16 januari 2023

Castricum – Honderd jaar geleden 1911 (Jaarboek 35 2012 pg 114-116)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 35, pagina 114

Castricum – Honderd jaar geleden 1911

Het raadhuis.
Het raadhuis. Dorpsstraat 65 in Castricum. Foto Ad van de Velde. Toegevoegd.

Het jaar 1911 kenmerkt zich door verschillende bouwactiviteiten in het centrum van het dorp: de sloop van het oude raadhuis en de bouw van een nieuw raadhuis. Voorts wordt gebouwd aan een nieuwe rooms-katholieke kerk St.-Pancratius, aan hotel De Rustende Jager en aan café De Landbouw.

De gebeurtenissen in Castricum van honderd jaar geleden zijn vooral ontleend aan de gemeenteraads-notulen, de inkomende en uitgaande stukken van de gemeente Castricum, de provinciale bladen, de burgerlijke standregisters enzovoorts.

1 januari 1911

Het gemeentebestuur bestaat op 1 januari 1911 uit burgemeester Johannes Mooij, de wethouders Joseph Goes en Petrus Valkering. De raadsleden zijn Johan Hogenstijn, Pieter Duijn, Gerrit Pzn. Kuijs, Petrus Pzn. Kuijs, Theodorus Dijkman en Pieter Twisk. De gemeenteontvanger is Bernardus Res. In de gemeente zijn 506 personen kiesgerechtigd voor de Tweede Kamer. Het aantal kiesgerechtigden voor de verkiezing van raadsleden in Castricum is 418. Daarvan zijn er 288 opgekomen bij de verkiezingen.

Op 1 januari 1911 telt Castricum 3.267 inwoners. Dit aantal is op 31 december in datzelfde jaar toegenomen tot 3.438. In het jaar 1911 vestigen zich in onze gemeente 463 personen, terwijl er 279 naar elders vertrekken. Er worden in dat jaar 95 kinderen geboren, er overlijden 108 inwoners en er worden 12 huwelijken gesloten.

10 januari 1911

In het raadhuis wordt door de betrokken besturen overgegaan tot het openbaar verhuren voor een periode van vijf jaar van enige percelen wei- en bouwland:

Voor de gemeente Castricum:
1 De Warkamp, in 12 percelen, samen groot: 167,10 are
2 De Kronenkamp, groot: 231,20 are
3 De Staalkamp, groot: 177,20 are
4 De Schuitenkamp, groot: 223,20 are
5 De Zanddijk, groot: 32,20 are
6 De Madeweg, groot: 65,50 are

Voor de Algemene Armen:
1 Een akker bouwland te Noord-Bakkum, groot: 13,50 are
2 Het Boschje te Bakkum, groot: 12,70 are
3 Jan Beenders-akkers, weiland, groot: 78,70 are
4 Het Bavenhofstee-bouwland in 3 percelen, groot: 67,80 are
5 Het Nesje, weiland, groot: 98,70 are
6 Het weiland ten westen van de Groene Laan, groot: 28,30 are
7 Het weiland de Baartenven, groot: 59,00 are
8 Het weiland het Morsje in het Bakkummerveld, groot: 171,10 are
Verder de Schulpstetten nummers 1 tot en met 8.

18 januari 1911

Vroedvrouw mejuffrouw E. Kieft-Slot, die in Limmen woonde, is in december 1910 overleden. Samen met de gemeente Limmen wordt een regeling afgesproken voor de tijdelijke benoeming van een vroedvrouw.

Elisabeth Kieft-Slot.
Elisabeth Kieft-Slot schenkt koffie in voor haar familieleden. Rijksweg 54 in Limmen. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Aan de provincie wordt opgegeven dat de gemeente over een geneesheer beschikt, te weten IJ. Schoonhoff. Op Duin en Bosch zijn vier geneesheren en een apothekeres.

Dokter Schoonhoff.
Dokter Schoonhoff, circa 1910. Hij woonde in Hermana State, Dorpsstraat 76 in Castricum. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

De gemeente wil van 1 maart tot 1 september een deel van het terrein van Jacob Res gebruiken voor de bouw van een nieuw raadhuis.

1909: Het oude raadhuis aan de Rijksstraatweg.
1909: Het oude raadhuis aan de Rijksstraatweg.

21 februari 1911

Burgemeester en Wethouders (B&W) verkopen de grond en het brandspuithuisje aan de Kramersweg (Burgemeester Mooijstraat). Voor 200 gulden wordt Martinus Res de nieuwe eigenaar.
De burgemeester merkt aan het einde van de vergadering op dat dit de laatste vergadering zal zijn in het oude raadhuis en dat daaraan vele herinneringen, zowel aangename als misschien minder aangename, achterblijven. Hij hoopt echter dat met het slopen van het oude raadhuis veel aan de vergetelheid zal mogen worden overgelaten. Op zijn voorstel wordt goedgevonden om een foto van het raadhuis te laten maken.

Driehoekige gevelsteen in oude Raadhuis.
Driehoekige gevelsteen in oude Raadhuis.

29 maart 1911

Het ‘Comité tot aanleg eener stoomtramverbinding Egmond-Castricum’ verzoekt opnieuw aan de gemeenteraad om 300 gulden bij te dragen in de kosten van de voorbereidingen voorafgaande aan de definitieve aanleg. Ook nu wordt daartoe niet besloten, omdat voor de gemeente de aanleg van weinig belang is, daarentegen wel voor de Egmonden.

18 april 1911

De huurwaarde van de lokaliteiten met een vergunning tot de verkoop van sterke drank is geschat door de gemeenteontvanger B.A. Res.

Café de Vriendschap.
Dorpsstraat met rechts Café Van Benthem, later Café Roozendaal, ook bekend als Café De Vriendschap en De Oude Schimmel. Schilder Ton Revers. Foto Jacques Schermer. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Het betreft de volgende eigenaren: in de Kerkbuurt: Rika van Benthem (de Vriendschap), J.B. Koopman (De Rustende Jager), B. Wempe (hoek Dorpsstraat-Burgemeester Mooijstraat), M. Olgers (Burgemeester Mooijstraat) en P. Schotvanger (hoek Burgemeester Mooijstraat-Mient); in wijk B: D. Tromp (Oosterbuurt) en vier in Bakkum: L.A. Burgering (Bakkummerstraat), W. Joosten (nu – in 2012 – hotel Borst), K. Peijs, K. Brantjes en C. Castricum (De Goede Verwachting aan de Heereweg).

Het nieuwe raadhuis.
Het nieuwe raadhuis.

27 april 1911

Na afloop van de raadsvergadering legt burgemeester Mooij de eerste steen van het in aanbouw zijnde nieuwe raadhuis.


Jaarboek 35, pagina 115

De nieuwe Pancratiuskerk in aanbouw. Links achter is nog een stukje van de oude kerk te zien, dat na voltooiing van de nieuwe kerk werd gesloopt.
De nieuwe Pancratiuskerk in aanbouw. Links achter is nog een stukje van de oude kerk te zien, dat na voltooiing van de nieuwe kerk werd gesloopt.
Dit plankje is door een metselaar achtergelaten tijdens de bouw van de kerk. In Alkmaar woonde een familie Querelle, verder zijn geen gegevens bekend.
Dit plankje is door een metselaar achtergelaten tijdens de bouw van de kerk. In Alkmaar woonde een familie Querelle, verder zijn geen gegevens bekend.

4 mei 1911

Er wordt besloten om mejuffrouw J.J. Vahl, verloskundige te Heiloo, te benoemen tot vroedvrouw. Dat gebeurt met ingang van 15 mei en voorlopig voor een jaar.

Johanna Jeanetta Vahl.
Vroedvrouw Johanna Jeanetta Vahl
 (1882-1931). Zij is op 31-07-1931 onder de elektrische tram naar Duin en Bosch verongelukt. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

24 mei 1911

De commissie tot voorbereiding van de oprichting van een elektrische centrale voor West-Friesland verzoekt aan het gemeentebestuur om een principiële niet bindende beslissing te nemen omtrent aansluiting van de gemeente Castricum.
Met hetzelfde doel heeft ook de Kennemer Elektriciteit-Maatschappij te Bloemendaal een verzoek aan het gemeentebestuur gericht. Deze verzoeken zijn voor kennisgeving aangenomen en er is besloten een afwachtende houding aan te nemen.

31 mei 1911

Er wordt een heffingsverordening vastgesteld tot terugbetaling van de kosten van het onderwijs die de gemeente Castricum aan de gemeente Alkmaar zijn verschuldigd. Het betreft de kinderen uit Castricum die de openbare lagere scholen in Alkmaar bezoeken. De kosten bedragen 18 gulden per leerling per jaar en dienen door de betreffende ouders te worden betaald.

10 juni 1911

Bij het vee van heel veel boeren is de besmettelijke ziekte mond- en klauwzeer uitgebroken.

19 juli 1911

De raad wordt op de hoogte gebracht van het feit dat de balken in het nieuwe raadhuis niet naar wens liggen en dat de architect, de heer Stuyt, er voorstander van is dat onder de balken een plafond zal worden aangebracht.
De raad geeft er echter de voorkeur aan om het te laten zoals het nu is. Zij meent dat de lagere zolder in de raadszaal wanstaltiger zal staan dan de balken.


Jaarboek 35, pagina 116

Na overleg met de districtsschoolopziener en de pastoor is de begintijd van de school vastgesteld op 8.45 uur. Een 60-tal inwoners had gepleit voor 9.00 uur, opdat de kinderen nog voor het begin van de school eerst de kerk zouden kunnen bezoeken.

16 augustus 1911

Bij de verkiezingen van 11 juli worden de raadsleden Theodorus Dijkman, Joseph M. Goes en Petrus Kuijs Pzn. herkozen. Goes wordt als wethouder herkozen.

Deze grenspaal heeft aan de Heereweg gestaan.
Deze grenspaal heeft aan de Heereweg in Bakkum gestaan. Foto G. van Geenhuizen. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

De gemeente Limmen heeft voorgesteld om aan de Rijksstraatweg tussen Limmen en Castricum een nieuwe twee meter hoge hardstenen scheipaal te plaatsen en de oude stenen grenspaal, die in slechte toestand verkeert, naar de Zanddijk te verplaatsen. De gemeente Castricum wordt gevraagd de helft van de kosten te dragen. Het voorstel wordt aangenomen.

5 september 1911

Met de heer Trompetter wordt een bedrag van 100 gulden overeengekomen voor het vullen, aansteken en uitdoven van de straatlantaarns, met name van 17 stuks en van de verste drie alleen het vullen, terwijl van de heren Peijs en Stuifbergen zal worden gevraagd die drie te willen aansteken en uitdoven.

Circa 1930 aan de De Vinkebaan: lantaarn opsteker voor de winkel van Nanne.
Circa 1930 aan de De Vinkebaan: lantaarn opsteker voor de winkel van Nanne.

18 oktober 1911

De burgemeester van Limmen stelt voor om gezamenlijk in een ziekenbarak te voorzien. De raad is niet genegen om voor gezamenlijke rekening een ziekenbarak te Castricum te laten inrichten.

15 november 1911

Het provinciaal bestuur merkt op dat er in Castricum nog steeds geen inrichting bestaat tot afzondering van lijders aan besmettelijke ziekten (vanwege de bedreiging van de cholera epidemie). Er wordt opgeroepen om aandacht te schenken aan de bouw van een ziekenbarak en voorgesteld om samen met de gemeente Limmen te komen tot de bouw van een ziekenbarak. Een besluit wordt aangehouden.

De ziekenbarak.
De ziekenbarak. Kramersweg 47 in Castricum. Het pand is in oorlogstijd gesloopt. Op de foto Veenstra. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

16 november 1911

Eerste vergadering in het nieuwe raadhuis. De tafel uit het oude raadhuis wordt verkocht aan de Amsterdamse antiquair Staal voor 400 gulden.

Gedeputeerde Staten (GS) geven goedkeuring voor het oprichten van een acetyleengas installatie in een gebouwtje bij het nieuwe raadhuis. Het te ontwikkelen gas is voor de verlichting van het raadhuis en de woning van het hoofd der school.

Jacobus Lute vraagt vergunning voor het plaatsen van een toestel voor de ontwikkeling van acetyleengas, systeem carbid in water tot het verschaffen van licht in de woning en werkplaats van de verzoeker, in de woning en timmermanswerkplaats van G. Kabel, de woning van P. Klinkhamer en die van D. Bakker.

6 december 1911

Er wordt besloten om het onderwijzend personeel gedurende 5 maanden vanaf december tot en met april een tegemoetkoming te geven van 5 gulden per maand. De kosten bedragen dan in totaal 45 gulden per maand voor het gezamenlijke personeel.

31 december 1911

De gemeenterekening over het jaar 1911 telt aan ontvangsten 62.820 gulden en aan uitgaven 62.419 gulden, zodat er een batig saldo is van 401 gulden.

Simon Zuurbier

Ht administratiegebouw van Duin en Bosch.
Ht administratiegebouw van Duin en Bosch in Bakkum. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

Provinciaal verslag over 1911 betreffende Krankzinnigengesticht ‘Duin en Bosch’ te Castricum

Het verplegend personeel bestaat in 1911 uit 78 verpleegsters en 34 verplegers.

Ten gevolge van de vermeerdering van het uitwonend personeel doet zich de woningnood te Castricum sterk gevoelen, zodat thans personeel te Heiloo en Uitgeest woonachtig is. Daar dit niet in het belang van het gesticht kan worden geacht, zal uitbreiding van het aantal ambtswoningen spoedig nodig zijn.

Het zusterhuis van Duin en Bosch in Bakkum.
Het zusterhuis van Duin en Bosch in Bakkum, 1920. Later werden dit de broederwoningen. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Met de bouw van een dokterswoning, een hoofdverplegers- een parkwachters- en zes dubbele woningen voor gestichtspersoneel wordt aangevangen.

Loop der bevolking van Duin en Bosch: aanwezig op 1 januari 1911: 550 en op 31 december 1911: 649.

20 december 2022

Bakkum, einde gemeente (Jaarboek 35 2012 pg 87)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 35, pagina 87

Tweehonderd jaar geleden einde gemeente Bakkum

De vroegere Cunerakapel.
De vroegere Cunerakapel. Schets van Andries Schoemaker in 1726 (’s-Gravenhage, Koninklijke Bibliotheek).

Op 1 januari 2012 was het tweehonderd jaar geleden dat Bakkum en Castricum werden samengevoegd. Tot dat moment was Bakkum een zelfstandige gemeente met ongeveer 110 inwoners en een eigen gemeentebestuur. De grens tussen beide gemeenten liep ter hoogte van de huidige Zeeweg en de Schulpvaart. Het grondgebied van de toenmalige gemeente Bakkum is het gedeelte van de gemeente Castricum dat wij nu Bakkum-Noord noemen.

Het gemeentebestuur van Bakkum vergaderde in het rechthuis; dat stond aan de oostzijde van de Heereweg bij de Achterlaan. Het rechthuis was ondergebracht in de voormalige Cunerakapel; de geschiedenis van deze kapel gaat vele eeuwen terug (zie hiervoor het uitvoerige artikel van Chris ten Raa in het 25e Jaarboek van Oud-Castricum).

De Cunerakapel afgebeeld op een geaquarelleerde pentekening.
De Cunerakapel afgebeeld op een geaquarelleerde pentekening. Heereweg in Bakkum, 1439. Getekend door Pieter Bruin, periode 1592-1643.

In 1576 was de kapel verlaten en in het begin van de 17e eeuw werd zij ingericht als ‘regthuys’ voor bestuur en rechtspraak door schout en schepenen en tevens als schooltje. Tot in de Franse tijd, in 1812, heeft het gebouw als zodanig dienst gedaan. Nadien was het nog geruime tijd als woonhuis in gebruik. Omstreeks 1870 werd het pand gesloopt.

De gemeentelijke samenvoeging vond plaats in de Franse tijd. Bij keizerlijk decreet werden per 1 januari 1812 meerdere gemeenten in onze regio samengevoegd en wel naast Bakkum bij Castricum ook Wimmenum bij Bergen, Limmen bij Heiloo, Groet bij Schoorl en Veenhuizen met Oterleek bij Heerhugowaard.

Na de Franse overheersing werden op 1 mei 1817 deze samenvoegingen weer teniet gedaan. Dat gold alleen niet voor de samenvoeging van Bakkum en Castricum, wat niet zijn oorzaak vond in het geringe inwoneraantal van Bakkum. Wimmenum werd namelijk ook weer zelfstandig met 68 inwoners.

Wapen van de ambachtsheer van Bakkum.
Wapen van de ambachtsheer van Bakkum, 1695. Dit is het wapen van Perné, Jacob vanaf 1695, Isaac vanaf 1748, Abraham vanaf 1748-1749. Een ambachtsheer oefende in een plaats of dorp het gezag uit namens de graaf of na de middeleeuwen namens de Staten van Holland. Een dorp waar de graaf het gezag erfelijk in leen had uitgegeven aan de ambachtsheer werd een (ambachts) heerlijkheid genoemd. Het gezag in Bakkum werd tot het begin van de 17e eeuw uitgeoefend door de machtige heren Van Egmond, die zetelden op het ‘Slot op den Hoef’ te Egmond aan den Hoef. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Het kwam vooral doordat Bakkum toch al nauw verbonden was met Castricum, vanwege het feit dat we al sinds 1749 toebehoorden aan dezelfde ambachtsheer en dezelfde schout hadden. Ook zou het opnieuw inrichten van een plaatselijk bestuur voor Bakkum wel eens lastig geweest kunnen zijn.

Nog in 1811 wordt Jan van Bruijnswaard benoemd als burgemeester van Bakkum. Direct na zijn aanstelling heeft hij hemel en aarde bewogen om hem dit niet aan te doen, want hij achtte zich door zijn hoge leeftijd, zijn slechte gehoor, zijn onvoldoende opleiding en het niet beheersen van de Franse taal niet capabel om dit ambt te vervullen. Desondanks werd hij niet ontslagen.

Op 1 januari 1812 ging de nieuwe gemeente officieel heten: Castricum en Bakkum. Tot burgemeester werd Jacob Nuhout van der Veen benoemd, zoon van de voormalige schout.

Joachim Nuhout van der Veen.
Joachim Nuhout van der Veen was van 1780 tot 1814 schout van Castricum en Bakkum. Het ambt van schout is het best te vergelijken met dat van burgemeester. Hij woonde in de nog bestaande boerderij het Knophuis aan de Overtoom in Castricum. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Op 5 januari daaropvolgend werd de nieuwe gemeenteraad op het raadhuis van Castricum geïnstalleerd.

De raadsleden zijn Wouter de Bie, Fulps Ranke, Gerrit Brasser, Evert Asjes, Pieter Schavemaker, Arie Admiraal, Simon Duinmaijer, Albert Knaap en Willem Brakenhoff. Van hen hebben de laatste vier deel uitgemaakt van het bestuur van de opgeheven gemeente Bakkum.

Simon Zuurbier

Een verordening van het dijksbestuur over het houden van vee op de dijk.
Een verordening van het dijksbestuur over het houden van vee op de dijk. Castricum, 1807. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Vertegenwoordigers van Castricum en Bakkum in het bestuur van de Sint-Aagtendijk:

Heemraad voor Castricum:
tot 1833 meester Joachim Nuhout van der Veen
1833 Pieter Kieft
1836 Pieter Schotvanger
1859 Johannes F. Rommel
1878 Cornelis Mooij Janszoon
1916 Joseph M. Goes

Heemraad voor Bakkum:
tot 1837 meester Jacob Nuhout van der Veen
1837 Jan de Quack
1836 Pieter Schotvanger
1853 Klaas Stet
1860 Cornelis Schermer
1878 jonkheer meester J.W.G. Boreel
1888 Johannes Kuijs Pieterszoon
1913 Johannes Mooij

Hoofdingeland voor Castricum:
Pieter Duijneveld
1833 Fulps Ranke

1861 Johannes Louter
Adrianus van der Park
1892 Wulbert Melker
1905 Cornelis Spaansen

Hoofdingeland voor Bakkum:
Simon Duijnmeijer
1833 Bartholomeus N. Rommel
1870 Jan Schotvanger

22 november 2022

Gemeentebestuur 1974 – 2002, 4e deel (Jaarboek 35 2012 pg 21-37)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 35, pagina 21

Het gemeentebestuur van Castricum tussen twee fusies:
de fusie met Bakkum in 1812 en de fusie met Limmen en Akersloot in 2002

4e deel: periode 1974-2002 met zeven keer een nieuwe gemeenteraad

Het vierde en laatste artikel over het gemeentebestuur van Castricum behandelt de periode vanaf de gemeenteraadsverkiezingen in 1974 tot de fusie met de gemeenten Limmen en Akersloot in 2002.

In 1974 begint een nieuwe politieke periode in de Castricumse gemeenteraad met de drie christelijke partijen in het CDA en een samenbundeling van vier linkse partijen in een afzonderlijke lijst (PvdA, PPR, D66 en PSP). Waren er in 1970 nog negen verkiezingslijsten, in 1974 zijn er slechts vijf.

Op 1 januari 1974 telt Castricum telt 20.715 inwoners; bij het ingaan van de fusie op 1 januari 2002 telde de ‘oude’ gemeente Castricum 23.345 inwoners.

1. De raadsperiode van september 1974 tot september 1978 (19 raadszetels)

Het aantal raadsleden is uitgebreid van 17 naar 19.
De verkiezingen worden gehouden op 29 mei 1974. Het CCC doet nu overeenkomstig de landelijke politiek mee als CDA (lijst 1). Verder Sociaal Politiek Castricum (SPC) onder aanvoering van Piet Janzen (Lijst 2), De heren J.P. van Hemert en ir. W. Stam trekken lijst 4; zij halen overigens geen zetel. De PvdA-PPR-D66-PSP-combinatie haalt 7 zetels, het CDA haalt 6 zetels, de VVD 5 en SPC haalt 1 zetel.
Er worden 9.552 stemmen uitgebracht.
De beëdiging van de raadsleden is op 3-9-1974.

Samenstelling gemeenteraad:

Burgemeester:
Boxtel, W.C.A.M. van gedurende periode van 1-1-1969 tot 1-11-1977
Gmelich Meijling, J.C. gedurende periode van 17-4-1978 tot 31-5-1985

Raadsleden:
Stam, L.W. zetel a, PvdA-PPR-D66-PSP, van 1-9-1970 tot 15-10-1976
Janmaat, H. zetel a, PvdA-PPR-D66-PSP, van 28-10-1976 tot 5-9-1978
Poeze, H.A. zetel b, PvdA-PPR-D66-PSP, van 28-10-1971 tot 7-9-1982
Janmaat, H. zetel c, PvdA-PPR-D66-PSP, van 3-9-1974 tot 27-3-1975
Hilarius, J. zetel c, PvdA-PPR-D66-PSP, van 24-4-1975 tot 29-3-1979
Leijgraaf, J.H.A. zetel d, PvdA-PPR-D66-PSP, van 3-9-1974 tot 5-9-1978
Mooijman, A.J.S. zetel e, PvdA-PPR-D66-PSP, van 3-9-1974 tot 5-9-1978
Scholtz-Brand, P. zetel f, PvdA-PPR-D66-PSP, van 3-9-1974 tot 7-9-1982
Wit, A.J.M. de zetel g, PvdA-PPR-D66-PSP, van 3-9-1974 tot 5-9-1978
Baltus, C.J. zetel h, CDA, van 4-9-1962 tot 6-11-1975 (overl.)
Boer, G. de zetel h, CDA, van 29-1-1976 tot 5-9-1978
Bats-van Oort, N.A. de zetel i, CDA, van 1-9-1970 tot 5-9-1978
Wokke, H.P.zetel j, CDA, van 1-9-1970 tot 26-2-1987
Kaper, D. zetel k, CDA, van 3-9-1974 tot 5-9-1978
Noort, C. van zetel l, CDA, van 3-9-1974 tot 7-9-1982
Ruijter, C. de zetel m, CDA, van 3-9-1974 tot 23-2-1995
Wagenaar-Maan Voogd Bergwerf, P. zetel n, VVD, van 1-9-1970 tot 25-5-1976
Deetman, A. zetel n, VVD, van 26-6-1976 tot 27-4-1978
Gramberg-Huijbrechtse, J.M. zetel o, VVD, van 25-1-1973 tot 25-3-1976
Dijckhoff, A.M.B. zetel o, VVD, van 29-4-1976 tot 5-9-1978
Beltman, J.D. zetel p, VVD, van 3-9-1974 tot 29-1-1976
Postelmans-Blankemeijer, M.J. zetel p, VVD, van 26-2-1976 tot 31-1-1985
Heerschop, A.J.P. zetel q, VVD, van 3-9-1974 tot 30-3-1978
Beltman, J.D. zetel q, VVD, van 27-4-1978 tot 5-9-1978
Velde, H. van der zetel r, VVD, van 3-9-1974 tot 5-9-1978
Janzen, P.F. zetel s, SPC, van 5- 9-1961 tot 29-4-1981

Toelichting tabel:
De kleine letters a tot en met s geven de zetels aan van 19 raadsleden. Als een raadslid wordt vervangen binnen een raadsperiode, dan geldt voor zijn opvolger dezelfde letter. De begin- en einddatum vermelden de periode van genoemd raadslid.


Jaarboek 35, pagina 22

Het college van burgemeesters en wethouders bij het afscheid van de raad op 31 augustus 1978; v.l.n.r. zittend: Henk Wokke, burgemeester Gmelich Meijling en Paula Scholtz - Brand; staand: Henk van der Velde, Harry Poeze en gemeentesecretaris Fons Mok.
Het college van burgemeesters en wethouders bij het afscheid van de raad op 31 augustus 1978. Van links naar rechts zittend: Henk Wokke, burgemeester Gmelich Meijling en Paula Scholtz-Brand; staand: Henk van der Velde, Harry Poeze en gemeentesecretaris Fons Mok.

Wethouders:
De vier wethouders, gekozen tijdens de eerste raadsvergadering op 3-9-1974, zijn H.P. Wokke (ruimtelijke ordening, financiën en verkeer), H. van der Velde (openbare werken, gemeentewerken en personeelszaken), H.A. Poeze (sociale zaken) en L.W. Stam (onderwijs, culturele- en sportzaken). Door zijn benoeming tot burgemeester van Wieringen, vertrekt laatstgenoemde en wordt op 28-10-1976 opgevolgd als wethouder door mevrouw P. Scholtz-Brand.

Ontwikkelingen in deze raadsperiode

  • De Rustende Jager wordt afgebroken.
  • Inspraakprocedure Dorpskom, vaststelling bestemmingsplan dorpskom.
  • Ingebruikneming sportpark van de voetbalvereniging CSV.
  • Aankoop door de gemeente van boerderij en landerijen van het Albert Asjesfonds voor de oostelijke uitbreiding.
  • Bouw nieuwe brandweerkazerne.
Bij het afscheid van de raadsleden uit de zittingsperiode 1974-1978 op 31 augustus 1978.
Bij het afscheid van de raadsleden uit de zittingsperiode 1974-1978 op 31 augustus 1978. Van links naar rechts zittend: Henk van der Velde, Henk Wokke, burgemeester Gmelich Meijling, Paula Scholtz-Brand en Dirk Kaper; staand: Fons Mooijman, Aad de Wit, Hans Janmaat, Hans Beltman, Louk Dijckhoff, Joop Leijgraaf, Jane Postelmans- Blankemeijer, Harry Poeze, Fons Mok, Jan Hilarius, Gerrit de Boer, Nora Bats-van Oort, Piet Janzen en Cees van Noort.

