagscadeau kunnen wensen”, aldus Jeanne Holtrop.

Paviljoen Vrouwen 1.
Toegangsweg en ingang van Hoograde Duin en Bosch. Dit pand was heel vroeger een opnameafdeling voor¬†vrouwen¬†en had de naam¬†Vrouwen¬†1. In de jaren 1960 , toen het Provinciaal Ziekenhuis te Medemblik werd opgeheven en naar Bakkum kwam, hebben alle¬†paviljoens een eigen naam gekregen. Hoograde wil zeggen “hoge grenslijn”. Oude Parklaan in Bakkum. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Toch zou het nog ruim een jaar duren – om precies te zijn op 20 november 1945 – dat de groep ‘Rosmalen’ weer op haar oude paviljoens Vrouwen 1 en Vrouwen 2 van Duin en Bosch terug¬≠ kwam en aan een bange tijd een einde kwam.
De zusters Holtrop en Commandeur zijn in 1993 en 1994 overle­den.

Den Dolder

Ook al eiste direct oorlogsgeweld geen slachtoffers onder pati√ęnten en personeel, de evacuatieperiode in Den Dolder zou de meest rampzalige, de zwartste bladzijde in de oorlogsgeschiedenis van het zieken¬≠huis worden. Van de 254 mannen en vrouwen, die juni 1942 een ander onderkomen vonden in een tweetal paviljoens van de Willem Arntzhoeve, stierf van juni 1942 tot december 1946 ongeveer 25 procent. Een schrikbarend sterftecijfer, dat zijn oorsprong vond in het vanaf 1942 stijgend voedselgebrek, in de kou op de tenslotte onverwarmde zalen en in de onmoge¬≠lijkheid hen – ondanks alle zorg en inzet van het per¬≠ soneel – de verzorging en behandeling te geven, die zij nodig hadden.
Evenals de evacu√©s van Rosmalen sliepen de pati√ęnten van Vrouwen 2 en Vrouwen 3 de laatste nacht in het stro, omdat de ledikanten en bedden al de dag ervoor naar Den Dolder waren vervoerd, waar een paar personeelsleden de slaapgelegenheid zo goed mogelijk hadden verzorgd.

Een van hen was oud-verpleegster Hilde Nienhuis. Zij wist er nog heel veel van te vertellen. “Het verkeer langs de route door Amsterdam was voor de Duin en Bosch karavaan speciaal omge¬≠leid. Dokter Graafland (later werd hij vervangen door dokter Elderson) en hoofdzuster Ruisaart hadden de leiding. We werden vriendelijk ontvangen en de relatie met onze collega’s van de Willem Arntzhoeve was en bleef ook heel prettig. Ja, alles liet zich in het begin goed aanzien, maar dat zou in de loop van de tijd ver¬≠anderen. De voedselrantsoenen werden steeds kleiner en de opge¬≠slagen voorraden in de centrale vestiging in Limmen waren al gauw als een druppel op een gloeiende plaat. Kwam er eens wat extra’s, dan belandde dat vaak op de klasse-afdeling van de Willem Arntzhoeve hoeve in plaats van bij ons. Het verbaasde ons nauwelijks sinds de leiding van het ziekenhuis door een N.S.B.-directeur was vervan¬≠gen. Hoewel het nabijgelegen vliegveld Soesterberg regelmatig door de geallieerde luchtmacht werd gebombardeerd en twee paviljoens van de inrichting werden getroffen, vielen onder onze mensen geen slachtoffers.


Jaarboek 18, pagina 30

De Jodenvervolging, die zich in 1943 ook tot ziekenhuizen en psy¬≠chiatrische inrichtingen uitstrekte, was een andere bedreiging. Het personeel had al direct de namen van de vijf of zes Joodse mensen uit hun kleding gehaald en bij een razzia week een zuster via een achteruitgang met hen uit naar een blokhut in het bos, die een vei¬≠lige haven bleek. In 1944 was er geen verwarming meer, moest het water uit twee bronnen op het terrein worden gehaald en lag de wasserij stil. We wasten vuil lijf- en beddengoed met ‘luchtzeep’ in koud water in de badkuipen, ook besmet goed, want er was een dysenterie-epidemie onder de pati√ęnten uitgebroken, die steeds meer slachtoffers maakte. Daarbij kwam tot overmaat van ramp de schurft, die we haast niet meer konden behandelen, omdat er geen desinfectiemiddelen waren. Het werd een ware ramp. Veel mensen stierven door de kou, door gebrek aan voedsel en geringe weerstand. Voor de doden waren geen kisten meer; ze werden in een papieren zak gewikkeld en op een grote kar naar het kerkhof vervoerd. Heel luguber allemaal”, aldus Hilde Nienhuis, die de Joodse pati√ęnten van de Willem Arntzhoeve staande in vrachtau¬≠to’s zag wegvoeren. “Het was afschuwelijk en we konden niets voor hen doen, we waren machteloos”, verzucht ze nu nog zoveel jaren later.

Paviljoen Mannen 1, later Hoge Steeg genoemd, in 1946.
Paviljoen Mannen 1, later Hoge Steeg genoemd, in 1946. Oude Parklaan in Bakkum. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

In december 1946 arriveerde haar groep na vier verschrikkelijke jaren weer op Duin en Bosch. Velen van hen, in 1942 vertrokken, hadden het niet overleefd.

Drie Duitse soldaten tijdens de tweede wereldoorlog.
Drie Duitse soldaten tijdens de tweede wereldoorlog. Er was in 1943 een continent van 400 Duitse soldaten. Openbare gebouwen werden gevorderd voor het onderbrengen van de Duitsers, onder andere op Duin en Bosch, het zusterhuis en scholen, en ook woningen werden gevorderd. Deze soldaten zaten vermoedelijk op Duin en Bosch. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Terug naar Bakkum

Wat was er sinds juni 1942 met het leegstaande Duin en Bosch gebeurd? De verlaten paviljoens boden al gauw huisvesting aan Duitse militairen en manschappen van de ‘Organisation Todt’, de bouwafdeling van de Duitse Wehrmacht. Zij werden ingezet bij de aanleg en het bouwen van versterkingen en fortificaties, zoals de bunkers in de duinen en aan de kust en de voor een deel nooit opgeruimde ‘Tankwal’ bij de Geversweg. Ook bouwden zij de bunkers op het ziekenhuisterrein aan de Sifriedstraat, twee kleine en √©√©n grote, die later volgestort met beton en overdekt met zand, aan het gezicht onttrokken zijn, √©n ook de nog zichtbare bunker achter het PWN-gebouw.

Tankmuur bij de Geversweg.
Tankmuur bij de Geversweg. Deze Panzermauer is bedoeld om het binnendringen van tanks naar het duingebied te verhinderen. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

Dankzij de bezetting – men had ze immers nodig – bleven elektrische centrale, ketelhuis en wasserij gewoon functioneren met het daar werkzame personeel, zo goed en zo kwaad als dat onder de oorlogsomstandigheden mogelijk was.

De elektriciteitscentrale van Duin en Bosch.
De elektriciteitscentrale van¬†Duin¬†en¬†Bosch in 1935.. (Jan) J.S.G. Bedeke de machinist en J.J. le Noble de elektrici√ęn van de elektriciteitscentrale van¬†Duin¬†en¬†Bosch. De elektriciteitsopwekking gebeurde met een stoomturbine (Laval turbine) en 110 Volt gelijkstroomgeneratoren. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Aan de directie was eind 1942 de toegang tot het ziekenhuis ontzegd.
Men zou verwachten dat na de bevrijding de evacuatiegroepen spoedig op Duin en Bosch zouden terugkeren, maar niets bleek minder waar. Na de capitulatie van de Duitse troepen hadden de Binnenlandse Strijdkrachten (B.S.) hun oog laten vallen op de leegstaan¬≠ de gebouwen. Van de zes paviljoens, voor zover bruikbaar, werden er vier ingericht tot bewaringskamp voor ‘politieke delinquenten’ en twee tot verblijf van de manschappen. In het A-gebouw werden wapenkamers en militaire bureaus gevestigd.

Het administratiegebouw op Duin en Bosch.
Het administratiegebouw op Duin en Bosch. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

Half juli 1945 werd een deel van het A-gebouw vrij gegeven en kon men het bewoonbaar maken om van daaruit de langzamerhand weer ter beschikking gestelde paviljoens leeg te ruimen en schoon te maken. Het daarvoor aangetrokken personeel moet het gevoel gehad hebben ‘sisyfusarbeid’ te verrichten. De gebouwen waren volkomen uitgewoond, niet alleen door de Duitsers, maar ook door de paarden die er gestald waren. Langzaam maar zeker werden de paviljoens enigermate geschikt om hun eigenlijke bewoners weer te ontvangen, al zou het nog wel behelpen worden voorlopig. Er was nog aan alles gebrek. Een direct na de bevrijding inzettende stroom van nieuwe pati√ęnten en een groot tekort aan verpleegkun¬≠digen en medische staf, maakten het alleen nog maar erger.

Het 'thuisfront' in Limmen op 9 mei 1945.
Het ‘thuisfront’ in Limmen op 9 mei 1945.

De 130 pati√ęnten uit Warnsveld, die op 30 oktober 1945 als eer¬≠sten met hun begeleiders terugkeerden, vonden misschien letterlijk een ‘opgemaakt bedje’, maar meer ook vrijwel niet. Op 20 novem¬≠ber van dat jaar volgden 129 vrouwen uit Rosmalen.

Daggang in gebouw De Loet (het vroegere Mannen 2).
Dag gang in gebouw De Loet (het vroegere Mannen 2). Oude Parklaan 15-95 in Bakkum. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Omdat de schoonmaak en herinrichting van de gebouwen veel tijd vergde, werden alle teruggekeerden voorlopig op Mannen 2 (de tegenwoordige Loet) ondergebracht, wat in dit nu meer dan over­bevolkte paviljoen uiteraard ook problemen met zich mee bracht. Men kon de problemen echter de baas! Had men zich nog maar zo kort geleden, onder slechtere omstandigheden niet moeten behel­pen? De terugkomst van de groepen uit Medemblik en Den Dolder zou nog meer dan een jaar duren. Pas op 19 december 1946 keerden de laatste evacués terug op Duin en Bosch. Aan meer dan vier jaar van ontberingen, droefenis, angst en ellende was toen een eind gekomen.

Jaap Glastra

Leenaers, dokter (Jaarboek 13 1990 pg 25-31)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.

Verschenen artikelen over hulpverleners en zorginstellingen: brandweer, dokter Leenaers, gezondheidszorg voor 1880, gezondheidszorg tot 1880 – 1950, kindertehuis St. Antonius, kruisverenigingen, politie, Rode kruis, veldwachters, verzorgingshuis de Boogaert, ziekenhuis psychiatrisch -.

Verschenen artikelen over WO1: eerste Wereldoorlog
Verschenen artikelen over WO2:¬†Castricum in oorlogstijd¬†–¬†Dagboek kapelaans¬†– De dood van Arie Hageman –¬†Duin en Bosch, evacuatie¬†–¬†Duinkant, een verdwenen dorpje¬†– Oorlogsherinneringen Nardus Bos –¬†Oorlogsverhaal Tiny van Vlaanderen-Boot¬†– verdedigingswerken –¬†verzetsstrijders¬†–¬†Leenaers, dokter¬†–¬†tante Sientje

Verschenen artikelen over personen: Asjes, AlbertBakker, ThijsBoreel van Hogelanden, JacobDeelen, Derk vanDekker, DirkGevers, FritsGinhoven van, HuibertHageman, ArieHeeck, CorHeideman, HenkHeimans, EliHoberg, JanHurk, Gesina van derJacobi, Jan WillemJacobs-Wentink, GréKieft, PieterKortenoever, EldertKraakman, JacobKramer, MatthijsKrist, MeineLeenaers, HenriLommen, PietMooij, CorMooij, Geertje ten WoldeNuhout van der Veen, JoachimPeperkamp, CorPortegies, SijfQuack, Jan deRendorp, JacobRommel, AlbertSchotvanger, DirkStuyt, JanToepoel, LeoTulp, LideTwisk, EngelVeldt, KlaasVlaanderen-Boot, Tiny vanWeenen, Wub vanZaalberg, Hermanus

Extra artikel over dokter Leenarts: Plaquette van dokter Leenarts.


Jaarboek 13, pagina 25

Wie was … dokter Leenaers

“Collega Leenaers bezat alle gaven om een belangrijke rol te spe¬≠len in het artsenverzet en hij heeft deze gaven met brandend en¬≠thousiasme in dienst van het verzet gesteld. Tegen zijn overredingskracht waren slechts weinigen bestand, marchanderen ken¬≠ de hij niet, elk offer wilde hij ten alle tijde brengen voor een tri¬≠omf van het Medisch Contact, dat hij er zijn leven voor over zou hebben was bij hem geen holle frase, verlies van huis en praktijk telde hij gering in verhouding tot het grote doel: de ide√ęle en feite¬≠lijke overwinning op het Nazidom.‚ÄĚ
Met deze gloedvolle woorden werd dokter Leenaers herdacht tij­dens de eerste in vrijheid gehouden vergadering van het Medisch Contact, dat van 1941 tot 1945 het artsenver2et leidde.

Wie was dokter Leenaers …

Henri Maria Joseph Michel Leenaers werd op 11 december 1901 in Maastricht geboren. Hij was het derde kind van Alphonse Lee­naers, bierbrouwer en Emma Marres. Henri werd al spoedig Harry genoemd. Vier kinderen telde het gezin, dat woonde in de Sta­tionsstraat vlakbij het station.
Hij bezocht in Maastricht de lagere school en daarna het gymnasium.
Een grote gave van hem was zijn uitstekende geheugen. Hij hoef­ de maar één keer iets te lezen en dan was het in zijn geheugen ge­grift. In het begin van het laatste jaar op het gymnasium trof hem een ramp. Hij kreeg een hersentumor en dreigde blind te worden. De genezingskansen waren heel gering. De destijds zeer bekende chirurg professor Winkelman opereerde hem in Utrecht. Het werd op dit gebied de tweede geslaagde operatie in Nederland. Een stukje van zijn schedel moest worden verwijderd en dat is nu nog in be­zit van de familie, omdat Harry er op stond dat hij dat mee zou krijgen. Zijn belangstelling voor de medicijnenstudie was toen al duidelijk aanwezig.

Enkele maanden was hij door zijn ziekte niet op school en de rec­tor van het gymnasium achtte het dan ook niet verantwoord dat hij examen deed. Op eigen risico nam hij er toch aan deel en tot ieders verbazing slaagde hij met uitstekende cijfers.

Student

In het jaar 1919 begon Harry Leenaers zijn artsenstudie aan de universiteit van Amsterdam. Hij werd lid van de Katholieke Stu­denten vereniging Thomas van Aquino en werd gevraagd zich aan te sluiten bij het dispuut Noctua.
Noctua was in 1917 opgericht en telde enkele tientallen leden die allen medicijnen studeerden. Een jaar na zijn inauguratie op 6 november 1920 werd Harry Leenaers voorzitter. Daarna was hij nog een jaar secretaris. Tot de uiterlijke tekenen van het lidmaat­schap behoorde een soort Schotse baret en een wandelstok.
Het dispuut betekende heel veel voor de leden, die vrienden voor het leven werden. Leenaers had niet kunnen denken dat zijn jongste zoon Walter in 1958 tijdens diens artsenstudie van het­ zelfde dispuut lid zou worden. Ook in ander opzicht zou Walter in de voetsporen van zijn vader treden zoals later blijkt.
Bij dat dispuut ontmoette Leenaers zijn latere opvolger A.P.W.A.M. de Jongh, “Dikkie” voor vrienden, wiens vader in het hartje van Amsterdam in de Oude Hoogstraat een apotheek had. Met het zusje van zijn vriend, Hendrica (Riek), ontstond een nog inniger band, hetgeen tot een verloving leidde. Op 9 sep¬≠tember 1926 werd in Amsterdam hun huwelijk gesloten.

Riek de Jongh en Harry Leenaers trouwen op 9 september 1926 in Amsterdam.
afb. 1 Riek de Jongh en Harry Leenaers trouwen op 9 september 1926 in Amsterdam.

Op ‘t Sant

Inmiddels was Harry op 17 februari 1926 afgestudeerd. Hij nam per 1 april 1926 in Castricum de praktijk over van dokter Schoonhoff, die ongeveer 20 jaar huisarts in Castricum was ge­weest. De praktijk van dokter Schoonhoff was gevestigd in diens woning; het oude Hermana State, dat stond in de Dorpsstraat op de plaats waar nu de Amrobank staat.


Jaarboek 13, pagina 26

Tekening van Sijf Portegies van Huize Maja.
Afb. 2 Tekening van Sijf Portegies van Huize Maja. Het huis werd in 1919 gebouwd in opdracht van de heer J.P. Kraak. In 1929 werd het voor de eerste keer gedeeltelijk aangepast tot café en pension. In 1990 kennen we het als hotel-restaurant Komman.

Dokter Leenaers betrok eerst Huize Maja, het tegenwoordige Hotel-Restaurant Komman, (afb 2). Hij huurde het van de heer Claasen die in het toenmalige Nederlands-Indi√ę verbleef. Hij liet er een tijdelijke houten garage naast zetten. Door aannemer Jan Houtenbosch werd een nieuwe praktijkwoning gebouwd aan de Mient die de naam “Op ‘t Sant” kreeg, (afb 3 en 4). Iets ten noorden van deze plaats zou later het naar hem genoemde wijkgebouw verrijzen.

afb. 3 Eerste steenlegging van de praktijkwoning “Op ‘t Sant”. Van links naar rechts Theo v.d. Himst (opperman), Floris de Groot, Cor de Groot, Gijs v.d. Himst, Cees de Groot (aannemer), Jan Houtenbos (aannemer), Mevr. Leenaers, Burgemeester Lommen, dokter Leenaers met zoon Gerard op zijn arm en mevr. Lommen (moeder van de burgemeester).
Huize "Op 't Sant".
afb. 4 Huize “Op ‘t Sant”.

In korte tijd wist dokter Leenaers het vertrouwen van velen te winnen. Hij voelde de mensen goed aan, was bijzonder kundig en stond bekend om zijn goede diagnoses. Hij kreeg een heel drukke praktijk, die zich uitstrekte tot Egmond-Binnen. Ook had hij de zorg voor gasten op het kampeerterrein en voor de kinderen in de toenmalige vakantiekolonies Sint Antonius en De Eenheid.

De gezondheidstoestand van de bevolking liet heel wat te wensen over. Er waren veel grote gezinnen die klein behuisd waren en in de helft van de woningen werd nog in bedsteden geslapen zonder frisse lucht. Besmettelijke ziekten konden zich makkelijk verspreiden.

Er waren veel gezinnen waar tuberculose (T.B.C.) heerste en bij die woningen stond dan een soort tuinhuisje dat naar de zon kon worden ge¬≠draaid, waar de pati√ęnt overdag in lag.

Er moest hard worden gewerkt. De dokter had een apotheek aan huis en trok zo nodig ook tanden en kiezen (tarief per stuk 1 gulden) en oefende dus naast het beroep van huisarts ook dat van apotheker en zo af en toe tandarts uit. Ook bevallingen werden door hem veel gedaan (tarief 15 gulden). Voor bevallingen werd door de dokter ook wel verwezen naar de verloskundige. Mevrouw Scholten-Kloes herinnert zich dat √©√©n van de moeders na de zoveelste be¬≠valling steeds maar informeerde of de dokter het al wist. Toen zij dat aan de dokter vertelde zei hij: “Dat begrijp ik wel. Ze kreeg bij elke gezinsuitbreiding een grote taart van me. Die krijgt ze nu ook weer hoor!”

De dokter eiste van zijn pati√ęnten dat ze zijn voorschriften pre¬≠cies opvolgden anders kregen ze de wind van voren.

Dokter Leenaers, 2e van links, bij de strandpost van de EHBO in 1933.
afb. 5 Dokter Leenaers, 2e van links, bij de strandpost van de EHBO in 1933.

Kort na zijn komst in Castricum nam de dokter het initiatief tot oprichting van de EHBO (afb 5). Hij gaf zelf les in een zaaltje achter het toenmalige café Van Benthem op de hoek van de Dorpsstraat en de Burgemeester Mooijstraat. Eén van zijn leerlingen her­innert zich dat hij heel goed les gaf, maar dat het zo snel ging dat sommigen het moeilijk bij konden houden.
Leenaers wordt ook genoemd als een van de oprichters van het Witte Kruis in Castricum en hij was een van de voorvechters van een nauwe samenwerking met het Wit Gele Kruis om op die ma­ nier een groter dienstenpakket te kunnen aanbieden. In oktober 1941 werd tussen de twee organisaties voor dat doel een overeen­komst gesloten.

Het gezin Leenaers telde drie zoons en twee dochters. Op 10 juni 1941 kwam daar nog een tweeling bij, waarvan het jongetje ech­ter overleed. Het was een druk gezin, maar mevrouw Leenaers, een knappe en charmante vrouw op wie de dokter heel trots was, stond er niet alleen voor.
Bij √©√©n van zijn grootste vrienden de chirurg dokter Kerssemakers van het Sint Elisabeth-ziekenhuis te Alkmaar, was een dienst¬≠ bode in huis uit ‘t Zand in Noord-Holland. Aan haar vroeg Lee¬≠naers of zij niet nog iemand kende die bij hem in dienst kon ko¬≠men. Dat bleek het geval te zijn. Op deze manier kwam het contact tot stand tussen Regien Baltus eveneens uit ‘t Zand en de fa¬≠milie Leenaers. Tussen haar en de familie ontstond een band die nog tot de dag van vandaag (red: in de jaren negentien negentig) voortduurt.
De dokter zette zich volledig in voor zijn pati√ęnten en niet alleen in medisch opzicht. Als hij wist dat mensen armoede leden dan


Jaarboek 13, pagina 27

volgde er geen nota. Daarentegen bleef er soms na zijn vertrek een geldbedrag op tafel achter.

Voor de oprichting van de ziekenfondsen hadden veel artsen een eigen fonds, de zogenaamde doktersbus. Tegen betaling van een geringe premie had men een beperkt recht op hulp. Ook dokter Leenaers had een dergelijke regeling. Verschillende personen heeft dokter Leenaers in dienst gehad om het geld voor dit fondsje op te halen. In 1941 betaalde men 62 cent per week.
Het was in de crisisjaren dat Leenaers Joop Zentveld aantrok die juist zonder werk was en een groot gezin moest onderhouden. Later zou de heer Zentveld in dienst treden bij het ziekenfonds Alkmaar.
De grote receptie ter gelegenheid van zijn 12,5 jarig ambtsjubi­leum in 1938 werd een demonstratie van aanhankelijkheid jegens de dokter. Als cadeau werd de dokter een nieuwe onderzoektafel aangeboden. Op zijn oudste zoon Gerard maakte de serenade die de fanfares avonds voor hun huis ten gehore bracht diepe in­ druk. Misschien wel vooral omdat die bij het licht van vele fak­kels plaats vond.

Bezetting

Het bombardement op het vliegveld Bergen in de vroege ochtend van de 10e mei 1940 was de eerste kennismaking van onze streek met de oorlog. Al spoedig arriveerden de eerste Duitsers in Castricum. De Ortskommandantur werd gevestigd in de pastorie van de hervormde kerk. Burgemeester Van den Clooster, baron Sloet tot Everlo liet zich kennen als aanhanger van de NSB. Spoe¬≠dig maakte hij promotie en werd benoemd tot burgemeester van ‘s-Hertogenbosch. Op 29 augustus 1942 werd zijn opvolger NSB burgemeester Masdorp ge√Įnstalleerd door de commissaris der provincie A.J. Backer. In de avonduren werd het groepshuis van de NSB in de Torenstraat geopend. De plaatselijke leider van de partij verklaarde bij die gelegenheid dat de geestelijken en de doktoren in Castricum aanstokers van het verzet zijn.

Burgemeester Masdorp heeft dat zeker ervaren. Op 19 oktober 1942 liep hij dokter Leenaers tegen het lijf in het gemeentehuis en ontspon zich de volgende dialoog:
“Bent u niet dokter Leenaers?”
“Wat zou dat”
“Bent u niet de gemeente-arts?”
“Wat zou dat”
“Behoort u uw burgemeester dan niet te groeten?”
“Ik groet alleen burgemeesters die door de Koningin zijn aangesteld”
“Hier zult u meer van horen!”
“Ik ben voor u en uw terreur niet bang”

Later op die dag ontmoette juffrouw Van Nievelt, zuster van collega-arts Van Nievelt, dokter Leenaers en hoorde het verhaal. Zij waarschuwde hem en zei: “Wees toch wat voorzichtiger, denk aan je vrouw en kinderen.”
Dokter Leenaers antwoordde echter: “Ze zullen zich nooit hoe¬≠ven te schamen, omdat ik mijn mond heb gehouden.”

De burgemeester liet het er niet bij zitten, nog dezelfde dag ont­ving Leenaers schriftelijk bericht van zijn voorgenomen ontslag. Hem werd verweten dat hij zich niet gedroeg zoals van een gemeente-arts verwacht mocht worden, vanwege zijn:
1. bij herhaling uiting geven aan anti-Duitse en anti nationaal so­cialistische inzichten
2. onbeleefd en onbehoorlijk gedrag tegen de burgemeester
3. verwekken van onrust en onenigheid in de gemeente

Kapelaan Verheul noteerde op 19 oktober 1942 in het dagboek van de kapelaans van de Pancratiusparochie: “Onverschrokken en onverdroten getuigt onze dokter voor het vaderland. Tot voor¬≠ beeld voor ons nageslacht willen we even wijzen op de grote naastenliefde die door de dokter wordt beoefend. Honderden zakken aardappelen en graan zijn door hem opgekocht voor ar¬≠me arbeiders.”
De dokter verleende in de oorlogsjaren op grote schaal hulp. Ar¬≠moede en honger kon hij niet aanzien zonder zijn best te doen iets van die nood te lenigen. De thans 79-jarige kapelaan Verheul herinnert zich de contacten met dokter Leenaers nog goed. De dokter had een duidelijke visie op de maatschappij zoals die er na de oorlog uit zou moeten zien. Hij was van mening dat er dan voor iedereen een gelijk recht op medische hulp zou moeten ko¬≠men, onafhankelijk van iemands financi√ęle positie. Goede wo¬≠ningen en sociale voorzieningen waren zaken waarvoor hij wilde strijden.

Hoe fel Leenaers gekant was tegen de Duitsers bleek al op 10 juni 1941 toen zijn jongste dochter werd geboren en zij de namen ont­ving Madeleine Beatrix Irene.
Vaders houding ontging ook de toen 4-jarige Walter niet. In het dorp achter op de fiets bij de huishoudster Regien Baltus kraaide hij tot haar grote schrik: “Rotmoffen h√® Regien, rotmoffen.”

Dokter Leenaers heeft vanuit Castricum op bijzondere wijze spionage verricht. Door de Engelsen werden kooitjes met duiven gedropt. Daarin zat naast voer voor de duif een papiertje met vragen over de positie van de vijand, versterkingen enzovoorts.


Jaarboek 13, pagina 28

Jan Veldt trof begin 1943 een kooitje met een duif aan hangend in het prikkeldraad, vlakbij de gesloopte boerderij van de familie aan de Brakersweg. Hij bracht het papier met het verzoek om in¬≠formatie naar dokter Leenaers. Welke gegevens de dokter heeft verstrekt heeft Jan Veldt nooit geweten, maar die heeft het dunne papiertje weer in het kokertje gestopt dat aan de poot van de duif was bevestigd en het diertje weer vrijgelaten. Het enige wat hij er¬≠ van wist was dat het bericht was ondertekend met de schuilnaam “Spijker”.
Na de oorlog werd in de kranten een oproep geplaatst met de vraag wie aan deze vorm van spionage hadden meegewerkt. De zuster van Jan Veldt, Marie, heeft toen haar broer en dokter Lee¬≠naers voorgedragen, met het gevolg dat aan beiden een offici√ęle dankbetuiging van de Engelse regering werd aangeboden, (afb 6).

Dankbetuiging van de Engelse regering aan dokter Leenaers voor zijn berichtgeving via een postduif.
afb. 6 Dankbetuiging van de Engelse regering aan dokter Leenaers voor zijn berichtgeving via een postduif.

Medisch Contact

Zoals de meeste artsen was Leenaers aangesloten bij de Neder­landse Maatschappij tot Bevordering der Geneeskunst. Handha­ving van de medische ethiek en de waardigheid van de medische stand was een belangrijke doelstelling van de organisatie. Het be­sef van rechten en plichten heeft tijdens de oorlog onder de art­sen sterk geleefd en schiep de bereidheid zich te verzetten tegen ie­dere macht, die het de arts zou willen beletten zijn beroep overeenkomstig de beginselen van de organisatie uit te oefenen.
Het hoofdbestuur van de maatschappij accepteerde in mei 1941 de aanwezigheid van een vertegenwoordiger van de NSB, tevens lid van de Nederlandse SS in haar midden.
Een offici√ęle mededeling van het hoofdbestuur in het Neder¬≠lands Tijdschrift voor geneeskunde van 14 juni 1941 maakte een einde aan alle twijfel die over de bedoelingen van de Duitsers nog kon bestaan. Eisen waren: joden uit de maatschappij, benoemin¬≠gen onder controle, beperking van het beroepsgeheim, uitvoe¬≠ring van sterilisatie wetten enzovoorts.

De Nederlandse artsen protesteerden fel en daarmee begon de ge­schiedenis van het georganiseerde medisch verzet in Nederland. Acties werden gestart om collectief als lid van de maatschappij te bedanken.
Op 24 augustus 1941 kwamen drie artsen in het stationskoffiehuis te Zutphen bijeen en maakten een schema van de organisatie van het artsenverzet, dat zij meteen doopten met de naam Me¬≠disch Contact, afgekort “Het M.C.”.
Uitgetreden leden van afdelingen van de Maatschappij vormden een groep. De groepen van elke provincie vormden samen een dis­trict. De districten werden in landelijke conferenties vertegenwoordigd door districtsvertrouwensmannen.
Door middel van groepsvertrouwensmannen, districtsvertrou­wensmannen en koeriers (de zogenaamde estafettes) stond het leidend Centrum in vast contact met ruim zesduizend huisartsen en specialisten. Voor Noordholland waren tot districtsvertrou­wensmannen benoemd dokter Leenaers en dokter Roorda.

In een later stadium, toen het landelijk contact van zoveel perso­nen te moeilijk en te gevaarlijk werd, formeerde zich een vrijwel permanent college van verzetsleiders onder de naam Centrum. Dit Centrum bestond voor een belangrijk deel uit de deelnemers van de Noordhollandse districtsbijeenkomsten. Naast dokter Leenaers worden met ere genoemd Noordhoek Hegt, Roorda, Wamsteker en de professoren Heringa en Borst. Nadat dokter Roorda gevangen werd genomen leidde dokter Leenaers de bijeenkomsten.
Normaal kwam het Centrum elke zondag bijeen teneinde zich over de situatie te beraden. Vele malen vergaderde men bij dokter Leenaers thuis. Zijn kinderen herinneren zich de vele omes, die in de woning Op ‘t Sant werden ontvangen. Om het bezoek te ver¬≠ klaren werd dan maar iets gezegd over een verjaardag die gevierd werd.
Het gastvrije onthaal en de bevlogenheid van dokter Leenaers voor zijn idealen maakten deze bijeenkomsten voor de deelne­mers onvergetelijk.

Dokter Leenaers voor de deur van de abdij van Egmond.
afb. 7 Dokter Leenaers voor de deur van de abdij van Egmond.

Vanaf het begin werd strijd gevoerd tegen de door de Duitsers in­ gestelde Artsenkamer, waarvan medici verplicht lid moesten zijn. Verordeningen van de kamer werden genegeerd en opdrach­ten niet opgevolgd.
In een brief van 5 december 1941 werd aan Rijkscommissaris Seys Inquart een brief gericht waarin de artsenverordening werd afgewezen. De brief eindigde met de zin: “Gebonden als wij ons weten aan den eed, of plechtige belofte, waarmede wij ons ambt hebben aanvaard, gevoelen wij ons verplicht u te verklaren, dat wij trouw zullen blijven aan de hooge normen, waarop sinds mensenheugenis ons beroep heeft gerust en dat wij in de uitoefe¬≠ning van ons beroep nimmer andere overwegingen zullen kun¬≠nen laten gelden dan zulke, welke gerechtvaardigd zijn door ons geweten, ons plichtsbesef en onze wetenschap.”
De brief met de handtekeningen van ruim 4.000 artsen werd heel moedig, op het kantoor van de Rijkscommissaris overhandigd door de doktoren Leenaers, Heringa en Noordhoek. Men kreeg de Rijkscommissaris niet te spreken maar de heren lieten hun visitekaartjes voor hem achter!

In september 1942 weigerden de artsen zich door middel van een toegezonden formulier bij de Artsenkamer aan te melden.


Jaarboek 13, pagina 29

Grote druk werd uitgeoefend om toch tot aanmelding over te gaan. Dokter Leenaers en dokter Van Nievelt werden tegelijkertijd op­ geroepen voor een verhoor in Amsterdam. Dokter Leenaers weigerde zich de rol van verdachte te laten opdringen en las degene die hem wilde verhoren op felle toon de les.

Een hoogtepunt in de door het Centrum geco√∂rdineerde acties was toen in maart 1943 vele duizenden artsen aan de president van de Artsenkamer de NSB‚Äôer dr. Cro√Įn mededeelden afstand te doen van hun bevoegdheid tot uitoefening van het beroep als arts. Op de naambordjes op de gevel en op de recepten werd de aanduiding “arts” doorgehaald, (afb 8).
Dr. L. de Jong noemt deze daad van de Nederlandse artsen een imposante publieke protestactie, die de definitieve mislukking van de Artsenkamer inluidde.

Naambordje van dokter Leenaers.
afb. 8 Naambordje van dokter Leenaers.

Arrestatie

Inmiddels was dokter Leenaers op 20 februari 1943 definitief ontslagen als gemeente-arts en onmiddellijk moest de familie het huis aan de Mient verlaten.
Zijn vrouw en 5 van zijn kinderen vertrokken naar Son in Bra­bant, waar zijn zwager dokter A.P.W.A.M. de Jongh een praktijk uitoefende en waar een bescheiden huisje beschikbaar was.
Na eerst nog even de praktijk te hebben uitgeoefend in huize Hermana State vertrok de dokter, met zijn oudste zoon Gerard die aan het lyceum in Alkmaar studeerde, naar Heiloo. Vandaaruit probeerde hij de praktijk voort te zetten.

Het Reichscommissariat werd in verband met de artsenstaking aanbevolen een aantal artsen te arresteren, die ervan werden ver¬≠dacht deel uit te maken van het Centrum. Hierbij was ook dokter Leenaers. Op 29 maart 1943 werd hij ‘s nachts in Heiloo opge¬≠pakt en naar de Weteringschans-gevangenis in Amsterdam gebracht.

In het dagboek van de kapelaans van de Pancratiusparochie tref¬≠fen we op 3 april de aantekening aan: “Leenaers heeft tanden¬≠borstel, scheergerei en vitaminen gevraagd.”
Mevrouw Leenaers mocht haar man in de gevangenis één keer per week bezoeken. Hij zat in de cel met 2 Engelse piloten aan wie hij geprobeerd heeft Frans te leren.

Het bewijs van lidmaatschap van het Centrum werd niet gevon­den, maar verdacht bleef hij.
Op 22 mei 1943 werd dokter Leenaers naar het concentratiekamp Vught overgebracht.

Vught

Het kamp Vught was omgeven met betonnen palen waartussen een hoge prikkeldraadversperring aangebracht was; achter die prikkeldraadversperring lag een gracht waarvan de taluds ook met prikkeldraad bespannen waren en daarop volgde nog een tweede hoge prikkeldraadversperring. Om de 50 meter was er een wachttoren met daarop een SS’er met een zoeklicht en een mi­trailleur. Om het kamp patrouilleerden SS’ers met waakhonden.

In het kamp waren 36 woon- en slaap- en 23 werkbarakken, magazijngebouw, wasserij, crematorium en een gevangeniscel (bun­ker). Elke woon- slaapbarak kon 240 gevangenen herbergen.

Het kamp was in januari 1943 in gebruik genomen. Vooral de eerste maanden zijn vele honderden mensen gestorven door hon­ger en ontbering.
Vanaf april/mei 1943 werd geen honger meer geleden. Er was een campagne opgezet onder de dekmantel van Het Rode Kruis, waardoor gevangenen elke week een voedselpakket konden ont­vangen. Bovendien konden familie en vrienden levensmiddelen en andere zaken naar de gevangenen sturen. Dokter Leenaers heeft veel pakketten gekregen uit Castricum en omgeving.
In Castricum coördineerde bakker Gerard Hemmer deze actie. De dokter kreeg zowat iedere dag een pakje en deelde veel uit aan minder goed bedeelden. Via de pakketten zijn ook medicamen­ten voor Leenaers het kamp binnengesmokkeld. Mevr. Leenaers stopte b.v. buisjes met morfine in de boter.
Het bestaan van de gevangenen was heel moeilijk door de om­standigheden, angst voor de toekomst, lange werkdagen, appèls enz.


Jaarboek 13, pagina 30

Er waren verschillende werkplaatsen, waaronder het Philips-Kommando, waar reparatiewerk werd verricht en onder andere knijpkat­ ten en radiotoestellen werden geassembleerd. Dat Philips-Kommando was voor de gevangenen van grote positieve betekenis.
In de zomer van 1943 kwam de Krankenbau gereed: een klein echt ziekenhuis dat mede door de medewerking van Philips goed ingericht was. De lagerkommandant stemde er mee in dat er een equipe kwam van Nederlandse gevangenen: huisartsen, specia­listen (ongeveer twaalf) en geschoolde verplegers. Van dat team heeft dokter Leenaers ook deel uit gemaakt en hij heeft zich er volledig voor ingezet.

Dokter Leenaers gevangenisarts in het concentratie kamp Vught (tekening van Reinhart Dozy).
afb. 9 Dokter Leenaers gevangenisarts in het concentratie kamp Vught. Tekening van Reinhart Dozy.

Hij maakte veel vrienden in het kamp, waaronder de Drentse kunstschilder Reinhart Dozy, die hem in zijn zebra-pak heeft ge­tekend. (afb 9). De driehoek op het pak was het kenteken van de politieke gevangenen. De tekening is opgevouwen in een porte­feuille uit het kamp gesmokkeld.
De omstandigheden waaronder Dozy en Leenaers elkaar leerden kennen en waaronder de tekening is gemaakt, blijken uit een brief die dokter Leenaers na zijn vrijlating schreef aan de vrouw van Dozy vanuit Son:

Geachte Mevrouw Dozy,

Het is mij een groot genoegen U de hartelijke groeten van Uw man te mogen overbrengen. Hij kwam bij mij in het ziekenhuis, omdat hij een beetje dikke beenen had van het klompen dragen, hetgeen daar veel voor komt. Na een paar dogen was hij weer be¬≠ter, maar omdat er een tweetal gevallen van vlektyphus waren moesten alle pati√ęnten in het ziekenhuis blijven. Wij hebben daarvan geprofiteerd, want ziek was toen eigenlijk niemand meer en het was meer een vacantie. Uw man heeft toen heel wat portretten getekend, onder anderen het mijne, dat buitengewoon geslaagd is.
Hij ziet er uitstekend uit en zijn humeur is voortreffelijk. Wij hebben het samen erg genoegelijk gehad en zijn wederzijds op de hoogte van eikaars familie en woonplaatsen. Zoo heb ik Uw huis op de foto bewonderd, zooals het daar ligt te midden der Drentsche hei.
Tot mijn spijt mag ik niet in Elp komen, anders was ik U zeker persoonlijk komen opzoeken. Zijn pakketten komen regelmatig aan en die waren dan ook zeer welkom, want het gewone eten is daar niet overdreven schitterend. Naar ik van harte hoop zal hij ook spoedig vrijkomen. Sinds bijna 2 maanden behoeft hij niet meer de appèls bij te wonen, die eigenlijk het ergste deel van
Vught vormen. Hij is nu in het zogenaamde Schonungsblok en gaat bij Philips werken, dat is in een barak en heeft dus in het najaar vele voordeelen.. U kunt dus volkomen gerust over hem zijn.
Zelf probeer ik weer aan de vrije maatschappij te wennen!

Met de meeste hoogachting,

H.M.J.M. Leenaers

Vrijlating

Dokter Leenaers werd weer vrijgelaten op 19 september 1943. Hierbij hebben acties, die collega’s uit het artsenverzet en met name dokter Hoeneveld voor hem hebben gevoerd, een belang­rijke rol gespeeld.
Hij vervoegde zich bij zijn gezin in Son. In de tweede week van september was zijn woning aan de Mient gesloopt.

Huishoudster Regien Baltus was met de familie meegekomen naar Brabant. Zij herinnert zich deze periode als een verschrik­kelijke tijd, vooral toen in Brabant de gevechten rond de bevrijding van ons land losbarstten en de kogels door het dakraam vlogen.

Dokter Leenaers pakte onmiddellijk zijn werk voor het Centrum van het Medisch Contact weer op. Hij kwam als arts in dienst van Philips in Eindhoven en nam waar voor andere artsen.
In Castricum nam zijn vriend Van Nievelt onder moeilijke om­ tandigheden vanuit Limmen de praktijk van Leenaers waar. Door enkele oud-patienten werd in Castricum gecollecteerd om nieuwe instrumenten voor Leenaers te kunnen kopen. Deze collecte werd door burgemeester Masdorp ontdekt en verboden. De ingezamelde gelden nam hij in beslag en stortte die in de kas van Winterhulp.

Dat men hem in Castricum niet was vergeten blijkt ook uit een brief die hij op 13 december 1943 stuurde aan mevrouw De Vries, echtgenote van Piet de Vries die voor de evacuatie aan het Dokterspad, tegenwoordig Dr. Leenaersstraat, woonde:

Beste Juffrouw de Vries

Je aardige brief heeft mij erg veel plezier gedaan en nog hartelijk bedankt voor je bonnen, waar ik de kinderen mee verrassen kan. Je zult wel gehoord hebben, dat ik geheel de oude gebleven ben, dus nog flink mopperen als ik een kwaje bui heb!! Het kan in een paar jaar tijd aardig veranderen. Eerst een flink bloeiend dorp en nu zitten we allemaal verspreid en kunnen elkaar bijna niet meer terug vinden.
Hier in het Brabantsche land is het stil en eenzaam. Je ligt 9 km. van de trein en vrijwel geen bussen, die bovendien meestal een à twee uur te laat zijn. Het is niet zoo erg prettig om met dit weer uren buiten te staan wachten. Ik ga zelf nogal eens hier en daar waarnemen voor een dokter, die ziek is, dan blijf je tenminste aan het werk.
In het kamp is het nu in den winter niet zoo prettig. Het zal er wel erg koud zijn en dan met dat slechte eten wordt het er niet beter op. Is Piet gelukkig nog aan het werk in het land? Dat werken in Duitschland valt ook niet mee, want daar gebeurd nog al eens wat.
Ons kleinste kindje groeit erg goed. Het is erg stout, maar praat nog heel weinig. De andere kinderen maken het allemaal goed. Jammer, dat je nog steeds zooveel last van je rug hebt en ook dat vloeien moest eigenlijk ophouden. Die twee staan wel met elkaar in verband. Heb je nog een goed corset? Hulp is overal moeilijk te krijgen.
Als je veel kinderen hebt komen ze heelemaal niet meer.
Nu, beste Marie, hou je goed, doe de groeten aan je man en kin­ deren en alle verdere bekenden, die in je omgeving wonen.

Tot ziens,

H.M.J.M. Leenaers

Dokter Leenaers is nog enkele keren in Castricum terug geweest. Kapelaan Van der Zalm noteerde op 15 april 1944 in het eerder ge¬≠noemde dagboek van de Pancratius-parochie: “Vanmiddag om 12.30 uur is de held van Castricum dokter Leenaers even aan ge¬≠weest. Hij ziet er goed uit en is nog even strijdvaardig.”

Afscheid

Juni 1944: de invasie is begonnen. Bayeux is veroverd. Dan komt het bericht dat dokter Leenaers ernstig ziek in Tilburg in een zie­kenhuis is opgenomen. In de trein was hij onwel geworden. Colle­ga’s uit het verzet, de professoren Borst en Biemondt uit Amster­dam hebben hem nog in het ziekenhuis opgezocht om te zien of zij nog iets konden doen, maar zijn toestand was hopeloos.

Meer dan 2000 mensen woonden de begrafenis van de geliefde dokter bij.
afb. 10 Meer dan 2000 mensen woonden de begrafenis van de geliefde dokter bij.

Op 22 juli overlijdt dokter Leenaers op 42-jarige leeftijd.
Op 27 juli vindt de begrafenis in Castricum plaats. Een deputatie van de bevolking en verschillende verenigingen willen het stoffe­lijk overschot aan het station afhalen. Op last van de burge-


Jaarboek 13, pagina 30

meester worden ze door de politie weggestuurd, uit angst voor demonstratie en verstoring van de openbare orde.
In het illegale blad Strijd stond in een In Memoriam onder andere het vol¬≠gende: “Zo werd Leenaers op zijn laatste gang door het dorp nog tegengewerkt, omdat men bang was voor zijn invloed! Welke kracht moet van deze man zijn uitgegaan, dat men zelfs zijn stof¬≠felijk overschot vreesde.”

Bij de indrukwekkende uitvaartdienst en op het kerkhof van de St. Pancratiuskerk waren ongeveer 2000 diep geroerde mensen bijeen, (afb 10). De kerktoren was beroofd van zijn klokken, zo­ dat er tijdens zijn laatste gang slechts stilte heerste.
Er was een krans van vrienden uit kamp Vught met de tekst: “Uit dankbaarheid van hen wier lijden gij in het kamp hielp verlichten.”
Door zijn dispuut Noctua is de grafsteen geschonken. Op 24 no­vember 1946 werd deze steen plechtig onthuld.

Er kwamen acties op gang om een monument voor hem op te richten. Uiteindelijk is er een passend eerbetoon gevonden in de naamgeving van het wijkgebouw van het vroegere Wit-Gele Kruis; het dokter Leenaershuis.

Plaquette met de beeltenis van dokter Leenaers.
afb red.: Plaquette met de beeltenis van dokter Leenaers.

In de hal van het wijkgebouw is een plaquette aangebracht met de beeltenis van dokter Leenaers. Mevrouw Leenaers-de Jongh heeft op 14 oktober 1959 deze plaquette onthuld.
Haar broer dokter A.P.W.A.M. de Jongh heeft de praktijk van Leenaers overgenomen. In zijn spreekkamer stonden het bureau, de stoel en de onderzoektafel die eens in gebruik waren bij zijn voorganger.

Gedenkpenning artsenverzet.
afb 11 Gedenkpenning artsenverzet.

Van de Koninklijke Maatschappij ter bevordering van de Geneeskunst heeft dokter Leenaers postuum de gedenkpenning (afb. 11) ont¬≠vangen van het artsenverzet. De penning toont aan de voorzijde een hakenkruis dat door een slang wordt gebroken en het rand¬≠ schrift luidt: “Alleen een vrij man kan een goed geneesheer zijn.”

N.A. Kaan

Bronnen:

Familie Leenaers
Mevrouw H.v.d.Klei
Mevrouw J.H. Scholten-Kloes
Mevrouw G.M. Schram-Glorie
Mevrouw I.D.E. Van Nievelt
Mevrouw J. Zentveld-Schermer
De heer J. Houtenbos
De heer J. Stet
Familie Veldt
Kapelaan J. Verheul

  • Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog de¬≠len 6, 7 en 8 door dr. L. de Jong
  • Geschiedenis van het verzet der artsen in Nederland door Ph. de Vries, Haarlem 1949
  • Concentratiekampen systeem en praktijk in Nederland Fibula-Van Dishoeck, Bussum 1970
  • Dagboek kapelaans Pancratiusparochie 1942 – 1945
  • Archiefstukken Medisch Contact; Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie
  • Informatie van de Koninklijke Maatschappij tot Bevordering der Geneeskunst
  • Brieven van de heer V.A. Dozy te Elp
  • Streekarchief Alkmaar
  • Archief gemeente Castricum
  • Oudheidkamer Vught de heer Scharf

Dagboek kapelaans (Jaarboek 08 1985 pg 8-24)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.

Verschenen artikelen over WO1: eerste Wereldoorlog
Verschenen artikelen over WO2:¬†Castricum in oorlogstijd¬†–¬†Dagboek kapelaans¬†– De dood van Arie Hageman –¬†Duin en Bosch, evacuatie¬†–¬†Duinkant, een verdwenen dorpje¬†– Oorlogsherinneringen Nardus Bos –¬†Oorlogsverhaal Tiny van Vlaanderen-Boot¬†– verdedigingswerken –¬†verzetsstrijders¬†–¬†Leenaers, dokter¬†–¬†tante Sientje


Jaarboek 8, pagina 8

Fragmenten uit een dagboek

Oorlogsdagboek van de kapelaans te Castricum.
Oorlogsdagboek van de kapelaans te Castricum: het originele dagboek dat in het Regionaal archief in Alkmaar ligt met daarboven de transcriptie die ter gelegenheid van 75 jaar bevrijding uitgegeven is door de Werkgroep Oud-Castricum. Collectie Werkgroep Oud-Castricum. Toegevoegd.

Op 6 maart 1942 zijn 3 kapelaans van de Romms-Katholieke Parochie St. Pancratius een dagboek gestart over de oorlogsjaren.
De auteurs waren F. Holthuizen, F. Verheul en J. van der Zalm. Verheul heeft het einde van het dagboek niet kunnen meemaken, aangezien hij in december 1942 ge√ęvacueerd werd naar Amsterdam, waar hij in de Vondelkerk tot kapelaan benoemd werd. Holthuizen en Verheul hebben het boek tot enige maanden na de bevrijding tot de val van Japan voortgezet. Dankzij dit voor Castricum unieke document is het mogelijk om ons zo vele jaren na die verschrikkelijke oorlog een beeld van die tijd te vormen.