Jaarboek 35, pagina 23

Burgemeesterswissel: vertrek Van Boxtel en komst Gmelich Meijling

Sinds eind maart 1977 is burgemeester Van Boxtel wegens gezondheidsredenen niet meer in staat om zijn functie uit te oefenen en wordt op non-actief gesteld. Op zijn verzoek is hem per 1 november van dat jaar eervol ontslag verleend. Kort daaraan voorafgaand is hij verhuisd naar Breda. Van Boxtel heeft zich in een hectische periode in de plaatselijke geschiedenis vooral ingezet op de terreinen ruimtelijke ordening (plan Noordend, structuurschets, winkelcentrum Geesterduin) en het welzijnsbeleid. Hij was een man met gevoel voor decorum en etaleerde een grote verbale vaardigheid.

Gmelich Meijling, burgemeester van1978 tot 1985.
Gmelich Meijling, burgemeester van 1978 tot 1985.

Van Boxtel wordt opgevolgd door J.C. Gmelich Meijling. Op 17 april 1978 wordt in een buitengewone raadsvergadering in Geesterhage de nieuwe burgemeester door locoburgemeester H.P. Wokke geïnstalleerd. Gmelich Meijling is voor zijn komst naar Castricum achtereenvolgens marine-officier en wethouder van Oegstgeest.

2. De raadsperiode van september 1978 tot september 1982 (19 raadszetels)

De verkiezingen worden gehouden op 31 mei 1978. De gecombineerde lijst van de partijen PvdA, PPR, D66 en PSP wordt niet voortgezet. De PvdA en ook D66 doen als afzonderlijke partijen mee aan de verkiezingen. De PPR en PSP komen wel met een gecombineerde lijst uit. Behalve de hiervoor genoemde partijen doen alleen nog mee het CDA, de VVD en de Communistische Partij van Nederland (CPN). De laatstgenoemde partij haalt overigens geen zetel. De zetelverdeling is als volgt: CDA 8 zetels, de PvdA 4, de VVD 4, D66 2 zetels en de combinatie PPR/PSP haalt 1 zetel.
Het aantal kiesgerechtigden is 15.447; er worden 12.007 stemmen uitgebracht.
De beëdiging van de raadsleden is op 5-9-1978.

Samenstelling gemeenteraad:

Burgemeester:
Gmelich Meijling, J.C. gedurende periode van 17-4-1978 tot 31-5-1985

Raadsleden:
Janzen, P.F. zetel a, CDA, van 5-9-1961 tot 29-4-1981
Martens, A.J. zetel a, CDA, van 27-5-1981 tot 9-4-1990
Wokke, H.P. zetel b, CDA, van 1-9-1970 tot 26 2-1987
Noort, C. van zetel c, CDA, van 3-9-1974 tot 7-9-1982
Ruijter, C. de zetel d, CDA, van 3-9-1974 tot 23-2-1995
Berkhout, P. zetel e, CDA, van 5-9-1978 tot 21-9-1989
Rieke, R. zetel f, CDA, van 5-9-1978 tot 7-9-1982
Veldt, H.J. zetel g, CDA, van 5-9-1978 tot 29-4-1986
Wolf, P.G.B. de zetel h, CDA, van 5-9-1978 tot 14-4-1998
Poeze, H.A. zetel i, PvdA, van 28-10-1971 tot 7-9-1982
Scholtz-Brand, P. zetel j, PvdA, van 3-9-1974 tot 7-9-1982
Hilarius, J. k, PvdA, van 24-4-1975 tot 29-3-1979
Mooijman-Rodenburg, L.C. zetel k, PvdA, van 26-4-1979 tot 7-9-1982
Graaf, H.J.C. de zetel l, PvdA, van 5-9-1978 tot 30-8-1979
Mostert. A. zetel l, PvdA, van 27-9-1979 tot 7-9-1982
Postelmans-Blankemeijer, M.J. zetel m, VVD, van 26-2-1976 tot 31-1-1985
Koppenberg, R. zetel n, VVD, van 5-9-1978 tot 28-4-1983
Roos, C.H. zetel o, VVD, van 5-9-1978 tot 30-10-1980
Emmaneel, F.M.E. zetel o, VVD, van 20-11-1980 tot 29-4-1986
Slijkhuis, G.J. zetel p, VVD, van 5-9-1978 tot 31-1-1980
Rinkel, Th.S. zetel p, VVD, van 28-2-1980 tot 29-4-1986
Ritzer, V.G.N. zetel q, D66, van 5-9-1978 tot 25-2-1982
Kortbeek-Buur, H.E.M. zetel q, D66, van 25-3-1982 tot 7-9-1982
Wentink-Klinkenberg, M.M. zetel r, D66, van 5-9-1978 tot 7-9-1982
Bijlenga, J. zetel s, PPR/PSP, van 5-9-1978 tot 29-4-1986


Jaarboek 35, pagina 24

Wethouders:
De vier wethouders, gekozen tijdens de eerste raadsvergadering op 3-9-1974, zijn H.P. Wokke (ruimtelijke ordening en openbare werken), P.F. Janzen (sociale zaken en volkshuisvesting), mevrouw P. Scholtz- Brand (onderwijs, jeugd en cultuur) en C.H. Roos (financiën en recreatie). Mevrouw P. Scholtz-Brand treedt per 1-6-1979 als wethouder af in verband met de problematiek rond de Juliana van Stolbergschool. In de raadsvergadering van 14-6-1979 wordt besloten om voorlopig met drie wethouders verder te gaan. In de vergadering van 27-9-1979 wordt als haar opvolger V.G.N. Ritzer benoemd, die vanaf 25-3-1982 wordt opgevolgd door P.G.B. de Wolf.
Wethouder C.H. Roos wordt opgevolgd op 20-11-1980 door M.J. Postelmans-Blankemeijer. P.F. Janzen wordt niet opgevolgd bij besluit van de raad op 26-2-1981; het college gaat verder met drie wethouders.

Ontwikkelingen in deze raadsperiode

  • Opening ‘Bloemenbaan’ van het tenniscomplex Noord-End.
  • Aanleg van de wijk Kooiweg-Noord.
  • Bouw woongebouw aan het Kortenaerplantsoen.
  • Raadsbesluit tot intrekking van de plaatselijke monumentenverordening.
  • Vaststelling bestemmingsplan bedrijfsterrein-zuid.
  • Opening van de havo-afdeling van de Jac. P. Thijsse openbare scholengemeenschap.
  • De geplande zuidelijke randweg wordt in de structuurschets geschrapt.
  • Bouw van een nieuw raadhuis.

Direct voorafgaande aan de fusie werden door gemeentevoorlichter Hans Schwartz drie oud-raadsleden geïnterviewd over hun eigen ervaringen als raadslid. Deze interviews werden gepubliceerd in de afscheidskrant die in december 2001 door de ‘oude’ gemeente Castricum werd uitgegeven en zijn (iets verkort) in dit artikel opgenomen, omdat ze ervaringen vertolken uit de hier beschreven periode van het gemeentebestuur.

De heer C. de Ruijter

Cees de Ruijter heeft van 1974 tot 1995 in de gemeenteraad zitting gehad, tot november 1985 onder de vlag van het CDA en na die datum voorde groepering Castricum Aktief. Hij rolde als het ware in het raadswerk. Al jaren was hij actief inde lokale, regionale en landelijke besturen van de CDA-jongeren. In Castricum was hij lid van vrijwel alle adviescommissies van de raad. In het begin was het raadswerk natuurlijk vooral spannend, later waren termen als interessant en leuk meer van toepassing.

In mijn beginperiode heb ik ook veel geleerd; mensen als Koppenberg, Van Noort, Berkhout en Stam waren natuurlijk niet de eerste de besten.

Ondanks het feit dat De Ruijter altijd positief is ingesteld, bewaart hij toch ook nog wel een aantal minder goede herinneringen aan zijn raadsperiode. Het slepende gedoe rond de herbouw van het verbrande zwembad noemt hij een van de dieptepunten. Als goede tweede in de categorie dieptepunten noemt hij de onenigheid met het CDA, die leidde tot zijn vertrek uit de CDA-fractie. Als gevolg hiervan richtte hij deg roepering Castricum Aktief op. Het succes van die fractie beschouwt hij als een van de hoogtepunten van zijn politieke carrière.

Over de samenvoeging van de gemeenten Akersloot, Castricum en Limmen is De Ruijter zonder meer positief.
Een heel goede zaak, het behoud van de groene gebieden is van groot belang, maar er zijn meer positieve gevolgen. Een voorwaarde voor succes is wel om de ontstane problemen in het fusieproces zo snel mogelijk op te lossen.”

3. De raadsperiode van september 1982 tot september 1986 (19 raadszetels)

De verkiezingen worden gehouden op 2 juni 1982. Behalve het CDA, de VVD en D66 is er een gecombineerde lijst van de PvdA en PPR. Ook doet er een nieuwe partij mee onder de naam Gemeente Belangen Castricum (GBC). Laatst genoemde partij haalt overigens geen zetel. De zetel verdeling is als volgt: CDA 6 zetels, de PvdA/PPR 6, de VVD 6 en D66 haalt 1 zetel.
Het aantal kiesgerechtigden is 16.129; er worden 11.741 stemmen uitgebracht.
De beëdiging van de raadsleden is op 7-9-1982.

Samenstelling gemeenteraad:

Burgemeester:
Gmelich Meijling, J.C. gedurende periode van 17-4-1978 tot 31-5-1985
Schouwenaar J.M. gedurende periode van 16-1-1986 tot 7-4-1998

Raadsleden:
Wokke, H.P. zetel a, CDA, van 1-9-1970 tot 26-2-1987
Ruijter, C. de zetel b, CDA, van 3-9-1974 tot 23-2-1995
Berkhout, P. zetel c, CDA, van 5-9-1978 tot 21-9-1989
Veldt, H.J. zetel d, CDA, van 5-9-1978 tot 29-4-1986
Wolf, P.G.B. de zetel e, CDA, van 5-9-1978 tot 14-4-1998
Martens, A.J. zetel f, CDA, van 27-5-1981 tot 1-5-1990


Jaarboek 35, pagina 25

Bijlenga, J. zetel g, PvdA/PPR, van 5-9-1978 tot 29-4-1986
Dirkse, D. zetel h, PvdA/PPR, van7-9-1982 tot 1-4-1985
Neure, A. van zetel h, PvdA/PPR, van 25-4-1985 tot 29-4-1986
Hoeven, Chr. van der zetel i, PvdA/PPR, van 7-9-1982 tot 29-4-1986
Mosk, J.A. zetel j, PvdA/PPR, van 7-9-1982 tot 21-3-1994
Postma, J.M. zetel k, PvdA/PPR, van 7-9-1982 tot 14-4-1998
Schwartz, H.H. zetel l, PvdA/PPR, van 7-9-1982 tot 1-5-1990
Postelmans-Blankemeijer, M.J. zetel m, VVD, van 26-2-1976 tot 31-1-1985
Bos-Mutsemaker, C.W.H.M. zetel m,  VVD, van 18-2-1985 tot 29-4-1986
Koppenberg, R. zetel n, VVD, van 5-9-1978 tot 28-4-1983
Not, G.M. van zetel n, VVD, van 26-5-1983 tot 29-3-1984
Wagenaar-Maan Voogd Bergwerf, P. zetel n, VVD, van 26-4-1984 tot 29-4-1986
Rinkel, Th.S. zetel o, VVD, van 28-2-1980 tot 29-5-1986
Emmaneel, F.M.E. zetel p, VVD, van 20-11-1980 tot 29-4-1986
Korthouwer, J.Th. zetel q, VVD, van 7-9-1982 tot 29-4-1986
Stevens, J. zetel r, VVD, van 7-9-1982 tot 29-4-1986
Rouwhorst, Th.A.J. zetel s, D66, van 7-9-1982 tot 14-4-1998

Wethouders:
Er is een afspiegelingscollege van de drie grote partijen. Wethouders deze raadsperiode zijn H.P. Wokke, Chr. van der Hoeven en M.J. Postelmans-Blankemeijer. Laatstgenoemde wordt op 18-2-1985 opgevolgd door Th.S. Rinkel.
Chr. van der Hoeve stapt 14 oktober 1983 op na de aanvaarding van een motie van wantrouwen. Hij wordt opgevolgd door A. Martens. Daarmee komt een einde aan het afspiegelingscollege.

Het raadhuis dat in november 1982 in gebruik werd genomen.
Het raadhuis dat in november 1982 in gebruik werd genomen.

Ontwikkelingen in deze raadsperiode

  • Ingebruikneming nieuwe raadhuis.
  • Bouw woningen tussen Beverwijkerstraatweg en Oude Haarlemmerweg (Tolweid).
  • Realisatie bouwplan Het Strengh.
  • In het plan Kooiweg-Noord worden de straten met bloembollennamen bebouwd.
  • Bouw woningen bij Geesterduin.
  • Bouw appartementencomplex op de plaats van de voormalige Pius X-school aan de Alkmaarderstraatweg.
  • Cees de Ruijter treedt uit de CDA fractie en richt op 27 januari 1986 een nieuwe plaatselijke partij op genaamd ‘Castricum Aktief’.
Burgemeester Gmelich Meijling.
Burgemeester Gmelich Meijling.

Burgemeesterswissel: vertrek Gmelich Meijling en komst Schouwenaar

Na een periode van zeven jaar als burgemeester van Castricum actief geweest te zijn, wordt Gmelich Meijling benoemd tot burgemeester van Den Helder. Aan deze stad heeft hij als marineofficier veel herinneringen en hij ziet dit als een uitdaging om deze veel grotere plaats als burgemeester te mogen dienen. In een buitengewone raadsvergadering wordt op 31 mei 1985 afscheid van de burgemeester genomen. Hij ontvangt van locoburgemeester H.P. Wokke de zilveren legpenning van de gemeente Castricum en wordt geprezen om zijn bestuurlijke en representatieve kwaliteiten. Gmelich Meijling heeft zich met een grote gedrevenheid ingezet voor de huisvesting van het ambtelijk apparaat, wat heeft geresulteerd in de bouw van een nieuw gemeentehuis.

Burgemeester Schouwenaar.
Burgemeester Schouwenaar.

Tot zijn opvolger als burgemeester van Castricum wordt benoemd J.M. Schouwenaar.
Op 17 januari 1986 wordt hij geïnstalleerd. Schouwenaar (voor intimi Koos) was daarvoor zeven jaar burgemeester van het Noord-Hollandse Venhuizen.

4. De raadsperiode van september 1986 tot mei 1990 (19 raadszetels)

De verkiezingen worden gehouden op 19 maart 1986. Er zijn vijf lijsten: het CDA, de combinatie PvdA en PPR, de VVD, D66 en Castricum Aktief (CA). De zetelverdeling is als volgt: CDA 6 zetels, de PvdA/PPR 5, de VVD 5, CA 2 en D66 haalt 1 zetel.
Het aantal kiesgerechtigden is 17.253; er worden 13.526 stemmen uitgebracht.
De beëdiging van de raadsleden is op 29-4-1986.


Jaarboek 35, pagina 26

Samenstelling gemeenteraad:

Burgemeester:
Schouwenaar J.M. gedurende periode van 16-1-1986 tot 7-4-1998

Raadsleden:
Wokke, H.P. zetel a, CDA, van 1-9-1970 tot 26-2-1987
Rieke, R., zetel a, CDA, van 26-3-1987 tot 1-5-1990
Berkhout, P. zetel b, CDA, van 5-9-1978 tot 21-9-1989
Wilms. F.F.J. zetel b, CDA, van 23-10-1989 tot 1-5-1990
Wolf, P.G.B. de zetel c, CDA, van 5-9-1978 tot 14-4-1998
Martens, A.J. zetel d, CDA, van 27-5-1981 tot 1-5-1990
Branderhorst, G.V. zetel e, CDA, van 29-4-1986 tot 21-3-1994
Groot-Kruidenberg, C.A.M. zetel f, CDA, van 29-4-1986 tot 1-9-1992
Mosk, J.A. zetel g, PvdA/PPR, van7-9-1982 7-9-1982 tot 21-3-1994
Postma, J.M. zetel h, PvdA/PPR, van 7-9-1982 tot 14-4-1998
Schwartz, H.H. zetel i, PvdA/PPR, van 7-9-1982 tot 1-5-1990
Sluis-Brouwer, H.C.J. van der zetel j, PvdA/PPR, van 29-4-1986 tot 1-5-1990
Wennekes, J.A.A. zetel k, PvdA/PPR, van 29-4-1986 tot 21-3-1994
Rinkel, Th.S. zetel l, VVD, van 28-2-1980 tot 29-5-1986
Wagenaar-Maan Voogd Bergwerf, P. zetel l, VVD, van 26-6-1986 tot 1-5-1990
Hartgers-de Jong, A. zetel m, VVD, van 29-4-1986 tot 21-3-1994
Krouwel, G. zetel n, VVD, van 29-4-1986 tot 21-3-1994
Postelmans-Blankemeijer, M.J. zetel o, VVD, van 29-4-1986 tot 8-11-1993
Slijkhuis, G.J. zetel p, VVD, van 29-4-1986 tot 1-5-1990
Ruijter, C. de zetel q, CA, van 3-9-1974 tot 23-2-1995
Zandbergen, J.M. zetel r, CA, van 29-4-1986 tot 1-4-2000
Rouwhorst, Th.A.J. zetel s, D66, van 7-9-1982 tot 14-4-1998

Wethouders:
De drie wethouders gedurende deze raadsperiode waren H.P. Wokke (financiën, economische zaken en gemeentewerken), J.M. Postma (onderwijs, welzijns- en sportzaken) en M.J. Postelmans- Blankemeijer (ruimtelijke ordening, volkshuisvesting, sociale zaken en volksgezondheid). Door zijn benoeming als burgemeester van Marken vertrekt Wokke en wordt vanaf 26-3-1987 opgevolgd door A.J. Martens. Vanwege de besluitvorming rond de herbouw van het zwembad stapt wethouder A.J.Martens op 23 februari 1989 op. Hij wordt op 11 maart1989 opgevolgd door T.A.J. Rouwhorst.

5-7-1987: Het zwembad De Witte Brug brandt totaal uit.
5-7-1987: Het zwembad De Witte Brug brandt totaal uit.

Ontwikkelingen in deze raadsperiode

  • Vaststelling van het uitbreidingsplan Albert’s Hoeve door de gemeenteraad en aanleg eerste deel van de wijk
  • Straatnamen gewijd aan landnamen en vrouwennamen.
  • Jumelage met Balatonfüred in Hongarije wordt aangegaan.
  • Het sportfondsenbad ‘De Witte Brug’ wordt in de as gelegd.

5. De raadsperiode van mei 1990 tot maart 1994 (19 raadszetels)

De verkiezingen worden gehouden op 21 maart 1990. Ten


Jaarboek 35, pagina 27

opzichte van de voorgaande verkiezingen van 1986 is de PvdA niet meer gecombineerd met de PPR. Deze laatste partij is opgegaan in Groen Links die nu afzonderlijk aan de verkiezingen meedoet. De zetelverdeling is als volgt: CA en het CDA elk 4 zetels, D66, de PvdA en de VVD elk 3 zetels en Groen Links haalt 2 zetels. De grote winnaar is Castricum Aktief die van 2 naar 4 zetels opklimt.
Het aantal stemgerechtigden is 17.575. Er worden 12.078 stemmen uitgebracht.
De beëdiging van de raadsleden is op 1-5-1990.

Samenstelling gemeenteraad:

Burgemeester:
Schouwenaar J.M. gedurende periode van 16-1-1986 tot 7-4-1998

Raadsleden:
Ruijter, C. de zetel a, CA, van 3-9-1974 tot 23-2-1995
Zandbergen, J.M. zetel b, CA, van 29-4-1986 tot 1-4-2000
Bouman, I.G. zetel c, CA, van 1-5-1990 tot 31-12-2001
Hemert, J.P. van zetel d, CA, van 1-5-1990 tot 14-4-1998
Wolf, P.G.B. de zetel e, CDA, van 5-9-1978 tot 14-4-1998
Branderhorst, G.V. zetel f, CDA,  van 29-4-1986 tot 21-3-1994
Groot-Kruidenberg, C.A.M. zetel g, CDA, van 29-4-1986 tot 1-9-1992
Ven, A.A. van de zetel g, CDA, van 10-9-1992 tot 31-12-2001
Slot-Abeling, C.A.M. zetel h, CDA, van 1-5-1990 tot 26-8-1991
Wilms, F.F.J. zetel h, CDA, van 26-8-1991 tot 21-3-1994
Rouwhorst, Th.A.J. zetel i, D66, van 7-9-1982 tot 14-4-1998
Galen, G.H. van zetel j, D66, van 1-5-1990 tot 21-3-1994
Schoor, H. van zetel k, D66, van 1-5-1990 tot 31-12-2001
Mosk, J.A. zetel l, PvdA, van 7-9-1982 tot 21-3-1994
Postma, J.M. zetel m, PvdA, van 7-9-1982 tot 14-4-1998
Wennekes, J.A.A. zetel n, PvdA, van 29-4-1986 tot 21-3-1994
Jong, A. de. zetel o, VVD, van 29-4-1986 tot 21-3-1994
Krouwel, G. zetel p, VVD, van 29-4-1986 tot 21-3-1994
Postelmans-Blankemeijer, M.J. zetel q, VVD, van 29-4-1986 tot 8-11-1993
Beltman, J.D. zetel q, VVD, van 25-11-1993 tot 21-3-1994
Beens-Jansen, M. zetel r, GL, van 1-5-1990 tot 14- 4-1998
Peperkamp, C.Q. zetel s, GL, van1-5-1990  tot 21-3-1994

Wethouders:
Een college van CDA, PvdA, D66 met steun van Groen Links. De VVD en CA gaan in de oppositie. De drie wethouders gedurende deze raadsperiode zijn P.G.B. de Wolf (ruimtelijke ordening, verkeer en volkshuisvesting), J.M. Postma (financiën en onderwijs) en T.A.J. Rouwhorst (economische zaken, gemeentewerken, openbare werken en milieu).

3-11-1988: uitbreiding winkelcentrum Geesterduin; opening verricht door burg. Schouwenaar.
3-11-1988: uitbreiding winkelcentrum Geesterduin; opening verricht door burgemeester Schouwenaar.

Ontwikkelingen in deze raadsperiode

  • Bouwvlek G in uitbreidingsplan Albert’s Hoeve.
  • Heropening van zwembad ‘De Witte Brug’.
  • Opening kantoor van Het Noordhollands Landschap in het oude raadhuis.
  • Fusie van het Bonhoeffercollege en de Henricus Mavo.
  • Heropening gerenoveerde en uitgebreide winkelcentrum Geesterduin.
  • Samenwerkingsverband van de gemeenten Velsen, Beverwijk, Heemskerk, Uitgeest en Castricum is gepromoveerd tot een officieel Gewest IJmond.
  • Aanleg fietspad naar Heemskerk in het verlengde van de Heemstederweg.
  • Opening winkel van de stichting Muttathara op de Castricummer Werf.

Mevrouw A. de Jong

Anneke de Jong heeft van 1986 tot 1994 de VVD vertegenwoordigd in de Castricumse gemeenteraad. Zij maakte deel uit van vrijwel alle raadscommissies. Als medewerkster van de nieuwe gemeente Bergen kan zij zich een goed beeld vormen van allerlei zaken rond een gemeentelijke fusie.

Een fusie vergt buitengewoon veel van ambtenaren en bestuurders. De effecten zullen voor de inwoners vaak pas in een veel later stadium worden opgemerkt. Voordat de dienstverlening optimaal functioneert, gaat er namelijk toch wel enige tijd overheen.

Ze is van mening dat aansluiting bij de regio ten noorden van Castricum een positief gevolg zal zijn van de fusie. Anneke de Jong vond het raadswerk vooral spannend en leerzaam. Na allerlei andere bestuurlijke activiteiten, waaronder het peuterspeelzaalwerk, wilde zij het ook wel eens aan de andere kant van de tafel proberen. In de aanloop naar het zich verkiesbaar stellen als gemeenteraadslid had zij grote waardering gekregen voor de toenmalige wethouder van onderwijs en welzijn mevrouw P. Scholtz. De kandidatuur van Anneke de Jong was ook een gevolg van haar activiteiten bij het


Jaarboek 35, pagina 28

schrijven van een Emancipatienota. De beste ervaringen had Anneke de Jong in de commissie onderwijs.

Daar werd door de verschillende vertegenwoordigers van de politieke partijen buitengewoon goed samengewerkt ener zijn in die periode ook heel wat belangrijke besluiten genomen.

Na acht jaar vond ze het genoeg en maakte zij plaats voor andere vertegenwoordigers uit de VVD.

Afscheid van de raad in maart 1994.
Bij het afscheid van de raad in maart 1994. Van links naar rechts zittend: Jan Postma, Piet de Wolf, burgemeester Schouwenaar, gemeentesecretaris Herman Sterken, Theo Rouwhorst en Joop Zandbergen; staand: Ria Beens-Jansen, Jaap Mosk, Anneke de Jong, Julia Wennekes, Hans Beltman, Irene Bouman, Gerrit Branderhorst, Catharina Peperkamp, Fer Wilms, Hans van Schoor, Jan van Hemert, Cees de Ruijter en Alex van de Ven.

6. De raadsperiode van maart 1994 tot april 1998 (19 raadszetels)

De verkiezingen worden gehouden op 2 maart 1994. Aan de verkiezingen doen dezelfde partijen mee als bij de voorgaande verkiezingen. De zetelverdeling is als volgt: CA 7 zetels, het CDA, de PvdA en de VVD elk 3 zetels, D66 2 zetels en Groen Links haalt 1 zetel.
Er worden 12.884 stemmen uitgebracht.
De beëdiging van de raadsleden is op 21-3-1994.

Samenstelling gemeenteraad:

Burgemeester:
Schouwenaar J.M. gedurende periode van 16-1-1986 tot 7-4-1998
Waal, C.J.D. gedurende periode van 8-4-1998 tot 31-12-2001

Raadsleden:
Ruijter, C. de zetel a, CA, van 3-9-1974 tot 23-2-1995
Lute, A.A.M. zetel a, CA, van 30-3-1995 tot 20-6-1996
Duinmeijer-Beentjes, G.A.M. zetel a, CA, van 26-9-1996 tot 14-4-1998
Zandbergen, J.M. zetel b, CA, van 29-4-1986 tot 1-4-2000
Bouman, I.G. zetel c, CA, van 1-5-1990 tot 31-12-2001
Hemert, J.P. van zetel d, CA, van 1-5-1990 tot 14-4-1998
Ven, A.A. van de zetel e, CA, van 10-9-1992 tot 31-12-2001
Deen, A.C.M.T. zetel f, CA, van 21-3-1994 tot 14-4-1998
Weda, F.J.S. zetel g, CA, van 21-3-1994 tot 31-12-2001
Wolf, P.G.B. de zetel h, CDA, van 5-9-1978 tot 14-4-1998
Gosliga, IJ.J. van zetel i, CDA , van 21-3-1994 tot 31-12-2001
Staaij-Hogeling, A.M.A. van der zetel j, CDA, van 21-3-1994 tot 29-9-1994
Meppelink, J.D. zetel j, CDA, van 31-10-1994 tot 31-12-2001
Postma, J.M. zetel k, PvdA, van 7-9-1982 tot 14-4-1998
Meijer, E.F.G. zetel l, PvdA, van 21-3-1994 tot 31-12-2001
Visser, A.B. zetel m, PvdA, van 21-3-1994 tot 14-4-1998
Bijvoet-de Brouwers, M.E. zetel n, VVD, van 1-3-1994 tot 31-12-2001
Lamme, A.H. zetel o, VVD, van 21-3-1994 tot 31-12-2001
Tempelman, B.A. zetel p, VVD, van 21-3-1994 tot 14-4-1998
Rouwhorst, Th.A.J. zetel q, D66, van 7-9-1982 tot 14-4-1998
Schoor, H. van zetel r, D66, van1-5-1990 tot 31-12-2001
Beens-Jansen, M. zetel s, GL, van 1-5-1990 tot 14-4-1998


Jaarboek 35, pagina 29

Wethouders:
De drie wethouders gedurende deze raadsperiode zijn J.P. van Hemert, J.M. Postma en A.H. Lamme.