Het geeft een opsomming van vaak schokkende gebeurtenissen, misdaden begaan door een totalitair Nazi-regiem.
Niet genoeg kan de nadruk gelegd worden op wat mensen in hun drang naar macht vermogen.
Het boek was te uitgebreid om in zijn geheel opgenomen te worden.
De woordelijk opgenomen fragmenten geven de belangrijkste gebeurtenissen weer.

De samensteller, F. Baars

Fragmenten uit het dagboek van de RK Pastorie te Castricum uit de oorlogsjaren 1940-1945

1e Jaargang

6 maart 1942
Als Hebdomodarius open ik dit dagboek. De indruk heeft zich in ons gevestigd, dat de oorlog althans in Europa zijn einde nadert.
Europa rekent op de vrede in september. Spannende dagen naderen, daarom openen wij een dagboek, zowel voor onszelf om later de gebeurtenissen te kunnen reconstrueren, als voor anderen, die interesse hebben voor wat zich in deze benarde tijden in de brein van een paar kapelaans afspeelden. In het Oosten gaat het slecht, Singapore viel een week of drie geleden, vandaag viel Batavia. O Engeland, wat onderschat je de Japanner. Vrijwel zonder hulp kan het dappere Indische leger het nooit winnen, ik heb al een weddenschap lopen, dat op 23 maart Java is gevallen. Arme missie!! Voorspellingen doen nog steeds de ronde. Gisteravond hoorde ik nog van een horoscooptrekker, die 6 jaren geleden de oorlog van 6 mei 1940 had voorspeld toen ook al heeft voorzegd, dat er in aanstaande mei een bloedige opstand in Amsterdam zou ontstaan waarbij de paarden tot de enkels in het bloed zouden lopen op de Dam. Als het maar waar is …

7 maart
Het wordt hopeloos, vliegtuigen zijn er haast niet. Ze kunnen het beter opgeven. Laat Engeland en Amerika het nu zelf maar eens opknappen.

8 maart
Er is groot gebrek aan kolen. Transportmoeilijkheden, geen benzine, geen goederenwagens, grote rivieren bevroren. In de Jordaan worden de deuren bij gebrek aan brandstof gesloopt.

10 maart
Mussert spreekt voor de radio. Hij wijst er op, dat het Nederlandse Rijk bezet is. Moederland door Duitsland, Oost-lndi√ę door Japan. West-Indi√ę door Amerika. Het zingen van het Wilhelmus deed mij op dat moment pijn.

11 maart
Een Engels vliegtuig op terugreis naar huis moest het boven Beverwijk begeven. De noodlanding gebeurde op het land van een NSB-er.

21 maart
Deze week werd van Ginhoven wegens spionage gefusilleerd. De dominee uit Castricum was 1 uur bij hem.

26 maart
Bordjes “Verboden voor Joden” mogen niet in de katholieke instellingen opgehangen worden en verenigingen mogen zich niet aansluiten bij de Cultuurkamer. Er woedt een zware strijd met de doktoren. Van het topcomit√© bestaande uit 8 personen zijn er 5 gearresteerd maar het comit√© vult zich zelf weer aan. De strijd gaat tegen de oprichting van de artsenkamer. Wij hebben een sinaasappel met zijn allen gedeeld. Dokter Leenaers kreeg ook een stukje. Onze enige kip legt om de 2 dagen een ei!

28 maart
Het werk aan de toren van 90 meter hoog, die voor de Duitsers moet worden gebouwd, is stopgezet. Waarom? Er wordt in ernst verteld, dat er parachutisten zijn gedaald in de buurt van Alkmaar, Haarlem en Den Haag.

31 maart
Voor het personeel van de PWN en PEN werd er in Haarlem een groot appèl gehouden. Bedoeling van de vergadering: de zegeningen van de Nieuwe Orde. Onder de verschillende toespraken toonden de arbeiders tekenen van verkoudheid. Onder de toespraak van een Duitser was het doodstil, men kon hem toch niet verstaan.

6 april
De inspecteur van de Marine Lazaretten van het Westelijk front heeft op bezoek in Heiloo gezegd: De verliezen in Rusland zijn zeer groot. De Engelse invasies zijn van weinig betekenis. Essen is flink gebombardeerd. Veel doden. De fabrieken van Krupp zijn moeilijk te kwetsen. Een haag van afweergeschut omgeeft de fabriek. Langs de weg veel militair verkeer. Strandpaviljoen Armeria moet verdwijnen. De bouw van de 100 meter hoge toren in de duinen gaat weer door.

13 april
De vliegvelden op Schiphol, De Koog en Bergen zijn door de Duitsers onklaar gemaakt door middel van betonnen palen. Collega v.d. Zalm ontving een kaart: “Verboden voor Joden” om op te hangen in het Jeugdhuis. Hij hangt nu op zijn kamerdeur.


Jaarboek 8, pagina 9

Hotel Armeria dat tijdens de oorlogsjaren werd afgebroken.
afb. 1 Hotel Armeria dat tijdens de oorlogsjaren werd afgebroken.

18 april
De richtingborden worden weggehaald in de kuststreek.

19 april
De strijd tegen het streven van het Nationaal Socialisme is nog steeds niet geluwd. In een herderlijk schrijven hebben de bisschoppen van Nederland sterk geprotesteerd tegen de onbarmhartigheid van de Jodenvervolging. Het grote gevaar van de Arbeidsdienst werd scherp in het licht gesteld, met de ernstige vermaning aan de ouders om hun kinderen er niet heen te sturen.

20 april
Een plaatselijk NSB-er heeft een poging gedaan om de pastoor, het hoofd van het schoolbestuur, over te halen reclameplaten van de Nationale Jeugdstorm in zijn school op te hangen. Geen succes.

23 april
in het parochiearchief is een beschrijving gevonden van de veldslag te Castricum tussen het Russisch/Engelse leger tegen de Frans/Bataafse troepen in 1799 geschreven door pastoor Bommer.

28 april
De NSB-sche kameraadskes hebben de raad gekregen zich uit de kuststrook te verwijderen. 2 Kameraadskes hebben zich ter zake van zenuwen bij dokter van Nievelt gemeld. Diverse aanplakbiljetten van de NSB worden door de eigenaars verwijderd zogenaamd wegens de schoonmaak. Angst voor de landing van de Engelsen, of voorbereiding voor 10 mei, als de NSB de macht in handen krijgt? De NSB-ers schijnen bewapend te zijn.

1 mei
Er komen veel soldaten in het dorp. De Christelijke school op Bakkum is bezet, alsook een koloniehuis. Er staan kanonnen op de duinen te Bakkum.

5 mei
Bergen aan Zee is ontruimd. Evacuatie is aan de orde van de dag. In Egmond zijn gisteren vijf mensen bij de Gestapo ontboden, boterhammen en een verschoning meenemen! Enkele NSB-ers zijn vertrokken.

8 mei
Een Castricummer is in L√ľbeck gedood bij een bombardement, zijn naam is Beentjes. De Castricumse NSB-ers zijn naar Mussert geweest met het doel gevangenname te vragen van enkele eerzame Castricummers.

9 mei
Er is een ontzagwekkend aantal arrestaties verricht. Alleen in Utrecht al 70. Wie van enige betekenis is, wordt gearresteerd. De burgemeester en commissaris van politie te Velsen zijn spoorloos verdwenen. De burgemeester van Beverwijk is na een dag arrest weer thuisgekomen. (Later ontslagen en toen weer gearresteerd).

10 mei
Het is nu 2 jaar geleden, dat de Pruis Nederland is binnengevallen. Tot nu toe is het niet gelukt de Nederlanders te winnen voor de Nieuwe Orde. Wanneer er een nieuwe gemeenschap moet komen dan zullen we die zelf in vrijheid opbouwen, maar dan op Christelijke grondslag. Een nieuwe orde kan geen vrucht zijn van geweld, slavernij en gijzeling.

11 mei
De Duitse knecht Anton Mussert is vandaag jarig. Op zich is dit feit te onbenullig voor ons dagboek. De omstandigheden waaronder dit feest gevierd wordt, wettigen om er melding van te maken. Door het lot zijn uit de elf provincies elf NSB-ers gekozen, die aan tafel genodigd zijn door Mussert. Wat grootmoedig! Zullen ze zelf hun bonnen mee moeten nemen? Was Anton niet zo dik dan kon hij in de schaduw staan bij zijn f√ľhrer.

23 mei
Bakkum heeft veel soldaten. Paarden en mannen ingekwartierd. Tentenkamp bezet. De rijwielpaden naar Beverwijk en Egmond zijn grondig vernield. Op het huis van de weduwe Twisk een ballon gedaald uit Engeland. Dat land bestaat dus nog.

24 mei
In IJmuiden wilden 13 officieren in een botter naar Engeland vluchten. Ze zaten in het vooronder verborgen. Er was verraad, want juist die botter werd onderzocht. Ze kregen schoppen ‚ÄĒ volgens ooggetuigen ‚ÄĒ en later de kogel, ook de bemanning van het schip.

26 mei
De krant zegt, dat Duitsland de vernietigingsslag heeft be√ęindigd in de buurt van Charkow en de Russen moeten ook al zo winnen. Ra, ra …

30 mei
Een vooraanstaand “partijman” heeft beweerd, dat de lijst van gijzelaars van iedere plaats bestaat uit degenen die bij strafmaatregelen de wacht hebben moeten houden. Een pijnlijke zaak voor collega Verheul, die in de loop van deze winter in een wacht van 12 tot 2 uur wacht heeft moeten houden in de duinen. Ter opluchting meldde genoemde man er bij, dat uitgezonderd waren NSB-ers en priesters. Twee Gestapomannen hebben enige uren in het bevolkingsregister in het raadhuis gezocht.

1 juni
Men wordt aangehouden. De portemonnaie wordt nagezien. Voor iedere koperen cent krijgt men 1 gulden boete.

5 juni
Heydrich is verhuisd naar de Germaansche hemel. Gratias! (red: Dank u wel!) Gedurende enkele nachten heeft een geweldige overtocht plaats van Engelse vliegtuigen. Met duizenden. De Amerikaanse zijn er nog niet bij. Keulen en Essen zijn flink geraakt. Volgens zeggen is de grote houten stellage in de duinen van Noord Bakkum gebouwd als peilstation voor vliegtuigen.

11 juni
Duin en Bosch moet ontruimd worden, beroering in het dorp. Ook de Eenheid en Antoniushoeve. De Heiloo√ęrs gaan naar Heiloo terug, een ander deel gaat naar “Voorburg” bij Vught.


Jaarboek 8, pagina 10

De echte Duin en Boschers worden over 6 a 7 huizen verdeeld. Wat zal er komen? Een gevangenkamp of een echt leger? Vitesse is uitgenodigd om tegen de Duitsers te spelen.

Vakantiekoloniehuis "De Eenheid" werd aanvankelijk gebruikt als legerplaats voor de Duitse troepen, later afgebroken.
afb. 2 Vakantiekoloniehuis “De Eenheid” werd aanvankelijk gebruikt als legerplaats voor de Duitse troepen, later afgebroken.

13 juni
Deken van Beverwijk eet vanmiddag geen groente. Dankzij de uitstekende zorgen van Stien Meyer eten wij wel groente, immer dezelfde groene.
Waar moeten de koperen centen heen? Kees de Koster weet gelukkig een gaatje.

16 juni
In Amsterdam stond op een schutting geschreven: Rotterdam-Keulen 1-1. Het mijn en dijngevoel gaat er lelijk op achteruit. In de RK meisjesschool, Jeugdhuis (buit: 3 biljartballen) bonnen gestolen in de Geelvinckstraat, in de Nuhout v.d. Veenstraat etc. etc. Philips uit Eindhoven zorgt voor miswijn, hij levert gloeilampen aan Spanje, zij de wijn. Castricum heeft nog steeds geen burgemeester. 5 Personen zouden geweigerd hebben.

19 juni
Cor Spaanse heeft een brief van een kennis uit Keulen ontvangen: “Het bombardement op Keulen is ‘viel schlimmer’, dan dat van Rotterdam. Dan is het bepaald 2-1 geweest. Sebastopol wordt zwaar bedreigd. Tobroek wordt door Rommel bedreigd. De oorlog is nog lang niet afgelopen. Het nageslacht gelieve te onthouden, dat de Nederlanders vanaf 12 juni hun ontbijt moeten verorberen zonder daarbij te genieten van hun ochtendkrantje. Alle ochtendbladen (bestaand uit een enkel vel) zijn opgeheven. De pastorie zonder aardappelen!

20 juni
Duin en Bosch is leeggekomen. Wordt het een munitiedepot? Vandaag cirkelden er urenlang vliegtuigen boven.

5 juli
Deze week mocht Castricum zijn nieuwe burgemeester krijgen; bankbediende W. Masdorp, lid der NSB – stamboeknummer 33.310. Over zijn persoon weinig nieuws. De aardbeiencampagne is in volle gang, een enkele aardbei bereikt de veiling, de rest wordt verspreid per trein en fiets. De granaatwerpers hebben in de duinen proefgestoomd. Zullen zij nog eens echt gebruikt worden? Vandaag vielen meerderen flauw in de kerk. Spant het slechte eten samen met de warmte? De algemene stemming wordt down. Niemand rekent nog op een spoedige afloop. Men maakt zich op voor een ellendige winter. De nood is zover dat ik mijn geliefde kanarie (Piet geheten) een sinistere vrijheid heb gegeven. Het Jeugdhuis wordt klaargemaakt voor de gasoorlog, de brandweer repeteert.

11 juli
De Duitsers zijn de Don overgestoken, waar blijven de Don-Kozakken?

14 juli
De vervolging van de Joden is weer hevig. ‘s Nachts worden de Joden vervoerd naar Polen. De angst onder hen is erg groot. Verscheidenen zijn in het water gesprongen, anderen hebben zichzelf gedood door gasverstikking. Het optreden van de Gr√ľne Polizei is bepaald pervers.
Wij durven niet te helpen, anders worden wij op gelijke manier behandeld.

22 juli
Het is een regenachtige en waaierige zomer, geen dag schijnt de zon. Niet zo aardig, vooral nu menig Nederlander moet lopen. De Duitse Wehrmacht neemt alle herenfietsen in beslag.

8 augustus
Hoogspanning! Slechts één vraag beheerst allen: komen ze? Gauw? Dit Jaar? Opstand in Duitsland? Waar komen ze? De Duitsers intimideren ons met dikke berichten over geweldige bewapening in het Westen. Allerlei gebouwen zijn met prikkeldraad omgeven, stations en bruggen worden bewaakt. Walcheren moet ontruimd worden. Wie gedurende 24 uur een vreemdeling herbergt, moet hem opgeven. Er is in Castricum geen enkel rookartikel meer te krijgen. Niet iedereen is overtuigd van Engelands overwinning. De successen aan de Kaukasus zijn toch wel erg groot. Dit zal toch niet allemaal tactiek zijn?

17 augustus
Er zijn weer 5 gijzelaars doodgeschoten. Vooraanstaande landgenoten. Razernij in Nederland. Gandhi en Nehroe zijn gearresteerd. Mag er alleen op vergunning gereisd worden? De treinen zijn overvol. Een jongeman, die te werk werd gesteld in Duitsland was van de honger teruggekomen. In Haarlem werd hij achternagezeten door de Gr√ľne Polizei. Hij struikelde, als een konijn werd hij neergeschoten. De moordenaar stak na afloop rustig een sigaret op. Beschaving! De ooggetuigen wonen in Castricum. De tweede grote toren kan niet afgebouwd worden wegens gebrek aan materialen, het is in Keulen gebombardeerd.

19 augustus
Drie robuuste jongens uit Castricum zijn zondag jongstleden in Amsterdam gearresteerd door de Gr√ľne Polizei.

29 augustus
Onze nieuwe burgemeester is vandaag ge√Įnstalleerd. De NSB-vlag wapperde van de toren van de Protestantse kerk (gemeentetoren) en van het raadhuis. Bij al die ‘gebeurlijkheden’ was geen mens op straat. Het was gloeiend heet. De ouders lieten de kinderen met tobben water spelen; als ze maar niet op straat gingen. Van de genodigden waren alleen de NSB-ers en de ambtenaren gekomen. Ontbraken: doktoren, pastoor, dominees, notaris en vele anderen. Bij de opening van het kringhuis is gesproken door Herbschleb, plaatselijk leider der partij: “Geestelijken en doktoren zijn hier in Castricum de aanstokers van het verzet. Hier moet worden opgetreden”.
De eenpansmaaltijd is mislukt. De 60 WA-mannen zaten met het eten – en dat in deze tijd! Kinderen werden van de straat gehaald, sommige ontvluchten, bang dat er vergift in zat.

31 augustus
De strijd om Stalingrad duurt voort. Als ze de stad hebben, zal Hitler wel weer eens spreken, dat is al 3 maanden geleden. Amerika wordt wakker. Zes van de Salomonseilanden zijn heroverd.

6 september
In de kuststrook (5 km) mag niet meer getelefoneerd worden.


Jaarboek 8, pagina 11

Bij de installatie van burgemeester Masdorp.
afb. 3 Bij de installatie van burgemeester Masdorp.

19 september
In Castricum zijn 25 jongemannen opgeroepen voor de Arbeidsdienst in januari aanstaande.

24 september
De vreselijke bombardementen op Duitse steden duren voort. D√ľsseldorf moet op 10 september al heel erg getroffen zijn. Bijna dag en nacht gaan er vliegtuigen. Woensdagmiddag zijn de Hoogovens geraakt.

Er waren 7 doden. Ook Castricum heeft zijn eerste katholieke oorlogsslachtoffer, namelijk Cor Tromp uit de Pernéstraat.

26 september
Woensdag is er een vergadering van de NVD. De ambtenaren van de gemeente kregen een brief, waarin stond: wie weg blijft, toont de eisen van de moderne tijd niet te begrijpen met de consequenties vandien. We schijnen een slavenvolk te zijn geworden.

10 october
Heel Castricum praat over evacueren. Naar Zutfen wordt gemompeld. Eerst vrijwillig dan gedwongen. In 3 uur tijd zou Castricum leeg kunnen zijn.

15 october
Er moet een zeer groot aantal Castricummers naar Duitsland. Speciaal degenen, die voor zichzelf of voor de handel verdacht worden van smokkelen, of degenen, die geen groenten aan de veiling leverden. Praktisch zeker dat we moeten evacueren.
Naar Drente en Friesland. Waar zullen we over een maand zijn? Hoera, we moeten weer kabelen. Er zou weer een kabel doorgesneden zijn (De storm zal het wel gedaan hebben). Van 8 uur ‘s avonds tot 8 uur ‘s morgens moeten er telkens 80 man lopen, voorlopig 4 weken. Speciaal zal de burgemeester nemen degenen “die zo’n haat ten opzichte van hun evennaaste hebben, dat ze hun steentje aan den armen weigerden bij de Winterhulpcollecte”. Het eerst moest dinsdagavond lopen een zeker iemand, die de burgemeester als volgt te woord stond: “s.d.m. (red: sodemieter) op met die rotzooi”.

17 october
Het is thans zeker, dat we weg moeten.

19 october
Dr. Leenaers, arts te Castricum heeft vandaag zijn ontslag gehad als gemeentearts. De burgervader vroeg hem waarom hij niet groette? “Ik erken alleen burgemeesters, die door de koningin benoemd zijn”. Onverschrokken en onverdroten getuigt onze dokter voor het vaderland. Tot voorbeeld van ons nageslacht willen we even wijzen op de grote naastenliefde, die door de dokter wordt beoefend. Honderden zakken aardappelen en graan zijn door hem opgekocht voor arme arbeiders. De spanning in ons dorp groeit met dag en uur. Zullen we evacueren en waarheen? Geheel Castricum zal ontruimd worden. Alleen boeren en tuinders mogen blijven.

23 october
Twee ambtenaren komen de pastoor onder geheimhouding meedelen, dat de evacuatie officieel vast staat. De pastoor gaat de burgemeester polsen. Hij zal nu voor het eerst kennis maken met de NSB-burgemeester … Een zware gang …

30 october
Geruchten dat de evacuatie niet door gaat.

31 october
De burgemeester komt op de pastorie mededelen, dat de evacuatie niet door gaat.

6 november
De spanning van de evacuatie was gedaald, maar laait nu weer op. Heerenveen zegt men.

8 november
Enkele huizen bij den Papenberg moeten ontruimd worden onder andere het huis van de familie Heere en van Ant en Trijn Stuifbergen. Bij drukker Nagengast zijn de evacuatiebulletins om 2.30 uur ter perse gegaan. Op een bijeenkomst om 3.00 uur worden de HH Nielen, Louter en de Nijs, personeel van het gemeentehuis gemist. Evacuatie voorbereiden?

Volgens Nielen zullen morgen de bulletins opgehangen worden, ‘s middags om 13:30 uur.

9 november
In de scheerwinkel van Moeder Griet lopen rond de middag de buren van de pastorie te hoop om daar het bevelschrift te lezen. Evacuatie gaat niet door! (18:00 uur)

10 november
De evacuatie gaat wel door; vóór 30 november moeten de zogenaamde misbaren vertrokken zijn.

11 november
Als plaatsen waar we de woontenten zullen moeten opslaan, worden genoemd Onstwedde en Nieuwe Schans. Oude- en Nieuwe Pekela en Vlagtwedde. In mijn geest een saai en spookachtig gebied.

13 november
Bekendmaking van de evacuatie.


Jaarboek 8, pagina 12

24 november
Dagelijks worden huizen gevorderd, vooral Bakkum en Beverwijkerstraatweg.

28 november
Enkele huizen en boerderijen worden binnenkort afgebroken. Alle boerderijen van de Brakersweg (vanaf de Kooiweg). Enkele huizen op de Beverwijkerstraatweg en de Oosterbuurt. Dominee Seulijn moest eerst zijn huis uit, later weer niet, toen weer wel. Ging er uit met zijn inboedel en moest het weer terugbrengen. Hij trok zich dat zo aan, dat hij ‘s nachts is overleden. Meeleven en woede in het dorp. Hoogovens weer zwaar gebombardeerd.

12 december
Deze week gingen meerdere boerderijen tegen de vlakte. Dr. Leenaers mag blijven.

Afbraak in volle gang, Beverwijkerstraatweg 120.
afb. 4 Afbraak in volle gang, 1943, Beverwijkerstraatweg 120.
Vele boerderijen gingen tegen de vlakte, dit is de sloop van die van de familie Al aan de Alkmaarderstraatweg.
afb. 5 Vele boerderijen gingen tegen de vlakte, dit is de sloop van die van de familie Al aan de Alkmaarderstraatweg.
Een dergelijke ontruimingsbevel werd door vele Castricummers ontvangen.
afb. 6 Een dergelijke ontruimingsbevel werd door vele Castricummers ontvangen.

Nieuwjaar 1943
Nieuwsjaarsreceptie zonder sigaar en koekjes.

16 januari 1943
De evacuatie van Castricum gaat met bekwame spoed verder. Binnen 2 x 24 uur moet men zijn huis verlaten hebben. In Amsterdam zijn honderden magazijnen en opslagplaatsen leeggehaald zoals De Bijenkorf, Gerzon en dergelijk, de voorraden gaan naar Duitsland. Het personeel komt vrij en wordt ook naar Duitsland gestuurd. Schmidt heeft weer gesproken: “Alle intellectuelen moeten ook maar eens leren werken”, ze moeten naar Duitsland.

23 januari
Allerlei ge√ęvacueerden komen terug.

27 januari
Langs heel de kust worden met koortsachtige haast zware bunkers gebouwd.

30 januari
Vrijdagavond moesten zich weer jongemannen voor arbeidsdienst op het gemeentehuis meiden. Het Duitse leger bij Stalingrad is van 330.000 tot 5.000 man geslonken. Berlijn werd twee keer gebombardeerd. Het 8e leger is na de verovering van Tripoli Tunis binnengerukt.

9 februari
Generaal Seyffardt, leider van het Nederlandse Legioen is in Den Haag vermoord. Studenten worden gearresteerd, meest jongemannen van 17-25 jaar, ze gaan naar Vught. De Russen rukken aan alle kanten op, Charkov en Rostov gevallen.

17 februari
De club, die zondag tegen Vitesse moest spelen, arriveerde 3 kwartier te laat. Wat was er aan de hand? Het Sperrgebiet was ingegaan. Castricum is slechts te betreden met een Ausweis. Sinds enige dagen moeten we om 10 uur ‘s avonds binnen zijn. Het gerucht gaat, dat dokter Leenaers binnen 2 weken Castricum moet verlaten. Hij protesteert in Den Haag.

20 februari
Dokter Leenaers de held van Castricum is nu ‚ÄĒ zij het eervol ‚ÄĒ ontslagen. Hij moet evacueren. Hij gaat naar Heiloo. Het nageslacht zij vermeld, dat hij zich zeer dapper heeft gedragen.

5 maart
Een Engels vliegtuig heeft de bunkers bij de Brakersweg beschoten, ‘s Nachts vliegen grote eskaders Engelse vliegtuigen over om Duitsland te bombarderen. De lucht is vol zoeklichten en geronk van motoren.


Jaarboek 8, pagina 13

2e Jaargang

6 maart 1943
Wij zijn allemaal enigszins bedrukt over ‘t lange en gruwzame en onheilspellende en niet te voorziene verloop van de oorlog.

10 maart
Verschillende Castricummers mogen terugkomen. De hele evacuatie is een onding. Langs de weg wordt niet gecontroleerd en aan het station ook niet altijd.

24 maart
3 Meisjes zijn in het sperrgebiet aangehouden zonder ausweis. Straf: gedurende 2 uur het gemeentehuis schoonmaken.

27 maart
De Nederlandse artsen zijn in volle oorlog met de Artsenkamer. Zij weigerden medewerking en hebben bijna allen hun baan er aan gegeven. Overal is het woordje “arts” op de borden aan de deur verwijderd, zodat men alleen ziet staan: oog, oor, keel- of zenuw-. Dokter Nievelt mocht een overledene niet doodverklaren, dat moest een andere arts nu doen.

29 maart
Gerucht: Dokter Leenaers zou zijn opgepakt.

30 maart
Dokter Leenaers, Barnhoorn en Hoekstra zijn opgepikt. Bevolkingsregister van Amsterdam is afgebrand dankzij verklede WA- en politie.

31 maart
De kerkklok luidt voor het laatst. Hij wordt weggehaald. Gerucht gaat, dat in Bakkum “Mongolen” ondergebracht worden. Afschuwelijke verhalen doen onder de bevolking de ronde over ongedierte, lange messen, kinderroof en dergelijke.

1 april
Gisteren haalde Kees de Ausweis van de pastoor, “Sperrgebiet” was doorgestreept. De onze kon hij niet krijgen, daar Kees de identiteitskaart niet bij zich had. Afgesproken werd, dat ik naar de kommandant zou stappen. De Winterhulpgift zou slechts in uiterste noodzaak gegeven worden.

2 april
Er geweest. Ortskommandant, jonge welwillende man. “Zo weinig mogelijk mag in ‘t sperrgebiet”, zei hij. Hij nam alle paperassen mee, gaf de mijne terug, ,,’t sperrgebiet” er op, maar de Pfarrer dat kon niet. “Nu geeft u zeker wel iets voor de Winterhulp?” “Als dat n√∂tig is”. Hij lachte: “Erg n√∂tig voor arme mensen” enzovoorts.
Ik zei: “Ik bedoel in andere zin”. Hij bleef maar staan. Door zijn snedig en vrolijk antwoord was het ijs helaas teveel gebroken; bovendien miste ik de woordenkeus om ‘t op waardige wijze te weigeren. Hij had mij fatsoenlijk ontvangen en een stoel gegeven. Ik zei toen: “Omdat u dit gegeven hebt, zal ik u wat geven” en heb een gulden betaald. Die gulden ging er niet in, toen zei ik: “Het is toch blijkbaar niet n√∂tig, hij is al vol”. Toen zei hij: “Er zijn nog meer bussen.” Hij houdt van humor. Het allerergste is, dat dit geschiedt is in aanwezigheid van twee getuigen, vermoedelijk NSB-ers. Het Nederlandse volk moge het mij vergeven, als ik niet principi√ęel gehandeld heb. Men denke zich echter de bovengeschetste psychologische situatie in en oordele pas daarna.

3 april
De klepel van de klok is niet meegegaan en wordt als een relikwie bewaard. Leenaers heeft tandenborstel, scheergerei en vitaminen gevraagd. Hij zit in cel Weteringschans.

5 april
De doktoren hebben een ultimatum gekregen, dat ze voor 7 uur zaterdagavond hun naambordjes weer moeten ophangen. Zo niet, dan zouden er 10 (volgens anderen 100) gefusilleerd worden. Ze zijn hiervoor gezwicht. Er zijn, naar men zegt, 200 artsen gearresteerd.

12 april
Vanmiddag zijn enkele hoge functionarissen van de NSB op het raadhuis geweest om inlichtingen in te winnen over 7 mensen. Men vermoedt, dat het in verband staat met dokter Leenaers. Het kunnen ook aspirant-gijzelaars zijn.

16 april
Geruchten over terugkeer van een deel van de Castricumse bevolking. Wij hebben een concurrente ontdekt. Ook een journaliste. Vrouw Stuifbergen op de Achterlaan, die voor haar zoon in Afrika alle gebeurtenissen te boek stelt. In 1950 zullen de beide boeken vermoedelijk tesamen worden uitgegeven. Een ei kost in Castricum 0,90 en in Amsterdam 1,20 gulden.

30 april
Grote verslagenheid in Nederland. Heel onze weermacht zal in krijgsgevangenschap worden weggevoerd. Geruchten over relletjes. In Castricum betreft het 200 man. De Hoogovens staakt, ook het Gasbedrijf en de Waterleiding in Alkmaar staakt. We moeten om 8 uur binnen zijn, wie nog buiten is, wordt beschoten. Politiestandrecht is afgekondigd. Wie deelneemt aan samenscholingen (5 man), staakt, wapens draagt, vlugschriften verspreid, zal ‘principieel’ met de dood gestraft worden.

1 mei
Verscheidene personen hebben vannacht vastgezeten. De staking schijnt in mekaar gestort te zijn.

4 mei
We moeten om 8 uur ‘s avonds binnen zijn. Het zijn sombere dagen voor Nederland. Met geweld zijn de stakingen onderdrukt. Zondag zijn er 26 mensen doodgeschoten. Arbeiders van de Blikfabriek in Krommenie, van de Hoogovens en enkele mijnwerkers in Maastricht. Ook de stationschef in IJmuiden, omdat hij gezegd zou hebben, dat de Spoorwegen ook moesten gaan staken.

8 mei
Alle mannen van 18 tot 35 jaar worden opgeroepen voor Duitsland. Er duiken zeer veel mensen onder. Er stonden weer 6 doodvonnissen in de krant. Men let er al niet eens meer op.

22 mei
Vandaag gaat de held van Castricum, dokter Leenaers, naar het kamp te Vucht. Maandag is een vliegtuig laag vliegend over

Restanten van gesloopte woningen in de Tweede wereldoorlog, Beverwijksestraatweg in Castricum.
Restanten van gesloopte woningen in de Tweede wereldoorlog, Beverwijksestraatweg in Castricum.

Jaarboek 8, pagina 14

Castricum gevlogen, links en rechts schietend. Geruchten over een totale evacuatie van Castricum. Een groot deel van Castricum zal worden afgebroken onder andere Geelvinckstraat, Mient, Burgemeester Mooystraat.

30 mei
Alle radiotoestellen moeten worden ingeleverd.

6 juni
Uit Vught is dezer dagen weer een parochiaan teruggekeerd, kaal geknipt, 4,5 maand weggeweest. Beschuldiging: ‘mannetje laten tekenen op ausweis, die op een Rus leek’. Hij vertelde, dat dokter Leenaers, arts te Vught er niet best uitzag.

10 juli
In Duitsland worden onze jongemannen meermalen gedwongen met Duitse meisjes op één kamer te slapen.

Invasie in Europa begonnen
In de nacht van 9 op 10 juli 1943 is de invasie begonnen op Sicili√ę.
Syracuse is gevallen.

11 juli
Er zijn al 70 Castricumse jongemannen naar Duitsland. De bouw van de tankgracht is begonnen. De Geallieerden zijn op Sicili√ę geland!

21 juli
Ook de meisjes worden opgeroepen voor werkzaamheden in Duitse fabrieken, oogsten, ateliers en gezinshulp.

25 juli
‘s Middags 15:15 luchtalarm. Er is hier een Duits jagertje neergeschoten. De piloot is per parachute gered.

26 juli
Iedereen weet het, de Duce is afgezet, of afgetreden, de mensen feliciteren elkaar.

4 augustus
Geruchten over evacuatie van nog 2.000 Castricummers. Het dorp had 8.500 inwoners, nu nog 4.300. Kanonnen zijn gearriveerd, staan opgesteld op de duinen bij de Sifriedstraat.

13 augustus
Afbraak bekend gemaakt van: Vinkebaan, Onderlangs, Kramersweg, Mient, Stetweg, Schulpstet (Kalkovens), Brakersweg, 1e- en 2e Groenelaan en Kooiweg.

Ook de kalkovens aan de Stetweg gingen voorgoed verloren.
afb. 8 Ook de kalkovens aan de Stetweg gingen voorgoed verloren.

16 augustus
Afbraak is begonnen.

3 september
De Engelsen zijn geland op ‘t vasteland van Itali√ę. Na bombardementen der kustbatterijen door verdragend zeegeschut zijn ze de Straat van Messina overgestoken.

8 september
De afbraak van de Brakersweg enzovoorts is 14 dagen uitgesteld. Castricum biedt een hopeloze aanblik. Wat is het toch erg, dat verschillende Castricummers meewerken aan de afbraak van hun eigen geboorteplaats. Itali√ę capituleert!!!!
Om 3 voor zeven werd het ons bekend door de zoon van de notaris. Het gaat als een lopend vuur door het dorp, er moeten nog wel radio’s zijn, tientallen mensen wilden het ons vertellen. Wanneer volgt Duitsland? Europa juicht. De Russen bereikten ook een prachtoverwinning, ze bevrijdden het Donetzbekken. Vandaag is de sloop van Leenaers huis begonnen, hij weet het niet.

Kramersweg, zoals het er vlak voor de sloop uitzag. Het zou nooit weerkeren.
afb. 9 Kramersweg, zoals het er vlak voor de sloop uitzag. Het zou nooit weerkeren.

19 september
Dokter Leenaers is vrijgelaten. Er gaan lijsten rond om hem iets cadeau te geven, een soort adhaesiebetuiging.

22 september
De lijst is bij de Ortskommandant gebracht. De lijsten zijn verbrand. De organisator loopt gevaar. In de Limburger Koerier heeft een foto van de terreuraanval op Castricum gestaan. In werkelijkheid niets anders dan de afbraak gefotografeerd. In Berlijn draait in de bioscoop ook de terreuraanval op Castricum.

30 september
De gedupeerde boeren en tuinders hebben in een suikerzoet taaltje een aanbieding gekregen om naar de Noord-Oost Polder te verhuizen. Uit verdachte bron vernomen, dat deze week de evacuatie weer verder gaat.

1 october
Intussen weer meisjes en getrouwde vrouwen opgeroepen. Het verhaal van de evacuatie is juist. Zo even zijn de paperassen rondgebracht. Allerlei mensen moeten op 6 october ‘inlichtingen’ geven. Wat hangt er boven ons hoofd? Het dorp is in rep en roer.

6 october
De pastoor heeft nadere inlichtingen gehaald. 15 November moeten er 2000 weg zijn.
Ramen van het huis van de burgemeester ingegooid.


Jaarboek 8, pagina 15

7 october
In Saarbr√ľcken is Jan Kroone van de Alkmaarderstraatweg door een bombardement omgekomen.
Heel de Gemeente heeft medelijden met de middenstanders, die weg moeten. Vanavond wordt er een vergadering gehouden over een voorstel om de ambtenaren te laten evacueren in plaats van de middenstand die brodeloos wordt.

19 october
Bakkummerstraat afgesloten.
De meeste van de 2.000 evacués gaan naar Zaandam, (250 gezinnen), verder Zaandijk, Wormerveer, Uitgeest en Koog-Zaandijk.

Waar nu het zandpad ligt was in de tweede wereldoorlog een diepe brede tankval met water. Vinkebaan Bakkum.
Waar nu het zandpad ligt was in de tweede wereldoorlog een diepe brede tankval
 met water. Vinkebaan, Bakkum. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

De tankval vordert snel, er wordt ‘s nachts gewerkt.
Van de week verscheen er een vliegtuig, ze werkten met volle lichten. De man, die voor de electriciteit verantwoordelijk was, had zijn hokje afgesloten en was naar huis gegaan. Toen was het een gemakkelijk mikpunt. Geweldige klappen, in Limmen sprongen de ruiten en een kalf was dood. Nu wordt er ‘s nachts niet meer gewerkt.

26 october
Anna Wokke werd aangehouden in het Sperrgebiet. Zij reed door. De Ortskommandant schoot in de lucht. Zij vluchtte een zijweg in; maar stapte toen af. Aldaar kreeg zij de zoveelste preek in haar leven.

27 october
Anna Wokke, die tegen de Ortskommandant zei: “Ga naar Duitsland om de boel af te breken”, moet evacueren. Heldin!! Welke man heeft dat tegen hem durven zeggen.

1 november
Er is steeds sprake van een eventuele evacuatie van 1 of 2 kapelaans, omdat de bevolking verminderd is. Pastoor en Kapelaans naar de “Bommenwerper”, dat is de Ortskommandant in de oude Nederlandse Hervormde pastorie aan de Overtoom, om de zaak te bepleiten.

5 november
2.000 koeien uit de kuststrook moeten door een N.S.B-man in Akersloot en omgeving worden ondergebracht.
In Eysden zijn 9 mensen opgehangen, ze hadden Joden geholpen.

10 november
Op het Gemeentehuis ligt weer een nieuwe lijst van mensen die moeten evacueren: 150 personen zegt men.

12 november
In Wildervanck (zie vorige jaargang) zijn Duitsers gearriveerd. De oorspronkelijke bewoners zijn verjaagd.
De ge√ęvacueerde Castricummers mochten blijven!
Op het postkantoor heeft iemand voor 10.000 gulden postzegels gekocht. Debat of dat wel geldbelegging is.

26 november
Oud burgemeester Sloet moet een schadevergoeding hebben ingediend van 125.000 gulden wegens zijn ontslag als burgemeester. De gr√ľne polizei kwam toen op hem af. Hij is ondergedoken.
Berlijn is de meest gebombardeerde stad. 12.000 ton bommen zegt men.

28 november
Hitler en Goebbels houden vol: We capituleren nooit.

1 december
In Duin en Bosch zijn circa 400 werklui van de tankgracht ondergebracht.

4 december
Weer is er een Castricumse jongen gedood.
Gebombardeerd in Berlijn. Cor Res van de Mient.
Geweldig afweergeschut donderdagavond. Een geheimzinnig projectiel ontploft op de kerk, paniek onder de biechtelingen. Een kapelaan rent met zijn stool om naar buiten. Pastoor roept: “Mensen kalm blijven. Er is niets gebeurd.”

11 december
In Berlijn moet een geweldige chaos zijn. Van verschillende jongens is bekend dat ze zwervend zijn.

16 december
Dorpstraat en Beverwijkerstraatweg nabij spoor moeten ontruimd worden.

22 december
We wachten maar af wat nu toch dat geheimzinnige vergeldingswapen zal zijn, waar de kranten vol van staan.
De pastoor stuurt een kerstbrief naar alle ge√ęvacueerden. Er zijn in Castricum nu 2.800 zielen.
Ook scheermesjes zijn nu op de bon.
Er is niets meer te krijgen of je moet de oude inleveren. Men fluistert dat je bij de geboorte aangifte van een kind een oud mannetje in moet leveren.

30 december
In de kerstnacht kwam een Unterofficier na de Heilige Mis op bezoek (zeer ongelegen) en verzekerde dat Duitsland de oorlog zou winnen. Hij vroeg hoe ze er in Holland over dachten. Ik zei dat 90 procent dacht dat Duitsland al lang al verloren was. Hij gaf toe dat de vliegtuigen en U-boten niet veel meer voorstelden, maar beweerde dat het Geheime Wapen een onverwacht einde aan de oorlog zou brengen.
Vergiftigd door propaganda?
Tot opperbevelhebber van het invasieleger is generaal Eisenhower benoemd, onder hem Montgommery. In het voorjaar zal het nu wel komen.

Nieuwjaar 1944
Met angstige bezorgdheid treedt de wereld het nieuwe jaar in. Beide partijen zeggen onomwonden dat dit het beslissende jaar gaat worden.

3 januari
Vannacht zijn er 2 vliegtuigen neergeschoten, 1 in Egmond en 1 in Oudorp. Die in Egmond plofte met bommen en al uit elkaar.

10 januari
Nieuwe bepalingen: “De jeugd onder 20 jaar moet om 6 uur binnen zijn” (plaatselijke bepaling).

15 januari
Mijn nieuwe Ausweis kan verlengd worden tot eind 1945. Wat denken ze wel!
De Ortskommandant is niet erg gezien in Castricum. Hij heeft mensen van de Oud Haarlemmerweg weer verjaagd ‚ÄĒ vroegere bewoners van de Beverwijkerstraatweg ‚ÄĒ die daar pas 1 week woonden. Waarschijnlijke reden: Het was buiten hem om gegaan.
Jongeren die zich niet aan de nieuwe bepaling houden worden uit bioscopen gehaald. Er patrouilleren Duitsers, N.S.B.-ers en marechaussees. De Russen zitten al 70 kilometer in Polen.

16 januari
Enkele Castricummers gearresteerd wegens clandestien slachten en voor valse bonnen. Goed nagemaakt en uit Belgi√ę hier gebracht.


Jaarboek 8, pagina 16

2 februari
Bij luchtalarm in Castricum kruipen de kinderen van de klassen beneden onder de schoolbanken, die van één hoog rennen naar beneden. Deze maatregelen zijn niet overbodig: in Limmen is laatst door een neergevallen benzinereservoir brand ontstaan in de kerk: Maria-altaar, preekstoel en stoeltjes voor de zusters zijn verbrand.
Vrij Nederland verspreidt richtlijnen voor een eventuele invasie. Zo langzamerhand komen we weer in de “invasie-stemming.”

14 februari
Geen wereldschokkend nieuws. Stilte voor de storm?
De tankval vordert snel. Men kan nu niet meer vanaf de Brakersweg en Groenelaan op Bakkum komen.

17 februari
Inundatie van een deel van Nederland.
De waterlinie van 1940 wordt weer in werking gesteld. Het land komt een decimeter onder water te staan, vele boerderijen in de polders ontruimd. Den Helder is een eiland geworden.
Bij een overval op het stadhuis in Alkmaar is een 18-jarige jongen gegrepen – naar men zegt – een Castricummer. Hij had een revolver en handgranaten bij zich. (Jan Hoberg, red.)

Jan Hoberg.
afb. 10 Jan Hoberg werd gegrepen bij een overval op het stadhuis te Alkmaar. Hij werd op 18-jarige leeftijd gefusilleerd na opgesloten te zijn geweest aan de Weteringschans te Amsterdam.

Zou de invasie nog voor 8 maart komen? De ijzerzaag arriveert deze week. Wij gaan in de kelder zitten, maar hebben een ijzerzaag nodig om er uit te komen als het huis instort. Vrolijk vooruitzicht. Als er jongens uit Duitsland van de arbeidsdienst met verlof komen, gaat er bijna niemand meer terug naar hun Lager. De meesten duiken onder.

23 februari
Veel overvallen op distributiekantoren en raadhuizen. Duizenden onderduikers moeten onderhouden worden met gestolen bonnen. In de kerk is een extra branddeur gemaakt in verband met brandgevaar. Ook zand en water is opgeslagen.

28 februari
Mijn handen trillen nog een beetje, want er is huiszoeking geweest. ‘s Morgens vroeg werden op straat al mensen gecontroleerd en jongemannen gearresteerd. Vanaf 8 uur werd huis aan huis huiszoeking gedaan. Om half tien stapten 3 Duitsers met geweer op de schouders het huis binnen. Ze doorzochten eerst de kerk, daarna de pastorie. Er wordt gezocht naar gestolen wapens. Dit boek heeft met de fietsbanden een angstige reis gemaakt. De pastoor gaf inlichtingen als: “Dit zijn alte Speiker”, “Wir haben kein Spek” enzovoorts. In het dorp zijn enkele auto’s gevonden, die niet geregistreerd waren onder andere van Cor Spaanse en Dirk Wokke (een voorwereldlijk Fordje) In het land van Dijkman werd een radio gevonden. “Niemand” weet van wie. De wapens die ze gevonden hebben, zijn een paar kogeltjes die bij de Luchtbescherming lagen en een paar oude sabels op het raadhuis! Er werd vanmorgen weer zwaar gevlogen. Het bombardement op Nijmegen kostte meer dan 400 doden.

16 maart
Strengere ausweiscontrole.
Vandaag dook een Amerikaanse jager 3 maal boven de spoorlijn bij de Kooiweg/Groenelaan.
Enkele gewonden, locomotieven geraakt.
Pastorienieuws: de kelder is in orde gemaakt als schuilkelder, maar als het gevaarlijk is, gaat iedereen buiten staan kijken.

21 maart
Finland heeft geweigerd de wapenstilstandvoorwaarden van Rusland aan te nemen. Dapper volk. Toch zullen ze boeten voor hun moed.
Hongarije bezet door Duitsland. De Russen snellen voorwaarts. E√©n derde van Noord-Holland is ge√Įnundeerd. Tussen Uitgeest en Krommenie staat ook alles onder water.

27 maart
Gistermiddag IJmuiden zeer zwaar gebombardeerd, 600 bommen op de vissershaven en de duikboothaven.
10 Schepen vernield. De hele dag rijden Rode Kruiswagens af en aan. Men praat over 500-1.000 Duitsers dood.

29 maart
In het hele land zijn verscheidene pastoors en kapelaans opgepakt wegens bezit van radio’s en wegens hulp aan onderduikers.
Distributiekantoor van Castricum door sabotage verbrand. Dinsdagmorgen om 1 uur is het kleine kantoor van de distributie verbrand, het stond ineens in lichterlaaie. Toen de 2 wachten werden gewaarschuwd door een buurman, richtten deze doodsbenauwd 2 revolvers op hem, ze durfden eerst niet eens open te doen. Veel aan waarde is er niet verbrand. Aaf Veldt, de werkster is verhoord, de districtsleider en 4 medewerkers zijn tot ‘s ochtends gevangen gezet. Er wordt gefluisterd, dat “de partij” het gedaan heeft om enkele distributieambtenaren er uit te drukken.
Veel Castricummers moeten eens in de een of twee weken voor de weermacht werken. Boeren worden soms in het holst van de nacht gehaald met hun paard en wagens. Kom je niet, volgt er arrestatie.


Jaarboek 8, pagina 17

Op de achtergrond een beeld van het distributiekantoor. Maart 1943.
afb. 11 Op de achtergrond een beeld van het distributiekantoor. Maart 1943.

1 april
De geruchten gaan weer dat hier algehele evacuatie zal komen eind mei begin juni, kan best, we zitten midden in de stellingen. In Velsen-Noord is een beruchte politieman doodgeschoten. Ze zijn bang voor represailles. Hier zijn nog geen represailles geweest van de brand in het distributiekantoor. Het is een troosteloos gezicht dit volkomen uitgebrande gebouw te zien staan als waarschuwing voor de buren van het raadhuis er tegenover. Veel Castricummers werken nu (vrijwel zonder uitzondering) voor de Wehrmacht, eens in de 3-4 weken (sommigen maanden).

13 april
Er is wraak genomen voor de gehate vermoorde N.S.B.-politieman in Velsen. Vooraanstaande figuren worden gepakt en doodgeschoten. Ieder die zich bedreigd voelt, duikt onder. Ook in Castricum. De geallieerden zijn een geweldig luchtoffensief begonnen, het gaat dag en nacht door. Je went aan het gebrom boven je hoofd. De controle aan het station is nu zeer streng geworden. Ook aan de Heereweg wordt weer zwaar gecontroleerd (alleen bij donker).

14 april
Jan Hoberg gefusilleerd, was ingesloten in de Weteringschans te Amsterdam (18 jaar).
De geruchten dat Castricum in mei helemaal leeg moet zijn, blijven aanhouden. De Nederlandse landwacht zal controle gaan uitoefenen op de ausweisen en smokkel.

15 april
7 Uur ‘s avonds: vanmiddag om 12:30 is de held van Castricum dokter Leenaers langs geweest. Hij ziet er goed uit en is nog even strijdvaardig. Om 12:15 stopten er 2 auto’s, een kolonel en een 7-tal officieren gingen de scholen bezichtigen. Ze hebben meteen de pastorie bezichtigd en het zusterhuis. Ze zijn met mijn sleutel naar de jongens.school gegaan, er kwam er een woedend terug. De sleutel paste niet. Toen ben ik maar meegegaan. De kolonel was verontwaardigd, zijn ridderkruis bibberde. Ik heb ze de goede deur gewezen, toen ik weg wilde gaan, brulde er een: “Halt, stehen bleiben.” Hij gaf bevel om de kolonel te f√ľhren. Dit gedaan zijnde vertrok het hoge gezelschap naar het dorp. Wat hangt ons boven het hoofd?

18 april
Het huis van Heideman (Hermana State) moet binnen enkele dagen ontruimd zijn, door de bewoners wel te verstaan. Verder moet alles blijven staan. Hermana State moet eerst geschilderd en behangen worden vóór de heren officieren er ingaan.