Ontwikkelingen in deze raadsperiode

  • Nieuwbouw Jac.P. Thijsse College aan de Bloemen.
  • Opening milieu-natuurtuin ‘Tuin van Kapitein Rommel’.
  • Opening bezoekerscentrum ‘De Hoep’.
  • Aanleg van het natuur- en landschapspark ‘Hendriksveld’.
  • Bouw vlek E/F in uitbreidingsplan Albert’s Hoeve.
  • Opheffing van de Bethlehemparochie.
  • Instelling onderzoek mogelijke fusie Akersloot, Limmen en Castricum.
Afscheid van de raad begin april 1998.
Bij het afscheid van de raad begin april 1998. Van links naar rechts zittend Joop Zandbergen, André Lamme, Jan van Hemert, Koos Schouwenaar, Herman Sterken, Jan Postma en Bert Meijer; staand Ben Tempelman, Bert Visser, Hans Meppelink, Marian Bijvoet-De Brouwers, Ymte van Gosliga, Ria Beens-Jansen, Fred Weda, Gerda Duinmeijer- Beentjes, Hans van Schoor, Alex van de Ven, Theo Rouwhorst, Piet de Wolf, Irene Bouman en Nettie Deen.

Burgemeesterswissel: vertrek Schouwenaar en komst Waal

Na een periode van twaalf jaar neemt Koos Schouwenaar afscheid van Castricum. Hij is benoemd per 7 april 1998 tot burgemeester van Maarssen. Op 3 april 1998 is er een afscheidsreceptie in Geesterhage. Castricum neemt afscheid van een burgemeester die midden in de lokale samenleving stond en die de sportiefste burgemeester van ons land was. Koos Schouwenaar was meervoudig Nederlands kampioen wielrennen bij de burgemeesters.

Waal, burgemeester van 1998 tot 2002.
C.J.D. Waal, burgemeester van 1998 tot 2002.

Met een mogelijke fusie van Castricum, Akersloot en Limmen in het vooruitzicht heeft het ambt van zijn opvolger een tijdelijk karakter en krijgt het predicaat waarnemend-burgemeester. In die functie wordt per 8 april 1998 benoemd de heer C.J.D. Waal.

Waal was tot die tijd in vele functies werkzaam: tien jaar als wethouder van Leiden, negen jaar burgemeester van Deventer, voorzitter van de Hogeschool Rotterdam en lid van Provinciale Staten van Zuid-Holland.

Als bestuurlijk zwaargewicht is Waal benoemd om het samenvoegingsproces in goede banen te leiden; hij is een fervent voorstander en een ambassadeur van de samenvoeging. Op 8 april 1998 wordt waarnemend burgemeester Waal door locoburgemeester J.P. van Hemert tijdens een buitengewone raadsvergadering geïnstalleerd.


Jaarboek 35, pagina 30

7. De raadsperiode van april 1998 tot januari 2002 (19 raadszetels)

De verkiezingen worden gehouden op 4 maart 1998. Aan de verkiezingen doen dezelfde partijen mee als bij de voorgaande verkiezingen. De zetelverdeling is als volgt: de VVD 5 zetels, CA 4 zetels, het CDA, GL en de PvdA elk 3 zetels en D66 haalt 1 zetel.
Er worden 12.746 stemmen uitgebracht.
De beëdiging van de raadsleden is op 14-4-1998.

Samenstelling gemeenteraad:

Burgemeester:
Waal, C.J.D. gedurende periode van 8-4-1998 tot 31-12-2001

Raadsleden:
Bijvoet-de Brouwers, M.E. zetel a, VVD, van 21-3-1994 tot 31-12-2001
Lamme, A.H. zetel b, VVD, van 21-3-1994 tot 31-12-2001
Portegies, C. zetel c, VVD, van 14-4-1998 tot 31-12-2001
Ruijmgaart, J.I. zetel d, VVD, van 14-4-1998 tot 31-12-2001
Willems, E.W. zetel e, VVD, van 14-4-1998 tot 27-10-1999
Holtslag, J. zetel e, VVD, van 25-11-1999 tot 31-12-2001
Zandbergen, J.M. zetel f, CA, van 29-4-1986 tot 10-4-2000
Voulon, P. zetel f, CA, van 27-4-2000 tot 31-12-2001
Bouman, I.G. zetel g, CA, van 1-5-1990 tot 31-12-2001
Ven, A.A. van de zetel h, CA, van10-9-1992 tot 31-12-2001
Weda, F.J.S. zetel i, CA, van 21-3-1994 tot 31-12-200131-12-2001
Gosliga, IJ.J. van zetel j, CDA, van 21-3-1994 tot
Meppelink, J.D. zetel k, CDA, van 29-9-1994 tot 31-12-2001
Wilms, F.F.J. zetel l, CDA, van 1-5-1990 tot 31-12-2001
Cornel-Draijer, J.M. zetel m, GL, van 14-4-1998 tot 31-12-2001
Keijsper, V.P. zetel n, GL, van 14-4-1998 tot 29-11-1998  (overl.)
Bijlenga, J. zetel n, GL, van 28-1-1999 tot 31-12-2001
Peperkamp, C.Q. zetel o, GL, van 14-4-1998 tot 31-12-2001
Meijer, E.F.G. zetel p, PvdA, van 21-3-1994 tot 31-12-2001
Gelderen, D. van zetel q, PvdA, van 14-4-1998 tot 31-12-2001
Hommes, J.M. zetel r, PvdA, van 14-4-1998 tot 31-12-2001
Schoor, H. van zetel s, D66, van 1-5-1990 tot 31-12-2001

Wethouders:
De drie wethouders gedurende deze raadsperiode zijn A.H. Lamme, IJ.J. van Gosliga en E.F.G. Meijer.

Oktober 1999: Onthulling van het monument van de Slag bij Castricum.
Oktober 1999: Onthulling van het monument van de Slag bij Castricum.

Ontwikkelingen in deze raadsperiode

  • Nieuwbouw Bonhoeffercollege.
  • Reconstructie bocht Stationsweg-Dorpsstraat-Beverwijkerstraatweg.
  • Herinrichting Burgemeester Mooijstraat.
  • Bouw vlek H in uitbreidingsplan Albert’s Hoeve.
  • Monument ter herdenking van de Slag bij Castricum.
  • Besluit door gemeenteraden tot samenvoeging van de gemeenten Akersloot, Limmen en Castricum per 1 januari 2002.

De heer J. Bijlinga

De raadswerkzaamheden van Jan Bijlenga strekken zich over een groot aantal jaren uit. Van 1978 tot 1982 vertegenwoordigde hij de PPR/PSP in de gemeenteraad en van 1982 maakte hij vier jaar lang deel uit van de PvdA/PPR-fractie. In 1999 kwam hij opnieuw in de gemeenteraad, toen als lid van de Groen Links-fractie.

Bijlenga vindt vooral het werk in de adviescommissies zeer aantrekkelijk.
Daar vindt vaak de echte discussie plaats. Allerlei verschillende standpunten komen hier samen: de contacten met de ambtenaren, de ontmoetingen met de inwoners. In de raad is het allemaal wat formeler en zijn de kaarten vaak al geschud.”

Jan Bijlenga is, zoals vele anderen, er eigenlijk een beetje ingerold. “Zonder enige kennis van zaken,” zoals hij zelf nadrukkelijk opmerkt. Dan moet er in de achter ons liggende jaren heel wat veranderd zijn, want het raadswerk van Bijlenga wordt volgens velen gekenmerkt door een grote dossierkennis en door een gedegen voorbereiding.

Hij is geen man die redeneert in hoogte- en dieptepunten. Toch denkt hij met genoegen aan twee zaken terug. In zijn eerste raadsperiode heeft hij zich verzet tegen de bouw van het ‘nieuwe’ gemeentehuis in Castricum. Nog steeds waardeert hij dat hij daarin ook de ruimte kreeg van andere fracties. Als lid van de PvdA/PPR-fractie heeft hij een


Jaarboek 35, pagina 31

initiatiefvoorstel ingediend over de medezeggenschapin het onderwijs.

De samenvoeging zelf acht Bijlenga een goede ontwikkeling.
Door het grotere draagvlak kan een duidelijk gebiedsgerichte aanpak plaats vinden, waardoor eventuele problemen ook beter beheersbaar worden.”

Het college in 2001.
Het college in 2001. Van links naar rechts Ymte van Gosliga (wethouder), Herman Sterken (ex-gemeentesecretaris), Bert Meijer (wethouder), Cees Waal (burgemeester) en André Lamme (wethouder).
Gemeentebestuur in december 2001. Bijzondere raadsvergadering ter afsluiting van de huidige bestuursperiode en de huidige gemeente.
Gemeentebestuur in december 2001. Bijzondere raadsvergadering ter afsluiting van de huidige bestuursperiode en de huidige gemeente. Van links naar rechts zittend Ymte van Gosliga, André Lamme, Cees Waal, Niek Kaan en Bert Meijer; staand: Marian Bijvoet-De Brouwers, Hans van Schoor, John Hommes, Jan Bijlenga, Daphne van Gelderen, Hans Holtslag, Hans Meppelink, Fred Weda, Catharina Peperkamp, Fer Wilms, Inge Ruijmgaart, Janine Cornel-Draijer, Alex van de Ven, Christel Portegies, Piet Voulon en Irene Bouman.

Samenvatting periode 1974 tot 2002

In het onderstaande schema wordt het aantal raadszetels vermeld dat een politieke partij of combinatie van partijen bij elke verkiezingen heeft gehaald. Groepen of eenlingen die geen enkele zetel hebben behaald, worden niet genoemd.


Jaarboek 35, pagina 32

Verdeling van de raadszetels over de politieke partijen.
Verdeling van de raadszetels over de politieke partijen,

Slotopmerking

Het oude gemeentewapen.
Het oude gemeentewapen.

Met de fusie van de gemeenten Castricum, Akersloot en Limmen per 1 januari 2002 wordt een periode van 190 jaar afgesloten, waarin de gemeente Castricum – behoudens minimale grenscorrecties – binnen dezelfde gemeentegrenzen heeft bestaan. Deze gemeentegrenzen werden per 1 januari 1812 gevormd na de fusie van de toenmalige gemeenten Bakkum en Castricum.

De samenvoeging in 2002 werd noodzakelijk geacht, omdat vooral de oorspronkelijke gemeenten Akersloot en Limmen te klein werden geacht om zelfstandig te blijven. Het in stand houden van een ambtenarenkorps om de benodigde diensten te kunnen aanbieden, is voor kleine gemeenten financieel niet meer op te brengen. Op de langere termijn zou dat ook voor Castricum kunnen gaan gelden.

Door de samenvoeging is een grote buffer ontstaan tussen kaasstad Alkmaar en staalstad IJmond. Laten we hopen dat daardoor ook voor de toekomst het behoud van dit groene middengebied gewaarborgd is.

Simon Zuurbier

Bronnen:

Archieven:

  • Regionaal Archief Alkmaar: archief gemeente Castricum 1812- 1992, burgerlijke stand en bevolkingsregisters gemeente Castricum
  • Gemeentehuis Castricum: archief Gemeenteraad;
  • Centraal Bureau voor Genealogie.

Publicaties:

Bruin, Roel J.W. de, Castricum in de groei, 30e Jaarboek Oud-Castricum (2007)


Personalia gemeentebestuur van 1974 tot 2002

Bats-van Oort, Nora Aldegonda de, geboren Maastricht 16-8-1938, onderwijzeres, woonde Henri Dunantsingel 12 (1970), later Willem de Rijkelaan 6 (1974), gehuwd met Felix Th. de Bats, dochter van Theodorus A. van Oort en Helena J.L. Leenarts.
Raadslid CCC van 1-9-1970 tot 3-9-1974 en CDA van 3-9-1974 tot 5-9-1978.

Beens-Jansen, Maria (Ria), geboren Amsterdam 26-5-1944, woont 1e Groenelaan 61. Van 1999-2005 prov. statenlid van N-H voor GL, wethouder van Beverwijk (2004-06) na 2006 waarnemend burgemeester van Wieringermeer, 2010 wethouder van Castricum, gehuwd met Jan Beens, dochter van Reint Jansen en Berendina Gosseling.
Raadslid GL van 1-5-1990 tot 14-4-1998.

Beltman, Johan Derk (Hans), geboren Bussum 10-5-1934, economisch drs., woont Kamperfoelielaan 17, gehuwd met (1) Antje Roest Crollius (overleden 29-12-1997), (2) met Renée Katy Jeelof, zoon van Arend Johan Beltman en Jacoba Jannetje van Lonkhuijzen.
Raadslid VVD van 3-9-1974 tot 29-1-1976, van 27-4-1978 tot 5-9-1978, van 25-11-1993 tot 21-3-1994.

Berkhout, Peter, geboren Wieringerwaard 3-3-1942, constructeur, bouwkundig adviseur (1986), woonde Dokter Melchiorlaan 10, in 1994 vertrokken naar Vlissingen, woont in Amsterdam, weduwnaar van Hendrika Johanna Penha, zoon van Pieter Rokus Berkhout en Lena Riede.
Raadslid CDA van 5-9-1978 tot 21-9-1989.


Jaarboek 35, pagina 33

Boer, Gerrit de, geboren Hollum (Ameland) 1-5-1927, assistent accountant, woont Dag Hammerskjöldlaan 97, werd op 29-4-1997 onderscheiden als lid in de Orde van Oranje Nassau, overleden Castricum 22-11-2009, gehuwd met Johanna Magdalena Goede, zoon van Gerrit de Boer en Renske van der Laag.
Raadslid CDA van 29-1-1976 tot 5-9-1978.

Bos-Mutsemaker, Cora Wilhelmina Helena Mary, geboren Amsterdam 19-5-1942, salarisadministratie Duin en Bosch, woonde Joos de Moorstraat 11, gehuwd geweest met PieterBos, dochter van Herman Jacob Mutsemaker en Maria de Vos.
Raadslid VVD van 18-2-1985 tot 29-4-1986

Bouman, Irene Gerardina, geboren Medemblik 22-6-1950,onderwijzeres, woont Bakkummerstraat 52, gehuwd metJohannes Gijsbertus Krimp, dochter van Jan Bouman en AnnaRegina Vriesman.
Raadslid CA van 1-5-1990 tot 31-12-2001.

Boxtel, Wouterus Cornelis Anna Maria van, geboren Tilburg 3-12-1918, wethouder en locoburgemeester van Breda, burgemeester van Castricum, woonde Stationsweg 13, later Dotterbloem 13, verhuist op 11 oktober 1977 naar Breda, aldaar overleden 18-11-1998, gehuwd met (1) Mathilda van Luijck, (2) Dina Maria Johanna ’t Sas, zoon van Vincentius J.L. van Boxtel en Adriana J. Heerkens.
Burgemeester van 1-1-1969 tot 1-11-1977 (stopt in maart 1977, staat een aantal maanden op non-actief).

Branderhorst, Gerrit Victor, geboren ‘s-Hertogenbosch 21-5-1945, civiel ingenieur, woont Hendersonstraat 5, gehuwd met Isabelle Catharina Weststeijn, zoon van Cornelis Pieter Hendrik Branderhorst en Emma Cornelia van der Beek.
Raadslid CDA van 29-4-1986 tot 21-3-1994.

Bijlenga, Jan, geboren Utrecht 11-2-1934, wetenschappelijk ambtenaar (bibliothecaris Universiteits-bibliotheek), woonde Prinses Margrietstraat 22, overleden Alkmaar 16-3-2007, gehuwd met Cornelia Theresia Helena Jeanne Aarts, zoon van Jacob Johannes Bijlenga en Geertje Jansen.
Raadslid PPR/PSP van 5-9-1978 tot 7-9-1982; PvdA/PPR van 7-9-1982 tot 29-4-1986, GL van 28-1-1999 tot 31-12-2001.

Bijvoet-De Brouwers, Marianne Elisabeth (Marian), geboren Naarden 8-12-1943, opleiding aan de Zwitserse Hogere Hotelschool te Lausanne, woonde Duinpad 2 (1994), daarna Kinnehin 2 (1998), gehuwd geweest met Willem Frederik Bijvoet, dochter van Herman Thiemen Robert De Brouwers en Elisabeth Spijkstra.
Raadslid VVD van 21-3-1994 tot 31-12-2001.

Cornel-Draijer, Janine Margarietha, geboren Eindhoven 30-5-1949, wetenschappelijk medewerkster, woont Dag Hammarskjöldlaan 39, gehuwd met Carel Wilhelm Cornel, dochter van Jannes Draijer en Tettje Margrieta Weeke.
Raadslid GL van 14-4-1998 tot 31-12-2001.

Deen, Antoinetta Cornelia Maria Theresia (Nettie), geboren Castricum 9-12-1938, woont Prof van der Scheerlaan 80, gehuwd geweest met Cornelis Adrianus Bakker, dochter van Petrus Gerardus Deen en Johanna Cornelia Veldt.
Raadslid CA van 21-3-1994 tot 14-4-1998.

Deetman, Arie, geboren Den Haag 16-12-1931, afdelings-directeur bij een bank, oprichter Rotary Castricum-Limmen, woonde Mendelsohnlaan 15, overleden Castricum 18-9-1980, gehuwd met Geertruida M.C. Helmers, zoon van Jan W. Deetman en Adriana F. Zevenbergen.
Raadslid VVD van 19-11-1970 tot 27-4-1972; van 26-6-1976 tot 27-4-1978.

Dirkse, David, geboren Amsterdam 8-6-1917, technisch chemicus, woonde Helmkade 4, overleden Heemskerk 9-4-1995, gehuwd met Henriette Charlotte Boukamp, zoon van Eduard George Dirkse en Johanna Kuijken
Raadslid PvdA/PPR van 7-9-1982 tot 28-3-1985.

Duinmeijer-Beentjes, Gerarda Anna Maria (Gerda), geboren Castricum 16-2-1952, woont Heereweg 47, gehuwd met Nicolaas Maria Duinmeijer, dochter van Gerardus Gijsbertus Beentjes en Annie Alida Brakenhoff.
Raadslid CA van 26-9-1996 tot 14-4-1998.

Dijckhoff, Aloysius Maria Bernhard (Louk), geboren te ’s-Gravenhage 29-2-1940, reclame-adviseur, administrateur, woont Schelgeest 25, in 1980 vertrokken naar Terschelling, gehuwd met Johanna Geesje Tenhaeff, zoon van Aloysius Maria Bernard Dijckhoff en Maria Louise van Rijn.
Raadslid VVD van 29-4-1976 tot 5-9-1978.

Emmaneel, François Marie Eduard (Frans), geboren Terneuzen 6-5-1932, docent, woonde Henri Dunantsingel 42, overleden Dijon 26-6-1999, gehuwd met Mathilde Josephine Debije, zoon van Johannes Franciscus Emmaneel en Jeannetta Virginie Marie van der Vlies.
Raadslid VVD van 20-11-1980 tot 29-4-1986.

Galen, George Hendrikus van, geboren Utrecht 30-4-1950, wetenschappelijk medewerker, woont Nuhout van der Veenstraat 31, vanaf 1995 in Velsen, inmiddels overleden, gehuwd met Antoinette Seya Hoogstraten, zoon van Willem Frederik van Galen en Maria van Woudenberg.
Raadslid D66 van 1-5-1990 tot 21-3-1994.

Gelderen, Daphne van, geboren Heemskerk 24-1-1970, studeerde Internationale betrekkingen (UvA), beleidsmedewerker Welzijn, woont Tulpenveld 158, gehuwd met Steven de Römph, dochter van Petrus Marinus van Gelderen en Julia Alida Agnes Wennekes (raadslid).
Raadslid PvdA van 14-4-1998 tot 31-12-2001.

Gmelich Meijling, drs. Jan Christoffel, geboren te Heemstede 4-2-1936, was marineofficier vanaf 1960, wethouder in Oegstgeest, woonde Händelstraat 24, werd in juni 1985 burgemeester van Den Helder en in 1994 staatssecretaris van Defensie, overleden Wassenaar 2-6-2012, gehuwd met Anne Marie Siemens, zoon van Christoffel Willem Gmelch Meijling en Emma Rensia Huizinga.
Burgemeester van 17-4-1978 tot 31-5-1985.

Gosliga, IJmte Jouke van, geboren Amsterdam 3-3-1944, directeur scholengemeenschap voortgezet onderwijs, woont Rooseveltlaan 14 (1994), Juliana van Stolbergstraat 29 (1998), gehuwd met Jannetje Anna Filius, zoon van Jouke van Gosliga en Anna Eijsenga.
Raadslid CDA van 21-3-1994 tot 31-12-2001, wethouder van 14-4-1998 tot 31-12-2001.

Graaf, Hendrikus Jacobus Cornelis de (Henk), geboren Castricum 15-3-1946, loodgieter, woonde Pirola 20, later Leo Toepoelstraat, nu Cieweg 60, gehuwd met Anne Maria Peeters, zoon van Engelbertus de Graaf en Alida Johanna Visser.
Raadslid PvdA van 5-9-1978 tot 30-8-1979.

Gramberg-Huijbrechtse, Jacoba Margaretha (Gré), geboren Amsterdam 6-3-1923, kinderverzorgster, woont Anna van Burenstraat 7, gehuwd met Frederik Karel Gramberg, dochter van Franciscus J. Huijbrechtse en Maria E. Mossel.
Raadslid VVD van 25-1-1973 tot 25-3-1976.

Groot-Kruidenberg, Cornelia Alida Maria (Corry), geboren Zaandam 15-5-1947, medisch analiste, woonde Monetastraat 13, , nu Laan van Albert’s Hoeve, gehuwd met Johannes Gerbrandus Groot, dochter van Gerardus Johannes Kruidenberg en Jacoba Sophia Lange.
Raadslid CDA van 29-4-1986 tot 1-9-1992.


Jaarboek 35, pagina 34

Heerschop Anthonius Johannes Petrus (Ton), geboren te Haarlem 7-1-1939, medewerker SFB; documentalist, woonde Kamperfoelielaan 1, vanaf 1988 in Haarlem, aldaar overleden 6-10-1990, partner van Hendrik van der Velde (wethouder), zoon van Anthonius Johannes Petrus Heerschop en Maria Fokkelina Christina Suurendonk.
Raadslid VVD van 3-9-1974 tot 30-3-1978.

Hemert, Jan Petrus, geboren Amsterdam 26-2-1928, leraar geschiedenis op Atheneum, voorzitter VVV Castricum-Bakkum, ridder in de Orde van Oranje Nassau, woonde Kemphaan 9, overleden Uitgeest 14-7-2011, gehuwd met Geeske Rosina de Vries, zoon van Martinus C. van Hemert en Sybilla Eusman.
Raadslid D66 van 1-9-1970 tot 3-9-1974; CA van 1-5-1990 tot 14-4-1998; wethouder van 14-2-1972 tot 3-9-1974 en van 21-3-1994 tot 14-4-1998.

Hilarius, Jan, geboren Amsterdam 13-2-1932, hoofd personeel en organisatie Openbare Werken Haarlem, woonde Rossinistraat 10 (1975), Geelvinckstraat 76 (1978), overleden Alkmaar 5-8-2012, gehuwd met Jacoba Elisabeth den Hoed, zoon van: Jan Hilarius en Wilhelmina Hardijzer.
Raadslid PvdA-PPR-D66-PSP van 24-4-1975 tot 5-9-1978; PvdA van 5-9-1978 tot 29-3-1979.

Hoeven, Christiaan (Chris) van der, geboren Rotterdam 10-6-1944, ambtenaar secretarie gemeente Beverwijk, voorzitter stichting kunstzinnige vorming, vanaf 1-8-1982 inspraakbegeleider gemeente Alkmaar, woonde Deurganck 25, vanaf 1988 in Alkmaar, gehuwd geweest met Sonja Ingrid de Jong, zoon van: Willem van der Hoeven en Alida Hendrika Motz.
Raadslid PvdA/PPR; wethouder van 7-9-1982 tot 29-4-1986.

Holtslag, Johan (Hans), geboren Brummen 30-5-1943, hoofdleider van een koloniehuis in Julianadorp, in 1990 voorzitter Emergo, woont Prinses Beatrixstraat 31, gehuwd met Neeltje Adriana Anna Fokker, zoon van Steven Holtslag en Hendrina Johanna Schut.
Raadslid VVD van 25-11-1999 tot 31-12-2001.

Hommes, mr. Johannes Gerbrandus (John), geboren Castricum 16-12-1953, woont Tulpenveld 212, belastinginspecteur, gehuwd met Andrea Zwart, zoon van Johan Hommes en Wilhelmina Lute.
Raadslid PvdA van 14-4-1998 tot 31-12-2001.

Janmaat, Hans, geboren Amsterdam 3-7-1921, technisch hoofdambtenaar Dienst Volkshuisvesting Amsterdam, woonde Willem de Zwijgerlaan 78, overleden Castricum 25-1-1994, gehuwd met Jeltje Bootsma, zoon van Gerardus Janmaat en Anna Henriëtta Grommé.
Raadslid PvdA-PPR-D66-PSP van 3-9-1974 tot 27-3-1975 (om gezondheidsredenen); van 28-10-1976 tot 5-9-1978.

Janzen, Petrus Franciscus (Piet), geboren Heemstede 12-3-1915, chef wasserij op Duin en Bosch, ontving koninklijke onderscheiding, woonde Duinenbosch 12 (1961),Bakkummerstraat 45, overleden Amsterdam 23-2-1983, gehuwd met (1) Maria van Egmond, (2) Anna M. Borst, zoon van Leonardus P. Janzen en Johanna van der Linden.
Raadslid KVP van 15-9-1961 tot 4-9-1962; lijst Janzen (de R.K. Vrije Groepering) van 4-9-1962 tot 6-9-1966, KVP van 6-9-1966 tot 1-9-1970; PB70-74 van 1-9-1970 tot 3-9-1974; SPC van 3-9-1974 tot 5-9-1978 en CDA van 5-9-1978 tot 29-4-1981; wethouder van 5-9-1978 tot 27-5-1981.

Jong, Annigje de (Anneke), geboren Krimpen aan de Lek 13-9-1939, secretaresse, woonde Piet Heinlaan 71, eerder gehuwd met Peter Hartgens, dochter van Arie de Jong en Jannigje Huijzer.
Raadslid VVD van 29-4-1986 tot 21-3-1994.

Kaper, Dirk, geboren Zaandam 3-5-1908, hoofd Bouwkundige Dienst van Duin en Bosch, architect, voorzitter woningbouwvereniging, woonde Schelgeest 43 (1962), Sans Souci (van 1980), overleden Alkmaar 17-5-1990, gehuwd met Grietje Hoogendijk, zoon van Muus Kaper en Jannetje Kleijne.
Raadslid PCC van 4-9-1962 tot 1-9-1970 en CDA van 3-9-1974 tot 5-9-1978.

Keijsper, Volkert Petrus, geboren Blokker 18-6-1960, ontwikkelingswerker, voorzitter van de wereldwinkel, woonde Ruiterweg 45, ongehuwd overleden Zeewolde 29-11-1998, zoon van Johannes Jozef Keijsper en Martha Elisabeth Paulina Roobeek.
Raadslid GL van 14-4-1998 tot 29-11-1998 (overleden).

Koppenberg, Rudolf (Ruud), geboren Amsterdam 22-4-1936, hoofd secretarie-afdeling gemeente Haarlem, woonde aan De Bloemen 36, vanaf 1983 in Voorschoten, gehuwd met Maria Erna Bekker, zoon van Willem Cornelis Koppenberg en Jansje Mathilde Helsloot.
Raadslid VVD van 5-9-1978 tot 28-4-1983 (wegens benoeming tot directeur financiën in Den Haag).

Kortbeek-Buur, Hanneke Elsje Mary, geboren Soerabaja 29-9-1940, secretaresse, woonde Jan van Galenlaan 29, gehuwd met Andras Guus Theodorus Kortbeek, dochter van Arie Buur en Elsje Terlaak.
Raadslid D66 van 25-3-1982 tot 7-9-1982.

Korthouwer, Johannes Theodorus (Jan), geboren Heiloo 11-9-1941, leraar rooms-katholieke mavo Heerhugowaard en directeur Middenstandsschool Castricum, woonde Braveld 33, nu Hyacintenveld 23, gehuwd met Anna Maria Christian Ernst, zoon van Hendrikus Korthouwer en Anna Johanna de Roode.
Raadslid VVD van 7-9-1982 tot 29-4-1986.

Krouwel, Gerrit, geboren Utrecht 5-7-1952, technisch hoofdambtenaar gemeente Amsterdam, woont Bloemgaarde 48, gehuwd met Johanna Maria van Dijck, zoon van Elbert Johannes Krouwel en Aaltje Jansje Oosterbroek.
Raadslid VVD van 29-4-1986 tot 21-3-1994 (treedt tussentijds uit de VVD en blijft zijn zetel bezetten).

Lamme, Andreas Hendrik (André), geboren Amsterdam 8-6-1935, werkte als EDP-Auditor voor RCZ NV in Wormer, ontving koninklijke onderscheiding, woont Willem de Rijkelaan 4, gehuwd met Nelly Vermeulen, zoon van Dirk Andreas Lamme en Catharina Jacoba Helms.
Raadslid VVD en wethouder van 21-3-1994 tot 31-12-2001.

Leijgraaff, Johannes Hermanus Albertus (Joop), geboren Amsterdam 14-5-1939, assistent accountant, woonde Kastanjelaan 35, later Vondelstraat, CF Smeetslaan en Cieweg, gehuwd met Maria Jacoba Sophia Niessen, zoon van Theodorus Albertus Leijgraaff en Ludwina Geertruida Maria ten Thij.
Raadslid PvdA-PPR-D66-PSP van 3-9-1974 tot 5-9-1978.

Lute, Alfonsius Adrianus Maria (Fons), geboren Castricum 7-12-1956, verkoopleiding en marketing van industriële producten, afdelingsdirecteur beleggingsinstelling, woont Brederodestraat 8, gehuwd met Lucia Maria Paula Janssen, zoon van Johannes Lute en Johanna Maria Dix.
Raadslid CA van 30-3-1995 tot 20-6-1996.


Jaarboek 35, pagina 35

Martens, Adriaan Johan (Aad), geboren Venray 26-9-1938, gemeenteambtenaar van Alkmaar, woonde Dorpsstraat 106 (1970), Nachtegaal 11 (1982), gehuwd met Klasina Bouwman, zoon van Wilhelmus H. Martens en Geertruida M. de Ruyter.
Raadslid CCC van 19-11-1970 tot 3-9-1974; CDA van 27-5- 1981 tot 1-5-1990; wethouder van 26-3-1987 tot 1-5-1990.

Meppelink, Johannes Diederik (Hans), geboren Barendrecht 22-9-1931, commercieel medewerker, voorzitter van de Raad van kerken, van het bestuur van De Kern, van de Seniorenraad en Volggroep Soc. Vernieuwing, woont Rooseveltlaan12, gehuwd met Cornelia Maria de Klerk, zoon van: Dirk Meppelink en Johanna Cornelia van Oortmerssen.
Raadslid CDA van 31-10-1994 tot 31-12-2001.

Meijer, Egbert Franciscus Geerdinus (Bert), geboren Made en Drimmelen 1-5-1952, directeur basisschool Augustinus, woont Rossinistraat 9, Bloemgaarde 66 (2006), gehuwd met Petronella Maria Anna Koreman, zoon van Jakob Meijer en Helena Ludovica Francisca Hagenaars.
Raadslid PvdA van 21-3-1994 tot 31-12-2001; wethouder van 14-4-1998 tot 31-12-2001.

Mooijman, Alfons Julian Saïdjah (Fons), geboren Haarlem 24-8-1926, arbeidsdeskundige, woonde Jan van Brakellaan21, overleden Castricum 11-10-2011, gehuwd met Louisa C. Rodenburg (raadslid van 1979-1982), zoon van Jan Mooijman en Petronella van Oosterhout.
Raadslid PvdA van 1-9-1970 tot 30-9-1971; van 3-9-1974 tot 5-9-1978.

Mooijman-Rodenburg, Louisa Catharina (Loes), geboren Enkhuizen 16-9-1928, muziekdocente, woont Jan van Brakellaan 21, gehuwd met Alfons J.S. Mooijman (raadslid), dochter van Petrus Rodenburg en Louisa Kistemaker.
Raadslid PvdA van 26-4-1979 tot 7-9-1982.

Mosk, Jacob Arie (Jaap), geboren Oudkarspel 18-4-1941, wetenschappelijk ambtenaar ministerie WVC, werkt bij centrale laboratorium voor onderzoek van voorwerpen van kunst en wetenschap (Amsterdam), 2001 voorzitter Stichting Castricums Monument (2001), woonde Laanacker 20 (1982, 86), nu Stetweg 9, gehuwd met: Laura Henny Stoets, zoon van Arie Mosk en Anna Alida Kapitein.
Raadslid PvdA/PPR van 7-9-1982 tot 1-5-1990; PvdA van 1-5- 1990 tot 21-3-1994.

Mostert, Arend, geboren Bergschenhoek 7-3-1929, calculator; budget administrateur, woonde Jan van Galenlaan 19, overleden Castricum 4-8-1991, gehuwd met Margaretha Cornelia van der Wulp, zoon van Nicolaas Maarten Mostert en Maria Schipper.
Raadslid PvdA van 27-9-1979 tot 7-9-1982.

Neure, Aart van, geboren Zaandam 22-8-1918, fineerder, kantoorbediende, werkvoorbereider, woonde Bizetstraat 1, Castricum 26-9-2000, gehuwd met Margaretha Maria Strop, zoon van Klaas van Neure en Maartje de Vries.
Raadslid PvdA/PPR van 25-4-1985 tot 29-4-1986.

Noort, Cornelis van (Cees), geboren Rotterdam 8-6-1929, salarisadministrateur, woonde Korte Cieweg 40, later De Loet 22, overleden Castricum 31-3-1997, gehuwd met Willempje Catharina van Dooren, zoon van Gerrit van Noort en Anna Sikma.
Raadslid CDA van 3-9-1974 tot 7-9-1982.

Not, Gonzales Marcus van, geboren Amsterdam 30-6-1927, employé BPM, woont Petronella Voutestraat 22, gehuwd met geweest met Elmy Constance Colthoff, zoon van Maria van Not.
Raadslid VVD van 26-5-1983 tot 29-3-1984.

Peperkamp, Catharina Qunera, geboren Castricum 11-2-1951, docent organisatiekunde en management aan Hogeschool in Haarlem (2002), woont Dotterbloem 13, gehuwd met Herman Aart Waterman, dochter van Franciscus Josephus Peperkamp en Cornelia Maria Nijssen.
Raadslid GL van 1-5-1990 tot 21-3-1994, van 14-4-1998 tot 31-12-2001.

Poeze, dr. Harry Albert, geboren Loppersum 20-10-1947, politicoloog, woonde W. de Zwijgerlaan 64 (1978), nu Stetweg 21, gehuwd met Hinderkien Huisman, zoon van Eeltje Poeze en Antje Reuvers.
Raadslid PvdA van 28-10-1971 tot 7-9-1982; wethouder van 3-9-1974 tot 5-9-1978.

Portegies, drs. Christel, geboren Heemskerk 7-4-1971,  kunsthistoricus, woont Ch. van Pallandtlaan 8, samenwonend met Antony van Zanten, dochter van Pieter Maria Portegies en Adriana Geertruida Maria Jonkers.
Raadslid VVD van 14-4-1998 tot 31-12-2001.

Postelmans-Blankemeijer, Mary Jane (Jane), geboren Den Haag 16-9-1930, secretaresse, voorzitter Stichting Zorgcentrum Castricum (1999), ontving in 1994 een koninklijke en in 2005 een gemeentelijke onderscheiding, woont Jan van Galenlaan 15, overleden Alkmaar 20-5-2008, gehuwd met Pieter Nicolaas Postelmans, dochter van Dirk Nicolaas Blankemeijer en Severine Silvine Poublon.
Raadslid VVD van 26-2-1976 tot 31-1-1985; van 29-4-1986 tot 8-11-1993; wethouder van 20-11-1980 tot 22-11-1984.

Postma, Johannes Machiel (Jan), geboren Uitgeest 17-12-1950, docent onderwijskunde, ambtenaar ministerie Onderwijs & Wetenschappen, bestuurslid en adviseur van de Hogeschool Alkmaar, medewerker KPMG, in 1998 directeur Onderwijsbegeleidingsdienst Haarlem en omstreken, woonde Prinses Beatrixstraat 25, nu Prins Willem Alexandersingel 14, gehuwd met Maria van Wordragen, zoon van Bartele Postma en Johanna Eva Engelina Houben.
Raadslid PvdA/PPR van 7-9-1982 tot 1-5-1990; PvdA van 1-5-1990 tot 14-4-1998; wethouder van 29-4-1986 tot 14-4-1998.

Rieke, Roelof (Roel), geboren Wormerveer 29-9-1933, directeur technisch bureau, voorzitter VVV (1994), ontving in 2007 een koninklijke onderscheiding, woont Duindoornlaan 5, gehuwd met Barbara Elizabeth Gerardina Leguijt, zoon van: Hendrik Rieke en Hillegonda Hendrika Gerding.
Raadslid CDA van 5-9-1978 tot 7-9-1982; van 26-3-1987 tot 1-5-1990.

Rinkel, Theodorus Simon (Dick), geboren Hoogwoud 7-2-1934, ambtenaar gemeente Zaanstad, woont Molenweide 50, gehuwd met Catharina Maria Kooter, zoon van Dirk Rinkel en Christina Maria Bakker.
Raadslid VVD van 28-2-1980 tot 29-5-1986, wethouder van 18-2-1985 tot 29-4-1986.

Ritzer, drs. Vincentius Gerardus Nicolaas, geboren Utrecht 10-1-1944, gemeente ambtenaar, woonde Oranjelaan 39, gehuwd met Maria Magdalena Adriana Al, zoon van Johannes Marinus Ritzer en Bertha van Boom.
Raadslid D66 van 5-9-1978 tot 25-2-1982. Ontslag in verband met benoeming tot burgemeester van gemeente Onderbanken in Zuid-Limburg.

Roos, drs. Charles Hendrikus, geboren Amsterdam 12-9-1933, wetenschappelijk ambtenaar bij de Provinciale Planologische Dienst, woonde Cieweg 49, later Molenweide 1, gehuwd met Christina Maria Oprel, zoon van Charles Martinus Roos en Hendrika van Elst.
Raadslid VVD en wethouder van 5-9-1978 tot 30-10-1980.


Jaarboek 35, pagina 36

Rouwhorst, Theodorus Antonius Jacobus (Theo), geboren Amsterdam 14-2-1944, plaatsvervangend hoofd van Bureau Monumentenzorg Amsterdam, woont La Fontainestraat 6, gehuwd met Augusta Hendrika Gerritsma, zoon van Antonius Matheus Gerardus Rouwhorst en Anna Maria Tromp.
Raadslid D66 van 7-9-1982 tot 14-4-1998, wethouder van 1-5-1990 tot 21-3-1994.

Ruijmgaart, Julia Inge (Inge), geboren Terborg (Gelderland) 6-7-1957, heeft kapsalon Inge’s Hairshop, woont Bakkummerstraat 110, gehuwd met Stephanus Martinus Middelhoff, dochter van: Gerhard Everardus Ruijmgaart en Cornelia Alida Maria Worst.
Raadslid VVD van 14-4-1998 tot 31-12-2001.

Ruijter, Cornelis de (Cees), geboren Castricum 14-11-1938, woonde Het Wamellant 17, inkoper woningtextiel, woninginrichter, voorzitter KVP, afdeling Castricum van 1970-1974, in 1986 medeoprichter van politieke partij Castricum Actief. Speaker bij vele sportevenementen, braderieën. Start in 1989 samen met zijn broer een regiokrant ‘De Castricummer Uw Regiokrant’. Ontving in 1995 een koninklijke onderscheiding, gehuwd met Helena Jacoba Tuijnman, zoon van Qurinus de Ruijter en Catharina Brandjes.
Raadslid CDA van 3-9-1974 tot 29-4-1986; CA van 29-4-1986 tot 23-2-1995.

Scholtz-Brand, Paulina (Paula), geboren Zaandam 5-5-1924, kantoorbediende verffabriek, woonde Koningin Wilhelminalaan 25, overleden Egmond aan Zee 27-6-2012, gehuwd met Johan Scholtz, dochter van Louis Albert Branden Hendrika Jansen.
Raadslid PvdA-PPR-D66-PSP van 3-9-1974 tot 5-9-1978; PvdA van 5-9-1978 tot 7-9-1982; wethouder van 28-10-1976 tot 1-6-1979.

Schoor, Hans van, geboren Nieuwer Amstel 14-9-1949, HTS-elektrotechniek, bedrijfsleider van een schoonmaakbedrijf, woont Dr. Jacobilaan 6b, gehuwd met Theodora Maria Piek, zoon van Johannes van Schoor en Catharina Beck.
Raadslid D66 van 1-5-1990 tot 31-12-2001.

Schouwenaar, mr. Jacobus Marinus (Koos), geboren Rotterdam 13-5-1947, 12 jaar bij de marine, 3 jaar ambtenaar in Tubbergen, burgemeester van Venhuizen (1979-1986), woonde Orchideelaan 1. Wordt per 7-4-1998 burgemeester van Maarssen, nadien burgemeester van Middelburg (Z) tot zijn pensionering per 1-5-2012. Meervoudig Nederlands kampioen wielrennen bij de burgemeesters, gehuwd geweest met Margaretha Elisabeth van Douwe, zoon van Arie Jan Schouwenaar en Johanna Frederika Franssen.
Burgemeester van 16-1-1986 tot 7-4-1998.

Schwartz, Hans Hendricus (Hans), geboren Amsterdam 30-5-1944, directeur openbare basisschool, gemeente voorlichter, woonde Marshallstraat 34, nu IJmuiden, gehuwd met Gonda Marion van der Hout, zoon van Marinus Wilhelm Schwarz en Anna Weidman.
Raadslid PvdA/PPR van 7-9-1982 tot 1-5-1990.

Slijkhuis, ir. Gerrit Jan, geboren Apeldoorn 21-9-1924, ingenieur, woont Orchideelaan 4, overleden Castricum 21-5-2009, gehuwd met Margaretha Elisabeth van der Harst, zoon van Gerrit Jan Slijkhuis en Geertrui Zwiers.
Raadslid VVD van 5-9-1978 tot 31-1-1980, van 29-4-1986 tot 1-5-1990.

Slot-Abeling, Clara Antonia Margaretha (Clarien), geboren Enschede 5-10-1953, lerares, woont Bloemgaarde 11, gehuwd met Bernardus Johannes Slot, dochter van Blasius Johannes Abeling en Elisabeth Antonia Bröker.
Raadslid CDA van 1-5-1990 tot 26-8-1991.

Sluis-Brouwer, Helena Cornelia Johanna van der, geboren Oosterland 4-8-1933, directrice huishoudschool, woont Willem de Zwijgerlaan 16, gehuwd met Benjamin van der Sluis, dochter van Jacob Jacobus Gerard Brouwer en Adriaantje van Hoeve.
Raadslid PvdA/PPR van 29-4-1986 tot 1-5-1990.

Staaij-Hogeling, mr. drs. Anna Maria Aleida van der (Annet), geboren Weststellingwerf 16-7-1963, juridisch bestuurlijk medewerker bij Rijkswaterstaat in Haarlem, in 1994 bij Ministerie van Verkeer en Waterstaat in Den Haag; juriste bij de rechtswinkel in Castricum, woonde Laan van Albert’s Hoeve 194, gehuwd met Robert Johannes van der Staaij, dochter van Johannes Hendrikus Hogeling en Margaretha Angela Feringa.
Raadslid CDA van 21-3-1994 tot 30-9-1994.

Stam, drs. Lambertus Willem (Bert), geboren Koog aan de Zaan 6-5-1938, leraar, woonde Laanacker 16, vertrokken op 9-12-1976 naar Wieringen, achtereenvolgens burgemeester van Wieringen, Schagen en Vlaardingen, overleden Vlaardingen 11-9-2010, gehuwd met Wijnanda R.W.L. van den Brink, zoon van Dirk Stam en Antje Kraaij.
Raadslid PvdA van 1-9-1970 tot 16-10-1976; wethouder, locburgemeester van 3-9-1974 tot 16-10-1976.

Stevens, Jannes (Jo), geboren Gramsbergen 23-2-1918, ondernemer, woont J. van Heemskerklaan 16, gehuwd met Elsje Spijkerman, zoon van Hendrik Stevens en Trijntje Voerman.
Raadslid VVD van 7-9-1982 tot 29-4-1986.

Tempelman, Bernardus Antoni (Ben), geboren Deventer 5-5- 1934, assistent accountant; vertegenwoordiger, woont Van Haerlemlaan 34, gehuwd met Christina Johanna Maria Stut, zoon van Johannes Antonius Tempelman en Wilhelmina Elizabeth Kerkhoff.
Raadslid VVD van 12-4-1994 tot 14-4-1998.

Velde, ir. Hendrik van der (Henk), geboren Oosterhesselen 19-9-1924, directeur HTS te Haarlem, woonde Kamperfoelielaan 1, overleden Beverwijk 21-4-1982, partner Anthonius J.P. Heerschop (raadslid), zoon van Louw Hendrik van der Velde en Aafke Zijlstra.
Raadslid VVD en wethouder van 3-9-1974 tot 5-9-1978 (vanaf 30-3-1978 onafhankelijk wethouder).

Veldt, Hermanus Johannes (Herman), geboren Castricum 11-7-1935, bloembollenkweker, veehouder, woont Brakersweg 24, gehuwd met Divera Cornelia Maria Ligthart, zoon van Nicolaas Veldt (wethouder) en Johanna Jacoba Neelissen.
Raadslid CDA van 5-9-1978 tot 29-4-1986.

Ven, Alexander Antonius van de (Alex), geboren Castricum 6-11-1957, vervangend hoofd Bouw- en Woningtoezicht, gemeente Haarlemmermeer, woont Torenstraat 35, gehuwd met Catharina Elisabeth van de Bult, zoon van Andreas Antonius van de Ven en Anna Maria Afra Portegies.
Raadslid CDA van 10-9-1992 tot 22-12-1993 (uitgetreden uit het CDA), CA van 21-3-1994 tot 31-12-2001.

Visser, Albertus Barend (Bert), geboren Haamstede 29-12-1955, beleidsadviseur provincie Zuid-Holland., ambtenaar (gemeente Castricum), nu locogriffier bij de gemeente Purmerend, woont Koekoeksbloem 23, gehuwd met Margaretha Christina Johanna van Amerongen, zoon van Albertus Pieter Visser en Jannetje Adriaantje Kramer.
Raadslid PvdA van 21-3-1994 tot 14-4-1998.


Jaarboek 35, pagina 37

Voulon, Pieter (Piet), geboren Zweeloo 4-4-1943, jurist bij de gemeente Zaanstad, woonde Ruiterweg 61, gehuwd met Annechien Weering, zoon van Eduard Voulon en Trijntje Jacoba Swart.
Raadslid CA van 27-4-2000 tot 31-12-2001.

Waal, mr. Cornelis Jan Dirk (Cees), geboren Soest 15-9-1943, wethouder van Leiden (1974-84), burgemeester van Deventer (1984-93), voorzitter van de Hogeschool Rotterdam (1993-96), lid van Provinciale Staten van Zuid-Holland en lid van de Commissie voor bezwaarschriften van OC en W (1998), officier in de Orde van Oranje Nassau, ereburger van Leiden en Deventer, woonde C.F. Smeetslaan 111, overleden Leiden 11-7-2011, weduwnaar van Iris Schuddebeurs, relatie met Evelyne Verheggen.
Burgemeester van 8-4-1998 tot 31-12-2001.

Wagenaar-Maan Voogd Bergwerf, Petronella (Nel), geboren Vlaardingen 11-1-1932, woonde Kleibroek 56 (1970), Händelstraat 18 (1984), Burgemeester Nieuwenhuijsenstraat 43 Limmen; overleden Limmen 23-9-1999, gehuwd met Bernard W. Wagenaar, dochter van Alewijn Maan Voogd Bergwerf en Maartje S.Schouten.
Raadslid VVD van 1-9-1970 tot 25-5-1976; van 26-4-1984 tot 29-4-1986; van 26-6-1986 tot 1-5-1990; wethouder van 1-9-1970 tot 3-9-1974.

Weda, Frederikus Johannes Stephanus (Fred), geboren Castricum 26-12-1949, medewerker bij Gasbedrijf Midden-Kennemerland, woont Tulpenveld 218, gehuwd met Geertruida Janneke de Wal, zoon van Albertus Johannes Weda en Alida Maria Res.
Raadslid CA van 21-3-1994 tot 31-12-2001.

Wennekes, Julia Alida Agnes, geboren Langbroek 11-5-1946, kleuterleidster; beroepskracht gemeenschapsraad, woont Oranjelaan 31, gehuwd met Petrus Marinus van Gelderen, dochter van Lambertus Anthonius Wennekes en Julia Alida Agnes.
Raadslid PvdA/PPR van 29-4-1986 tot 1-5-1990; PvdA van 1-5-1990 tot 21-3-1994.

Wentink-Klinkenberg, Margaretha Maartje (Greet), geboren Westzaan 23-5-1944, kantoorbediende, woont Duyncroft 8, gehuwd met Pieter Wentink, dochter van Adriaan Dirk Jan Klinkenberg en Margaretha Johanna Veronika Zaaijer. Raadslid D66 van 5-9-1978 tot 25-6-1982.

Willems, Eelco Walraven (Eelco), geboren Amsterdam 24-3-1961, makelaar in onroerend goed, woonde Belle van Zuylenlaan 14, gehuwd met Theodora Elisabeth Maria van Zandbergen, zoon van Jacob Willems en Johanna Alida Tijssen.
Raadslid VVD van 14-4-1998 tot 27-10-1999.

Wilms, Ferdinand Frans Joseph (Fer), geboren Amsterdam 19-2-1949, zelfstandig ondernemer, woont Alkmaarderstraatweg 60, gehuwd met Catharina Cornelia Afra Maria Castricum, zoon van Joseph Frans Wilms en Maria Catharina van den Broek.
Raadslid CDA van 23-10-1989 tot 1-5-1990; van 19-9-1991 tot 21-3-1994, van 14-4-1998 tot 31-12-2001.

Wit, Adrianus Johannes Maria de (Aad), geboren Castricum 30-4-1946, opbouwwerker, woonde aan de Mient 41, later Ganzerik en van Renesselaan, gehuwd met Elisabeth Margaretha Alida Hendrikse, zoon van Adrianus de Wit en Catharina Margaretha Maria Lute.
Raadslid PvdA-PPR-D66-PSP van 3-9-1974 tot 5-9-1978.

Wokke, Hendrik Pancratius (Henk), geboren Castricum 12-5-1935, kruidenier, ondernemer, voorzitter VVV, voorzitter Rabobank, voorzitter stichtingsbestuur zwembad, ereburger van Castricum, woonde Bakkummerstraat 50, later Bloemgaarde 33, werd per 1-3-1987 burgemeester van Marken, en per 16-12-1990 burgemeester van Wervershoof, gehuwd met Maria Johanna Hes, zoon van Johannes Wokke en Anna Tromp.
Raadslid CCC van 1-9-1970 tot 3-9-1974; CDA van 3-9-1974 tot 26-2-1987; wethouder van 3-9-1974 tot 26-3-1987.

Wolf, Petrus Gerhardus Bernardus de (Piet), geboren Amsterdam 21-6-1939, leraar geschiedenis, woont Arnoldsonstraat 4, gehuwd met Margaretha Maria Theodora de Meij, zoon van Gerhardus Bernardus de Wolf en Adriana Constantia Welbergen.
Raadslid CDA van 5-9-1978 tot 14-4-1998; wethouder van 25-3-1982 tot 7-9-1982 en van 1-5-1990 tot 21-3-1994.

Zandbergen, Johannes Mattheus (Joop), geboren Castricum 19-7-1945, kapper, verkoper, woont Scheerling 25, gehuwd met Christina Cornelia Maria Baltus, zoon van Johannes Mattheus Zandbergen en Wilhelmina Schouten.
Raadslid CA van 29-4-1986 tot 10-4-2000. Enkele dagen na de verkiezingen in 1998 breekt Zandbergen met CA en start een eigen partij.

8 november 2022

Castricum, oorsprong van de naam (Jaarboek 35 2012 pg 16-20

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 35, pagina 16

Op zoek naar de oorsprong van de naam Castricum

De eerste vermelding van de naam Castricum.
De eerste vermelding van de naam Castricum. Gedateerd tussen 500-900. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Voor de naam Castricum is nog geen waterdichte verklaring gevonden. Meerderen hebben zich reeds eerder met dit onderwerp bezig gehouden. Een geheel nieuwe invalshoek is de oorsprong te zoeken in de Moezelstreek, waar de patroonheilige Castor werd geëerd in een periode dat er connecties waren van deze streek met Kennemerland. De parochiekerk in Castricum zou gesticht zijn door de landheer Karel Martel, die vanuit zijn thuisland ‘de Moezelstreek’ een van zijn trouwe mannen met dit kerkelijk bezit heeft beloond. In deze gedachtegang is de oorspronkelijke naam Castorheem geëvolueerd tot Castricum.

Verschillende verklaringen voor de naam Castricum

Voor velen doet de naam Castricum wat mysterieus en Latijns aan. Leden van de Werkgroep Oud-Castricum hebben zich bij tijd en wijle bezig gehouden met de naam van het dorp. Van Deelen (1) citeert L. van Ollefen (2) die meende dat de naam afkomstig is van ‘den Griekschen’ Castor, dat is van Castorhum, een huis waar deze Castor, in dit toen nog heidense land, als een god werd vereerd. Verder noemt Van Deelen een brief uit 1858 van de Commissaris des Konings aan de burgemeester waarin hij inlichtingen vraagt, aangezien de naam van het dorp “zo verschillend wordt geschreven.”