De “Bommenwerper” wordt vervangen, zo gaat er een gerucht. Zondagmorgen is er in Beverwijk een enorme razzia gehouden op jongemannen. Ze werden uit de kerk gehaald!
Alle huizen gecontroleerd; 400 tot 500 man zijn per beestenwagon afgevoerd naar Amersfoort en Arnhem.
Men zegt dat ze 1.000 jongemannen nodig hebben als represaille voor de steeds doorgaande moorden in Beverwijk (Vrijdag 2, Zaterdag 1 op N.S.B.-ers). Eén van de getroffenen was nog niet dood en mocht zijn 4 grootste vijanden noemen, die zijn nu gearresteerd en één is er doodgeschoten. Alle jongemannen in de buurt zijn doodsbenauwd geworden.
Dr. Kuier is verantwoordelijk gesteld voor het leven van de gewonde N.S.B.-er. Nou deze infectie heeft gekregen is dokter Kuier ondergedoken.

5 mei
Een boer moest rijden met paard en wagen in de duinen voor de weermacht. Het paard trapte op een landmijn en moest worden afgemaakt. De Duitsers weten niet precies waar de mijnen liggen.
Om half tien kwam Arie de Nijs van de provincie vragen of er een geestelijke in de duinen wilde komen daar er een ongeluk gebeurd was. Kapelaan Holthuizen is gezeten tussen W.A. mannen in de gemeente-auto naar het pompstation gegaan. Het bleek Arie Hageman te zijn, vroeger van de Heereweg, nu ge√ęvacueerd naar Uitgeest. Ik ben de droeve mare in Uitgeest gaan vertellen.
Er waren oefeningen, er is een kogel verdwaald en dwars door zijn hoofd gegaan, 38 jaar, twee kinderen. De boeren durven de duinen niet meer in.
Het vliegveld Bergen zwaar gebombardeerd. Opvallend zijn de zware aanvallen op Noord-Frankrijk en Belgi√ę.

13 mei
In Heiloo werden zonder bloedvergieten alle bonnen op het distributiekantoor buitgemaakt. Het personeel werd in de kluis gestopt. Daders spoorloos.
Vervanging van de “Bommenwerper” is uitgesteld.
De aangekondigde verlofdatum 15 mei voor de jongens in Duitsland is voor onbepaalde tijd uitgesteld. Er kwam nl. bijna niemand meer terug, als hij verlof had, dook men onder.
De nacht van Sint Pancratius was erg onrustig voor alle bewoners uit onze streken. Zwaar kust of scheepsgeschut. Het huis stond te dreunen.

28 mei
Overal in het land zijn palen geslagen tegen het landen van vliegtuigen. Speciaal zweefvliegtuigen.

1 juni
De laatste week worden veel treinen beschoten.

5 juni
Rome in handen der Geallieerden.

Invasie begonnen

6 juni
Kapelaan Holthuizen komt met het enerverende bericht dat de invasie begonnen is. Er blijkt een sterk leger te landen in Normandi√ę (in de buurt van Le Havre). Wij drinken een borrel. Er worden allerlei plannen gesmeed:
le een graf zal in de tuin gemaakt worden met het omhulsel dat anders in een echt graf zit. Pracht schuilplaats.
2e wat te doen als Pastoor of kapelaan v.d. Zalm gehaald worden? Elders slapen.

6 juni
‘s Avonds 23:45. Pastoor met pyama naar de zusters. Kapelaan v.d. Zalm z’n bed gespreid, maar hij wacht nog even af. Pastoor


Jaarboek 8, pagina 18

Martens zal opendoen, als er gebeld wordt, hem moeten ze toch niet hebben. Dit alles omdat we bang zijn dat er een partij gijzelaars worden opgepikt. Slaap zacht!!
Caen is veroverd, neen niet waar; Bayeux wel. Het moet een fantastische veldtocht zijn. 4.000 Schepen en 13.000 vliegtuigen.

8 juni
Er wordt op veel meer landingen gerekend. De meeste mensen zijn zenuwachtig doch iedereen is optimistisch. Vele valse geruchten. Steden binnen 35 kilometer van de kust zouden gebombardeerd worden. Dokter Leenaers ligt ernstig ziek in Tilburg.
Alle soldaten uit Limmen en Heiloo vertrekken, ook een deel van Castricum. Men zegt vannacht invasie in Rotterdam of Vlissingen. Er moet een vloot klaarliggen. Veel vliegtuigen boven Rotterdam. De Hemel spare ons!!

11 juni
Vele geruchten. Zeker is vrijdagnacht een zeegevecht tussen Duitse en Engelse schepen voor IJmuiden.
Groot alarm in Nederland.
Zeker is ook: Zaterdagmiddag hebben de Duitsers het vliegveld van Bergen in de lucht laten vliegen. Of ze bang zijn.

16 juni
In het Heiloo√ęr bos worden tanks opgesteld, ook de Herman G√∂ring-divisie zou deze kant opkomen.

1 juli
Cherbourg gevallen.
Sinds twee weken schiet Duitsland op Londen met een soort raketbom, V1 genoemd. De uitwerking moet vreselijk zijn.
In Rusland een enorm offensief tegen de stad Minsk. Een debacle voor Duitsland.
Verschillende Castricumse meisjes lopen met militairen. Sommigen worden nogal eens ‘s nachts om 3 uur thuisgebracht. De ouders staan machteloos.

8 juli
In de steden wordt honger geleden. Duizenden trekken naar het platteland om voedsel te halen.
Dokter Leenaers is bediend. Nog een slachtoffer van de behandeling in Vught.
Nadere berichten over nieuwe evacuatie: er moeten zovelen weg, dat nog slechts 250 gezinnen overblijven, alleen boeren en tuinders.

Evacuatie van de bewoners van het af te breken pand Duinenboschweg 20-22, alles wat rijden kon werd gebruikt voor de verhuizing.
afb. 12 Evacuatie van de bewoners van het af te breken pand Duinenboschweg 20-22, alles wat rijden kon werd gebruikt voor de verhuizing.

Aanslag op de F√ľhrer

20 juli
Begin van het einde?
Hitler spreekt, hoewel licht gewond.

22 juli
Dokter Leenaers in Tilburg op 42-jarige leeftijd overleden.

27 juli
Begrafenis dokter Leenaers. Erg plechtig.
Men wilde het lijk van het station ophalen, de burgemeester verbood dat, hoewel hij hem hoogachtte notabene!!
Toen zouden een 30-tal mensen (van corporaties) naar het station gaan, maar de politie stuurde die ook weg.
Er was een krans: “Uit dankbaarheid van hen wier lijden gij in het kamp hielp verlichten.” Dit was een krans uit Vught.

5 augustus
De trein waarin ons distributiepersoneel zat, is beschoten. Castricums meisje gedood. De treinbeschietingen worden veelvuldig.

15 augustus
De Engelse zender is optimistisch. Tweede landing in Zuid Frankrijk.

22 augustus
Maastricht hevig gebombardeerd: 100 doden. Ook Brussel, Gent en Kortrijk.
Komt er een derde invasie in Zeeland en Belgi√ę?
Mocht dit zo zijn dan zullen overal gijzelaars gearresteerd worden. In Castricum is dit een lijst van 13 personen. Uit goede bron is bekend, dat kapitein v.d. Zalm lijstaanvoerder is. Ook staan erop: Joop Zandbergen, Piet v.d. Goes en Jan Rozing. We zullen maar afwachten, maar leuk is het niet.
Zondag om half twee had de landwacht een goede vangst. Een van de overvallers (9.000 bonkaarten) op het distributiekantoor in Oudorp was gepakt. Op het raadhuis gaf hij de Leeuw een klap en sprong toen uit het raam, daar is hij door handige manipulaties verdwenen.
Pastoor en kapitein Holthuizen gaan rustig op vakantie. Dat zullen latere lezers ongelooflijk vinden, maar veel Nederlanders gaan ondanks gevaar nog op vakantie.
Bij boer Poel is juist een paard gestolen. Het was juist gevorderd!! Er wordt enorm gestolen.
Weer een jongen in Duitsland gedood, Jaap Lute, de 2e zoon van die familie die in Duitsland bij een bombardement omkomt. Parijs is gevallen.

2 september
Intussen zijn hier SS-troepen gearriveerd.
Wij zullen toch geen egelstelling worden?
Gisteren zijn de Geallieerden Belgi√ę binnengetrokken.

4 september
Evacuatie gaat toch door, ondanks het feit dat ze op 60 kilometer van onze grens staan. Elk paard of auto, die op straat komt wordt gevorderd. Hoe moet men dan verhuizen?
Gen. Eisenhower heeft order gegeven aan Nederland: geen openlijke opstand, geheime sabotage, gehoorzamen aan vrijscharen, overheidsdienstmensen geweldig sabotteren.
Brussel en Antwerpen bevrijd. Finland gecapituleerd.
Een historische dag:


Jaarboek 8, pagina 19

Troepen op nederlands grondgebied.

5 september
(Dolle Dinsdag, redactie)
Vanmorgen is bekend gemaakt, dat Breda al bevrijd was. De Geallieerde troepen zouden al aan de Rijn staan.
‘s Middags 4 uur: Zonderlinge dag: niettegenstaande de radio weten wij niets. Wij zitten te berekenen hoever de Engelsen moeten zijn. Er gaan geruchten over Noordwijk.
Duitsers vertrekken spoorslags, gepakt en gezakt, richting Beverwijk. Onze vlaggen liggen klaar. Kinderen worden uit school gehaald. Allerlei mensen slapen ergens anders uit angst voor de laatste streken van de NSB en Duitsers.
Het ziet er naar uit dat de Engelsen en Amerikanen Castricum zonder slag of stoot krijgen. Het Lager in Bakkum is weggestroomd.
Kapitein v.d. Zalm is op toernee door het dorp om te informeren. Zo even 5 uur gearriveerd.
Utrecht is gevallen, dat moet officieel zijn. Anderen zeggen: Sassenheim gevallen, NSB-ers zijn op de vlucht. In Beverwijk stonden verschillende mensen te praten. De Duitsers openden het vuur. Verschillende doden, de rest gearresteerd. Uitzonderingstoestand in Nederland.
8 uur. Tot onze verwondering is de pastoor heel rustig thuisgekomen. De treinen rijden nog tot Dordrecht. Vanmorgen in Breda nog niemand te zien. In Zoeterwoude hebben een tijdje de vlaggen uitgehangen op het bericht dat Noord- en Zuid Holland waren vrijgegeven.

De Alkmaar Packet met Duitsers in het Noordzeekanaal in brand geschoten. Pati√ęnten van Heiloo met Rodekruistreinen afgevoerd. De aanvankelijke spanning “vannacht zijn ze hier” is dus weer verdwenen voor de nuchtere werkelijkheid.
De telefoon gaat ook weer!
De Engelse luchtmacht is zeer actief. 7 Locomotieven in Alkmaar beschoten. Doordat ook alle autoverkeer stil ligt, begint er voedselschaarste te komen. Hoe zal de toekomst in de steden zijn?

7 september
Moord in Castricum.
Woensdagavond 20:15 is in Castricum een moord gepleegd.
Aan de Kooiweg wilde een beruchte WA man hier ter plaatse een auto controleren. De 2 inzittenden waren vrije Nederlanders zonder papieren. Zij hebben de man 6 kogels gegeven, waarvan 3 raak waren. Op slag dood. Het dorp in rep en roer. Angst voor gijzelaars, hoewel ik dat niet geloof omdat de daders geen Castricummers waren. Een politieman, een persoonlijke vijand van het slachtoffer is ondergedoken. Verschillende NSB-ers zijn met families vertrokken, naar men zegt, de mannen naar Duitsland, de vrouwen naar kamp Westerbork in Drente, waar vroeger de Joden zaten!

11 september
Wegens de moord in Castricum is een aantal gijzelaars doodgeschoten, aldus meldt een rood aanplakbiljet in het dorp.

13 september
Volgens berichten van een priv√©-koerier is Eindhoven bevrijd. Treinen lopen nu nog slechts ‘s morgens vroeg en ‘s avonds. Bij onze ondergrondse is blijkbaar enige onenigheid. Tegenstelling Christelijk – Communistisch?

14 september
Terreur.
In de zaanstreek zijn 40 gijzelaars opgepakt. Elke dag zullen er 4 gedood worden, als de Engelse parachutisten niet te voorschijn komen. Gisteren zijn de eerste gedood. Zichtbaar van de weg af. De lijken liet men uren liggen. Gruwzaam. Vanmiddag zou er weer een terechtstelling zijn. Inmiddels schijnen zich 6 parachutisten gemeld te hebben.
Het huis van dokter van Oppen in Limmen is met brandbommen bewerkt. Ook een huis van een dokter en een tandarts in Heiloo; vanwege een dynamietaanslag op een trein.

17 september
Vanmiddag is het eerste parachutistenleger geland in de buurt van Eindhoven en Nijmegen. Maastricht vrijdag verovert. Beneden Rijn en Lek moeten verzetsgroepen in actie komen. Momenteel gaan hier geregeld laag vliegtuigen over. Zouden wij ook parachutisten krijgen plus een landing? Het is weer spannend vandaag.
Lanterfanterende mannen tussen 16-50 jaar worden zonder pardon op transport naar Duitsland gezet, aldus de Deutsche Zeitung.

18 september
In de Zaanstreek wapens gevonden in de protestantse kerk. De dominee is doodgeschoten. Nu de Todt (red: speciale Duitse leger-instelling) weg is, had men vóór vertrek benzine en olie aan Jan Stengs verkocht.
Is ontdekt. Jan gedoken, vrouw gepakt, weer los. Vader en knecht zouden gefusilleerd worden. Na 10 tellen moesten ze zeggen waar hij was, anders een schot. Bij de 10e tel kregen ze een paar opstoppers.

19 september
Vanwege de fietsenvordering fungeren kolenhok en lijkenhuisje als schuilplaats.
Onheilspellend nieuws. Vele dorpen in de omtrek moeten binnen 4 dagen ontruimd zijn. Niets meenemen!
Velsen moet vanavond weg zijn. Gaan de fabrieken de lucht in? Blijkbaar zal IJmuiden verdedigd worden. De positie van Castricum wordt er niet vrolijker op.

Men begrijpe de situatie: geen trein, geen autobus, geen fiets, geen paard en wagen, geen post, geen telefoon. Organiseer maar een verhuizing! De kelder wordt in gereedheid gebracht. De ijzeren spijlen worden verwijderd. Oppervlakkig gezien zitten we veilig.

21 september
Gisteravond werd door de dorpsomroeper Dorus Kuys uit de Oosterbuurt omgeroepen, dat alle fietsen moesten worden ingeleverd. Het was half 8. Niemand ging, behalve enkele NSB-ers. Vanmorgen vroeg werd bekend gemaakt dat als er voor 12 uur niet een groot aantal fietsen gearriveerd was, er tien huizen in brand gingen.
Enkele mensen die op de nominatie stonden, waren hun huis al aan het leegsiepen. Toen zijn er 300 fietsen gebracht, heel oude karretjes.
Om 12 uur werd omgeroepen, dat als om 4 uur niet alle fietsen ingeleverd waren, 10 Castricummers zouden worden doodgeschoten.
6 uur: Zojuist wordt gemeld dat er ongeveer 1.200 fietsen zijn ingeleverd. Om half zeven mag men zijn fiets terughalen.
8 uur: Bijna alle fietsen zijn teruggegeven, de 100 mooiste hebben ze gehouden.
De Kommandant kwam zelfs een fiets voor de kapelaan brengen. Hij had er een voor mij gevorderd, nu heb ik er 2. Het is een prachtfiets met nieuwe banden. Er stond op: PWN 150. De betonweg Velsen ‚ÄĒ Amsterdam wordt opgeblazen ‚ÄĒ enorme knallen.
Noord-Holland wordt opgesloten.

22 september
Vandaag zijn de Coenhaven en de dokken in Amsterdam de lucht ingegaan.

26 september
De pastoor reorganiseert het lager onderwijs. Allerlei ongediplomeerde krachten zorgen dat alles doorgaat.
Barre strijd bij Arnhem. De parachutisten zitten ingesloten.


Jaarboek 8, pagina 20

30 september
De slag bij Arnhem is verloren. Er zijn nieuwe troepen gearriveerd. Ik zag er een met een koe lopen! Duizend man zouden nu in de bunkers en koloniehuizen zitten.

1 october
Walcheren onder water gezet.
Putten is totaal platgebrand, wegens moord op enkele Duitsers. Alle mannen 15-50 jaar gaan naar Duitsland.
Velsen is de lucht ingegaan. Tussen Hoogovens en Papierfabriek staat niets meer.

7 october
Vanaf aanstaande maandag geen licht meer in Noord-Holland, geen kolen, geen kaarsen, geen olie.

9 october
Om 8:33 is mijn elektrische klok stil blijven staan. In Apeldoorn de hele mannelijke bevolking opgeroepen om loopgraven te spitten, er kwamen er 3, waarvan 2 NSB-ers. Er zijn 22 man doodgeschoten.
De helft werd doodgestoken en als voorbeeld op de hoeken van de straat neergelegd.
Er zijn vanmorgen tijdbommen gelegd op de rails tussen Alkmaar en de Koog.
Om 4:15 kregen de bewoners van drie huizen: v. Eyk, kapper Bakker en Verduin een kwartier de tijd om nog wat uit hun huizen te halen.
Wat kleedjes, fosfor, auto’s wat weggezet en staken de boel in brand. Na een kwartier mocht de brandweer erbij, die op de hoek stond te wachten. Het volk is woedend. De Gr√ľne Polizei rookte er een sigaret bij! Vannacht om 5 uur is de boerderij van Groen in de brand gegaan. In de hooibergen waren kostbare instrumenten bewaard. De Duitsers speelden voordat de boerderij in brand ging op de piano.
In Uitgeest 7 huizen.
Worden de tijdbommen niet te schadelijk?

17 october
Ik ben naar Den Haag gefietst, een waagstuk. Er heerst daar volslagen hongersnood. Ik zag duizenden mensen lopend met gebrekkige karretjes en fietsen zonder banden om voedsel te zoeken. Linnengoed en lakens mee om aardappelen te ruilen. De gaarkeukens hebben het erg druk. Bomen worden bij honderden gerooid. Men kan alleen nog op een houtfornuis koken.

18 october
In Alkmaar distributie van water. Piet van Duyn ‚ÄĒ hij weet altijd raad ‚ÄĒ heeft voor de verlichting gezorgd, accu’s en 15 kaarslampen voor elke kamer, de keuken 10 – standverschil.
Churchill met Eden bij Stalin geweest. Wantrouwen, de Poolse kwestie nog steeds niet afgelost. De Russen veroverden verschillende plaatsen in Hongarije. De Amerikanen zijn op de Philippijnen geland. Aken veroverd. (Generaal) Rommel is dood.

30 october
Breda, Tilburg en Bergen op Zoom bevrijd. Ook Goes, een reden voor een borrel van de pastoor?
In Amsterdam en Haarlem nieuwe fusillades als represaille voor moord op Gestapo mensen.

2 november
Terreur op grote schaal.
Er wordt hier een gaarkeuken geopend; leider Marcker, kok Jacob van Diepen: 1 liter per persoon.

Op een illegaal pamflet op een boom voor de kerk staat een prijsbepaling voor de noodzakelijke levensbehoeften.
In de Wormer is een boer ‚ÄĒ zwarthandelaar ‚ÄĒ neergeschoten. Alle Duitse steden worden platgebombardeerd.

14 november
Massale razzia’s in R’dam 10.000 – 15.000 man (17-40 jaar) worden afgevoerd naar Drente, 54 wagons ‚ÄĒ beestenwagons ‚ÄĒ stonden in Haarlem.
Londen en Antwerpen worden bestookt met de V2 raketbommen.
Voor de kerk van Heemstede is een verdwaalde terechtgekomen, enorme schade.
500 Deelnemers aan de centrale keuken.

25 november
De ondergrondse doet hier nogal van zich spreken. Een zwarte manufacturier moet 500 gulden betalen, omdat hij door veel te hoge prijzen te vragen zijn dorpsgenoten uitzuigt. Een beetje vreemde methode vinden wij op de pastorie. “Strijd” wordt regelmatig rondgebracht.
Straszburg is veroverd, over een front van 600 kilometer woedt een hevige strijd. Wanneer zal er een doorbraak komen?

28 november
In Rotterdam zijn geen 10.000 maar 50.000 man opgepikt.

1 december
Twee marechausses kwamen via via waarschuwen dat er vannacht razzia zou zijn.
Verschillende mannen hebben de nacht in de schuilplaats boven de sacristie doorgebracht.
Ik ben nog op onderzoek uitgegaan, maar werd niet veel wijzer. Bovendien zat ik er niet rustig, er werd vlak achter mij in het donker geschoten, op wie? Ik ben zelf maar naar huis gegaan. Zo gaat het altijd: geruchten.

Leo Toepoel.
afb. 13 Leo Toepoel, hij werd enige maanden voor de bevrijding op zijn vluchtweg naar bevrijd Nederland gepakt en gefusilleerd. Hij werd slechts 23 jaar.

Jaarboek 8, pagina 21

11 december
Een dronken officier had gezegd, dat hij voor 300 man voedsel moest zorgen. Razzia’s dus, zegt men. Alles wordt nu zo uitgelegd.
Stoeten mensen komen langs uit de grote steden, eten bedelend en onderdak vragend. De bevolking is nogal gastvrij. Ook de manufacturier herbergt regelmatig mensen. Tragische verhalen over sterfgevallen onderweg, over een boer die slechts wilde ruilen voor schoenen die iemand aan had. Broodrantsoenen weer verlaagd. Typhus in Amsterdam.

16 december
In de grote steden heerst grote hongersnood. Deze week razzia’s in Limmen, Heiloo en Beverwijk.
Duitse tegenaanval.
Tot allergrote verrassing hebben de Duitsers een groot tegenoffensief opgezet. Doorbraak bij Malmedy. Wanhoopspoging of toch nog kracht?
Wat een misrekening.

28 december
De ondergrondse adviseert ons geen Ausweis meer te halen. Alle mannen van 16-40 jaar worden opgepakt. Er kan geen man meer op straat, iedereen heeft schuilplaats in huis. Wanhopig. Het offensief van de Duitsers is tot stilstand gebracht, ze waren al bij Dinant.
Leo Toepoel is gefusilleerd toen hij naar bevrijd gebied wilde ontsnappen. R.I.P. (red: Hij ruste in vrede).

30 december
Burgeroorlog in Griekenland, en dat in een bevrijd land. Strijd tegen het communisme? Voorspel voor de volgende oorlog: Rusland – Engeland?

5 januari 1945
Bevolkingsregister door S.D. soldaten weggehaald, ze hebben de namen en adressen van onze jongemannen.
De gaarkeuken botert niet zo best, iedereen moppert. Mensen genoeg, maar geen eten.

6 januari
Er is een WA man dood gevonden op de weg naar Uitgeest Limmen. Op ons territorium dus. Gevolgen?

7 januari
Van 5 tot 8 januari moeten alle mannen zich melden. Ondergronds parool: Ga niet. Vrijdagavond heeft Vrij Nederland zich op het arbeidsbureau laten insluiten, en alle gegevens meegenomen.
Op de plaats van de moord op de primaire weg zijn 10 of 12 gijzelaars doodgeschoten, nadere berichten ontbreken.
In een bunker aan de Brakersweg schoot een soldaat zijn vriend per ongeluk dood. Hij heeft zichzelf in e.en andere bunker doodgeschoten. Wat is tegenwoordig een mensenleven?

23 januari
Er worden kinderen uit Amsterdam en Den Haag in Castricumse gezinnen opgenomen.
De Russen staan op 60 kilometer van de Oder.

26 januari
Broodrantsoenen gehalveerd. 500 gram.
In de steden staan de lijken soms een week boven aarde, ze worden niet meer opgehaald. Men begraaft per bakfiets, in kratten.
De stadsreiniging werkt niet meer, men leegt zijn vuilnisemmer op straat. Tot overmaat van ramp sneeuwt het al een week lang. Vele tobben, de aardappelmannen en -vrouwen, banen zich een weg naar de “noord”, waar trouwens niet veel meer te halen valt.
Kunnen de Engelsen ons niet bevrijden?

31 januari
De sneeuwperiode is voorbij, sterke dooi. Optimistisch. Johanna’s Hof is afgebrand.

9 februari
Onder gejuich hadden we gisteravond weer licht, maar na 2 minuten zaten we weer in het Egyptische duister.
Verschillende boeren hebben de vorige week gedorst en aan de komende en gaande man 5 of 2 pond uitgedeeld.

10 februari
Nog steeds komen vele aardappelhalers langs. Vanmorgen werd onze WC vereerd door het bezoek van Romme, voormalig minister.

19 februari
Deze week was de grote Krimconferentie. Duitsland zal geheel bezet worden.
Berlijn door de Geallieerden.

21 februari
De meest onmogelijke situaties bij het kinderen plaatsen: velen willen er weer van af, anderen ruilen eigenmachtig. Er is een comité opgericht.

23 februari
Vanmorgen om half elf gierde over het huis een kleine jager, een vreselijk geluid. 700 a 800 meter van de kerk is het toestel met piloot te pletter gevallen. Ik ben er met het Heilig Oliesel nog geweest, niets meer aan te doen. De Duitsers kwamen als gekken met 50 man aangerend met getrokken revolver. Arme piloot R.l.P. (red: Hij ruste in vrede)

4 maart
De F√ľhrer heeft weer eens gesproken: “Ich profziere dasz Deutschland soll siegen”.
De kinderuitzending behoort tot het moeilijkste sociale werk, dat wij tot nu toe gedaan hebben.
Boeren moeten alle melk aan de fabriek afstaan, anders worden alle koeien afgenomen.
Het vervoer langs de weg is levensgevaarlijk, allen worden systematisch van de weg geschoten. Dorus Schermer gaat gewoon zijn gang. Heeft zeker een aparte engelbewaarder. Geruchten over bouw aanleg van een startbaan voor V1 of V2’s. Deze dagen hebben wij ons laten wegen. Het blijkt dat de oorlog danig in onze lichamen heeft huisgehouden (min 16 tot min 22 pond)!
Piet Groen is dezer dagen door ondervoeding gestorven. Zoeven verneem ik dat de V1 startbaan op het ijsclubterrein komt en een andere op het kampeerterrein.
Overval op de tarwevoorraad van dorsende mannen, die 10 procent tarwe als loon van de boeren bedongen hadden. Ze verkochten het voor 1.000 gulden per mud.
Een fiets is gekocht voor 2.200 gulden.

5 maart
Vanavond komen zeer optimistische berichten binnen. De Duisers trekken zich terug over de Rijnbruggen. Het Ruhrgebied ligt onder artillerievuur.


Jaarboek 8, pagina 22

4e Jaargang

6 maart 1945
Als hebdomarius open ik deze vierde jaargang van ons dagboek in de overtuiging, dat deze vierde jaargang de laatste zal zijn. Traditiegetrouw eerst een overzicht. Mondiale visie:
De Geallieerden hebben de overmacht en bombarderen Duitsland letterlijk plat. Het lijkt uitgesloten dat dit regime ooit zal capituleren.
Het gevolg is een eindeloze moordpartij. Japan wordt ook gekraakt en zal wel spoedig na Duitsland vallen.
Nationale visie: Hongersnood in de 3 provincies Noord- en Zuid-Holland en Utrecht. Tenzij de bevrijding spoedig komt, de hongersdood voor velen. Wij hopen geen gevechtsterrein te worden. Dorpsvisie: Als IJmuiden een tweede St. Nazaire gaat worden, dan zijn wij hier nog niet klaar. Meerdere gezinnen lijden aan ernstige ondervoeding.

9 maart
Over de Rijn.
Als een lopend vuurtje verspreidde zich vandaag het bericht dat de Amerikanen over de Rijn getrokken zouden zijn.
Vandaag kreeg ik een zogenaamd. wonderkacheltje dat bovenop een gewone kachel gestookt moet worden met kleine houtjes.

13 maart
In Den Haag erbarmelijke toestanden. Een nieuwe ziekte: hongeroedeem.
Dagelijks sterven honderden met opgezwollen ledematen. Het Bezuidenhoutkwartier is zaterdag 3 maart van de wereld verdwenen. 30.000 Mensen alles kwijt, 1.500 doden. Het Velserpont vaart niet meer, we zitten op een eiland.
Volgens geruchten is er aan aanslag op Rauter gedaan, er zouden 1.000 mensen als represaille gefusilleerd worden. Wel is het zeker dat een aantal gevangenen van de Weteringschans (20) zijn doodgeschoten.

22 maart
Een rookgordijn dag en nacht tussen D√ľsseldorf en Emmerich gelegd. Komen ze?
We schaffen olie en carbid aan 35 per liter en 50 gulden per kilo. Bijna alle soldaten in Castricum zouden weg zijn, ook de Luftwaffe, in Bakkum zijn er nog 5.
Er is de laatste dagen veel gebeurd. Na het bruggehoofd te Remagen, dat kennelijk per geluk is veroverd, zijn de Geallieerden ook bij Wesel en Frankfort de Rijn overgestoken. Het overwicht aan materiaal is groot. Door de permanente bomaanvallen is er totaal geen Duitse aanvoer meer. De linker Rijnoever is geheel in handen der Geallieerden. Eisenhower heeft verklaard, dat het Duitse leger verslagen is.

2 april
Vandaag aanval met 20 jagers in de buurt van Heemskerk. Prachtig gezicht, ze wierpen kleine bommen uit. De Engelse zender deelt mee, dat er een grote aanval is begonnen op Arnhem, Nijmegen. De Duitsers trekken zich uit Noord- en Zuid-Holland terug. Het Roergebied is omsingeld.
80.000 man opgesloten.

5 april
Hoe lang nog, Heer …

15 april
Roergebied ingerekend. Opmars naar Bremen en Hamburg. De Russische machine nadert Berlijn. Ons land is bevrijd ten Oosten van de IJssel. Roosevelt gestorven. Broodrantsoenen zijn weer verlaagd, wij krijgen ‘s morgens pap als bijvoeding.

18 april
De bevrijding nadert met rasse schreden en toch zijn we niet blij, omdat we niet weten, hoe de strijd hier zal verlopen. Wij zijn bang, dat alle verslagen troepen naar Castricum verjaagd worden. Vanmiddag om 2 uur zijn de sluizen van Den Oever opengezet om de Wieringermeer te inunderen.
Kilometers tarwe gaan verloren. Verleden week kregen wij voor het eerst Zweeds brood van het Rode Kruis, smakelijk. De eindstrijd om Berlijn is begonnen, een wedloop. De Russen op 50 kilometer, de Geallieerden op 80 kilometer.

19 april
Groningen, Friesland, Drente en Overijsel zijn officieel bevrijd. En, ze zijn nog maar 35 km van Amsterdam, anderen zeggen 20.
Maar dat water, dat water … Alles wordt ge√Įnundeerd.
De Duitsers in de bunkers aan de Brakersweg lezen ook de ondergrondse blaadjes. Ze hebben alle vier een burgerpakje gekocht.

22 april
De Russische en Amerikaanse legers herenigd in de omgeving van Dresden. De Canadezen staan voor het inundatiegebied, dat zich uitstrekt van Amersfoort tot de Zuiderzee.

29 april
Het bericht van 22 april schijnt wat voorbarig te zijn geweest. Pas in de loop van deze week hebben de legers elkaar ontmoet. Als internationaal teken van vriendschap zoenden ze elkaar. De Geallieerden hebben afgekondigd, dat zij pakketten levensmiddelen zouden droppen. De Duitsers mogen niet op de vliegtuigen schieten, anders zijn het “oorlogsmisdadigers”. De Engelsen zijn voorshands niet van plan de waterlinie te doorbreken. West Nederland is blijkbaar de meest onneembare vesting van Europa! Berlijn waarbinnen Hitler zich moet bevinden, is omsingeld en voor 2/3 veroverd. Is Goering afgetreden of vermoord? Het kristalletje zei, dat op de conferentie van San Francisco gezegd was, dat slechts een onvoorwaardelijke capitulatie aanvaard zal worden.
Hitler zou stervend zijn, figuurlijk of letterlijk bedoeld? Moorden door Duitsers in Oudorp en Heemskerk. De Nazi’s in Berlijn hebben nog slechts de regeringsgebouwen en de dierentuin.
Wij beleven historische dagen.
Mussolini is dood, gefusilleerd. Lijk met dat van 17 aanhangers in Milaan tentoongesteld, hangend aan een benzinepomp.

1 mei
Zo even komt het bericht, dat Himmler aan het capituleren is. Ruzie in San Francisco om Polen.
Algemeen werd de capitulatie vanmiddag verwacht. Tot op heden geen nieuws. Churchill antwoordde, toen het Lagerhuis

Burgemeester Masdorp neemt de door de Geallieerden gedropte voedselpakketten in ontvangst.
afb. 14 Burgemeester Masdorp neemt de door de Geallieerden gedropte voedselpakketten in ontvangst.

Jaarboek 8, pagina 23

hem vroeg hoe het nu met de capitulatie stond, dat hij daarover niets had mee te delen. Alleen dat de oorlog er iets beter voorstond dan 5 jaar geleden!!!
Al 2,5 millioen kilo eten afgeworpen boven de 3 hongerende provincies. Er zijn een aantal concentratiekampen bevrijd onder andere Dachau en Buchenwald. Toestanden zijn onbeschrijflijk. Wat waren die Duitsers toch een barbaren geworden.

2 mei
De zoveelste teleurstelling. Geen capitulatie. Toch wel goed nieuws: Hitler is dood. 1 Mei 7 uur ‘s avonds in Berlijn. Admiraal D√∂nitz tot opvolger benoemd, die alleen voor Engeland en Amerika wil capituleren, niet voor Rusland. Gisteravond vierde Beverwijk voorbarig feest.

4 mei
Plechtige mededeling gedaan door kapelaan Holthuizen: “Hoera, wij zijn vrij”.
Politie Weel kwam zeggen, dat Radio Eindhoven Herrijzend Nederland de capitulatie bekend had gemaakt. Wij hoorden het om 21:22 uur ‘s avonds. Nog twijfel.
De radio van het kristal bracht om 21:45 en 22:01 in het Frans en Duits zekerheid. Wij vierden feest met vooroorlogse sigaretten (5 jaar bewaard), eigen teelt sigaren, wijn, omelet en het Wilhelmus.

5 mei
Een eigenaardige dag. Geen feest en toch feest. Gewoon school. De Zaanstreek en Amsterdam vlagt, Castricum doet niets. Wij brengen het vandaag niet verder dan een paar oranje strikjes in het haar van een paar kindertjes. De S.S. is hier nogal fel. De burgemeester komt brutaalweg nog in het raadhuis. De eerste Engelse pakketten zijn hier gearriveerd. De ondergrondse wordt bovengronds. Hoofdredacteur van “Strijd” P. v.d. Goes duikt weer op.

6 mei
De vlag mag eindelijk uit. Spoedig was Castricum in feesttooi. We worden aangemaand om ons kalm te houden.
De kinderen houden een optochtje langs het huis van de zogenaamde burgemeester, de gordijnen gingen dicht. De jongensschool is gevorderd door de NBS. Blom was de aanvoerder. ‘s Avonds ouderwetse bijeenkomst; goede sigaar en zelfs champagne!!

7 mei
Het wachten op de Canadezen begint vervelend te worden. De kinderen zijn in permanente oranjestemming. De vreugde werd vandaag geremd:

Een glorieus moment voor de ondergrondse, die op 5 mei 1945 weer bovengronds kon worden.
afb. 15 Een glorieus moment voor de ondergrondse, die op 5 mei 1945 weer bovengronds kon worden.

Van links naar rechts: Jan Rozing (K.P.), Piet van de Goes +, Kees Kulk, Piet Fijn, Kees v.d. Key (K.P.) +, Klaassen – directeur van het postkantoor +, Gert van Weel (K.P.), Jan Blom (commandant K.P.J.).

Aftocht van de Duitsers: "Ze maken geen grootse indruk meer".
afb. 16 Aftocht van de Duitsers (red. langs Stationsweg): “Ze maken geen grootse indruk meer”.
  1. De Nederlandse S.S. geeft zich niet over, verschanst bij de Grebbelinie, bloedig oponthoud van 24 uur.
  2. Cor Beentjes doodgeschoten door de Mof, toen hij palen uit een weiland haalde. De Duitsers weten zich toch wel gehaat te maken.
  3. Intussen begint de nieuwe overheid zich te roeren: Masdorp gevangen, het Gemeentehuis in bezit genomen, NSB-ers geschorst. Nielen ge√Įnstalleerd als plaatsvervanger van de burgemeester van Limmen.
  4. Door allerlei verhalen over schietende Duitsers zullen wij ons pas veilig voelen als de Geallieerden hier zijn. De verwachting is dat het morgen zal gebeuren. Woensdag zal dan de offici√ęle feestdag zijn. Onder leiding van Bodewes, het Oranjecomit√© voelt zich gepasseerd.

Intussen is de ondergrondse langzamerhand bovengronds geworden: De Delta, raad van verzet in ons dorp was: dokter van Nievelt, Jan Rozing, Blom, Weel en van Eyk.

De eerste Canadezen
afb. 17 De eerste Canadezen aan de Dorpsstraat, hoek Torenstraat in Castricum, 1945.

8 mei
Vanmorgen kwamen de eerste Canadezen. De hele dag een voortdurend doortrekken van Canadese wagens. Bruine gezichten, witte tanden, waardig zegevierend de V-teken makend. Victorie: zo trokken ze alle hoofdsteden binnen. Heden enige meisjes kaalgeknipt.
De Canadezen blijven doortrekken: koplampen op: verduistering is niet meer nodig. De telefoon gaat weer. Tot ieders spijt zijn de feestelijkheden uitgesteld. Het valt nu op 11 mei. De vrede is er.

9 mei
Dorys Kuys bazuint het rond: vanaf half twee mag niemand meer buiten komen. Een razzia maar nu op de NSB-ers. Wanneer en hoe zullen wij dit boek besluiten?


Jaarboek 8, pagina 24

10 mei
Er schijnen zo’n 300 NSB-ers en sympathisanten opgesloten te zijn. Opgesloten in Duin en Bosch. Nog steeds zijn de moffen in Bakkum niet ontwapend. Vanavond een auto door ons dorp: de beulen van Vught. Ze stonden achter prikkeldraad: “Verboden deze dieren aan te raken of te voederen”. Ze waren in Limmen opgepakt. In het dorp grote discipline. Vanmorgen zijn de moffengrieten opgehaald.

12 mei
Door al die arrestaties is het dorp een groot roddeltoneel geworden.

Vele mensen bij bevrijdingsfeest met optocht, Geelvinckstraat 1945.
Vele mensen bij bevrijdingsfeest met optocht, Geelvinckstraat 1945. Collectie `Werkgroep Oud-Castricum. Toegevoegd.

14 mei
Morgen zal dan als mosterd na de maaltijd vermoedelijk in regen en storm ons dorpsfeest gevierd worden.

15 mei
Het is meegevallen, het weer en de stemming vielen beide mee. Als novum voor ons dorp werd ook volksdans uitgevoerd. Dokter Leenaers heeft zijn straat gekregen. ‘s Avonds was het dankzij de harmonie en de hossende slierten jongelui gezellig in het dorp.

19 mei
Terug van Den Haag, twee keer wind tegen. Het is daar nog niet best. Er zijn daar veel Nederlandse soldaten. Om beurten vieren de straten groot feest. De BS is in Nederland niet gezien, ze zullen wel gauw verdwijnen. Het interneringskamp Duin en Bosch is lang geen ideaal, de leiding deugt niet.

22 mei
Dezer dagen: chocolade, knakworstjes, scheepsbeschuit, wij genieten overal van. De eerste kranten verschijnen weer. Maasbode, Volkskrant, Nieuwe Dag, Het Binnenhof. De Castricumse “Strijd” blijkt een banaal blad te zijn. Politiek is alles onzeker en vaag.

24 mei
De radiodistributie gaat weer.

30 mei
In Duin en Bosch zijn thans 500 arrestanten. De derde commandant is er al. Er komen in Duin en Bosch spoedig 5.000 loges. De Koningin heeft twee kabinetsformateurs benoemd; Schermerhorn en Drees. Duizenden Duitsers marcheren naar Den Helder. Ze maken geen grootste indruk meer. Thans kan ik mededelen, dat wij steeds naar de radio hebben geluisterd. Ik had mijn toestel verborgen tussen het plafond van mijn kamer aan de achterkant van het huis. De luidspreker er uit gehaald, daar die met een magnetisch apparaat ons kon verraden. Toen de stroom wegviel, heb ik een oud toestel geleend (met een accu) en verstopt onder de grond. Via een lichtknopje bij de wastafel had men Engeland. Tot de accu niet meer geladen kon worden.

De laatste weken luisterde ik met een kristalletje. Hier zij dank gebracht aan de firma’s die hielpen. Zo hebben wij in de loop der jaren altijd nieuws gehoord en is ons moreel op peil gebleven.

16 juni
Jeugdbewegingen herrijzen.

21 juni
De bevrijdingsfeesten zijn niet altijd even prettig. De jeugd is bandeloos.

De begrafenis van Joop Zandbergen.
afb. 18 De begrafenis van Joop Zandbergen, hij kwam na de bevrijding om door een per ongeluk afgegaan geweer op 30 juni 1945.

6 juli
De tijd vroeger gespendeerd met het bijhouden van “het boek” wordt nu onder andeere in beslag genomen door het lezen van talloze kranten; nu weer: De Typhoon en het Nieuw Noord Hollands Dagblad. Er gebeurt haast niets, zodat het dagboek gaat kwijnen.
Kapper Zandbergen is overleden door een per ongeluk afgegaan geweer.
Door de BS in uniform is hij begraven.

10 juli
In Duin en Bosch 600 gevangenen er bij. De bankbiljetten van 100 gulden zijn ongeldig verklaard. Pastoor wist het van te voren. Hij ruimde er bijtijds 180 op!! Verleden week is door NSB sabotage de munitie in de duinen van Beverwijk aangestoken.
Geen ruit heel in Beverwijk.

16 juli
Onthulling van gedenkplaat in de kerk. In Duin en Bosch 800 gevangenen bijgekomen.

29 juli
Er zijn geen fietsbanden meer. Steeds lekke banden.

11 augustus
Japans aanbod tot capitulatie door twee belangrijke feiten:

  1. Toepassing van de atoombom, die de steden Hirosjima en Nagasaki in een puinhoop veranderde.
  2. De oorlogsverklaring van Rusland woensdag jongstleden.

Eind augustus zal Castricum 4 volle dagen bevrijdingsfeesten gaan vieren. Er heerst grote ontevredenheid in Nederland.

15 augustus
Nederlaag van Japan. De oorlog is nu overal voorbij.
De staten die afgoderij pleegden zijn vernederd.
Het zwaard kan weer omgesmeed worden tot ploegschaar. De atomen kunnen heel blijven, of voor vredelievende doeleinden worden gesplitst.
Ik heb mijn collega voorgesteld om het dagboek te sluiten. Hij stemde er mee in.
Moge dit boek dat ons in donkere jaren dikwijls een aangename verpozing bracht, voor het nageslacht enige betekenis hebben, ter lering, ter afschrikking, ten voorbeeld, ten vermake.
Als hebdomodarius sluit ik dit dagboek.

w.g. F. Holthuizen

15 augustus
Met weemoed schrijf ook ik mijn laatste woorden in dit dagboek.
Moge dit boek jarenlang worden bewaard en veel gelezen. Wij vragen zeer dringend, dat niemand van ons nageslacht dit boek zal ontvreemden, het is een geschenk aan de parochie en dient in het archief te worden bewaard. Aparte leugens staan niet in dit boek, wel worden er ook geruchten in vermeld, doch zij staan als zodanig vrijwel altijd aangekondigd … Moge Nederland en ons Indi√ę herrijzen uit de chaos waarin het zich bevindt.
Lang leve de Koningin.

w.g. J. v.d. Zalm, pr.

Castricum in oorlogstijd (Jaarboek 08 1985 pg 3-7)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.

Verschenen artikelen over WO1: eerste Wereldoorlog
Verschenen artikelen over WO2:¬†Castricum in oorlogstijd¬†–¬†Dagboek kapelaans¬†– De dood van Arie Hageman –¬†Duin en Bosch, evacuatie¬†–¬†Duinkant, een verdwenen dorpje¬†– Oorlogsherinneringen Nardus Bos –¬†Oorlogsverhaal Tiny van Vlaanderen-Boot¬†– verdedigingswerken –¬†verzetsstrijders¬†–¬†Leenaers, dokter¬†–¬†tante Sientje


Jaarboek 8, pagina 3

Castricum in oorlogstijd

Geversweg met telefooncentrale en tankmuur tijdens WO2.
Geversweg met telefooncentrale en tankmuur tijdens WO2. Collectie Werkgroep Oud-Castricum. Toegevoegd.

“Castricum bloedt uit vele wonden” schreef kapelaan F. Verheul op 18 december 1942 in het waardevolle dagboek dat hij en de kapelaans Dr. F. Holthuizen en J. van der Zalm van de Pancratiusparochie.in de oorlogsjaren bijhielden. Daaruit blijkt al wel dat de bezettingstijd heel ingrijpend is geweest voor de plaatselijke gemeenschap. Dat niet vanwege oorlogshandelingen, arrestaties, razzia’s of grote hongersnood maar vooral vanwege de evacuatie van vele gezinnen, de afbraak van honderden woningen en de lasten van de voortdurende Duitse bezetting.

De eerste oorlogsdagen

In de vroege ochtend van de 10e mei 1940 worden de mensen wakker van het geronk van Duitse vliegtuigen, die aanvallen doen op het vliegveld Bergen. Tussen het geronk door hoort men in de verte knallen van het afweergeschut. Op die stralende zomerse dag staan mensen in groepjes bijeen en bespreken de toestand. Sommigen hebben via de radio gehoord dat Duitsland Nederland heeft aangevallen en dat Nederland zich heeft verbonden met de geallieerden in de strijd tegen Duitsland. Alom verbijstering en ontzetting …

Enkele gebouwen van het ziekenhuis Duin en Bosch worden in de eerste oorlogsmaand door het Rode Kruis ingericht voor lichtgewonde en herstellende militairen. In totaal zijn 212 militairen daar verpleegd.
Vanaf 29 mei 1940 worden alle gebouwen weer ontruimd en de nog aanwezige pati√ęnten naar elders overgebracht.

Op 14 mei 1940 worden de Nachtwacht, schilderijen van Van Gogh en vele andere kunstschatten voorlopig ondergebracht in een betonnen schuilkelder in de Castricumse duinen, niet ver van Kijk-Uit.
Deze kelder was in april 1940 voor dat doel gereed gekomen.

Castricum is vluchtoord voor een aantal gemeenten, gelegen in een gebied dat in verband met de verdediging mogelijk onder water gezet zal worden. Op 13 mei komen ge√ęvacueerde inwoners van Ankeveen en Kortenhoef hier per trein aan en worden ingekwartierd.
Enkele dagen na de capitulatie op 15 mei 1940 vindt de terugkeer al weer plaats. In het geheel zijn ongeveer 1.500 personen uit Ankeveen en Kortenhoef hier gehuisvest geweest.

Duitse bezetting

Het aantal Duitse soldaten in ons dorp neemt toe. Castricum krijgt een Ortskommandant, die het de bevolking bijzonder moeilijk maakt. Hij wordt de “Bommenwerper” genoemd.

De Ortskommandantur wordt gevestigd in de Hervormde Pastorie aan de Overtoom. Tengevolge van alle verwikkelingen rond de ontruiming komt ds. (dominee) Seulijn plotseling te overlijden. Vele huizen en gebouwen worden gevorderd, zoals de jeugdherberg Koningsbosch, de vacantiekoloniehuizen Sint Antonius en De Eenheid en ook het badhotel bij het strand.
In opdracht van de bezettende macht worden de Prinses Julianastraat, Koningin Wilhelminalaan, Prins Bernhardstraat en Prinses Beatrixstraat omgedoopt in resp. M.H. Trompstraat, Piet Heinlaan, Jan Evertsenstraat en Daendelsstraat. Burgemeester Sloet doet een beroep op de hoofden van scholen om te voorkomen dat jeugdigen zich op demonstratieve wijze gedragen.
De burgemeester heeft geconstateerd dat politieke andersdenkenden en zelfs Rijksduitsche personen op de openbare weg worden uitgejoeld. Bij dergelijke gelegenheden roepen deze groepen “OZO” (“Oranje Zal Overwinnen”), steken de rechterarm met uiteengespreide duim en wijsvinger in de vorm van de letter V omhoog en houden op deze wijze een betoging!

Joodse kinderen mogen in opdracht van de burgemeester met ingang van 1 september 1941 niet meer op openbare scholen worden toegelaten.

Paviljoen Duin en Bosch na de bomexplosie.
afb. 1 Paviljoen Duin en Bosch na de bomexplosie.

In de nacht van 12 op 13 augustus 1940 wordt het ziekenhuis Duin en Bosch kort na middernacht getroffen door brisantbommen en brandbommen.
In één van de paviljoens ontstaat grote schade.
Twee pati√ęnten worden vrijwel onmiddellijk gedood, acht raken gewond.

In juni 1942 wordt het ziekenhuis op last van de bezetter geheel ontruimd.
Bijna 800 pati√ęnten worden ondergebracht in psychiatrische inrichtingen te Warnsveld, Den Dolder, Medemblik en Rosmalen.

De Joodse pati√ęnten, die naar Den Dolder en Rosmalen waren ge√ęvacueerd, konden uit de handen van de bezetter worden gehouden; die te Medemblik en Warnsveld zijn slachtoffer van de terreur geworden.

Evacuatie en afbraak

Dan komt in november 1942 het bevel dat de inwoners van Castricum, met uitzondering van de land- en tuinbouwers en een aantal personen, wier verblijf noodzakelijk wordt geacht, de gemeente moeten verlaten.