Burgemeester Jan de Quack.
Burgemeester Jan de Quack. Castricum, 1840. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

De burgemeester Jan de Quack antwoordde dat hij daar niets van afwist: “op zijn boers zei men Kasterkom.” Hij vermeldt ook meerdere schrijfwijzen uit het verleden, die duidelijk ontleend zijn aan het archief van de vroegere abdij van Egmond. Vanaf 1644 schreef men ‘Castricum’.

Wil Steeman.
Wil Steeman. Castricum, 2000. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Wil Steeman (3) wijst op een aantal voorheen gedane suggesties, waarvan de meeste zo triviaal zijn dat we ze hier niet herhalen. Tevens oppert hij nog de mogelijkheid dat Castricum afgeleid zou kunnen zijn van Gaast-rik-heem, rijk aan geestgrond. Taalkundig is er echter geen verband tussen gaast en cast.

Karsten (4) stelt dat het eerste deel van de naam, het Latijnse castra, kamp betekent. Ook Steeman noemt castrum als legerplaats, kamp. Dat zo’n kamp in het vroegere Oer-IJ estuarium zou hebben gelegen, zo dicht bij het Romeinse forten havens bij Velsen, is vrijwel uitgesloten (5).

Simon Zuurbier.
Simon Zuurbier. Castricum, 1998.

Ter gelegenheid van de millenniumwisseling schonk Simon Zuurbier opnieuw aandacht aan de dorpsnaam Castricum, die voor het eerst ongeveer 1000 jaar geleden in de geschreven bronnen van de abdij van Egmond voorkomt (6).

Naamkundigen neigen het meest naar Castrik-heem als oorspronkelijke naam, die in elk geval een Frankische en geen Friese naam zou zijn. Door research wordt dit laatste bevestigd.

Boekenoogen (7) toont aan dat in Hollands Noorderkwartier in de Frankische tijd een Fries dialect werd gesproken, gezien een aantal opvallende kenmerken en persoonsnamen die met Friese overeenkomen en alleen uit de Friese klankwetten zijn te verklaren. Hij gebruikte onder meer de grafelijkheidsrekeningen van Holland uit de 14e eeuw (8).

Onder invloed van de kerk was toen ongeveer de helft van het namenbestand afkomstig van heiligen en bijbelse personen, maar in de 12e eeuw droegen priesters en leken nog Germaanse namen. Onder de Friese vond hij slechts een met de lettercombinatie Cast: ‘Godilt Castardsdochter’ (8).

In noordelijk Gallië werden de Gallo-Romeinse namen al snel verdrongen door Germaans-Frankische (9) die tot ver in de middeleeuwen dominant bleven, totdat het gewoonte werd doopnamen naar heiligen te noemen. Een Frankische naam bestond gewoonlijk uit twee elementen, elk met een eigen betekenis: Sigebert = schitterende (-bert), zege (-sige) of de naam van Clovis’ vader: Childerik = sterk (-rik) in de strijd (-childe).

Namen van twee gekoppelde Germaanse begrippen zijn ook bij Friese namen te vinden; Sibrand = zege (sigi) en zwaard (-brand). Het element cast- vindt hierbij echter geen enkele aansluiting. De naam Castricum verklaren uit een tweedelige Germaanse naam is blijkbaar geen ‘begaanbare weg’.

De oorsprong van de parochie Castricum

Eind 7e eeuw kreeg Pippijn de Middelste als Major Domus de macht in handen in Francia Rinensiss, het Oost-Frankische rijk, toen Austrasië genoemd. Nadat Pippijn de eenheid in het Frankische Rijk had hersteld door het opstandige westelijke Neustrië te verslaan, heroverde hij Fresia Citerior, het Friese gebied ten zuiden van de Rijn, waartoe Brabant en Zeeland behoorden.

Franken, die zich in het bezette gebied vestigden, en de inheemse adel bond hij aan zich door schenkingen van landerijen en verdubbeling van hun weergeld. Deze ‘homines Franci’ vormden een betrouwbare heersende klasse.

Pippijn stierf in 714 en werd opgevolgd door zijn natuurlijke zoon Karel Martel. Nadat in 719 ook de Friese koning Redbad was gestorven, benutte Karel de kans om heel westelijk Friesland te bezetten, mogelijk zelfs tot aan de Lauwers, het riviertje op de grens van Friesland en Groningen. De politiek van het belonen van loyale medestanders zette hij voort. Strategisch gelegen koninklijke domeinen ontstonden er aan de zeegaten en riviermonden (10).

Volgens een oorkonde, gegeven in de stad Trier, schonk Karel Martel de villa Adrichem aan Willibrord. De inhoud van deze oorkonde was meer dan driehonderd jaar later nog bekend bij Thiofried, abt van Willibrords klooster te Echternach (1083-1110).

In een tweede oorkonde schonk Karel Martel ‘de kerk gebouwd in de villa Felison’ aan Echternach (11). Deze abdij lag in het thuisland van de Pippiniden. Koene c.s. (12) wijden een uitgebreide be-


Jaarboek 35, pagina 17

schouwing aan deze giften, maar toch blijft veel onduidelijk over de relatie tussen beide. D.P. Blok laat dit in het midden en spreekt slechts van het complex Velsen/Adrichem (12).

De villa Adrichem moet vrij groot zijn geweest met horige boeren en een Herenhof. Karel Martel heeft de strategische ligging ervan zeker ook onderkend. De overdracht aan Willibrord, een loyale vazal van Pippijn II en Karel Martel, is vermoedelijk geen gift geweest maar een koningsgoed. Hierover behield de koning de zeggenschap en genoot Willibrord de revenuen.

Fragment 1 van een kaartje met de indeling van de bisdommen, waaronder het aartsbisdom Trier met het Moezeldal en de plaatsen Koblenz en Trier.
Fragment 1 van een kaartje met de indeling van de bisdommen, waaronder het aartsbisdom Trier met het Moezeldal en de plaatsen Koblenz en Trier.
Fragment 2 van een kaartje met de indeling van de bisdommen, waaronder het aartsbisdom Trier met het Moezeldal en de plaatsen Koblenz en Trier.
Fragment 2 van een kaartje met de indeling van de bisdommen, waaronder het aartsbisdom Trier met het Moezeldal en de plaatsen Koblenz en Trier.

Zoekend naar de oorsprong van de parochie Castricum toonde ik (de schrijver) eerder aan dat zij geen dochterkerk van de abdij van Egmond was (13). Zij komt ook niet voor op de kerkenlijst uit het ‘Liber Sancti Adalberti’ (circa 1150) en gezien de strijd van de monniken en buren van de abdij circa 1100 tegen de buren van Castricum ligt dit ook niet voor de hand.

Van de buren van Castricum werd gezegd dat: “Zij machtig waren door afkomst en fortuin daardoor bron en aanleiding waren tot haat, tweespalt, na-ijver en hoogmoed” (14). Een later Egmonds document noemt hen ‘het onbezonnen driftig volk van Castricum’. Zij stonden bij de kloosterlingen in een kwade reuk.

Dat Castricum een dochter van Limmen was, is zeer onwaarschijnlijk, want zij zou dan door de bisschop, wiens bezit zij was, bij de overdracht in 1108 met haar dochterkapellen Akersloot en Uitgeest aan het Utrechtse kapittel van St.-Marie zijn vermeld.

Tenslotte is er ook geen indicatie dat Velsen de moederkerk was. In de 19e eeuw werden lijstjes gevonden in een Echternachs Sacramentarium met namen van Hollandse en Friese kerken die het klooster hadden toebehoord. Zij zijn bestudeerd door D.P. Blok, die ze vergeleek met de in de oorkonde van 1063 genoemde namen (15).

Het oudste lijstje van voor 1000 noemt alleen de moederkerken, de latere uit de 11e eeuw ook de dochterkerken Agathenkirica, Hemezenkyrke, Ascammedelf, Spirnereuualt, Sloton, Harleim (Beverwijk, Heemskerk, Assendelft, Spaarnwoude, Sloten en Haarlem). De oorkonde uit 1063 noemt vrijwel dezelfde namen (16), maar ook hier is geen spoor van de naam Castricum te ontdekken.

Castricum en Heemskerk

Hoe de parochie Castricum is ontstaan en wie de stichter was, kan men hoogstens vermoeden. In de Frankische tijd werden sommige heiligen vereerd door adellijke geslachten; onder deze ridderheiligen waren St.-Joris, St.-Catharina (van Assendelft) en St.-Pancratius (Castricum).

Gezicht op de Pancratiuskerk in Castricum.
Gezicht op de Pancratiuskerk. Dorpsstraat 61 in Castricum, 1834. Foto Rijksdienst voor het cultureel erfgoed. Toegevoegd.

De parochiekerk van Castricum is waarschijnlijk door een aanzienlijk of adellijk heer gesticht (13). Op grond van een vergelijking met andere romaanse kerkjes kwam W.J. Reder, die toezicht hield op de restauratie van het gebouw in 1953 tot 1956, tot de conclusie dat de kerk van Castricum in de eerste helft van de 11e eeuw moet zijn gebouwd (17).

Bij de restauratie in 1992 werd langs de binnenzijde van de muren een sleuf gegraven voor de aanleg van een drainagesysteem en kreeg ik (de schrijver) de gelegenheid de oudste muren tot aan de grondslag te onderzoeken (13). Dit onderzoek bevestigde de conclusie van Reder. De grootte van de


Jaarboek 35, pagina 18

dorpskerk uit de 11e eeuw was voor die tijd vrij fors, wat overeenstemt met het bericht dat omstreeks 1100 de buren van Castricum ‘rijk en machtig waren door afkomst en fortuin’. De kerk omvatte het huidige kerkschip, behalve het travee dat kerk en toren met elkaar verbond.

Heemstede en Heemskerk

Heemstede in het ambacht Castricum ligt op een kleine ovale geest tegen de grens met Heemskerk. Dit heeft tot de onjuiste gedachte geleid dat er een relatie zou kunnen bestaan met de naam Emeke, de stichter van de Hemezen-kyrika (15). Emeke (de dialectische H weggelaten) had volgens Groesbeek op eigen grond en kosten een kapel gesticht, de latere parochiekerk van Heemskerk (18).

De Friese naam Emeke was in de middeleeuwen bekend. Onder de aan de abdij Egmond tiendplichtige boeren op het land tussen Rekere en het Schoorl(?)woud wordt Emeke in Emekencamp genoemd (19). In de grafelijkheidsrekeningen van Kennemerland en Westfriesland, 1343-1344, vinden we onder de uitgaven Emeke, die vleeschhouwer, 2 schouderen, 2 hammen, 4 sc., 4 d.’ (20).

De Korendijk.
Het wiel bij de Korendijk. Castricum, 2011. Schilder Willem Hulsken. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

De Cock wees op de rechte Korendijk, die een vroeger bestaand grensbos zou hebben vervangen, waarbij de ambachtsgrenzen kunnen zijn gewijzigd (21). De Maerdijk of Korendijk aan de noordkant van de grenssloot, die de duinrand met Heemstede verbindt, is vermoedelijk in de tweede helft van de 12e eeuw aangelegd (22)

De naam Heemstede is een verbastering van Hemstede (23); toponymisch (naamkundig) is er geen enkel verband met de persoonsnaam Emece. Hem betekent akker, een omheind of door een sloot omgeven stuk land (24). Op het akkerland, de hem, omgeven door lager drassiger weiland, werd koren verbouwd, waarmee de naam Korendijk is verklaard. Hemstede wordt ook genoemd in het archief van Egmond, waar de stichters van de abdij, graaf Dirk II (overleden in 988) en zijn echtgenote Hildegard, een in Hemstede gelegen hoeve aan het klooster schenken (25).

De heren van Castricum en van Heemskerk

De enige relatie tussen de beide dorpen Heemskerk en Castricum is dat zij in de latere middeleeuwen dezelfde ambachtsheer hadden (26). Graaf Willem II en zijn broer Floris verkochten in 1248 in volle eigendom aan de ridders Simon van Haerlem en Wouter van Egmond de ‘curtis nostram in Hemezkerke, que vulgariter Hoflant dicitur’ (onze hof in Heemskerk die in de volksmond het Hofland wordt genoemd) met alle inkomsten en toebehoren.

Simon van Haerlem, overleden 1280, vestigde zich in Heemskerk waar hij veel land bezat en de jurisdictie in Heemskerk en Castricum verwierf. Zijn zoon Willem, overleden 1317, volgde hem als zodanig op.

In 1318 werd Jan van Bergen, baljuw van Kennemerland, overleden 1321, beleend met het erfgoed van zijn oom Willem van Haerlem inclusief de ambachten Heemskerk en Castricum. Na zijn dood vervielen zijn goederen wegens het ontbreken van wettige nakomelingen aan de grafelijkheid.

In 1327 kocht Jan van Polanen ‘onse huys tot Heemskerk’ en de ambachten Heemskerk en Castricum. Hij werd in 1339 baljuw van Kennemerlanden West Friesland en overleed in 1342. Beide ambachten kwamen later door vererving en huwelijk aan het geslacht Van Assendelft (26).

Castricum in het archief van de abdij van Egmond

De abdij van Egmond.
Zanddijk met zicht op de Limmerweg en de abdij van Egmond. Schilder Addy Hanraads. Foto Jacques Schermer. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

De naam Castricum wordt, in enkele varianten, vermeld in de volgende archiefstukken van de abdij van Egmond(27):

  1. Aantekeningen in een oud evangelieboek (eind 11e eeuw, 1080-1100); De Evangelie-aantekeningen bevatten giften aan de abdij van de eerste graven en andere eigenaren van hoeven, kerken, goederen en rechten. Graaf Arnulf schonk het klooster in Kasterkem 21⁄4 hoeve. Van drie hoevebezitters in Castrichem worden de namen vermeld, Rantzo, Nichilominus en Albret.
  2. Liber Sancti Adalberti, waarin opgenomen het Gravenregister (1125-1144); De schenkingen van de eerste drie graven aan het klooster zijn overgenomen in het Gravenregister van het Liber Sancti Adalberti. Daarin wordt verder het Urbarium gebruikt, een opsomming van de inkomsten uit het kloosterbezit, gepacht door personen in diverse plaatsen. Onder anderen waren dat Meinard de Casterkem in Castricum, Thedericus de Castrikem in Limbon en Wibrandus de Eskemendelf in Casterkem. Ook kreeg de abdij in Castringhem nog een revenu van 9 uncias octo den. minus.
  3. Oorkonde van 1083, de gravenoorkonde (1125-1150); De in de gravenoorkonde genoemde toponiemen zijn ontleend aan het Gravenregister (28).
  4. Annales Egmundenses, deel handschrift F (1148-1173); Deze Annales memoreert de heervaart van graaf Floris III tegen de Westfriezen in 1168, waarin een aantal gesneuvelde edelen en andere militairen met name worden genoemd, waaronder Bruno de Kasterkem (29).
  5. Vita Sancti Adalberti II (kort voor 1143), bijna geheel teruggaande op Vita I. Tenslotte komt de naam Castricum voor in twee late kopieën uit de 15e eeuw van de Vita Sancti Adalberti secunda, in de codex A (Alkmaar) gespeld als Castrichem en in de codex B (Berlijn) als Casterkem en Kasterkem.

De evolutie van Castor-heem naar Castricum

Van Ollefen citeerde Soeteboom in diens Saanlands Arcadia, waar deze schrijft dat Castricum komt van Castor. Laten wij de fantasierijke verklaring achterwege, dan blijkt Castorheem, hoe vreemd ook, een goed en interessant uitgangspunt te zijn voor de evolutie tot de huidige naam. Castricum behoort tot de oudst bekende plaatsen van onze streek, daterend van vóór de 10e eeuw. In de loop van zo lange tijd treden in de spreektaal en later in de schrijftaal vaak sterke veranderingen op. Bij de evolutie van Castorhem tot Castricum geven de in het archief van


Jaarboek 35, pagina 19

Egmond genoemde varianten waardevolle aanwijzingen. In het middeleeuws Nederlands lopen namen beginnend met C en die met K willekeurig door elkaar. We hanteren alleen namen met C, hetgeen het volgende oplevert: Castorhem – Castrichem, Casterchem, Castringhem, Castrickem, Casterkem, Casterkom of Castricum.

De afbeelding van de heilige Castor.
De afbeelding van de heilige Castor.

D.P. Blok veronderstelde dat Castringhem een ‘–ingheem’ naam is, plaats aan een rivier of ander water, maar gaf ook de mogelijkheid van een ‘–heem’ naam aan (30). Omdat de -ingheem vorm in het archief van Egmond maar eenmaal voorkomt, laten we die buiten beschouwing.

Een onbeklemtoonde tussenlettergreep heeft in de loop van de eeuwen de neiging tot een toonloze e te vervallen of geheel te verdwijnen. Er komt soms een i voor in de plaats of de e migreert tussen t en r en de tussenlettergreep blijft bestaan. De –heem of –haim namen voor nederzetting of woonplaats, die tussen circa 500 en 900 in zwang kwamen, zijn met hun afgesleten uitgangen –um, –om, –em in de omgeving van Castricum en ver daarbuiten nog altijd herkenbaar zoals Bakkum, Rinnegom, Hallum, Adrichem en Arem.

De zachte h van −hem wordt een ch en vervolgens vaak een harde k.

Als we de genoemde gegevens combineren, dan ontstaat een beeld hoe parochie en ambacht zijn ontstaan. In de regel gaan de parochiegrenzen, die naadloos aansloten bij die van omgevende parochies, vooraf aan de ambachtsgrenzen. De nog niet ontgonnen gronden, de wouden, de wildernis, werden als bisschoppelijk domein beschouwd en later in bezit genomen door de Hollandse graven.

De oude dorpskerk.
De oude dorpskerk. Pentekening collectie Ger van Geenhuizen. Toegevoegd.

Omdat de parochie Castricum geen dochter van Velzen, noch van Limmen of van de abdij Egmond was, moet de parochiekerk van Castricum zijn gesticht als vrije autonome parochiekerk. Er zijn dan twee mogelijkheden: óf de kerk is gebouwd op een ‘vicus publicus’, een publiek domein, dus niet op particuliere grond, gedoteerd (gegeven) door de dorpelingen en bediend door een door de bewoners gekozen priester, zij het onder de jurisdictie van de bisschop, óf zij is gesticht op particuliere grond en gedoteerd door de ‘dominus’, de landheer die als grondeigenaar het recht had op de aanstelling van een priester en het beheer van de kerkelijke goederen (31).

De basiliek Sankt Castor te Koblenz.
De basiliek Sankt Castor te Koblenz.

Karel Martel had, om zich in de veroverde gebieden te kunnen handhaven, een groep invloedrijke, trouwe mannen nodig, die hij aan zich trachtte te binden door hen met allerlei al of niet kerkelijke ambten en goederen te belonen. Het aantal kerken in lekenbezit werd daardoor steeds groter. Bovendien nam de macht van deze kerkheren zelf toe. De kerkheer werd van patroon en beschermer tevens kerkeigenaar.

Het is aannemelijk dat een van de Oost-Frankische immigranten uit het thuisland van Karel Martel zich heeft gevestigd in de naaste omgeving van het aan Willibrord overgedragen koningsgoed Adrichem-Velsen, al of niet daarmee verbonden voor het verrichten van diensten.

Het thuisland van Karels voorgeslacht en nazaten ligt in het gebied rondom het dal van de Moezel met de steden Koblenz, Trier en Metz met Echternach, waar Willibrords klooster was gelegen, in de nabijheid. In Trier werd de oorkonde uitgevaardigd, waarbij Willibrord de villa Adrichem ontving.


Jaarboek 35, pagina 20

St.-Castor (eind 4e eeuw) wordt beschouwd als de apostel van de Moezelstreek. Hij is ook de patroon van Koblenz, de plaats waar de Moezel in de Rijn stroomt en waar een klooster, gewijd aan St.-Castor, staat (32).

Het is plausibel dat de oorsprong van de naam Castricum in de Moezelstreek gezocht moet worden.

ir. J. Kol

Geraadpleegde literatuur:

  1. D. van Deelen, Historie van Castricum en Bakkum, 1973, pagina 11;
  2. L. Van Ollefen, Stad- en dorpsbeschrijver van Kennemerland, 1796;
  3. W. Steeman, Oorsprong van gemeentenaam Castricum nooit achterhaald, Dagblad Kennemerland, december 1988;
  4. G. Karsten, Noordhollandse plaatsnamen, 1951, pagina 45;
  5. A.V.A.J. Bosman, Het culturele vondstmateriaal van de vroeg Romeinse versterking Velsen 1, 1997, Dissertatie Universiteit van Amsterdam;
  6. Simon Zuurbier, De herkomst van de naam Castricum, 23e Jaarboek Oud-Castricum (2000), pagina 15;
  7. G.J. Boekenoogen, De Zaanse volkstaal, 1971, pagina 24;
  8. H.G. Hamaker, De rekeningen der Grafelijkheid van Holland, 1876, I, pagina 100;
  9. Edward James, De Franken, 1988 (Nederlandse vertaling 1990);
  10. D.P. Blok, De Franken in Nederland, 2e druk, 1974, pagina’s 43, 78;
  11. A.C.F. Koch, Oorkondenboek van Holland en Zeeland tot 1299, nummers 3 en 4, 1970;
  12. B. Koene, J. Morren, F. Schweitzer, Midden-Kennemerland in de Vroege en Hoge Middeleeuwen, 2003, pagina’s 59, 75;
  13. J. Kol, De parochiekerk Sint Pancratius tot aan de reformatie, 15e Jaarboek Oud-Castricum (1992);
  14. J. Westenberg, Kennemer dijkgeschiedenis, 1974;
  15. D.P. Blok, De Hollandse en Friese kerken van Echternach, Mededelingen Instituut voor Naamkunde, Jaargang 6, 1974;
  16. A.C.F. Koch, Oorkondenboek van Holland en Zeeland tot 1299, nummer 84;
  17. W.J. Reder, De St. Pancratiuskerk te Castricum, 1e Jaarboek Oud Castricum (1978);
  18. J.W. Groesbeek, Heemskerk onderweg van verleden naar heden, 1978, pagina 17;
  19. O. Oppermann, Fontes Egmundenses (Liber S. Adalberti), 1933, pagina 76;
  20. H.G. Hamaker, De rekeningen der Grafelijkheid van Holland, 1876, I, pagina 420;
  21. J.K de Cock, Bijdrage tot de historische Geografie van Kennemerland in de middeleeuwen, 1965, pagina 66;
  22. Ernst Mooij, Het Castricumse landschap … een geschiedenisboek, 2010;
  23. R.E.Künzel en anderen, Lexicon van Nederlandse toponiemen tot 1200, 1988, pagina 174;
  24. J. Verdam, Middelnederlandsch Handwoordenboek, 1932;
  25. Aantekeningen Evangelieboek, pagina 62, regel 37 en het Liber S.Adalberti, pagina 69, regel 3;
  26. H.J.J. Scholtens, Uit het verleden van Midden-Kennemerland, 1968, pagina 85-92;
  27. J. Hof, De abdij van Egmond van de aanvang tot 1573, 1973;
  28. D.P. Blok, Over de namen in het Egmondse falsum op 1083, Tijdschrift voor Naamkunde, jg.16, 1984;
  29. H.C. Prinsen Geerligs, Twaalf eeuwen Kennemer Historiën, 1939, pagina 50-51; zie ook Cl. Bruins, Noordhollandsche Arkadia, 1732, pagina 410;
  30. D.P. Blok, De oudste plaatsnamen van Holland en Utrecht,1959, pagina 27;
  31. R.R. Post, Eigenkerken en bisschoppelijk gezag in het diocees Utrecht tot de 13e eeuw, dissertatie 1928;
  32. J. van der Schaar, bew. dr. Doreen Gerritzen, Voornamen, 2008.

24 oktober 2022

Castricum – Honderd jaar geleden 1910 (Jaarboek 34 2011 pg 114-116)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 34, pagina 114

Castricum – Honderd jaar geleden 1910

Het Burgerlijk Armenhuis aan de Overtoom.
Het burgerlijk armenhuis aan de Overtoom 40-54 in Castricum, 1912. Hier woonden mensen die geen geld of onderdak hadden. Rechts staat de eerste ‘Weesmoeder’ Ma de Winter. Zij was tot 1923 de eerste ‘moeder’ van het Armenhuis. Op het bord staat dat bezoeken op zondag, dinsdag en donderdag tussen 3 en 4 uur afgelegd kunnen worden. Van links naar rechts Guurtje Ooms, Trijntje Ooms, Maartje Knaap, Teunis Baars en Stomme Dirk Stuifbergen, die doofstom was. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Het jaar 1910 is een belangrijk jaar in de geschiedenis van Castricum: de bouw van een nieuw raadhuis en armenhuis wordt aanbesteed en rond dit jaar gaat ook de bouw van de rooms-katholieke kerk St. Pancratius en van hotel De Rustende Jager van start.

De gasfabriek met twee gashouders.
De gasfabriek met twee gashouders. Gasstraat in Castricum. Op 27 februari 1914 werd de steenkolengasfabriek in bedrijf gesteld. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Verschillende activiteiten worden in 1910 ontplooid om steenkolengas in Castricum te gaan produceren, dan wel door de gemeente Beverwijk te laten leveren.

De gebeurtenissen in Castricum van honderd jaar geleden zijn vooral ontleend aan de gemeenteraads-notulen, de inkomende en uitgaande stukken van de gemeente Castricum, de provinciale bladen, de burgerlijke standregisters enzovoorts.

1 januari 1910

Het gemeentebestuur bestaat op 1 januari 1910 uit burgemeester Johannes Mooij, de wethouders Jacob Pzn. Kuijs en Piet J. Valkering. De raadsleden zijn Jan Schuijt, Joseph Goes, Johan Hogenstijn, Pieter Duijn en Gerrit Pzn. Kuijs. De gemeenteontvanger is Bernardus Res. In de gemeente zijn 478 personen kiesgerechtigd.

Op 1 januari 1910 telt Castricum 2.813 inwoners. Dit aantal is op 31 december in datzelfde jaar toegenomen tot 3.267. Deze enorme toename komt vooral door het vestigingsoverschot dat ingeluid is door de ingebruikname van Duin en Bosch. In het jaar 1910 vestigen zich in onze gemeente 668 personen, terwijl er 253 naar elders vertrekken. Er worden in dat jaar 112 kinderen geboren, er overlijden 73 inwoners en er worden 14 huwelijken gesloten.

19 januari 1910

De commandant der Stelling van Amsterdam doet in een brief aan de burgemeester met het predicaat ‘zeer geheim’ opnieuw een beroep om personen voor te dragen die bij mobilisatie als boodschapper voor de Stelling onder het bevel van de commandant zouden kunnen optreden. Eerder heeft de burgemeester meegedeeld dat er geen personen bekend zijn die dat zouden kunnen doen. De Boodschappendienst voor tijd van oorlog wordt van belang geacht ook wat Castricum betreft. De personen mogen niet militie-, landweer- of reserveplichtig zijn.

22 januari 1910

Pieter Schotvanger Jacobszoon, van beroep bierhuishouder en wonende te Castricum, verzoekt vergunning voor de verkoop van sterke drank voor een lokaliteit waarin nu reeds verlof is voor de verkoop van alcoholhoudende dranken in De Harmonie gelegen aan de Kramersweg (nu Burgemeester Mooijstraat). In het huis wonen verder zijn echtgenote Anna Bisschop en dienstbode Naatje de Reus. Op 15 februari daaraanvolgend krijgt Pieter Schotvanger deze vergunning.

Het vroegere theehuis, voor velen een opsteek naar het Provinciaal Ziekenhuis Duin en Bosch, nu al jaren lang een chinees restaurant. Kramersweg (nu Burgemeester Mooijstraat) in Castricum, 1910. De bezoekers van Duin en Bosch kwamen vaak met de trein naar Castricum en moesten dan verder met de paardentram naar Duin en Bosch. Tijdens het wachten dronk men in De Harmonie (hoek Kramersweg-Stationsweg) een kopje thee of koffie. De eerste eigenaar is P. Schotvanger. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

Door het stijgend aantal inwoners is het maximum aantal van deze vergunningen door de gemeente verhoogd naar elf. Hiertegen komt bezwaar van de Inspectie van de Drankwet, omdat de grootte van de Castricumse bevolking volgens de wet dan een maximum van 9 vergunningen voorschrijft; de Inspectie gelast de eventueel verleende 10e en 11e vergunning voor vernietiging voor te dragen.

Vergunningen tot de verkoop van sterke drank zijn beperkt tot maximaal vijf in de Kerkbuurt:
Rika van Benthem (de Vriendschap), J.B. Koopman (De Rustende Jager), B. Wempe (hoek Dorpsstraat-Burgemeester Mooijstraat) en M. Olgers (Burgemeester Mooijstraat) , P. Schotvanger (Burgemeester Mooijstraat)
en vier in Bakkum:
L. Burgering, Wub Joosten (nu hotel Borst), Kl. Peijs en C. Castricum (De Goede Verwachting aan de Heereweg).

Op de aanvraag van timmerman Dirk Tromp voor een vergunning voor de verkoop van sterke drank, wordt afwijzend beschikt, omdat het maximum is bereikt. Op 14 juli 1910 is het aantal vergunningen beneden het maximum gedaald en krijgt Tromp alsnog op 3 augustus 1910 een vergunning; hij woont aan de Rijksstraatweg met zijn echtgenote Aafje Eeltink. Ook Klaas Brantjes, kruidenier te Zuid-Bakkum, krijgt een vergunning.

20 maart 1910

De heer T.C. Bakker uit Den Helder gaat niet in op de voorwaarden van de gemeente Castricum voor het verkrijgen van een gasconcessie.

Een plaatselijk comité, zich noemende ‘Vereeniging van belanghebbenden tot het verkrijgen van beter licht in deze Gemeente’, met onder andere als leden dokter IJ. Schoonhoff, dominee A. van Poelgeest, J. Res. M. de Haas en H.A. Nijsen, richt een verzoek aan de gemeente om gas te gaan betrekken uit Beverwijk. Daarin wordt vermeld dat er spoed gewenst is met het oog op de aansluiting van kerk, pastorie, enzovoorts.

Burgemeester en Wethouders (B&W) hebben een onderhoud gehad met de commissaris der Koningin inzake een geldlening van 7.000 gulden voor de bouw van een nieuw Armenhuis.

20 maart 1910

In verband met de verkiezingen nodigt de burgemeester de inwoners uit die kiesgerechtigd zijn. Het zijn alleen de mannelijke inwoners die de leeftijd van 25 jaar hebben bereikt en over een bepaald inkomen (300 gulden per jaar) kunnen beschikken in relatie met de woonlasten; dit is vastgelegd in de Kieswet van 1896. Op 22 maart 1910 is een gedrukte kiezerslijst beschikbaar met in alfabetische volgorde de kiesgerechtigden van Castricum met daarin per kiesgerechtigde de familienaam, voornamen, geboorteplaats en datum, huisnummer en de aanduiding kiesgerechtigd te


Jaarboek 34, pagina 115

zijn voor de Tweede Kamer, voor de Provinciale Staten en voor de Gemeenteraad. In totaal zijn er in Castricum 478 kiesgerechtigden voor de Tweede Kamer. Van hen zijn er 472 die ook voor de Provinciale Staten kiesgerechtigd zijn. De zes personen die niet mogen stemmen voor de Staten, zijn buiten de provincie Noord-Holland geboren en wonen hier nog niet lang genoeg.

In totaal zijn er 365 kiesgerechtigd voor de gemeenteraad, dus 113 inwoners voldoen niet aan de voorwaarden die gelden voor de gemeenteraad (te laag inkomen en/of te hoge woonlasten). De huisnummers in de kiezerslijst worden niet per straat gegeven, maar er wordt een doorlopend volgnummer gehanteerd voor alle huizen binnen de gemeente; het hoogste huisnummer in de kiezerslijst is 536.

9 april 1910

De Gezondheidscommissie, gevestigd te Beverwijk, dringt in een brief aan het gemeentebestuur aan op het nemen van maatregelen vanwege de bedreiging van de cholera-epidemie. Dit betreft dan het scheppen van gelegenheid tot afzondering en verpleging van cholerapatiënten.

In een schrijven van 9 november 1910 van het Provinciaal Bestuur blijkt deze gelegenheid in Castricum nog steeds niet beschikbaar te zijn en wordt het gemeentebestuur verzocht om deze voorziening te treffen. Hierop reageert de burgemeester met verwijzing naar de plannen voor de stichting van een nieuw armenhuis en het overleg dat gevoerd is met het Algemeen Armenbestuur. Daarbij is gesproken over de mogelijkheid om bij de bouw ook te zorgen voor een gelegenheid tot afzondering en verpleging van lijders aan besmettelijke ziekten, vooral choleragevallen.

De burgemeester meldt dat hiermee in het ontwerp van het armenhuis rekening is gehouden en er twee afzonderlijke kamers bestemd worden, welke binnenshuis geen verbinding hebben: een kamer voor de zieken en een voor de verpleging.

15 april 1910

Burgemeester en wethouders hebben gesproken met de burgemeester van Beverwijk over een mogelijke levering van steenkolengas aan de gemeente Castricum. De begroting van de directeur van de gasfabriek te Beverwijk voor levering van gas omvat perstoestellen, een persleiding van Beverwijk naar Castricum met een lengte van 9.000 meter, een gashouder te Castricum met een inhoud van 1.000 kubieke meter en een regulateurgebouwtje met dienstwoning. De totale kosten worden geraamd op 80.000 gulden. Dit bedrag wordt dusdanig hoog bevonden dat hierop niet wordt ingegaan.

4 april 1910

Raadslid Jan Schuijt is overleden, waardoor een nieuwe vacature in de raad is ontstaan.

3 juni 1910

De Bouw- en Exploitatieonderneming te Utrecht is door de gemeente Castricum gevraagd een onderzoek uit te voeren of de gasfabriek in onze gemeente redenen van bestaan zou hebben, en als dat zo is, of de gemeente als eigenaar van de te bouwen fabriek deze dan in pacht zou kunnen afstaan onder nader overeen te komen voorwaarden. Als resultaat van het onderzoek schrijft genoemde onderneming dat een steenkolengasfabriek bestaansredenen zou hebben.

Jacob Kuijs Pzn. neemt ontslag als raadslid.

27 juli 1910

De nieuwe raadsleden Petrus Kuijs Pzn. en Theodorus Dijkman worden geïnstalleerd.

Door het overlijden op 17 juli van het raadslid Pieter Duijn is er een nieuwe vacature ontstaan.

16 augustus 1910

De commissaris van de Koningin komt op bezoek. Hij zal onder andere de onderwijzerswoning bekijken bij het oude raadhuis.

25 augustus 1910

Het raadhuis behoeft buitengewoon herstel. De vraag wordt opgeworpen of het niet gewenst zou zijn om het geheel te vernieuwen.

Het oude Raadhuis met daarnaast de lagere school.
Het oude Raadhuis met daarnaast de lagere school. Dorpsstraat 65 in Castricum, 1909. Op deze plaats wordt in 1911 het nieuwe raadhuis gebouwd. Dit is het voormalige raadhuis, waarvoor de eerste steen in 1869 door burgemeester Zaalberg werd gelegd. Ernaast, aan de Schoolstraat, stond de in 1854 gebouwde eerste Openbare Lagere School van Castricum. Dit gebouw werd in 1934 gesloopt. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

De commissaris van de Koningin heeft geadviseerd om een gemeentesecretaris aan te stellen om daarmee de burgemeester te ontlasten, die ook nog de taak van gemeente-secretaris heeft. Zijn advies wordt pas per 1 januari 1914 opgevolgd.

21 september 1910

De raad besluit om een nieuw raadhuis met onderwijzerswoning te laten bouwen (kosten 10.000 gulden). Ook de bouw van een nieuw Armenhuis aan de Overtoom (kosten 7.000 gulden) en de aanleg van straatverlichting (kosten 1.000 gulden) worden goedgekeurd.

14 oktober 1910

Het Provinciaal Geneeskundig Gesticht Duinenbosch vraagt vergunning tot uitbreiding van de machinale inrichting door het plaatsen van een horizontale stoommachine met dynamo voor de opwekking van elektrische energie.

J.S.G.Jan Bedeke de machinist in de elektriciteitscentrale.
J.S.G.Jan Bedeke de machinist in de elektriciteitscentrale. Duin en Bosch, 1935. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

5 november 1910

De hoofdonderwijzer aan de Openbare Lagere School te Bakkum, de heer H.A. Nijsen, verzoekt met meerdere argumenten hetzelfde salaris te mogen ontvangen als het hoofd der Openbare Lagere School te Castricum dat 1.125 gulden per jaar bedraagt.

Meester Nijssen op een klassenfoto.
Rechts meester H.A. Nijsen en links de dames Mulder en Benedic. Klassenfoto van de Tweede openbare lagere school. Van Oldenbarneveldweg 37 in Bakkum, 1915. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

16 november 1910

Het nieuwe raadslid Pieter Twisk wordt geïnstalleerd.

Een plaatselijke verordening wordt vastgesteld:

  • herbergen, logementen en dergelijke voor het publiek openstaande plaatsen moeten gesloten zijn en blijven van 22.00 uur ’s avonds tot 06.00 uur ’s morgens;
  • het is verboden met woonwagens te staan op of langs openbare wegen, paden en pleinen.

26 november 1910

De Kennemer Electriciteit-Maatschappij, gevestigd te Bloemendaal, heeft plannen tot het ontwerp van een elektrische stroomlevering aan Beverwijk, Heemskerk, Uitgeest, Akersloot, Castricum, Limmen, Heiloo en Alkmaar en informeert naar de gegevens over de plaatselijke bevolking.


Jaarboek 34, pagina 116

7 december 1910

Vanwege de aanleg van de nieuwe straatverlichting worden de plaatsen voor de gaslantaarns vastgesteld. Er zal een oproep worden gedaan aan gegadigden voor het aansteken en uitdoven van verder afgelegen geplaatste lantaarns.

Lantaarnopsteker voor de gaslantaarn aan Vinkebaan 18.
Aan de Vinkebaan stonden gaslantaarns die ‘s avonds ontstoken moesten worden en de volgende ochtend weer gedoofd. Mogelijk is dit Arie Stet die op Vinkebaan 22 woonde en lantaarnopsteker was. Vinkenbaan 18 in Bakkum, 1930. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

12 december 1910

Christiaan Kieft, bloembollenkweker te Limmen en echtgenoot van Elisabeth Slot, gemeente-verloskundige van Limmen en Castricum, verzoekt voor zijn echtgenote eervol ontslag met ingang van 1 januari aanstaande vanwege een ernstige operatie die zij heeft ondergaan. Kort daarop is 16 december Elisabeth Slot te Amsterdam overleden.

Elisabeth Kieft-Slot (met koffiepot en haar familieleden.
Elisabeth Kieft-Slot (met koffiepot) en haar familieleden. Rijksweg 54 in Limmen. Na een wervingsprocedure wordt in oktober 1882, na goedkeuring door de Castricumse gemeenteraad, aangesteld als vroedvrouw in Castricum en Limmen. Elisabeth Slot, die haar diploma behaalde op 19 juli 1882 in Rotterdam, kan dus worden gezien als eerste van een reeks erkende Castricumse vroedvrouwen. In de eerste jaren van haar werkzaamheden leert Elisabeth haar toekomstige echtgenoot Christiaan Kieft, bollenkweker te Limmen, kennen, waarmee ze op 8 september 1886 in het huwelijk treedt. Het echtpaar gaat wonen Rijksweg 54 te Limmen, een huis dat kortgeleden is gesloopt. Elisabeth Kieft-Slot blijft meer dan 25 jaar als vroedvrouw in Castricum en Limmen werkzaam. Om bij dag en nacht de verlossingen te kunnen verrichten, verplaatste zij zich meestal met paard en wagen. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

De gemeente Limmen neemt contact op met B&W van de gemeente Castricum en stelt voor opnieuw een gemeenschappelijke vroedvrouw te benoemen, die dan bij voorkeur in Limmen woonachtig moet zijn, omdat Castricum al het voorrecht heeft een geneesheer te bezitten.

Bouwtekening van het oude raadhuis.
Bouwtekening van het oude raadhuis.

17 december 1910

Ten overstaan van de architect Jan Stuyt uit Amsterdamis in het raadhuis van Castricum overgegaan tot het aanbesteden van het slopen van het bestaande raadhuis met de onderwijzerswoning en van het bouwen van een nieuwraadhuis en onderwijzerswoning. In de daartoe bestemde bus blijken bij opening 15 inschrijvingsbiljetten te zijn gedeponeerd.

De aannemers hebben twee aannemingssommen verstrekt met of zonder leien dakbedekking. De hoogste inschrijving met leien is van Pieter Dubbeld, aanemer uit Alkmaar voor 12.670 gulden en de laagste is van Jacobus Res, aannemer te Castricum voor  9.490,gulden. Aan laatstgenoemde aannemer wordt het werk gegund. Tot zekerheidsstelling verbinden zich als borgen van aannemerJacobus Res zijn broers de heren Bernardus Anthonius Res, bloemkweker, en Gerardus Franciscus Res, broodbakker, beiden wonende te Castricum.

Het woonhuis en bedrijfspand van Firma Res.
Het woonhuis en bedrijfspand van Firma Res. Schoolstraat 9 in Castricum, 1920. De man met de zwarte pet is Jacobus Res (geboren in 1868). Jan Res is de derde van links. De panden zijn regelmatig aangepast aan de eisen van wonen en werken. Hier zien we de bedrijvigheid op straat van de timmerlieden. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

In de raadsvergadering van 28 december 1910 wordt meegedeeld dat de heer Jacobus Res de laagste inschrijver is voor de bouw van het raadhuis met onderwijzerswoning. De aanneemsom bedraagt 9.100 gulden voor een dakbedekking met pannen en 9.490 gulden voor een bedekking met leien. Het laatste heeft de voorkeur en daartoe wordt besloten.

In 1910 is er een telling uitgevoerd op last van het Departement van Landbouw, Nijverheid en Handel betreffende het grondgebruik en de veestapel.

31 december 1910

De gemeenterekening over het jaar 1910 telt aan ontvangsten 24.055 gulden en aan uitgaven 25.276 gulden, zodat er een nadelig saldo is van 1.221 gulden.

Simon Zuurbier

Weiland met koeien.
Weiland met koeien. Op de achtergrond de Pancratiuskerk en de Augustinusschool. In de verte is de Alkmaarderstraatweg te zien. De boerderij en hooischuur is van Kees Stuifbergen. De foto is genomen vanaf de Molendijk ofwel Boogaertsdijk. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

In Castricum bestaat de veestapel (inclusief jong vee) uit:
paarden 135
runderen 1191
schapen 415
bokken en geiten 116
varkens 190
hoenders 1930

Boerderij ‘De Brabantse Landbouw’. Oude Schulpweg 8 in Castricum. pentekening van Nico Lute. Kijk-Uit kalender 1994. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Het landgebruik als eigenaar en pachter:

aantal gebruikers:
landbouwers 46 – oppervlakte in hectare: 106
landarbeiders – oppervlakte in hectare: 53
particulieren (voetnoot 1) – oppervlakte in hectare: 6
tuinbouwers 2 – oppervlakte in hectare: 11
totaal 60 – oppervlakte in hectare: 176
waarvan (voetnoot 2) totaal 49 – oppervlakte in hectare: 123

Voetnoot 1: hoofdberoep buiten de land- en tuinbouw
Voetnoot 2: gebruikers met meer dan 1 hectare

10 oktober 2022

Dorpsstraat (8e deel) huisnrs 64–88 (Jaarboek 34 2011 pg 67-80)

Niets uit deze publicatie mag worden overgenomen zonder toestemming van de Stichting Werkgroep Oud-Castricum.


Jaarboek 34, pagina 67

De geschiedenis van de Dorpsstraat en zijn bewoners (deel 8)

Torenstraat op de hoek met de Korte Cieweg.
Torenstraat (toen Bakkummerweg) op de hoek met de Korte Cieweg (toen Cieweg en eerder Achter Kerkzicht). Zichtbaar is het beboste deel van de tuinen die bij de herenhuizen, zoals Kerkzicht, aan de Dorpsstraat hoorden. Castricum, 1907. Collectie Pennekamp. Toegevoegd.

In 1820 vonden aanbestedingen plaats voor de verbreding en bestrating van de rijksweg tussen Alkmaar en Beverwijk. Het gedeelte dat nu Dorpsstraat wordt genoemd, is de eerste verharde weg in Castricum.

In zeven delen hebben we tot nu toe de bewoningsgeschiedenis van deze straat behandeld. In de laatste twee artikelen bespraken we de panden tussen de Burgemeester Mooijstraat en Torenstraat.

In dit artikel vervolgen we onze weg met de geschiedenis van de panden gelegen tussen de Torenstraat en de Korte Cieweg.

Kadasterkaarten uit 1822 en 1930 tonen de toenmalige bebouwing tussen de huidige Torenstraat en de Korte Cieweg, die in dit artikel ter sprake komt.
Kadasterkaarten uit 1822 en 1930 tonen de toenmalige bebouwing tussen de huidige Torenstraat en de Korte Cieweg, die in dit artikel ter sprake komt.

Kerkzicht

De vroegst bekende bebouwing op het te bespreken gedeelte van de Dorpsstraat is te zien op de kadasterkaart uit 1822. Vrijwel ter hoogte van de dorpskerk ligt een langgerekt geheel, waarvan in 1826 bij een verkoop de omschrijving luidde: “een zomer- en winterbuitenbedrijf bestaande in een hecht, sterk en wel betimmerd dubbel huis en erve genaamd Kerkzigt, voorzien van vele kamers en verschillende gemakken met eenen stal voor twee paarden, wagenhuis en hooizolder, benevens een grote tuin beplant met weldragende vruchtbomen, bosch en heestergewassen genaamd de Hofstee van Bakkerstuin, alles aan elkaar staande en liggende in de Kerkbuurt van Castricum”. Het ging voor Castricumse begrippen duidelijk om een voornaam bouwwerk.

Rechts het oude gemeentehuis en links Kerkzicht.
Rechts het oude gemeentehuis en links Kerkzicht. Rijksstraatweg (nu Dorpsstraat) in Castricum, 1907. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Uit kadastrale gegevens kunnen we omvang van Kerkzicht (toen nog gespeld als Kerkzigt) afleiden. Het gebouw met de bijbehorende percelen had een totale oppervlakte van 7.490 vierkante meter. Het grondgebied had langs de Dorpsstraat een breedte van ongeveer 60 meter en langs de Torenstraat liep het door tot aan de Korte Cieweg.

Achter het huis lag een tuin van 3.650 vierkante meter en een boomgaard van 680 vierkante meter; deze werden langs de Torenstraat en de Korte Cieweg omgeven door een strook van ongeveer tien meter bos.

Mr. Joachim Nuhout van der Veen, sinds 1794 schout van Castricum en Bakkum, liet Kerkzicht omstreeks 1798 bouwen op een stuk land langs de huidige Dorpsstraat, vanaf de Torenstraat tot aan de Korte Cieweg, dat hij in juni 1797 had gekocht. Aanvankelijk woonde hij volgens de traditie als schout in het zogeheten Knophuis, een nog bestaande hoeve aan de Overtoom, maar na de bouw van Kerkzicht nam hij daar zijn intrek.

In 1795 werd ons land bezet door Franse troepen en voltrok zich de Bataafse Revolutie. Nuhout van der Veen ontpopte zich vanaf het begin niet alleen plaatselijk als een vurig patriot, maar ging ook deel uitmaken van het landelijk bestuur. In 1809 verhuisde hij naar Alkmaar, waar hij verschillende bestuursfuncties bekleedde.

Pas in mei 1826 verkocht hij Kerkzicht bij openbare verkoop voor 3.000 gulden aan de 26-jarige Johannes Velleur, een koopman te Castricum. De naam suggereert een Franse afkomst, maar daar hebben we verder geen bijzonderheden over kunnen vinden. Hij was getrouwd met Anna Eenhuijs en bewoonde Kerkzicht wellicht al voordat hij het kocht. Financieel ging het hem niet voor de wind, want schulden aan een firma in Alkmaar noodzaakten hem reeds in 1827 tot de openbare verkoop van het pand. Koper was Bartholomeus Nicolaas Rommel, logementhouder te Castricum, die 3.050 gulden betaalde.

Links huis Kerkzicht.
Links huis Kerkzicht, een groot pand dat tegenover het oude raadhuis stond en dat later patronaatsgebouw is geworden. Het was tot 1899 het woonhuis van familie Rommel. Dorpsstraat 65 in Castricum., 1910. Foto Schnabel CS (Kath. Ill.). Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

De oorspronkelijk uit Duitsland afkomstige familie Rommel speelt in de geschiedenis van Castricum, zeker wat grond- en huizenbezit betreft, een belangrijke rol en dat geldt ook voor deze Bartholomeus Rommel, de overgrootvader van de later in Castricum zeer bekend geworden kapitein Albert Rommel. Hij vestigde zich omstreeks 1815 vanuit Amsterdam in Castricum, in welk jaar hij door zijn huwelijk met Johanna Telvoren in het bezit kwam van De Rustende Jager. In de loop der jaren kocht hij veel huizen en land in Castricum, waaronder dus Kerkzicht, dat lange tijd in het bezit bleef van de familie.

Bartholomeus Rommel verhuurde Kerkzicht aanvankelijk aan Ernst Willem Fabritius, rustend predikant te Castricum en Pieter Kieft, burgemeester van Castricum, maar in het voorjaar van 1833 ging hij er zelf wonen, nadat hij De Rustende Jager had verpacht. Hij kwam in 1846 te overlijden. Zijn bezittingen werden geërfd door zijn enige zoon Johannes


Jaarboek 34, pagina 68

Rommel, geboren in 1817 in Castricum, die Kerkzicht met zijn echtgenote Anna Waagmeester, zijn kinderen en zijn moeder, de weduwe Johanna Rommel-Telvoren, bleef bewonen.

Na het overlijden van Johannes in 1879 vond een verdeling plaats van de nalatenschap, waarbij Kerkzicht bewoond bleef door leden van de familie Rommel. De laatste bewoner uit de familie, zoon Jacobus Rommel, werkzaam als bloemkweker en makelaar en ook de vader van kapitein Rommel, vertrok met zijn gezin in 1889 uit deze woning.

Joseph Maria Goes (1861-1942).
Joseph Maria Goes (1861-1942).

In mei van dat jaar vestigde zich vanuit Haarlem in Kerkzicht de in 1861 in Amsterdam geboren bloemkweker Joseph Maria Goes met zijn echtgenote Maria Voorting, twee in Haarlem geboren dochters en zijn 74-jarige vader Nicolaas Goes. Hij wist zich al snel in Castricum te profileren. Van 1893-1917 als raadslid en wethouder en ook als bestuurslid van de Castricummerpolder.

Later, in de periode 1907-1913, was hij ook actief in de landelijke politiek, als lid van de Provinciale Staten voor de Rooms-Katholieke Partij. Alsof hij het nog niet druk genoeg had, nam hij in 1902 de leiding op zich van de plaatselijke brandweer.

Dan was er ook nog zijn gezin, dat niet minder dan acht opgroeiende kinderen ging tellen. Zijn verknochtheid aan het roomse geloof wist hij over te dragen op zijn dochter Josephine, geboren in 1897, die als onderwijzeres deel uitmaakte van de Kern van de Graalbeweging en op twee van zijn zoons, Johannes en Nicolaas, die zich op jeugdige leeftijd aangetrokken voelden tot ontwikkelingswerk onder de lokale bevolking van Afrika.

Kerkzicht in 1933. Toen in gebruik door het patronaatsbestuur.
Kerkzicht in 1933. Toen in gebruik door het patronaatsbestuur.

In april 1931 vertrok Johannes Goes, inmiddels 70 jaar oud, naar Leende. Het pand kwam nu in handen van het rooms-katholieke patronaat. De Alkmaarsche Courant van 31 oktober 1931 meldde:
“Het patronaatsbestuur heeft met medewerking van het rooms-katholieke kerkbestuur de hand weten te leggen op het grote herenhuis tegenover het raadhuis, dat nu is ingericht voor de roomse jeugd. Vrijdagavond vonden de opening en inzegening plaats, nadat de laatste weken onder leiding van kapelaan De Boer hard was gewerkt de verschillende lokalen voor het doel geschikt te maken.”

In verband met de bouw van jeugdhuis ‘De Kern’ vertrok het jeugdwerk uit Kerkzicht en besloot de eigenaar tot sloop. Met de sloop van Kerkzicht en toebehoren kwam een vrij grote strook grond langs de Dorpsstraat beschikbaar voor nieuwbouw. Een vergelijking van verschillende plattegronden maakt duidelijk dat het oorspronkelijke Kerkzichtcomplex zich ongeveer tot de huidige dansschool Griffioen uitstrekte (in 2011).

Corso theater, schoenenzaak, Luut Griffioen dansschool,
pand van winkel Noord Hollands Landschap.
Corso theater, schoenenzaak, Luut Griffioen dansschool,
pand van winkel Noord Hollands Landschap. Dorpsstraat 70-72 in Castricum. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

Wat de geschiedenis van de latere bebouwing betreft volgen we – zoals gebruikelijk in deze artikelenserie – de huidige huisnummering.

Dorpsstraat 64, gelegen op de hoek met de Torenstraat en deel uitmakend van het vier winkels omvattende winkelgebouw, dat in 1939 werd gesticht.
Dorpsstraat 64, gelegen op de hoek met de Torenstraat en deel uitmakend van het vier winkels omvattende winkelgebouw, dat in 1939 werd gesticht.

Dorpsstraat 64 (makelaardij Van Amsterdam)

Op 6 december 1938 kreeg C. Flink, toen nog als aannemer gevestigd in Amsterdam, vergunning voor de bouw van vier winkelhuizen met woongelegenheid, gelegen aan de Dorpsstraat op een gedeelte van het perceel dat braak lag na de sloop van Kerkzicht. De bouw van de vier aaneengelegen winkelhuizen met bovenwoningen kwam in 1939 gereed.

Het eerste van de vier panden onderscheidt zich qua architectuur van de rest van de bebouwing en kan vrij karakteristiek worden genoemd. Het was als winkelpand gunstig gelegen op de hoek Dorpsstraat – Torenstraat, met een groot etalage-oppervlak. Het eerste bedrijf dat zich hiertoe aangetrokken voelde was het Amsterdamse Wolhuis. Dit bedrijf was echter geen lang leven beschoren, want in 1943 moest het pand op last van de bezetter worden ontruimd. Er werden niet – zoals we voor veel andere panden in de Dorpsstraat hebben gezien – Duitse militairen ingekwartierd, maar het


Jaarboek 34, pagina 69

pand werd (tijdelijk), in het kader van een moeilijk te begrijpen verdelingsplan, toegewezen aan een uit Bakkum geëvacueerde winkelier.