Jaarboek 8, pagina 4

Degenen die geen werk hebben, moeten op 30 november 1942 weg zijn; de anderen op 31 december 1942. Een eigen evacuatie-adres kan worden gekozen en anders wijst de burgemeester er een aan: onder andere in de gemeenten Wildervank, Oude en Nieuwe Pekela en Vlagtwedde vinden Castricummers onderdak.
Een aantal huizen en boerderijen nder andere aan de Oosterbuurt, Alkmaarderstraatweg, Brakersweg en Beverwijkerstraatweg moeten worden afgebroken. Dit zou nodig zijn voor verruiming van het schootsveld. Op grote schaal wordt begonnen met de bouw van bunkers, tankmuur, tankgracht, enzovoorts, waaraan een afzonderlijk artikel in het jaarboekje is gewijd.
De hele gemeente wordt “Sperrgebiet”, waar uitsluitend bezitters van een Ausweis mogen komen.
Bakkum is alleen met speciale vergunning toegankelijk.

In januari 1943 is met inbegrip van de bewoners van het Provinciaal Ziekenhuis Duin en Bosch ongeveer de helft van de bevolking ge√ęvacueerd. In een brief van 18 januari 1943 schrijft de in 1942 nieuw benoemde NSB-burgemeester Masdorp aan de commissaris der provincie Noord-Holland dat in het Sperrgebiet ten westen van de Spoorlijn, waar voorheen 1.162 gezinnen woonden, er nu nog 232 verblijven, hoofdzakelijk tuinders. Uit dit gebied zijn 930 gezinnen verhuisd, waarvan 368 naar het gedeelte van de gemeente, dat als woongebied is aangewezen: 562 gezinnen verhuisden naar elders.

In september 1943 komt er weer een bevel dat nog 2.000 inwoners moeten evacueren.
Ongeveer 250 huizen aan de Vinkebaan, Onderlangs, Kramersweg, Mient, Stetweg, Brakersweg, Kooiweg en 1e en 2e Groenelaan worden gesloopt. De wijk ten westen van de spoorlijn en ten zuiden van de Geversweg verdwijnt nagenoeg.
Het aantal inwoners, dat op 1 januari 1942 8.964 bedroeg, was op 1 januari 1944 gedaald tot 3.009.

Afgebroken woningen aan de westzijde van de Mient nabij de aansluiting op de Ruiterweg.
afb. 2 Afgebroken woningen aan de westzijde van de Mient nabij de aansluiting op de Ruiterweg.

Het aantal percelen in Castricum bedroeg kort voor de oorlog 1.875; hiervan werden er 267 afgebroken, waaronder het badhotel, vakantiekoloniehuis De Eenheid, 40 winkels en bedrijven en 49 agrarische bedrijven.
Van de overgebleven 1.608 woningen waren er aan het eind van de oorlog nog 967 bewoond en in behoorlijke staat.
Van de 641, welke leeg hadden gestaan of waren gebruikt door de Duitsers, zijn er 541 zwaar beschadigd.

Arbeidsinzet/Wachtdiensten

Op bevel van de Duitse Wehrmacht moeten alle mannen in de leeftijd van 17 tot 41 jaar zich voor werk in Duitsland aanmelden.
Strenge straffen worden gesteld op onderduiken.
Ook in Castricum zijn er veel slachtoffers van deze zogenaamde arbeidsinzet.
Vanaf 1941 worden Castricumse burgers regelmatig opgeroepen om bewakingsdiensten te verrichten. Aanleiding is dat kabels van de Wehrmacht zijn doorgesneden. Deze wachtdiensten worden in Castricum “kabelen” genoemd.
Ook moeten wachtdiensten worden verricht langs de wegen, spoorbaan en straten, waarlangs de zogenaamde dekkingsgaten en schuttersputten zijn gegraven.

Fietsenrazzia

In beslagneming van paarden, wagens, radio’s en fietsen komt regelmatig voor, maar op 20 september 1944 moeten op last van de plaatselijke S.S.-commandant alle fietsen worden ingeleverd.
In het dagboek van de kapelaans van de Pancratius-parochie is daarover vermeld dat de dorpsomroeper, de beroemde Dorus Kuys, met dit bericht het dorp rondging.
Niemand geeft gehoor aan dat bericht uitgezonderd een enkele N.S.B.-er.
De volgende dag wordt bekend gemaakt, dat als vóór 12:00 uur niet een groot aantal fietsen ingeleverd is, er tien huizen in brand gaan. Toen is er een aantal fietsen gebracht, plusminus 300 meest heel oude karretjes.
Om 12:00 uur wordt vervolgens omgeroepen, dat als om 16:00 uur niet alle fietsen er zijn, er tien mannen van Castricum worden doodgeschoten.
Er was een lijst samengesteld van deze personen, waarbij onder andere de directeur van het Postkantoor de heer G.P. Klaase, notaris van Cranenburg, Tj. van Eik, directeur van de Zuivelfabriek “De Holland”, pastoor G. Goes en de kapelaans J. van der Zalm en F. Holthuizen.
Een vuurpeleton staat voor de uitvoering van deze daad gereed. Dan worden ongeveer 1.100 fietsen ingeleverd plus een groot aantal rijwielonderdelen! Niet meer dan 150 fietsen worden uitgezocht en meegenomen.

Represaillemaatregelen

Naar aanleiding van een bomaanslag van de illegaliteit op de spoorlijn, worden op 9 oktober 1944 door de Gr√ľne Polizei drie huizen met inboedel in de Pern√©straat in brand gestoken, waaronder dat van de directeur van de Zuivelfabriek. Op 10 oktober 1944 wordt vervolgens de boerderij van Cornelis Groen aan de spoorlijn tussen Uitgeest en Castricum in brand gestoken, wegens een vermeende beschieting van leden van de Duitse Wehrmacht langs deze spoorlijn.

Afgebrande woningen in de Pernéstraat.
afb. 3 Afgebrande woningen in de Pernéstraat.

Jaarboek 8, pagina 5

Voor de boerderij in brand gaat, spelen de Duitsers eerst op de piano …
Vreselijke gebeurtenissen spelen zich af op 7 januari en op 6 april 1945.
Bij de Provinciale Weg Limmen-Uitgeest zijn toen, uit wraak voor aanslagen op een Duitse soldaat en op een Landwacht, twee maal tien mannen gefusilleerd.
Een 18-jarig meisje uit Castricum wordt gedwongen de fusillade van 6 april aan te zien.
Het monument voor de gevallenen is niet ver van de plaats van de fusillades opgericht.

Distributie

Met de instelling van distributiediensten was al voor de oorlog een begin gemaakt. Het land was in ruim 500 distributiekringen ingedeeld.
Castricum vormde een kring met Limmen en Uitgeest.
ledere inwoner had een zogenaamde. distributiestamkaart ontvangen op grond waarvan men periodiek bonkaarten voor levensmiddelen kreeg; met die bonnen van de bonkaart kon men, uiteraard tegen normale betaling in de winkels levensmiddelen kopen voorzover ze gerantsoeneerd waren.

Bekendmaking van de fusillade op 6 april 1945 bij de provinciale weg.
afb. 4 Bekendmaking van de fusillade op 6 april 1945 bij de provinciale weg.

De winkelier plakte de ontvangen bonnen op vellen, leverde die vellen bij de distributiedienst in en kreeg dan van die dienst weer toewijzingsbonnen, waarna hij weer via de groothandel herbevoorraad kon worden.
De distributie greep vanaf het begin van de bezetting steeds verder om zich heen.
Steeds meer zaken komen op de bon zoals brood, aardappelen, melk, bloem, boter, vet en vlees, maar ook voor fietsbanden, klompen, steenkolen of tabaksartikelen zijn bonnen nodig. De rantsoenen worden echter steeds kleiner. Het rantsoen per week voor 2 personen bedraagt in juli 1944 onder andere 1 pond suiker, 175 gram vlees, 1 procent liter tapte melk, 1 ons kaas en 1 tot 1,5 kilogram aardappelen.
De heer H. Nielen wordt als ambtenaar bij de afdeling sociale zaken gedetacheerd als leider bij de distributiedienst. In 1942 wordt de dienst naast de bioscoop tegenover het gemeentehuis gevestigd.
Op 28 maart 1944 ‘s nachts om plusminus 1:00 uur breekt in het kantoor een felle brand uit, die nagenoeg het gehele gebouw met inhoud in de as legt.
Er zijn duidelijke aanwijzingen gevonden dat van brandstichting sprake is. Tot represaillemaatregelen van de Duitsers heeft deze brand wonderlijk genoeg niet geleid.

Centrale keuken

In 1941 wordt al een poging gedaan om te komen tot de oprichting van een gemeentelijke centrale keuken.
De belangstelling daarvoor is dan nog zo gering dat de burgemeester van dat voornemen afziet.
Op 13 november 1944 komt de centrale keuken wel in bedrijf, ook al omdat de gasvoorziening is stopgezet.
De keuken is gevestigd in de garage van het tegenwoordige taxibedrijf aan de Stationsweg. Vervolgens begint de strijd om aan voldoende aardappelen, groenten enz. te komen.
Het aantal klanten van de keuken loopt op van 500 tot 2.000 deelnemers in mei 1945.
ledere dag, zondag inbegrepen, worden maaltijden verstrekt. Het eten wordt thuis bezorgd. Zo’n 8 of 9 mannen met diverse handkarren trekken eerst het dorp in om de lege pannen bij hun klanten op te halen. Ook passanten uit de steden, die op weg zijn om eten te halen voor hun hongerende familieleden, maken gebruik van de centrale keuken. Over de kwaliteit van het eten, hoofdzakelijk verschillende soorten stamppot is men tevreden. De “capucijnersstamp” is √©√©n van de meest geliefde en voedzame maaltijden.
Tot juli 1945 blijft de keuken funktioneren. Daarna werkt deze uitsluitend nog voor de districtsgevangenis, die in het ziekenhuis Duin en Bosch wordt gevestigd.

Verzet

Bruut optreden van Duits militair geweld, alsmede het steeds verder gebukt gaan onder telkens weer nieuwe Duitse bekendmakingen en angst voor de met de Duitsers sympathiserende personen, huiszoekingen, vordering van radio’s en fietsen, kerkklokken en koperwaren, beperking van artikelen op distributiebonnen, waren even zovele oorzaken dat de Duitse bezettende macht de haat opwekte van de bevolking.
“Het was geen wonder dat daardoor ‘t verzet tegen de Duitse bezetting ook in Castricum al vrij vroeg georganiseerde vorm kreeg”, aldus de heer G. van Weel in een artikel “Castricum rond de bevrijding” dat in 1970 in een speciale uitgave verscheen.

Het verzet kon in een aantal groepen worden onderscheiden. De O.D.-M.I.D. (Orde-Dienst-Militaire Inlichtingendienst) was een organisatie, waarin oud-militaire kaderleden, deelnamen. Dan was er de L.O.-L.K.P. (Landelijke Organisatie voor hulp aan onderduikers en de Landelijke Knokploeg).
Deze groepen waren mede belast met de illegale voedselvoorziening, casu quo (red: in dit geval) verstrekking van stam- en distributiekaarten. Dan was er de C.I.D. (Centrale Inlichtingen Dienst), die o.a. de uitgifte van het plaatselijke illegale blad “Strijd” verzorgde. Stencil- en typemachine werden in de oorlogsjaren in Castricum, vijf keer naar een ander onderduikadres verplaatst.
Eén van die adressen was het huisje van mevrouw Veldt, beter bekend als tante Sientje aan de Kooiweg. Over haar verscheen een artikel in het 3e jaarboekje van de Werkgroep Oud- Castricum.
Ook was een verspreidgroep van illegale bladen als “Vrij Nederland” en “Trouw” actief.
Tenslotte waren er dan nog de individuele verzetsstrijders, die werkzaam waren in buitengemeentelijke verzetsorganisaties zoals de Raad van Verzet (R.V.V.) en de Geuzengroep, het Artsenverzet en het Studentenverzet.
Zeker zijn hier ook toe te rekenen de onderduikgezinnen, de voedselhulpverleners, vervoerders van illegale wapens en diverse goederen.
Op 5 september 1944 is zowel landelijk als plaatselijk het verzet, ingevolge het zgn. “Deltaplan” samengebundeld in een militaire organisatie onder de naam “Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten” (B.S.) met o.a. de afdelingen S.G. (Strijdend Gedeelte), B.T. (Bewakingstroepen) en LD. (Inlichtingendienst).


Jaarboek 8, pagina 6

Vanuit de plaatselijke melkfabriek “De Holland” is melkpoeder en boter geleverd aan de Raad van Verzet ten behoeve van krijgsgevangenen en onderduikers. contactpersoon was daarbij eerst Cor Beentjes van de Van Tienhovenhoeve en later de zo bekend geworden Hannie Schaft.
Met eerbied wordt herdacht de geliefde arts Dokter Leenaers, die een van de leiders was van de landelijke verzetsorganisatie van artsen. In het dagboek van de kapelaans wordt op 19 oktober 1942 vermeld: “Onverschrokken en onverdroten getuigt onze dokter voor het vaderland. Tot voorbeeld voor ons nageslacht willen we even wijzen op de grote naastenliefde, die door de dokter wordt beoefend. Honderden zakken aardappelen en graan zijn door hem opgekocht voor arme arbeiders.” Dr. Leenaers wordt in 1943 naar een kamp in Vught gestuurd. Op 22 juli 1944 overlijdt hij in Tilburg op 42-jarige leeftijd na een ernstige ziekte en wordt op 27 juli in Castricum begraven. Er was ook een krans uit Vught waarop stond;
“Uit dankbaarheid van hen wier lijden gij in het kamp hielp verlichten”.
Zijn grafschrift en tevens devies was “alleen een vrij man kan een goed geneesheer zijn”.

Verzetsman dokter H.J.M. Leenaers.
afb. 5 Verzetsman dokter H.J.M. Leenaers.

Na de oorlog is het Dokterspad omgedoopt in “Dr. Leenaersstraat”. Ook de uit Castricum afkomstige verzetsstrijders Huibert van Ginhoven, Jan Hoberg en Leo Toepoel zijn in straatnamen ge√ęerd.

Huibert van Ginhoven werd op 17 maart 1942 te Laren gefusilleerd wegens spionage, verbinding met Engeland en verraad van Duitse staatsgeheimen.
Jan Hoberg (18 jaar) werd op 14 april 1944 op de Waalsdorpervlakte gefusilleerd, nadat hij bij een overval op het stadhuis Alkmaar, in verband met het bemachtigen van distributiebescheiden, door de Duitsers was gearresteerd. Op 13 december 1944 werd Leo Toepoel wegens spionage-activiteiten te Velp door een vuurpeloton doodgeschoten.
De graven van Dr. Leenaers, Jan Hoberg en Leo Toepoel bevinden zich op de R.K. begraafplaats bij de St. Pancratiuskerk.

Oorlogsgeweld

In het laatste oorlogsjaar zijn grote golven geallieerde vliegtuigen in de lucht.
Veel bemanningen vinden op zee de dood en op het strand spoelen slachtoffers aan.
Op het kerkhof bij de Nederlands Hervormde Kerk bevinden zich 36 oorlogsgraven van 28 Engelsen, 1 Pool, 1 Nederlander en 6 onbekenden. Amerikanen en Fransen worden elders begraven. Locomotieven worden door Engelse en Amerikaanse vliegtuigen onder vuur genomen. In februari 1945 stort een Amerikaanse jager in de weilanden neer, daar waar nu het wijkje Molenweide is.
Op 29 augustus 1944 komt nog eens een schriftelijk bevel dat nog meer mensen moeten evacueren.
Deze evacuatie is echter niet doorgegaan. De medewerking wordt geweigerd, vooral nadat op Dolle Dinsdag, 5 september 1944 wilde geruchten de ronde deden.
Maastricht, Breda en Tilburg zouden al in handen van de geallieerden zijn. Tengevolge van deze geruchten verlaten nu anderen de gemeente vrijwillig. Dit zijn de Nationaal Socialisten, die een veilig heenkomen zoeken.
Van nu af aan komt de spanning er steeds meer in. Dikwijls gaan grote goederentreinen leeg naar het noorden en komen volgeladen met oorlogstuig en soldaten terug om naar de fronten te worden gebracht.
De Duitsers worden driester en schieten op mensen die het wagen ‘s avonds na acht uur nog op straat te komen.

Bevrijding

Op 4 mei 1945 aanvaardt Veldmaarschalk Montgomery op de L√ľneburgerheide in Noord-Duitsland de capitulatie van alle Duitse strijdkrachten in Noordwest-Europa.
Op 4 mei wordt ‘s avonds in de pastorie feest gevierd met vijf jaar bewaarde vooroorlogse sigaretten, eigen teelt sigaren, wijn, omelet en het Wilhelmus.
Op 5 mei werd in Hotel “De Wereld” te Wageningen de offici√ęle capitulatie van de Duitse troepen getekend. Er wordt nog niet gevlagd in Castricum. De leiding van de Binnenlandse Strijdkrachten (B.S.) maant tot voorzichtigheid in verband met de aanwezigheid van zwaar bewapende Duitse soldaten. Het ogenblik, dat algemeen zal kunnen worden gevlagd, zal kenbaar worden gemaakt door vlaggen op de kerktorens.
Op maandag 7 mei nog wordt een Castricummer, Cornelis Beentjes, door een Feldwebel doodgeschoten, toen hij palen uit een weiland haalde.
Op 8 mei komen de eerste Canadezen Castricum binnen. De hele dag en avond is er een voortdurend doortrekken van Canadese wagens. Ze worden met grote blijdschap begroet.
In de nacht van 8 op 9 mei is er in het raadhuis aan de Dorpsstraat een offici√ęle ontmoeting van de eerste Canadezen met de plaatselijke staf van de B.S., waarvan de heer J. Blom commandant is. Op 15 mei wordt een voorlopig maar niet minder vreugdevol bevrijdingsfeest gevierd met herdenking van de gevallenen, een optocht en volksdansen.
De grote bevrijdingsfeestweek begint op 31 augustus.


Jaarboek 8, pagina 7

Aftocht van de Duitsers door de Dorpsstraat.
afb. 8 Aftocht van de Duitsers door de Dorpsstraat.

Castricum na de oorlog

Op 3 mei 1945 wordt een commissie van samenwerking ge√Įnstalleerd, waarin alle illegale organisaties zijn vertegenwoordigd.
Deze commissie bestaat in Castricum uit 5 personen.
Dr. H.J. van Nievelt wordt gekozen als voorzitter, de heer Tj. van Eik ais sekretaris.
De andere leden zijn de heren J.C. Blom, C. van der Kaay en J. Rozing. Deze commissie fungeert als advies-commissie voor de waarnemend burgemeester van Castricum, de heer J.J. Nieuwenhuizen, burgemeester van Limmen.

Het hoofd van het distributiekantoor en aktief verzetsman H. Nielen wordt loco-burgemeester.
Op 10 december 1945 volgt dienst benoeming tot burgemeester van Heemskerk,
Op 16 november 1945 wordt de eerste na-oorlogse burgemeester benoemd: de heer C.F. Smeets.
Het bestuur van de gemeente wordt gevormd door de burgemeester en één wethouder, de heer Heliinga.
Een nieuw gekozen gemeenteraad komt op 3 september 1946 voor het eerst bijeen.
De heren P. de Vries en G. Meijer worden tot wethouder gekozen.
Voor Castricum en haar inwoners breekt een nieuwe periode aan.

N.A. Kaan

Bronnen

  • Archief van de gemeente Castricum.
  • Mondelinge en schriftelijke informatie van de heer G. van Weel, secretaris van de afdeling Midden-Kennemerland van de Vereniging van Oud-illegale Werkers.
  • Informatie van vele plaatsgenoten en oud-plaatsgenoten.

Tante Sientje (Jaarboek 03 1980 pg 24-26)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.

Verschenen artikelen over WO1: eerste Wereldoorlog
Verschenen artikelen over WO2:¬†Castricum in oorlogstijd¬†–¬†Dagboek kapelaans¬†– De dood van Arie Hageman –¬†Duin en Bosch, evacuatie¬†–¬†Duinkant, een verdwenen dorpje¬†– Oorlogsherinneringen Nardus Bos –¬†Oorlogsverhaal Tiny van Vlaanderen-Boot¬†– verdedigingswerken –¬†verzetsstrijders¬†–¬†Leenaers, dokter¬†–¬†tante Sientje

Verschenen artikelen over personen: Asjes, AlbertBakker, ThijsBoreel van Hogelanden, JacobDeelen, Derk vanDekker, DirkGevers, FritsGinhoven van, HuibertHageman, ArieHeeck, CorHeideman, HenkHeimans, EliHoberg, JanHurk, Gesina van derJacobi, Jan WillemJacobs-Wentink, GréKieft, PieterKortenoever, EldertKraakman, JacobKramer, MatthijsKrist, MeineLeenaers, HenriLommen, PietMooij, CorMooij, Geertje ten WoldeNuhout van der Veen, JoachimPeperkamp, CorPortegies, SijfQuack, Jan deRendorp, JacobRommel, AlbertSchotvanger, DirkStuyt, JanToepoel, LeoTulp, LideTwisk, EngelVeldt, KlaasVlaanderen-Boot, Tiny vanWeenen, Wub vanZaalberg, Hermanus


Jaarboek 3, pagina 24

Wie was … Tante Sientje

Tante Sientje op ca. 75-jarige leeftijd.
afb. 1 Tante Sientje op ca. 75-jarige leeftijd.

Het verzet in de 2e Wereldoorlog in Castricum

Deze bijdrage is een hommage aan de Castricumse verzetstrijders in de 2e wereldoorlog van 1940 – 1945, waarvoor wij Tante Sientje uitgekozen hebben als een van hen. Zij vormde als eenvoudige vrouw een van de onmisbare schakels in het net van de verzetsorganisaties.

Tante Sientje

Gesina van der Hurk werd op 1 nov. 1888 te Oudorp geboren als de dochter van Anthonius van der Hurk en Maria Zut. Op 22 maart 1911 vestigde zij zich als dienstbode te Alkmaar bij de heer J.J. Swets, administrateur wonend op het Luttik Oudorp.

Op 34 jarige leeftijd vertrok zij naar Castricum en trouwde op 23 april 1923 met Adrianus Veldt, geboren te Castricum op 28 juli 1892 als zoon van Klaas Veldt en Maartje Bakker. Zij woonden in een onopvallende tuinderswoning aan de Kooiweg. Haar man verdiende de kost als los werkman bij tuinders en boeren en reed ook een boodschappendienst met paard en wagen op Alkmaar. Op 10 nov. 1939 kwam haar man Adrianus Veldt reeds te overlijden. Uit hun huwelijk was op 12 okt. 1924 een zoon Nicolaas Cornelis Antonius geboren.
Tante Sientje is nooit hertrouwd; zij verdiende onder andere de kost als kraamverzorgster en stond bekend als een hardwerkende vrouw, die altijd klaar stond om iedereen te helpen.

Het begin van het verzet

Direct na de inval door de Duitsers op 10 mei 1940 met de daarop volgende bezetting en maatregelen kwam een klein deel van de Nederlandse bevolking in verzet.
Ook Castricum kende enkele verzetsmensen van het eerste uur, die zich geleidelijk in een georganiseerde ondergrondse verzetsbeweging verenigden.
Contacten tussen de verschillende verzetsgroepen in Noord Holland en ook daarbuiten moesten gelegd en onderhouden worden.
Door de Duitsers werd dit uiterst moeilijk en gevaarlijk gemaakt.
Zij voerden al snel controles uit op mensen, die onderweg waren, waarbij een systeem van persoonsbewijzen “ausweisen” ingevoerd werd.
Slechts degenen, die beroepsmatig over speciale pasjes beschikten, konden zich zonder argwaan te wekken vrijelijk op reis begeven. Deze mensen waren dan ook voor de onderlinge contacten nodig en ook voor het onderbrengen van de mensen, die zich voor de vijand schuil hielden: de onderduikers.

Castricum en Bakkum “sperrgebiet”

Van de grote gevechtshandelingen is Castricum bespaard gebleven, maar van de bezetting heeft de bevolking wel degelijk te lijden gehad.
De Duitsers verwachtten een gealli√ęerde invasie op de Hollandse kust.
Grote aantallen bunkers, tankmuren en wegversperringen van zwaar gewapend beton werden gebouwd en ook tankgrachten werden gegraven, waarmee een gigantische verdedigingswal werd opgeworpen.
Kanonnen stonden onder andere opgesteld op het hoge duin bij de Sifriedstraat. Enorme radartorens onder andere de “Grosse Elephant” van 90 meter hoogte werden langs de kust gebouwd. Castricum was een complete vesting geworden. Soldaten en officieren en ook werklieden voor de bouwwerken moesten ingekwartierd worden. Zeker zo’n 1000 Duitsers en in een later stadium nog eens 1500 man verbleven in onze gemeente. Woningen en grote gebouwen, zoals Duinenbosch en koloniehuizen, werden gevorderd en ontruimd.
Maar ook veel huizen en boerderijen moesten afgebroken worden, aangezien deze in het schootsveld van de kanonnen stonden. In het duingebied en op het strand werden duizenden landmijnen gelegd.