In 1945 kwam het tot een nieuwe start en vestigde zich hier Piet van Duijn met een zaak in elektriciteitsartikelen en een installatiebureau. Piet van Duijn genoot al voor de oorlog grote bekendheid als verzorger van radiodistributie samen met Nelis Stolk, toen hij aan de Duinenboschweg woonde. Na zijn vestiging in de Dorpsstraat komen we zijn naam in de krant veelvuldig tegen als geluidstechnicus bij allerlei plaatselijke evenementen. Piet van Duijn overleed in 1953.

Oudejans elektronica.
Uiterst links het gemeentehuis. Verder van links naar rechts: Oudejans elektronica, juwelier Mienes, Co-op, Cools bloemenzaak, Corso bioscoop. Transformatorhuisje in midden op veldje. Dorpsstraat 64, 66, 68, 70 in Castricum, 1970. Collectie Pennekamp. Toegevoegd.

De zaak in elektriciteitsartikelen werd onder andere voortgezet door de firma Oudejans, die later naar de Torenstraat verhuisde.

Van Amsterdam makelaarskantoor.
Rechts Van Amsterdam makelaarskantoor en links een winkeltje en woonhuis van Siem Scheerman. Torenstraat hoek Dorpsstraat in Castricum, 1980. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

In februari 1980 kwam makelaardij Van Amsterdam van Dorpsstraat 32 naar Dorpsstraat 64, wat betekende dat het pand sindsdien een kantoorfunctie kreeg. Dat gaf niet alleen aanleiding tot een interne verbouwing, maar ook tot opeenvolgende veranderingen van de gevel, wat resulteerde in de huidige situatie.

Kadasterkaart ca. 1970.
Kadasterkaart circa 1970.

Dorpsstraat 66 (meubelstoffenzaak Dijkzicht)

In 1939 werd huisnummer 66 aan het tweede van de vier in dat jaar gebouwde winkelpanden toegekend. Een pandje met het adres Dorpsstraat 66 komt al voor op de kadasterkaart uit 1930, pal op de hoek van Dorpsstraat en Torenstraat. Het wordt volgens een bewonerslijst uit dat jaar aangeduid als de ‘stal van Goes’, behoorde dus bij Kerkzicht en werd betrokken in de sloop. Overigens toont ook de kadasterkaart uit 1822 op dezelfde plaats al een losstaand, tot het toenmalige Kerkzichtcomplex behorend gebouw, hoewel het niet waarschijnlijk is dat dit na meer dan 100 jaar nog bestond in de vorm van een stal.

In juni 1940 nam de uit Heerhugowaard afkomstige juwelier Pieter Mienes op Dorpsstraat 66 zijn intrek. Zijn verblijf op de Dorpsstraat was aanvankelijk geen lang leven beschoren, want ook hij moest op last van de bezetter in 1943 het veld ruimen om plaats te maken voor een collega-winkelier uit het inmiddels ontvolkte Bakkum.

In september 1945 kondigde Mienes in een advertentie de heropening van zijn zaak aan ‘na 2,5 jaar evacuatie’. Dit was het begin van een lange periode, waarin Mienes op Dorpsstraat 66 uitgroeide tot een begrip.

Juwelier en edelsmid Mienes.
Juwelier en edelsmid Mienes. Dorpsstraat 66 in Castricum, 1976. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

Pieter Mienes was ook actief in het culturele leven van Castricum als regisseur van de plaatselijke toneelvereniging De Schakel. In november 1962 deed hij zijn zaak over aan zijn zoon Arie, die met zijn echtgenote Willy van der Ham de zaak nog lange tijd heeft voortgezet.

Het is letterlijk een open deur, maar juwelierszaken staan altijd in de belangstelling van het dievengilde. Ook de firma Mienes werd verschillende malen het slachtoffer. Al kort na de heropening in 1946 vermeldt de plaatselijke krant een inbraak, waarbij diverse gouden en zilveren voorwerpen werden gestolen. Ook de plaatselijke juwelier Plas was het slachtoffer.

In de loop der tijd escaleerde het geweld, zoals blijkt uit een bericht in de Castricummer van 14 juli 1992, waarin onder de suggestieve kop ‘Echtpaar Mienes grijpt overvaller’ werd geschreven:
“Woensdagmiddag werd het centrum van Castricum opgeschrikt door een politiemacht van 15 man, die met getrokken pistolen de juwelierszaak van de firma Mienes omsingelden. Aanvankelijk dacht de politie, dat er iemand van de firma Mienes werd gegijzeld, maar bij nader inzien bleek dat de heer Mienes (met een hockeystick) een man in bedwang hield, die een poging had gedaan voor 6.500 gulden aan sieraden te stelen.”

De kapsalon van Marjolein Appel.
De kapsalon van Marjolein Appel. Dorpsstraat 66 in Castricum, 2004. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

In 1995 vond Arie Mienes het welletjes en stopte hij met zijn juwelierszaak, hoewel hij er nog wel boven bleef wonen. De winkel verhuurde hij aan Marjolein Appel, die er een kapsalon voor kinderen begon met de toepasselijke naam ‘De Appel’.

De koffie en thee winkel.
De koffie en thee winkel (Gusto). Achter in de winkel was ruimte gemaakt voor de VVV. die daar was ondergebracht. In 2018 is de winkel in gebruik genomen door het Zorgbalans buurtteam Castricum. Dorpsstraat 66 in Castricum, 2014. Foot Jolanda Out. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

De kapsalon bestond tot 2004, waarna er zich een handel in homeopathische geneesmiddelen vestigde. Nog niet zo lang geleden hield deze firma het, althans in Castricum, voor gezien en na een periode van leegstand vestigde zich in het winkelpand Meubelstoffenzaak Dijkzicht.

Nicolaas Schoute met enkele personeelsleden in 1948 voor zijn kruidenierszaak, Dorpsstraat 66A.
Nicolaas Schoute met enkele personeelsleden in 1948 voor zijn kruidenierszaak, Dorpsstraat 66A.

Dorpsstraat 66A (nog geen bestemming)

Wat betreft de toekenning van huisnummers lijkt het logisch dat aan het winkelpand volgend op nummer 66 het nummer 68 zou zijn toegekend. Om de een of andere reden kwam dit niet goed uit en daarom ziet men het pand op verschillende documenten aangegeven als 66A, maar verwarrend ook als 68A. Volgens mevrouw Mienes gaf de huisnummering in dit gedeelte van de Dorpsstraat vaak problemen. Hoe dit ook zij, we ontwijken deze problemen en vervolgen onze bespreking van het onderhavige pand als Dorpsstraat 66A.

Co-op kruidenierszaak.
Winkelpanden tegenover het gemeentehuis. Het eerste pand links staat leeg, dan volgt: juwelier Mienes, Co-op kruidenierszaak, Cools boemenwinkel, Corso Bioscoop, garage Lute en de winkel van Louman. Foto G. van Geenhuizen. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Toen dit pand in 1939 gereed kwam, vestigde zich daar in september vanuit Wormer Nicolaas Schoute, die er een kruidenierszaak begon. Evenals zijn buren werd hij in de oorlog door de bezetter gedwongen om te vertrekken. In 1946 hervatte hij zijn werkzaamheden. Schoute was er lange tijd werkzaam als filiaalhouder van de CO-OP Zaanstreek-Kennemerland. Hij overleed in 1979.

In 1980 verhuisde de CO-OP Zaanstreek naar het winkelcentrum


Jaarboek 34, pagina 70

Geesterduin, waar de toenmalige supermarkt van Reurings werd overgenomen. Op Dorpsstraat 66A vestigde zich toen ‘Up to Date’ menshop, een modezaak. De geheel andere bestemming bracht, zoals te verwachten, niet alleen een interne aanpassing van de winkel met zich mee, maar ook een wijziging van de winkelpui. Volgens directeur Van den Bosch: “Zoals er nu links van het midden een ingang geplaatst is, willen wij graag ook rechts van het midden een tweede ingang. Hierdoor komt een van de drie etalages te vervallen.”

Petra's Dames en Kinderboetiek.
Petra’s Dames en Kinderboetiek. Dorpsstraat 66A in Castricum, 2000. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Modezaken volgden elkaar op dit adres op. In 1989 Yes-Yes damesmode, die in 1992 verhuisde naar winkelcentrum Geesterduin en daarna Petra’s Kinderboetiek. In maart 2010 kwam het pand leeg te staan.

Dorpsstraat 68 (in 2011 Cools Bloemsierkunst)

Toen in 1939 de bouw van de vier winkelpanden gereedkwam, vestigde zich op Dorpsstraat 68 Jacobus Cools, die er zijn bloemenzaak voortzette die eerder gevestigd was in een iets verder gelegen pand, Dorpsstraat 72, dat nog ter sprake zal komen. Cools kreeg gezondheidsklachten, wat hem noodzaakte zich terug te trekken uit zijn bloemenzaak die per 1 januari 1963 werd voortgezet door Joke Vrugt. Zij werkte niet – zoals wel verondersteld – reeds bij Cools, maar kreeg er kennis van dat de zaak te huur stond. Joke bezat alle diploma’s voor de bloemisterij en werkte met buitengewoon veel plezier in de zaak tot ze ook door ziekte werd geveld.

De bloemenwinkel Cools.
De bloemenwinkel Cools. Dorpsstraat 68 in Castricum, 1974. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

De bloemenzaak werd vervolgens overgenomen door Sietse Brandsma, die Joke al enige tijd assisteerde en die er tot vandaag de dag (feitelijk tot 2018) nog gevestigd is, onder handhaving van de naam Cools.

Dorpsstraat 70 (Corso-bioscoop)

Corso theater.
Corso theater. Dorpsstraat 70 in Castricum. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Het stuk grond waarop de Corso-bioscoop zou worden gebouwd, behoorde tot het oorspronkelijke Kerkzicht.

In 1930 was dit stuk grond onbebouwd en in gebruik voor de bloementeelt met als eigenaar Frans Kehl, die betrokken was bij de exploitatie van de bloemenzaak op Dorpsstraat 72, het pand dat we hierna zullen bespreken.

Roland Bettink.
Roland Bettink voor de ingang van bioscoop het Corso theater. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Op 5 april 1937 gaf Roland Wefers Bettink uit Alkmaar aan de gemeente Castricum te kennen dat hij het voornemen had in Castricum in samenwerking met bouwondernemer Jan Res een bioscooptheater te stichten op het voornoemde perceel. Aanvankelijk werd door de gemeente negatief over de bouw geoordeeld. Men voorzag verkeers- en parkeerproblemen en ontsierende en schreeuwende reclame.

Niettemin werd per 1 juni 1937 de bouwvergunning verleend, onder de voorwaarden van de bioscoopwet en rekening houdend met verordeningen van de plaatselijke brandweer. Met de bouw van de bioscoop werd in 1937 begonnen. Nog in september van hetzelfde jaar kwam het theater gereed en werd het met een galavoorstelling feestelijk geopend. De exploitatie kwam in handen van de genoemde Roland Wefers Bettink en zijn echtgenote Margaretha Weel.

Jenny en Piet Bettink.
Jenny en Piet Bettink.

In 1972 zette Pieter Cornelis Wefers Bettink, bekend als Piet Bettink en een zoon van genoemd echtpaar, geassisteerd door zijn echtgenote Jenny, de exploitatie van de bioscoop voort.
In de loop der tijd vonden verschillende min of meer ingrijpende verbouwingen plaats. Wijzigingen van de voorgevel en de entree om de bioscoop toegankelijker te maken, maar verder ook verbouwingen naar de enige kant die nog ruimte bood, de achterzijde. Onder andere verrees de Pjotrbar, die later weer sneuvelde in verband met een uitbreiding van de woonruimte. Nog niet zo lang geleden werd een tweede bioscoopzaal gerealiseerd op de plaats van het boven de bioscoop gelegen woonhuis.

De Pjotrbar achter de Corso bioscoop.
De Pjotrbar achter de Corso bioscoop. Dorpsstraat 70 in Castricum. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Na het bioscoopbedrijf 32 jaar te hebben gerund namen


Jaarboek 34, pagina 71

Piet en echtgenote Jenny op 1 november 2004 afscheid, waarna de exploitatie in andere handen kwam. Piet Bettink overleed in februari 2007 op 67-jarige leeftijd, wat het afscheid betekende van een bekende Castricummer.

Corso bioscoop.
Corso bioscoop. Dorpsstraat 70 in Castricum, 2004. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

We hebben deze bespreking van de geschiedenis van het Corso-theater beperkt gehouden, want het theater bestaat volgend jaar 75 jaar en daaraan wordt in het volgende jaarboek uitvoerig aandacht geschonken.

Doorkijk Dorpsstraat ca. 1939. Vanaf links gezien eerst de vier in 1938 gebouwde aaneen liggende winkelpanden. Vervolgens het in 1937 geopende Corso-theater en daarna het dicht aan de weg gelegen kleine voormalige pand  van de familie Kehl met de naar voren aangebouwde bloemenwinkel, toen geëxploiteerd door Jacobus Cools.
Doorkijk Dorpsstraat circa 1939. Vanaf links gezien eerst de vier in 1938 gebouwde aaneen liggende winkelpanden. Vervolgens het in 1937 geopende Corso-theater en daarna het dicht aan de weg gelegen kleine voormalige pand  van de familie Kehl met de naar voren aangebouwde bloemenwinkel, toen geëxploiteerd door Jacobus Cools.

Dorpsstraat 72 (party- en danscentrum Luut Griffioen)

Op een foto uit 1910 zien we na Kerkzicht eerst een open ruimte en komen daarna een aan de weg gelegen en in verhouding klein pand tegen. Dit huisje bestond al in 1894 en was toen eigendom van Otto Kehl. Hij kwam in onze artikelenreeks al eerder ter sprake als bakker, elders gevestigd in de Dorpsstraat. Hij begon op 65-jarige leeftijd een tweede leven als bloemkweker, waartoe hij het genoemde pand met de bijbehorende grond in gebruik nam.

Deze foto uit ca. 1939 toont op de achtergrond tussen de Corso-bioscoop en de bloemenwinkel de door Jan Kehl gestichte bollenschuur. Op de voorgrond de toenmalige vijver met fontein naast het voormalige gemeentehuis, deel uitmakend van een uit 1937 daterend parkje met de Juliana en Bernhard bank.
Deze foto uit circa 1939 toont op de achtergrond tussen de Corso-bioscoop en de bloemenwinkel de door Jan Kehl gestichte bollenschuur. Op de voorgrond de toenmalige vijver met fontein naast het voormalige gemeentehuis, deel uitmakend van een uit 1937 daterend parkje met de Juliana en Bernhard bank.

Zijn bakkersbedrijf had hij in 1893 overgedragen aan zijn 36-jarige zoon Nicolaas Kehl, die in de voetsporen trad van zijn vader, want ook hij hield het bakkersbedrijf voor gezien om het in 1902 te verkopen aan Hendrik Hemmer en de bloemkwekerij van zijn vader over te nemen. Nicolaas Kehl overleed in 1918 en de bloemkwekerij werd voortgezet door de derde generatie Kehl, de toen 30-jarige Johannes (Jan) Kehl. Deze trok de aandacht in 1922 met wat de eerste Castricumse bloemenzaak werd genoemd, door het bouwen van een winkel aan de voorzijde van het pand. Op het achterterrein bouwde hij twee kweekserres en een bollenschuur met, zoals we in het vervolg zullen zien, een eigen geschiedenis.

Er zullen zeker nog oudere Castricummers zijn die herinneringen hebben aan Jan Kehl met zijn vrouw Maria Oostermeijer als uitbater van café De Harmonie in de Burgemeester Mooijstraat. Zijn opvallende overstap naar een geheel andere branche was volgens zijn dochter het gevolg van onenigheid van haar vader met enkele familieleden die bij de bloemenkwekerij waren betrokken.

Inderdaad verdween in 1930 de naam Jan Kehl als bewoner van de Dorpsstraat 72 en werd sindsdien als zodanig genoemd Franciscus Gregorius (Frans) Kehl, een oom van Jan Kehl. In hoeverre deze het bedrijf heeft voortgezet is niet duidelijk. Het zal echter niet lang zijn geweest, want hij overleed in 1934, in welk jaar de bloemenzaak werd overgenomen door de 26-jarige


Jaarboek 34, pagina 72

in Tilburg geboren en vanuit Bloemendaal naar Castricum gekomen Jacob Cools. Uit zijn huwelijk met Anna Bloedjes werden in Castricum drie kinderen geboren. Cools zal zijn behuizing in het winkelpand niet als ruim hebben ervaren, want toen de vier reeds besproken winkelpanden eind 1939 werden opgeleverd, verhuisde hij dadelijk naar Dorpsstraat 68, een van deze panden.

Achter deze (onbekende) jongens het distributiekantoor.
Achter deze (onbekende) jongens het distributiekantoor, voorheen was het de bloemenwinkel van J. Kehl. Dorpsstraat 70 in Castricum, 1943. Collectie Oud-Castricum. Toegvoegd.

Zijn achtergelaten pand kreeg in de oorlog de bestemming van distributiekantoor, wat duurde tot 1944. In dat jaar werd het ‘s nachts door een brand verwoest. Deze gebeurtenis trok uiteraard sterk de aandacht en over de oorzaak deden verschillende theorieën de ronde. In een artikel met een overzicht van het 50-jarig bestaan van de Castricumse brandweer werd geschreven:
“In juli 1944 is het distributiekantoor op de plaats waar nu het Corso-theater staat in brand geraakt. Met het blussen werd geen haast gemaakt. Als het sabotage was, loopt er nu nog iemand in Castricum rond die onze welgemeende hulde verdient.“

Propagandaposters aan het distributiekantoor.
Propagandaposters aan het distributiekantoor naast de bioscoop. De persoon is Jan Res, die als aannemer het pand Corso theater heeft gebouwd. Dorpsstraat 70 in Castricum, 1943. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

Tiny van Vlaanderen-Boot schreef in het 30e Jaarboek van Oud-Castricum over haar oorlogservaringen als medewerkster van de distributiedienst en zij noemt de brand een camouflage voor het verdwijnen van distributiebonnen, dus inderdaad sabotage. Piet van der Goes, een gemeenteambtenaar die in het verzet zat en voor wie zij werkzaamheden verrichtte, zou haar vertrouwelijk hebben ingelicht bij de brand betrokken te zijn geweest. De bezetter was er natuurlijk ook op uit om de dader(s) te vinden. Zo werd de bewoner van het naastgelegen huis, Dorpsstraat 74, Bernard Louman, gearresteerd en van de brandstichting beschuldigd, maar dat kon niet worden waargemaakt. De distributiedienst werd vervolgens ondergebracht in het gemeentehuis.

Na het afbranden van het distributiekantoor in 1944 kwam het terrein tussen Corso en Louman braak te liggen. Tijdelijk hebben hier gebouwtjes gestaan, zoals deze foto uit circa 1955 laat zien. De gebouwtjes waren als kleuterschool en voor de scouting in gebruik.
Na het afbranden van het distributiekantoor in 1944 kwam het terrein tussen Corso en Louman braak te liggen. Tijdelijk hebben hier gebouwtjes gestaan, zoals deze foto uit circa 1955 laat zien. De gebouwtjes waren als kleuterschool en voor de scouting in gebruik.

Op het achtererf stond aan de westzijde een bollenschuur en aan de oostzijde bevonden zich twee noodgebouwtjes: in het voorste was de scouting gevestigd en in het achterste een kleuterschool.

Bij de brand bleef de bollenschuur gespaard. Wat de geschiedenis van deze schuur betreft het volgende. Toen Jan Kehl in 1930 zijn kweekbedrijf opgaf om café-exploitant te worden, verloor dit pakhuis zijn functie als bollenschuur en werd het door de achtergebleven Frans Kehl verhuurd aan Hette Woudstra, die er de drukkerij van de Castricummer Krant in vestigde. Het kende daarna nog verschillende bestemmingen, waarvan we noemen het loodgietersbedrijf van de firma Kriek, als zondagschool van de Nederlands hervormde kerk en als kleuterschool.

Impressie van het garagebedrijf Lute, zoals dat in 1959 werd gerealiseerd.
Impressie van het garagebedrijf Lute, zoals dat in 1959 werd gerealiseerd.

In 1957 werd de schuur afgebroken en kwam naast het Corso-theater nu ruimte vrij om plaats te maken voor een nieuwe activiteit: een garagebedrijf.

De bouwaanvraag dateert van 6 januari 1959 en werd gedaan door Bal Lute, die tot dan een garagebedrijf exploiteerde op Dorpsstraat 22, wel het oudste autobedrijf in Castricum genoemd, waarvan de geschiedenis is beschreven

Doorkijk Dorpsstraat ca. 1984 met naast het Corso-theater het verbouwde pand Dorpsstraat 72, waarin voorheen garagebedrijf Lute was gevestigd.
Doorkijk Dorpsstraat circa 1984 met naast het Corso-theater het verbouwde pand Dorpsstraat 72, waarin voorheen garagebedrijf Lute was gevestigd.

Jaarboek 34, pagina 73

in het 26e Jaarboek van Oud-Castricum. De aanvraag behelsde een garagebedrijf met service-station, alsmede twee bovenwoningen. Het te bebouwen oppervlak bedroeg niet minder dan 1000 vierkante meter en de bouwsom was 100.000 gulden (zie voor een plattegrond de kadasterkaart van circa 1970). De bouwvergunning werd op 13 februari 1959 verleend.

Het garagebedrijf van Bal Lute kreeg vooral bekendheid door zijn specialisatie in het automerk Opel.
Bal kwam te overlijden in 1976 en niet lang daarna verdween het autobedrijf uit de Dorpsstraat, om te verhuizen naar de Stetweg.

Kadasterkaart 1970.
Kadasterkaart 1970.

Verbiest, die reeds een dansschool exploiteerde in Alkmaar, diende in 1982 een aanvraag in voor het verbouwen van het pand van Lute tot een dansinstituut, annex een winkel aan de straatzijde. Dit was een opmerkelijk plan, waarbij het naar voren uitgebouwde kantoor en het entree-gedeelte van de garage zouden worden verbouwd tot de winkel en de achter gelegen ruime garage tot dansschool.

De ingang van dansschool Peter Verbiest.
De ingang van dansschool Peter Verbiest. Dorpsstraat 72, 1990. Foto Ad van de Velde. Toegevoegd.

De winkel zou geen onderdeel vormen van de dansschool, maar afzonderlijk worden verhuurd. Hierover was de gemeente aanvankelijk niet enthousiast. Een verdere uitbreiding van het winkelarsenaal werd ongewenst geacht, want er zou sprake zijn van overbewinkeling in de dorpskom. Niettemin werd, na wat geharrewar en na advies van enige instanties, de (ver)bouwvergunning verleend.

Interieur van dansschool Peter Verbiest.
Interieur van dansschool Peter Verbiest. Dorpsstraat 72, 1990. Foto Ad van de Velde. Toegevoegd.

De winkel kreeg de meeste bekendheid als verkooppunt van Noordhollands Landschap, hoewel er ook andere zaken gevestigd zijn geweest, waaronder een schoenhandel en een kantoor van weekblad ‘De Castricummer’.

Party- en dansschool Centrum Castricum.
Party- en dansschool Centrum Castricum van Luut Griffioen. Dorpsstraat 72 in Castricum, 2000. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

In 1987 werd dansschool Verbiest overgenomen door Luut Griffioen. Volgens Griffioen in een later krantenartikel:
“Dat was een spannende tijd. De familie Verbiest had een bloeiend bedrijf opgebouwd en ik kreeg de kans dit voort te zetten. Het was een goede periode voor de danswereld. Bijna ieder kind ging in die jaren op dansles en we hebben heel wat jonge talenten mogen opleiden.”

In 2007 vierde Luut Griffioen het 20-jarig jubileum van zijn party- en danscentrum en nu, als we dit schrijven (in 2011), bestaat het nog steeds.

Dorpsstraat 74

Het pand waarin dansschool Griffioen is gehuisvest, beslaat het laatste deel van het gebied van het oorspronkelijke Kerkzicht. Van oudsher bleef er een smalle onbebouwde strook grond, gelegen tussen het hiervoor besproken pand en villa Zorgvlied (Dorpsstraat 76). Deze strook grond is oorspronkelijk een tuin en later in gebruik voor de bloementeelt.

Het in 1937 gebouwde winkelpand van Bernhard Louman, Dorpsstraat 74. De foto zou zijn gemaakt ter gelegenheid van de bruiloft van dochter Hendrika in 1964, vandaar het grote gezelschap voor de winkel en de speciale auto.
Het in 1937 gebouwde winkelpand van Bernhard Louman, Dorpsstraat 74. De foto zou zijn gemaakt ter gelegenheid van de bruiloft van dochter Hendrika in 1964, vandaar het grote gezelschap voor de winkel en de speciale auto.

Omstreeks 1937 dreef de in 1901 in Amsterdam geboren Bernard Louman in zijn geboorteplaats een handel in ijzerwaren en kachels. Volgens een in Castricum nog woonachtige dochter liepen de zaken van haar vader daar niet zo goed en ging hij op zoek naar een geschikte plek voor de vestiging van een nieuw bedrijf. Die vond hij inderdaad in het voornoemde stuk onbebouwde grond, dat hij aankocht.

Bernhard Louman in zijn overvolle winkel.
Bernhard Louman in zijn overvolle winkel.

Hij was kennelijk nog bemiddeld genoeg om er een winkel annex woning op te laten bouwen, die hij op 8 januari 1938 in bedrijf nam. Aanvankelijk handelde Louman nog in ijzerwaren, maar al snel nam het assortiment toe met potten, pannen, tuingereedschap enzovoorts. Het werd een klein warenhuis of zoals een tijdgenoot het schetste: “een winkel vol geladen, je kon niet bedenken wat, teveel om op te noemen.”


Jaarboek 34, pagina 74

Bernard Louman was getrouwd met Maria Geertruida Beerepoot, het gezin telde vijf kinderen. Louman hield het met zijn zaak aan de Dorpsstraat ruim 25 jaar vol om begin 1964 te verhuizen naar de Pernéstraat, waar hij in februari 1966, op 64-jarige leeftijd overleed.

In datzelfde jaar werd Dorpsstraat 74 door de 25-jarige Bernard van Amsterdam betrokken, die er een wijnhandel begon als filiaalhouder van de firma Hooy. Hij huurde het pand van de familie Louman en vertrok al weer van de Dorpsstraat in 1970, omdat hij in Zaandam zelfstandig een slijterij kon vestigen. De wijnhandel werd nog door Hooy met andere uitbaters voortgezet tot 1978, toen zich in het winkelpand de modezaak Ursula van Bernard en Marjan van den Berg vestigde.

Voorheen de firma Louman en later Leesberg advocatenkantoor.
Voorheen de firma Louman en later Leesberg advocatenkantoor. Dorpsstraat 74 in Castricum, 2000. Collectie Makelaarsbriefje. Toegevoegd.

In 1988 kreeg het pand weer een geheel andere bestemming, want Advocatenkantoor Leesberg had er zijn oog op laten vallen. Het geschikt maken van een winkelpand als kantoor, met uiteraard de in de branche gebruikelijke uitstraling, betekende voor het eerst een vrij drastische verbouwing, waarbij ook de voorgevel onder handen werd genomen, maar toch bleef het oorspronkelijke pand duidelijk herkenbaar.

Deze foto toont links het pand van Adviesbureau Molenaar, Dorpsstraat 74, waarin ondanks de opvallende schildering, nog het oorspronkelijke pand is te herkennen.
Deze foto toont links het pand van Adviesbureau Molenaar, Dorpsstraat 74, waarin ondanks de opvallende schildering, nog het oorspronkelijke pand is te herkennen.