Jaarboek 3, pagina 25

Zo verdween een complete woonwijk tussen de Beverwijkerstraatweg, de Papenberg en de Kramersweg.
Door de sloop en de vordering van woningen kon een groot deel van de Castricumse bevolking natuurlijk niet in ons dorp blijven. In de jaren 1942 en 1943 werden vele duizenden gedwongen ge√ęvacueerd naar onder andere plaatsen in Groningen, de Zaanstreek en ook in Limmen werden mensen ondergebracht. De duinkant van ons dorp werd vrijwel geheel ontruimd, alleen zij die er werkten, mochten er blijven wonen; dit gebied mocht bovendien slechts bezocht worden door mensen met speciale pasjes.

Deportatie mannelijke bevolking

Door de Duitsers werd de mannelijke bevolking tussen de 18 en 35 jaar gevorderd om in Duitsland werk te verrichten. Men moest zich in Amsterdam naar het Centraal Station begeven, waarna het de bedoeling was om in de trein naar Duitsland te stappen.
Aangezien in Amsterdam niet gecontroleerd werd of men wel in de trein stapte, was het mogelijk om vandaar te vluchten. Enkele Castricummers hadden een vluchtplan bedacht, waarbij sommige mannen op het perron van het CS. opgepikt werden om naar een onderduikadres gebracht te worden.
Onze plaatsgenoot Dorus Veldt had met zijn zonen een vrachtvervoersbedrijfje en hadden van de bezetter vergunning om in de oorlogsjaren vrachten te blijven vervoeren. Zodoende waren zij in staat om door middel van dit vrachtvervoer legaal in Amsterdam te komen.
De vrachtauto werd ergens in de buurt van het station achtergelaten, die volgeladen was met groentekisten, waarbij in het midden van de lading een ruimte was opengelaten.
De Castricumse mannen en voor zo ver er ruimte was ook wel anderen, werden op het perron opgepikt en konden met van te voren aangeschafte perronkaartjes het station een voor een verlaten.
Door het weghalen van enkele kisten op de auto kon men in de lege ruimte kruipen.
Men kon uiteraard niet naar huis terugkeren, zodoende was eerst voor onderduikadressen gezorgd. Deze adressen werden
meestal in de kop van Noord Holland: “de Noord” gevonden, waar men redelijk veilig was. Het vluchten lukte niet altijd en kon ook niet altijd, vandaar dat regelmatig Castricumse mannen in Duitsland terechtkwamen. Zo vermeldt een dagboek uit de oorlogsjaren op 11 juli 1943: “Er zijn al 70 Castricumse jongemannen in Duitsland”.
Om de ondergedoken mannen op te sporen werden ook regelmatig razzia’s gehouden, waarbij het dorp werd afgegrendeld en de huizen stuk voor stuk systematisch werden onderzocht.

Rechts Tante Sientje in de deuropening van haar huisje.
afb. 2 Rechts Tante Sientje in de deuropening van haar huisje.

Het huisje van Tante Sientje

Vaak konden de onderduikers niet gelijk naar “de Noord” overgebracht worden, dan moest voor een tijdelijk onderdak gezorgd worden.
Dat moest een onopvallende wat afgelegen woning zijn. Dat van Tante Sientje voldeed aan deze voorwaarden. In haar eenvoudige arbeidershuisje aan de toen nog landelijke, inmiddels verdwenen Kooiweg was het veilig.
Degenen, die aanklopten, vonden de deur op slot, zodat onderduikers even de tijd kregen om zich te verbergen Insiders wisten de sleutel wel in de lage dakgoot te vinden. Verschillende onderduikers hebben een of meerdere nachten in haar huisje doorgebracht, voordat men verstopt in de vrachtauto van Veldt overgebracht kon worden naar het definitieve adres ergens in de kop van Noord Holland.

Voedselzorgen

De ontvangst bij Tante Sientje was altijd hartelijk en de verzorging was goed. Voor de onderduikers was voedsel nodig. Gelukkig waren er betrouwbare buren op een boerderij, die zonder navraag te doen toch wel opvallende hoeveelheden melk gaven, die dagelijks afgehaald werden.
Door de bezetter werd in verband met de voedselschaarste een bonnensysteem ingevoerd. Aangezien deze niet aan de duizenden onderduikers verstrekt werden, moesten deze “verzorgd” worden. Door overvallen van knokploegen van de ondergrondse werden uiterst riskante invallen gedaan op distributiekantoren en gemeentehuizen om deze bonnen te veroveren


Jaarboek 3, pagina 26

Nieuwsverspreiding

Op bevel van de bezetter moesten op een gegeven moment alle radio’s ingeleverd worden om te voorkomen, dat men naar de Engelse BBC zender “Radio Oranje” zou luisteren.
Vele radio’s werden niet ingeleverd en in schuilplaatsen bewaard, zodat men in het geheim kon luisteren om zodoende op de hoogte te blijven van de oorlogstoestand.
Om dit nieuws te verspreiden, ontstonden overal illegale krantjes. Vervaardigd op stencil verscheen in Castricum zo het blaadje “Strijd”.
De stencil- en de typemachine kregen bij Tante Sientje onderdak. Door een ongelukkige samenloop van omstandigheden was het op een gegeven moment te verwachten, dat een inval in haar huisje gedaan zou worden. De belastende apparatuur verdween in grote haast tussen de bessenbomen. De inval ging gelukkig niet door.
De “Strijd” moest natuurlijk ook rondgebracht worden, hetgeen uiterst omzichtig moest geschieden.
Ook hieraan verleende Tante Sientje haar medewerking door met een tas met krantjes ter kerke te gaan. Een oplettende toeschouwer zou geconstateerd kunnen hebben, dat zij met een andere tas de kerk na de mis verliet.

Het huisje aan de Kooiweg.
Afb. 3 Het huisje aan de Kooiweg.

Wat ongewoon vervoer

Vrij lange tijd was er een jong stel in haar huis ondergedoken, waarvan de vrouw in verwachting was. Voor de bevalling moest zij naar het ziekenhuis te Alkmaar. Om te voorkomen, dat de Duitsers achter haar ware identiteit zouden komen, werd zij als oud vrouwtje vermomd achterop de fiets naar Limmen gebracht. Zij werd hier langs de daar aanwezige wachtpost geloodst en verderop afgeleverd bij de dokter, die haar met zijn auto naar Alkmaar bracht.
Een enkele keer kwam het ook voor, dat een onderduiker binnen het dorp overgeplaatst moest worden. Een jong meisje werd dan gevraagd om als tijdelijke geliefde voor een voor haar wildvreemde man te fungeren om hem ongemerkt naar Sientjes huisje te brengen.

De laatste loodjes

Duizenden Castricummers werden in de loop der oorlogsjaren ge√ęvacueerd, ook T ante Sientje kreeg het bevel om te verdwijnen en zij kwam in Limmen terecht.
Geleidelijk werd de toestand grimmiger. Vooral na 5 september
1944 “Dolle Dinsdag” leek de toestand nog onheilspellender te worden.
In het reeds vermelde dagboek uit de oorlogsjaren wordt deze episode in de geschiedenis van onze plaatselijke bevolking doorspekt met geruchten over het wereldgebeuren op vaak beklemmende wijze beschreven.
Als represaille voor sabotagedaden op onder.andere spoorlijnen, maar ook voor eenvoudige vergrijpen werden willekeurige Nederlanders gefusilleerd. Huizen werden in brand gestoken.
Op 9 oktober 1944 kregen na bomaanslagen op de rails 3 Castricumse gezinnen ‘s-middags 1 kwartier de tijd om hun huizen te verlaten, waarna de boel in vlammen opging. Diezelfde dag ging om 5 uur in de vroege ochtend de boerderij van Groen in de Oosterbuurt in vlammen op.
De winter van 1944/45 staat bovendien bekend als de lange beruchte hongerwinter, waarbij vooral mensen in de grote Hollandse steden de hongerdood stierven.
Ook in Castricum vielen slachtoffers.
Op 5 mei kwam aan de oorlog officieel een einde, waarna ook spoedig de eerste Engelse voedselpakketten gedropt werden, om de uitgehongerde bevolking in het westen te redden.
Na de bevrijding werd de “ondergrondse” weer bovengrondse door de benoeming van een commissie van advies, bestaande uit de gebundelde illegaliteit voortgekomen heren H.J. van Nievelt, J.J. Rozing, C.J. van der Kaay, J.C. Blom en Tj. van Eik. Ondanks hun gevaarlijke werk hadden zij en vele anderen de oorlog overleefd.
Tante Sientje en allen, die aan het verzet hadden deelgenomen, vonden zichzelf geen helden: “We deden eenvoudig, wat gedaan moest worden”.
Ook Tante Sientje heeft de oorlogsjaren ruimschoots overleefd. Zij stierf op 85- jarige leeftijd op 18 februari 1974 in het bejaardenhuis De Cameren te Limmen.

F. Baars
Mevr. E.A. Steeman-Borst

Hageman, Arie (Jaarboek 39 2016 pg 29-31)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.

Verschenen artikelen over WO1: eerste Wereldoorlog
Verschenen artikelen over WO2:¬†Castricum in oorlogstijd¬†–¬†Dagboek kapelaans¬†– De dood van Arie Hageman –¬†Duin en Bosch, evacuatie¬†–¬†Duinkant, een verdwenen dorpje¬†– Oorlogsherinneringen Nardus Bos –¬†Oorlogsverhaal Tiny van Vlaanderen-Boot¬†–¬†verzetsstrijders¬†–¬†Leenaers, dokter¬†–¬†tante Sientje

Verschenen artikelen over personen: Asjes, AlbertBakker, ThijsBoreel van Hogelanden, JacobDeelen, Derk vanDekker, DirkGevers, FritsGinhoven van, HuibertHageman, ArieHeeck, CorHeideman, HenkHeimans EliHoberg, JanHurk, Gesina van derJacobi, Jan Willem – Jacobs-Wentink, Gr√© – Kieft, Pieter – Kortenoever, EldertKraakman, JacobKramer, MatthijsKrist, MeineLeenaers, HenriLommen, PietMooij, CorMooij, Geertje ten WoldeNuhout van der Veen, JoachimPeperkamp, CorPortegies, SijfQuack, Jan deRendorp, JacobRommel, AlbertSchotvanger, DirkStuyt, JanToepoel, LeoTulp, LideTwisk, EngelVeldt, KlaasVlaanderen-Boot, Tiny vanWeenen, Wub vanZaalberg, Hermanus


Jaarboek 39, pagina 29

De dood van Arie Hageman

Precies een jaar voor de bevrijding op 5 mei 1944 werd Arie Hageman in het duingebied gedood door een kogel van een Duitse soldaat. De toedracht en de gevolgen zijn beschreven door zijn zoon Jan. Bevrijdingsdag is voor het gezin nooit een feestdag geworden. Het overlijden van vader Arie liet diepe sporen na.

Het gezin van Arie Hageman omstreeks 1943.
Het gezin van Arie Hageman omstreeks 1943; Arie en zijn echtgenote Griet
Groentjes met hun kinderen Tiny en Jan.

Mijn naam is Johannes Pancratius Hageman. Jan, geboren 11 november 1934, zoon van Adrianus Cornelis (Arie) Hageman, geboren in Bakkum op 29 mei 1905 en van Margaretha (Griet) Groentjes, geboren in Castricum op 26 februari 1908. Hun trouwdag was 12 juni 1930. Op 2 oktober 1941 werd dochter Catharina Wilhelmina (Tiny) geboren.

Mijn vader was eerst vele jaren tuinder en had een depot voor zaaizaden van de firma Zaadnoordijk, gevestigd aan de Kaasmarkt in Alkmaar. De lokale boeren en tuinders konden bij hem het benodigde zaaizaad bestellen. Hij zorgde voor distributie van het bestelde.
Kort voor de mobilisatie in oktober 1939 werd mijn vader aangenomen bij de PWN in de bosbouw en als controleur van waterputten in het duinterrein. Hij volgde in die tijd een cursus bosbouw. Ik heb nog steeds een studieboek van hem.

Op 30 januari 1943 moesten we evacueren naar Heiloo. We werden ingekwartierd bij bewoners, een oudere man en vrouw, die plaats in hun woning hadden moeten maken. Dat bleken achteraf mensen van Joodse afkomst te zijn, want op een dag kwam ik uit school en was het huis leeg op één afgesloten kamer na. Mijn ouders wilden er naar mij toe niet veel over kwijt, maar later is het mij wel duidelijk geworden. Gedeporteerd!
Mijn vader kreeg in Heiloo bericht dat hij naar Duitsland moest om daar te werken, zoals zo velen met hem. De leiding van de PWN heeft hem toen als onmisbaar verklaard en hij hoefde zich niet te melden. Mijn moeder heeft later heel vaak gezegd: ‚ÄúWas hij maar gegaan dan had hij misschien nog geleefd.‚ÄĚ Op grond van die verklaring mochten we op 19 juni 1943 weer terug naar Castricum. Niet naar Bakkum, maar naar de Geelvinckstraat 96, met als buurman dokter Van Nievelt. Het was van korte duur, want op 21 december moesten we weer evacueren, nu naar een hoekwoning in Uitgeest, Nieuwstraat 11.

Door al die evacuaties in zo’n korte tijd liep ik een achterstand met leren op en mijn ouders besloten dat ik weer naar de Augustinus jongensschool in Castricum moest. Samen met mijn vader reisde ik met de trein van 10 over 7 naar Castricum. Ik was dan keurig op tijd voor de H. Mis en kon daarna naar school. (Het misdienaarschap heb ik aan me voorbij laten gaan.) ’s Middags ging ik alleen met de trein terug naar Uitgeest. Tweemaal heb ik een beschieting van de trein meegemaakt en eenmaal een bombardement, waarbij we halverwege uit de trein moesten. Paniek natuurlijk.

Dat ging zo door tot die fatale 5 mei 1944. Mijn zusje Tiny was heel erg ziek van de mazelen en mijn vader twijfelde nog of hij wel naar zijn werk zou gaan. Maar helaas ging hij toch! ’s Morgens vroeg, samen met mijn vader, naar de trein. Afscheid als gewoonlijk. Dag pappa, dag Jan goed je best doen hè. Een kus en ik naar de kerk en hij op de fiets naar het pompstation. En daarna de bossen in. Dat was de laatste keer dat ik hem levend heb gezien.


Jaarboek 39, pagina 30

Ik bleef natuurlijk over tijdens de middagpauze. Enkele jongens die wel naar huis waren gegaan, kwamen weer terug op school en vertelden mij: ‚ÄĚJe vader is dood‚ÄĚ. Ik geloofde daar natuurlijk helemaal niets van, want ik had hem een paar uur daarvoor nog gezien. Dat moest mijn opa zijn, die nog op Bakkum aan de Heereweg woonde en als tuinder niet ge√ęvacueerd was. Want je moest oud zijn om dood te gaan.
Ik zat in de 4e klas bij meester Louwe. De lessen waren net begonnen toen de hoofdonderwijzer, meester Van Westen, samen met mijn ondergedoken neef Kees Bakker, de klas binnen kwamen en mij vroegen mee de gang op te gaan. Je bent 9,5 jaar oud, maar je begrijpt heel goed wat er verteld gaat worden. Het was dus toch waar wat ze me gezegd hadden!
Het was een moment om nooit te vergeten. Alles draaide om me heen. Neef Kees moest me vasthouden. Je kunt en je wilt het niet geloven. Je wereld stort in.
Het stuk weg van school naar de Nuhout van der Veenstraat, het huis van mijn oom Piet Bakker, waar mijn vader naar toe was gebracht, duurde een eeuwigheid. Het erge was dat oom Piet net een week daarvoor zijn vrouw (tante Anne, de zus van mijn moeder) verloren had. Voor zijn kinderen was het heel erg om nu al weer een dode in huis te hebben.
Het naar binnen gaan om daar mijn dode vader te zien liggen was verschrikkelijk. Ik weet nog dat moeder zei: ‚ÄúO, Jan wat zijn we ongelukkig. Hoe moet dat nou verder met ons.‚ÄĚ Hij lag daar alsof hij sliep, een beetje bloed was uit zijn linker oor gelopen, verder zag je niets. Ik snapte niet hoe het had kunnen gebeuren. Later is het stukje bij beetje duidelijk geworden.

Terwijl de PWN-mensen een koffiepauze hielden in hun schaftkeet rond 09.30 uur, waren een paar Duitse militairen met te veel schnaps op uit verveling gaan schijfschieten op die houten schaftkeet. Juist op het moment dat mijn vader een slok koffie uit de beker van zijn thermosfles nam met zijn hoofd achterover, vloog die noodlottige kogel door de houten wand zijn linker oor in en bleef in zijn hoofd steken. Hij was op slag dood en viel heel langzaam voorover. Verbijsterde collega’s dachten eerst nog dat hij een grap maakte, wat hij wel vaker deed. En er werd wel meer geschoten in het bos en duingebied. Maar dan op konijnen en fazanten. Ze zagen al heel snel dat het fout was. Mijn vader werd in paniek op een handkar naar het pompstation gebracht. Arie de Nijs is zo snel hij kon naar de pastorie gefietst, waarna heel snel door kapelaan Holthuizen nog de laatste sacramenten zijn toegediend. Daarna is hij met een gemeenteauto naar de pastorie gebracht. Kapelaan Van der Zalm is daarna op de fiets naar Uitgeest gereden. Hij moest dat verschrikkelijke bericht bij mijn moeder brengen. Daar ben ik niet bij geweest, maar kan me daar heel veel bij voorstellen. Ze heeft mijn zieke zusje goed ingepakt en is met lood in haar schoenen naar de pastorie gefietst. Daar wilden ze wel weten wat te doen. In overleg met mijn oom Piet is toen besloten om mijn vader in zijn huis op te baren.

Bij de PWN zat de schrik er ook goed in. Het is in de oorlogsjaren de enige keer dat de PWN ‚Äės middags al het personeel dat niet direct nodig was voor het drinkwater, als protest naar huis stuurde. Er was door het Duitse commando veiligheid gegarandeerd voor de mensen in de bossen. En nu dit! De afspraak was duidelijk: als er oefeningen waren, dan werden Bloemendaal en Fochteloo gewaarschuwd en werden er klusjes in het pompstation of op Fochteloo gedaan.
Daarbij was het natuurlijk een blamage voor het Duitse aanzien: twee dronken Duitsers die een PWN’er zinloos vermoorden. Het duurde dan ook niet lang of twee hoge Duitse officieren kwamen zich bij ons melden vergezeld door een tolk. De Ortskommandantur zat aan de Overtoom, in het huis van de dominee.
Via de tolk lieten ze mijn moeder weten dat beide schuldige militairen waren vastgezet en vroegen mijn moeder wat te doen: fusilleren of naar het Oostfront. (Ik was daarbij en er getuige van; sommige dingen vergeet je nooit.) Mijn moeder vroeg toen of ze daarmee haar man terugkreeg. Toen ze nogmaals spijt betuigden, heeft mijn moeder gezegd dat ze dat zelf maar moesten uitzoeken; ze had op dat moment zorgen genoeg.

De werkelijke reden van hun snelle bezoek was dat ze een afspraak met mijn moeder wilden maken. Of mijn moeder er akkoord mee wilde gaan dat de dood van mijn vader een ongeluk was tijdens oefeningen en dat het zo in de offici√ęle stukken zou komen. Als tegenprestatie zouden ze zorgen dat we in de kortste keren weer in Castricum konden wonen. Mijn moeder was op dat moment volkomen apathisch en heeft dat goed gevonden. Iets waarvan we later veel spijt hebben gehad. Ze hebben woord gehouden, want op 31 mei 1944 verhuisden we naar een keurig schoongemaakte en gestoffeerde woning in de Nuhout van der Veenstraat (toen nummer 46). Wie er daar voor ons heeft plaats moeten maken, heb ik nooit geweten. Wilde ik ook niet weten.
Ook hebben de Duitsers de verhuizing vanuit Uitgeest geregeld en ze hebben via de toenmalige burgemeester Masdorp ervoor gezorgd dat mijn moeder voorzien werd van inkomen. Vader was in tijdelijke dienst bij de PWN en van pensioen of iets dergelijks was geen sprake. Merkwaardigerwijs was het inkomen tijdens dat laatste oorlogsjaar hoger dan de naoorlogse uitkering van de Stichting Oorlogsslachtoffers, later sociale zaken.

Eind augustus, begin september (ik weet het niet precies meer) ontstond een nieuw probleem. Mijn moeder was nog volop in het rouwproces (hartpati√ęnt), toen geheel onverwachts zonder waarschuwing vooraf familie van ons, twee gezinnen uit Velsen-Noord, bij ons voor de deur stonden. Ze waren met spoed uit Velsen ge√ęvacueerd zonder enig adres waar ze naar toe konden. Ze wisten van ons redelijk ruime huis. Mijn moeder kon ze natuurlijk niet wegsturen.
Oom Cor (broer van mijn vader), zijn vrouw tante Nettie en hun kinderen Jan, Willie en Martien. Dan oom Hendrik (jongste broer van mijn vader) en zijn vrouw tante Corrie. Ze kwamen met een motorbakfiets vol met spullen. Toen nogmaals naar Velzen om ledikanten en matrassen op te halen. Een huis vol met ellende.
Dat ging een poosje goed, maar de ooms hadden geen inkomen, voedsel was schaars en drie kapiteins op een schip dat moest fout gaan. En dat ging het ook. Ik weet


Jaarboek 39, pagina 31

nog van de bijna slaande ruzie tussen mijn moeder en tante Corrie. Wij allemaal huilen. Dat ging zo niet langer en toen zijn oom Hendrik en tante Corrie met hun spullen en de motorbakfiets naar haar familie in Heerhugowaard gegaan. Tante Nettie geloofde het wel, zij liet het aan mijn moeder over.

Hoe het precies gegaan is weet ik niet, maar begin november 1944 kwam er een officier met tolk namens de Ortskommandant vragen of ze nog iets voor mijn moeder konden betekenen, want hij werd teruggeroepen naar Duitsland. Nou dat had mijn moeder wel. Buiten mijn man terug, wil ik naar mijn eigen huis in Bakkum. Dat is wat ik graag wil. Met die vraag zijn ze weggegaan. En o wonder het werd goed gevonden. De namen werden opgenomen, ook de namen van oom Cor en zijn gezin. Ausweisen werden verstrekt (Bakkum was ‚ÄėSperrgebiet‚Äô) en op 13 november 1944 verhuisden we terug naar ons eigen huis aan de Heereweg.

Oom Cor ging bij zijn vader, mijn opa, in de tuin werken. Hij en zijn gezin zijn tot het einde van de oorlog bij ons blijven wonen. Een paar weken na het einde van de oorlog zijn ze weer naar Velsen-Noord vertrokken.
Oom Hendrik en tante Corrie zijn na de oorlog in Bakkum komen wonen in een verbouwde schuur van mijn opa, dus ook aan de Heereweg. Huize Willie stond op de gevel.

Conclusie: opgroeien zonder man en vader (hij was nog maar 38 jaar bij zijn overlijden, mijn moeder 37 jaar en mijn zusje 2,5) is vreselijk. De wetenschap dat het moord respectievelijk dood door schuld was. Dus GEEN ongeluk tijdens oefeningen!! Dat maakt het voor ons onverteerbaar. De armoede waarin mijn moeder jarenlang moest zien rond te komen! Pas op 65-jarige leeftijd kon ze met haar AOW en los van de bevoogding van allerlei instanties wat royaler leven. Ze overleed op 16 april 1978.

En nu je dan zelf je twee kinderen hebt zien opgroeien en je drie kleinkinderen volwassen ziet worden, besef je eens te meer wat mijn vader op zo’n jonge leeftijd door twee dronken idioten is ontnomen. En dat je nooit zult weten wat met die twee kerels is gebeurd. Mogelijk zelfs niets.

Ik weet niet precies meer in welk jaar, maar ik zal 12 of 13 zijn geweest, toen we een verzorgde vakantieweek hebben gekregen van de Stichting Het Vierde Prinsenkind. Samen met nog heel veel andere kinderen van oorlogsslachtoffers, waaronder Ko Beentjes, zoon van ook een Castricums oorlogsslachtoffer, mochten we een week in de barakken van deportatie kamp Westerbork verblijven! Een paar jaar later is mijn zusje daar ook een week geweest. Toen wisten we het niet. Het is nu een herdenkingsplaats en zoeken ze stukken van barakken ter restauratie. Eind jaren 1940, begin 1950, werd daar kinderen van oorlogsslachtoffers een vakantie aangeboden. Hoe kon het bestaan?

Ik denk dat ik redelijk compleet ben met mijn verslag. Het is niet iets om vrolijk van te worden. Heel raar, maar hoe ouder je wordt, hoe meer het aan je gaat knagen. Je kunt nog steeds geen vrede hebben met de toen gedane verdraaiing van de feiten.

Jan Hageman:‚ÄĚDe 5e mei is voor ons nooit een feestdag geweest.‚ÄĚ
Jan Hageman:‚ÄĚDe 5e mei is voor ons nooit een feestdag geweest.‚ÄĚ

Ten slotte mag het duidelijk zijn dat de 5e mei voor ons nooit een feestdag is geweest of zal worden. Ik ben wel blij dat op 4 mei de oorlogsslachtoffers nog steeds herdacht worden. Ook bij de herdenkingsplaat achter in de Pancratiuskerk, waarop ook zijn naam – naar ik hoop in blijvende herinnering – geschreven staat.

Jan Hageman