In 2000 hield in verband met een reorganisatie het kantoor van de Leesberg-advocaten in Castricum op te bestaan. Dorpsstraat 74 bleef een kantoorpand, waarin adviesbureau Molenaar was gevestigd.

Kadasterkaarten 1822 en 1930.
Kadasterkaarten 1822 en 1930.
Het in 1970 geopende kantoor van Amro Bank N.V., Dorpsstraat 76.
Het in 1970 geopende kantoor van Amro Bank N.V., Dorpsstraat 76.

Dorpsstraat 76 (van 1970 tot 2018 Amro Bank)

Keren we nogmaals terug naar de kadasterkaart van 1822, dan is de eerstvolgende bebouwing die we vanaf Kerkzicht aan de toenmalige Straatweg tegenkomen een wat naar achteren gelegen pand. In officiële akten wordt het pand omschreven als een herenhuis, genaamd Zorgvlied (sectie B, kadasternummer 379). Bij het pand behoorden twee tuinen, je kunt haast wel zeggen kleine parken, met boomgaarden en bos, één achter het pand gelegen en één aan de overzijde van de toen nog verkeersluwe weg.

De bouw van het pand, oorspronkelijk Zorgvlied geheten, vond plaats in 1794, een jaartal dat op de eerste steen zou hebben gestaan. De eerste eigenaar was Joachim Nuhout van der Veen, de Castricumse schout, die om zijn vele bezittingen reeds ter sprake kwam.

De geschiedenis van Zorgvlied (Hermana State) is al eerder uitvoerig beschreven in het 6e Jaarboek van Oud-Castricum. Er is een reeks van bemiddelde eigenaars, wat suggereert dat het pand zeer gewild was. Dat had ongetwijfeld niet alleen te maken met het comfort dat het bood, maar ook met de ligging in een toen nog landelijke omgeving, dicht bij het duingebied, dat zich veel verder dan nu in de richting van het dorp uitstrekte. Om niet in herhaling te vervallen zullen we niet alle bewoners hier weer de revue laten passeren en ons tot de meer recente geschiedenis beperken.

We beginnen deze geschiedenis met de arts Pieter Stolp, die zich in 1881 op 25-jarige leeftijd op Zorgvlied vestigde, dat toen in handen was van de op leeftijd zijnde rentenier

Een gedeelte van de Dorpsstraat gezien vanaf de toren van de Hervormde Kerk, ca. 1933. We zien van links naar rechts een aantal panden die ter sprake komen in dit artikel: Dorpsstraat 74 (winkel Louman); Dorpsstraat 76 ( het naar achter gelegen Hermana State); Dorpsstraat 78 (winkel Bos); Dorpsstraat 80 (winkel Uljee); Dorpsstraat 82 (woonhuis).
Een gedeelte van de Dorpsstraat gezien vanaf de toren van de hervormde kerk, circa 1933. We zien van links naar rechts een aantal panden die ter sprake komen in dit artikel: Dorpsstraat 74 (winkel Louman); Dorpsstraat 76 (het naar achter gelegen Hermana State); Dorpsstraat 78 (winkel Bos); Dorpsstraat 80 (winkel Uljee); Dorpsstraat 82 (woonhuis).

Jaarboek 34, pagina 75

Pieter Kreur, die er woonde met zijn echtgenote en een huishoudster en die kennelijk ruimte over had. Het kan verhuur zijn geweest, maar ook is geopperd dat Kreur een deel van zijn huis afstond in ruil voor geneeskundige hulp.

Stolp trouwde in 1883 met Johanna Planteydt, die uiteraard ook op Zorgvlied kwam wonen. In dat jaar kocht hij Zorgvlied. Pas na de dood van Pieter Kreur, op de hoge leeftijd van 95 jaar, liet Stolp Kerkzicht renoveren. Hij bleef ruim twintig jaar als arts actief in Castricum, maar meende in 1905, net 50 jaar geworden, aan het gemeentebestuur ontslag te moeten aanvragen, met het verzoek om in zijn plaats de arts Jacobus Rentmeester te benoemen. Het ontslag werd verleend en Stolp verkocht Zorgvlied aan Rentmeester, die er zijn intrek nam. De in Alkmaar geboren Rentmeester, bij zijn vestiging in Castricum vanuit Utrecht 50 jaar, voorzag niet de moeilijkheden die zouden voortvloeien uit de vrijwel gelijktijdige komst van de 31-jarige arts Yeb Schoonhoff vanuit Bolsward naar Castricum, die zijn intrek had genomen in De Rustende Jager.

Het herenhuis Hermana State werd bewoond door de arts Yeb Schoonhoff en zijn echtgenote. Het huis was geheel opgetrokken uit hout. Bij de sloop in 1964 bleek, dat de dubbele buitenwanden met turf waren opgevuld.
Het herenhuis Hermana State werd bewoond door de arts Yeb Schoonhoff en zijn echtgenote. Het huis was geheel opgetrokken uit hout. Bij de sloop in 1964 bleek, dat de dubbele buitenwanden met turf waren opgevuld.

Beide artsen waren naar Castricum gekomen in de hoop er een praktijk te kunnen opbouwen, maar wat hun acceptatie betreft tekende zich onder de Castricumse bevolking een controverse af, die het gevolg was van een verschil in godsdienst: Rentmeester was van protestantse huize en Schoonhoff was een vroom katholiek. Het conflict liep hoog op tot in de gemeenteraad en zelfs Gedeputeerde Staten werd er in betrokken, waarbij in het geding was wie zou worden benoemd tot gemeentearts.

Het is hier niet de plaats om op details van het conflict in te gaan; zie daarvoor het artikel over de Castricumse gezondheidszorg in het 17e Jaarboek van Oud-Castricum, maar de uitkomst was dat Rentmeester het in Castricum voor gezien hield en in 1906 met zijn gezin vertrok naar Almelo. In het persoonlijke vlak had hij waarschijnlijk geen slechte verstandhouding met zijn collega Schoonhoff, want hij verkocht hem Zorgvlied en de bijbehorende tuinen nog voor zijn vertrek.

Hermana State met dokter Schoonhoff staand voor het huis.
Hermana State met dokter Schoonhoff staand voor het huis. Dorpsstraat 76 in Casticum, 1925. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Het was dus Schoonhoff die in december 1906 werd benoemd tot gemeentearts. Zijn loopbaan in Castricum eindigde in 1926, in welk jaar hij zich als arts terugtrok en zich elders vestigde. Gedurende zijn Castricumse periode bleef Schoonhoff, inmiddels getrouwd met Petronella Bruinsma, Zorgvlied bewonen, dat hij omdoopte in Hermana State, een naam die terugging naar zijn Friese afkomst. Het echtpaar bleef kinderloos.

Nog in juni 1926 werd Hermana State met toebehoren in het openbaar verkocht. Het gehele bezit was hiertoe opgesplitst in vijf kavels. Als een van de kopers komt nu de uit Landsmeer afkomstige Hendrik Jan Heideman in beeld, exploitant van de bekende manufacturenzaak ‘Magazijn De Zon’, op ongeveer de plaats waar nu Huitenga is gevestigd. Heideman woonde met zijn gezin, dat acht kinderen ging tellen, aanvankelijk boven zijn winkel, maar zelfs na een grondige renovatie werd hem dat te klein en kocht hij de kavel met de villa Hermana State.

Hier hield Heideman op den duur kennelijk weer ruimte over, want hij begon met de verhuur van gedeelten van het pand. Een van de huurders in de zomermaanden was sinds 1934 de familie Grond uit Amsterdam. In het 23e Jaarboek van Oud-Castricum beschreef een lid van deze familie uitvoerig zijn jeugdervaringen tijdens deze logeerpartijen en schetste daarbij een beknopt beeld van hoe Hermana State er van binnen uitzag:
“Er waren twee grote kamers aan de linkerzijde, een voor- en een achterkamer. Wij noemden dat zaal 1 en 2. Aan de andere kant nog een grote kamer, zaal 3, en een grote keuken. Het was een enorm pand met wat oude meubels en breekbare spullen, die van mijn moeder in de kast moesten vanwege het breekgevaar.”

Hij herinnerde zich ook de komst van een meer permanente ‘gast’, burgemeester Sloet, die in de periode 1937-1941 enkele kamers in het pand ging bewonen; de grote kamers “die wij zaal 1 en 2 gedoopt hadden. Daar konden wij toen niet meer in, wel in een ander deel van het huis, een gezellige en intieme kamer”.


Jaarboek 34, pagina 76

In de oorlog was in een gedeelte van Hermana State ook enige tijd de Duitse Ortskommandantur gevestigd, maar de bezetter legde kennelijk geen ‘claim’ op het gehele pand, want in juli 1943 werd Hermana State door Heideman verkocht aan notaris Hendricus van Cranenburgh, die een deel van het huis als kantoor ging gebruiken. De notaris overleed in 1961.

Voor het huis Hermana State, eigendom van notaris Cranenburgh, poseert zijn echtgenote.
Voor het huis Hermana State, eigendom van notaris Cranenburgh, poseert zijn echtgenote. Dorpsstraat 76 in Castricum, 1948. Links achter het huisje van postbeambte van Benthem en rechts achter de winkel van Huitenga. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

Daarna bleef de familie Cranenburgh het pand nog enige jaren bewonen, maar er was een verval ingetreden, wat de aanleiding was tot de sloop van het pand. Zoals de plaatselijke krant het formuleerde:
“De familie Van Cranenburgh heeft ongeveer 23 jaar in de villa gewoond. Nadat deze was verlaten ontfermde de jeugd zich over de woning en richtte een geweldige ravage aan. De grote tuin werd herschapen in een vuilnisbelt, terwijl men geen pan meer op het dak liet zitten. Het interieur werd zwaar beschadigd en diverse malen moest de politie ingrijpen, omdat de Castricumse jeugd vuurtje stookte in de villa. Ofschoon er een stukje historie aan de Dorpsstraat verloren gaat, betekent de sloop voor de gemeente een opluchting”.

Hermana State kort voor de sloop.
Hermana State kort voor de sloop. Dorpsstraat 76 in Castricum, 1964. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

De sloop vond in 1964 plaats. Het vrijgekomen perceel kwam in handen van de Amro bank, die er een kantoor vestigde, dat in 1970 officieel werd geopend en er nu nog staat (ABN bank tot 2018).

Dorpsstraat 78

Het pand Dorpsstraat 78 werd gebouwd in 1933 op een tot dan onbebouwde strook grond, op de kadasterkaart uit 1930 aangeduid met nummer 3218. Dit was een van de vijf kavels waarin Hermana State in 1926 ten behoeve van de verkoop was opgesplitst.

Peter Bos voor zijn winkel.
Peter Bos voor zijn winkel.

Als eerste winkelier, die zich in het pand vestigde met een sigarenwinkel, komen we de bejaarde Johannes van der Ploeg tegen, geboren in 1869 in Heemskerk. In 1939 ging hij weer terug naar Heemskerk. Welke activiteiten er in de oorlog werden uitgeoefend, is niet geheel duidelijk. Kort na de oorlog, in augustus 1945, opende de toen 30-jarige Jan Bos er een zuivelhandel. In een advertentie sprak hij van een heropening van zijn winkel ’na twee en een half jaar verbanning’. Dat sloeg op zijn eerste zuivelhandel, die hij in 1938 was begonnen in Bakkum, maar die hij in 1942 op last van de bezetter moest opgeven. Hij woonde daarna enige tijd in de Schoolstraat.

In 1947 adverteerde Jan Bos in het plaatselijk nieuwsblad als melkhandel ‘sinds 1917’. Dit moet dan teruggaan tot zijn vader, die een boerderij bezat aan de Ruiterweg van waaruit reeds melk werd uitgevent in Bakkum. Gezondheidsredenen noodzaakten Jan Bos op den duur om de werkzaamheden in de winkel vrijwel geheel over te laten aan zijn echtgenote Catharina Jongkind en een knecht. Hij overleed in 1966. Zijn zoon Peter Bos nam de zaak over en zette de exploitatie met zijn echtgenote Maria (Mieke) Heerooms nog lange tijd voort. Veel Castricummers zullen zich ook nog Catharina Jongkind herinneren, die tot op hoge leeftijd bleef meehelpen in de winkel.

De zuivelwinkel van de familie Bos.
De zuivelwinkel van de familie Bos. Dorpsstraat 78 in Castricum, 1996. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

Zuivelhandel Bos was een begrip in Castricum, maar dat kon niet verhinderen dat de zaak minder ging lopen. De voornaamste reden was de concurrentie met het grootwinkelbedrijf, de supermarkten. Op 2 september 1996 werd de zaak opgeheven. Sindsdien onderging het pand een kleine metamorfose en werd het verbouwd van winkelpand tot woonhuis voor de familie Bos.

 Foto van het pand van de familie Bos, Dorpsstraat 78, na de verbouwing, waarbij de voormalige winkel werd betrokken bij het woonhuis.
Foto van het pand van de familie Bos, Dorpsstraat 78, na de verbouwing, waarbij de voormalige winkel werd betrokken bij het woonhuis.

Dorpsstraat 80 (notariskantoor Van Duin)

De bakkerswinkel, annex woonhuis, Dorpsstraat 80, van Cor Juffermans omstreeks 1920. De bovenwoning werd enige tijd mede bewoond door Catharina Theissling - van der Park, schoonmoeder van Cor Juffermans.
De bakkerswinkel, annex woonhuis, Dorpsstraat 80, van Cor Juffermans omstreeks 1920. De bovenwoning werd enige tijd mede bewoond door Catharina Theissling-van der Park, schoonmoeder van Cor Juffermans.

Als we onze weg aan de hand van de kadasterkaart uit 1822 vanaf Zorgvlied naar het oosten vervolgen, stuiten we op een vrij aanzienlijk bouwwerk (kadasternummer 381). Volgens notariële gegevens omvatte deze bebouwing een winkelhuis annex broodbakkerij. Het bouwjaar weten we niet, maar de oudst bekende bewoner die hier het bakkersberoep uitoefende was Cornelis Schermer. De in 1791 in Heemskerk geboren Cornelis, aanvankelijk boer in Velsen, kocht het geheel in 1821 voor 2.500 gulden van Thijs Dekker, een graankoopman. Cornelis


Jaarboek 34, pagina 77

Schermer was in 1814 in Heiloo in het huwelijk getreden met Anna Dekker, dochter van Thijs Dekker. Anna overleed al in 1819. Dat verhinderde niet dat Cornelis de koop sloot met zijn voormalige schoonvader, inmiddels ook grootvader van twee kleinkinderen. Als inbegrepen bij de koop werden genoemd: ’alle vaste en losse gereedschappen behorend tot de bakkerij, kasten, toonbank, planken, gewichten en maten’, waaruit we kunnen concluderen dat het pand al eerder als winkel en bakkerij in gebruik was. Cornelis Schermer trouwde voor de tweede maal in 1823 met Willemijntje Brakenhoff, uit welk huwelijk twee kinderen werden geboren. Het noodlot bleef Cornelis achtervolgen, want Willemijntje overleed in 1827. In 1831 trouwde hij voor de derde maal, met Maartje Bakker, uit welk huwelijk nog een kind werd geboren.

Cornelis Schermer zal ongetwijfeld een druk bestaan hebben gekend, maar dat weerhield hem niet om ook nog toe te treden tot het Castricums gemeentebestuur. Op zijn oude dag deelde hij zijn woning met twee dochters en twee kleinkinderen, plus twee werksters en twee broodbakkersknechten, dus allerminst een armoedig en eenzaam bestaan.

Cornelis Schermer overleed in 1877 in Castricum op 85-jarige leeftijd. Gezien zijn drie huwelijken is het niet verwonderlijk dat er vrij veel erfgenamen waren, vijf kinderen en drie kleinkinderen, waarmee de verdeling van het bezit moest worden geregeld.

In 1878 kwam de verdeling tot stand en werden boerderij annex broodbakkerij toegewezen aan Jan Kuijs. Aafje Schermer, een dochter van Cornelis Schermer en Anna Dekker, introduceerde de naam Kuijs in de familie door haar huwelijk in 1836 met Pieter Kuijs. Uit dit huwelijk werd in 1844 genoemde Jan Kuijs geboren, die dus de bakkerij, geassisteerd door zijn echtgenote Neeltje Kraakman, voortzette.

Nadat Jan Kuijs zich op hoge leeftijd terugtrok uit de bakkerij, werd deze in 1919 overgenomen door de in 1887 in Oegstgeest geboren Cornelis (Cor) Juffermans. Zijn komst naar Castricum hing waarschijnlijk samen met zijn huwelijk in 1913 met Agatha Theissling, telg uit de sinds 1856 in Castricum gevestigde textielfamilie Theissling (zie 31e Jaarboek).

Bakkerij Juffermans, Dorpsstraat 80, ca. 195o0.
Bakkerij Juffermans, Dorpsstraat 80, circa 1950.

Juffermans voerde al snel een drastische verbouwing door, waardoor het oorspronkelijke karakter van het pand verloren ging. Het pand was een soort vergrote boerderij, zoals blijkt uit een schilderij door Sijf Portegies.

Vooraanzicht van de panden van Jan Kuijs, geschilderd door Sijf Portegies, waarin gevestigd een woonhuis, een bakkerij en een winkel. De aanwezigheid van de bakkerij wordt bevestigd door een bord rechts op de voorgevel met een wit en bruin brood.
Vooraanzicht van de panden van Jan Kuijs, geschilderd door Sijf Portegies, waarin gevestigd een woonhuis, een bakkerij en een winkel. De aanwezigheid van de bakkerij wordt bevestigd door een bord rechts op de voorgevel met een wit en bruin brood.

Jaarboek 34, pagina 78

In 1934 vond Cor Juffermans de tijd rijp voor nieuwbouw. Hij liet zijn pand slopen en in april 1935 werd de eerste steen gelegd van een nieuw winkel/woonhuis.

Juffermans kreeg in 1943, evenals zijn buren, te maken met de door de bezetter verordonneerde evacuatie uit zijn pand, maar in oktober 1945 keerde hij vanuit Zaandijk terug in Castricum om zijn bakkersbestaan te hervatten.

In 1946 telde Castricum (inbegrepen Bakkum) 12 bakkers. Je vraagt je af hoe zij onder de toen circa 6.600 inwoners van de gemeente een bestaan konden vinden. Het zal geen vetpot zijn geweest, maar zij kwamen ondanks de concurrentie niettemin tot een gezamenlijke organisatie om bijvoorbeeld de bezorgwijken te verdelen en een vakantieregeling af te spreken. Cor Juffermans was enige tijd secretaris van deze organisatie.

In 1951 trok hij zich uit de bakkerij terug, die werd voortgezet door zijn oudste zoon Johannes Juffermans. In 1960 kwam na ruim 40 jaar een einde aan het bakkersbedrijf Juffermans in de Dorpsstraat. Johannes Juffermans vertrok uit Castricum, want hij zag ‘meer brood’ in een bakkerij in Amsterdam.

Het pand van bakkerij Uljee.
Het pand van bakkerij Uljee. Dorpsstraat 80 in Castricum. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

In Castricum werd zijn zaak overgenomen door de in 1932 geboren Theodorus Uljee, tot dan werkzaam in een bakkerij in Leiden en die er weet van kreeg dat er in Castricum mogelijkheden lagen om een eigen zaak te beginnen. Uljee was getrouwd met Anna Pennings, uit welk huwelijk in Castricum vier kinderen werden geboren. In 1966 voerde Uljee een verbouwing van het winkelpand door, zowel intern als extern, waardoor de voorgevel een wat ander aanzien kreeg.

Foto van notariskantoor Duin, Dorpsstraat 80.
Foto van notariskantoor Duin, Dorpsstraat 80.

Op Dorpsstraat 80 vestigde zich in 2003 notariskantoor Van Duin. Een verandering in bestemming, van winkel tot kantoor, geeft altijd aanleiding tot verbouwing. Dat was ook nu het geval, maar niettemin is in het huidige pand nog veel van de oude bestemming te herkennen.

Dorpsstraat 82 (woonhuis)

Dorpsstraat 82, 84, 86, 88.
Rechts een blok van drie woonhuizen en nog gedeeltelijk zichtbaar damesmode Stevens. Dorpsstraat 82, 84, 86, 88 in Castricum, 1968. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

De villa Dorpsstraat 82, in 1972 betrokken door makelaar Nicolaas van Amsterdam en zijn gezin, werd gebouwd in 1936. Volgens de overlevering zou dit woonhuis een voorloper hebben gekend, waarover een kleindochter van de hiervoor besproken bakker Jan Kuijs bijzonderheden verschafte. Jan Kuijs liet dit pand bouwen toen hij zich op latere leeftijd uit de bakkerij terugtrok en deze werd na een ingrijpende verbouwing in gebruik genomen door Cor Juffermans. Het bouwjaar van de woning zal rond 1915 hebben gelegen. Het pand heeft niet lang bestaan, want het werd afgebroken, omdat het te dicht aan de weg lag. Deze situatie toont de kadasterkaart uit 1930, waar de ligging van het pand op het perceel met kadasternummer 2610 is aangegeven.

Jan Kuijs bewoonde het pand met twee ongehuwde dochters, Anna (geboren 1880) en Maria (geboren 1887). Hij overleed in 1932 en heeft dus de bouw in 1936 van een nieuw, meer naar achteren gelegen woonhuis (zie kadasterkaart ca. 1970) niet meer meegemaakt, maar feit is dat als eigenaars en ook als eerste bewoners worden genoemd Anna en Maria Kuijs. Anna Kuijs overleed in 1954 en Maria Kuijs was nu nog de enige eigenaresse en bewoonster van het pand. Zij overleed in maart 1972. Wat de verkoop van het pand in dat jaar betreft, waren er vele erfgenamen in het spel, die Cornelis Admiraal machtigden om de verkoop aan Van Amsterdam tot stand te brengen.

Dorpsstraat 84, 86 en 86a (woningen)

Op een nog open stuk van de Dorpsstraat, in gebruik voor de land- en tuinbouw, werden in 1936 drie aaneengeschakelde woningen gebouwd. De eerste eigenaar was ene J. Vermande uit Baarn, die er niet zelf gewoond heeft, maar de woningen aanvankelijk verhuurde en later doorverkocht. Uit bewonerslijsten komt een reeks van bewoners naar voren, maar we hebben geen historisch belangwekkende feiten kunnen ontdekken en een opsomming heeft in het kader van dit artikel dus weinig zin.

Dorpsstraat 88 (Stevens Mode)

De damesmodezaak van Stevens, Dorpsstraat 88, in 1968.
De damesmodezaak van Stevens, Dorpsstraat 88, in 1968.

Op de hoek van de Dorpsstraat en Korte Cieweg, waar een lange tijd modezaak Stevens was gevestigd, stond volgens de kadasterkaart uit 1822 al een bescheiden huis (kadasternummer 383). De toenmalige eigenaar was kleermaker Willem Dop. Het pand bestond al in 1812 toen Willem Dop genoemd werd in een lijst van Castricummers betreffende de dorpsomslag, een belasting. Hij betaalde relatief weinig, waaruit we kunnen opmaken dat het een eenvoudig pand betrof, niet van het kaliber Kerkzicht of Zorgvlied.

Hoewel zijn naam Nederlands klinkt, was Willem Dop uit Duitsland afkomstig Hij werd geboren in het Duitse plaatsje Werpeloh in het koninkrijk Hanover. Hij overleed in 1846, 70 jaar oud. Zijn nalatenschap ging naar de in Duitsland wonende nazaten van zijn
(lees verder op pagina 80)


Jaarboek 34, pagina 79

Gerrit Res, voor zijn bakkerij, in 1900.
Gerrit Res, voor zijn bakkerij in 1900.
Het nieuwe onderkomen van bakkerij, woonhuis en winkel van Gerrit Res in 1928. In beschrijvingen wordt gesproken van een kapitaal herenhuis genoemd met een monumentale entree. Res had in elk geval het nodige personeel in dienst, want voor de bakkerij met paard en wagen de broodbezorgers Siem Wokke en Doris Kaandorp.
Het nieuwe onderkomen van bakkerij, woonhuis en winkel van Gerrit Res in 1928. In beschrijvingen wordt gesproken van een kapitaal herenhuis genoemd met een monumentale entree. Res had in elk geval het nodige personeel in dienst, want voor de bakkerij met paard en wagen de broodbezorgers Siem Wokke en Doris Kaandorp.

Jaarboek 34, pagina 80

beide broers. Zij verkochten het huis in 1847 aan de Castricumse Johanna de Jong, weduwe van Johannes Schlatter. Of zij er zelf heeft gewoond, is niet duidelijk, maar enkele jaren later was het pand in handen van familielid Dorothea Schlatter, gehuwd met de in 1813 in Den Haag geboren Jacobus Wedepoel, ook kleermaker. De familie Wedepoel-Schlatter woonde er geruime tijd en in de periode 1848- 1855 werden er hun vier kinderen geboren. In 1854 vestigde zich op dit adres vanuit Alkmaar nog de 17-jarige schoenmaker Joseph Bruijn.

In 1860 kocht de Castricumse aannemer Johannes Res een stukje grond van Dorothea Schlatter met de bedoeling er een huis op te bouwen. Na het overlijden van Johannes Res in 1881 erfde zijn weduwe Maartje Brakenhoff een pand dat in de plaats is gekomen van het huis waarin de kleermakerij van Wedepoel was gevestigd.
We nemen aan dat dit het huis is dat voorkomt op een foto uit 1900, waarin toen de bakkerij was gevestigd van Gerardus (Gerrit) Res, een zoon van Johannes Res en Maartje Brakenhoff.

In 1925 vond Gerrit Res, inmiddels de vijftig gepasseerd, dat het tijd was om zijn bakkerij nieuw leven in te blazen. Hij liet zijn bestaande pand slopen en opende in 1926 een nieuw onderkomen voor zijn bakkerij, winkel en woonhuis, een karakteristiek pand, dat in sommige beschrijvingen een kapitaal herenhuis wordt genoemd met een monumentale entree.

De nieuwe bakkerij van Gerrit Res.
De nieuwe bakkerij van Gerrit Res. Voor dit herenhuis met monumentale entree staan van links naar rechts de broodbezorgers Siem Wokke, Doris Kaandorp, Co met vader Co Res, knecht van Gerrit. Rechts naast Co staat met fiets de vader van Ab Rommel. Dorpsstraat 88 in Castricum, 1928. Collectie Stuifbergen. Toegevoegd.

Gerrit Res overleed in 1947. Zijn weduwe, Maria de Waard, bleef voorlopig nog op het adres Dorpsstraat 88 wonen. De bakkerij werd voorgezet door haar ongehuwde zoon, de 45-jarige Piet Res en ongehuwde dochter, de 41-jarige War Res.
Maria de Waard kwam in 1959 te overlijden en een jaar later overleed Piet Res.

Dit betekende het einde van het bakkersbedrijf. Het pand kreeg een nieuwe bestemming. Op de andere hoek van Dorpsstraat en Korte Cieweg was sinds 1958 de herenmodezaak van Jo Stevens gevestigd (Dorpsstraat 90). Om in te spelen op de vraag naar damesmode kocht Stevens het pand van Res en begon er een damesmodezaak. Uiteraard waren wel enkele verbouwingen noodzakelijk, maar die betroffen voornamelijk de winkel. Het uiterlijk van het pand aan de straatkant bleef vrijwel ongewijzigd.

Stevens damesmode.
Stevens damesmode. Dorpsstraat 88 in Castricum, 1975. Foto Henk Honing. Toegevoegd.

Een van de uitbreidingen betrof de stichting van een soort filiaal met mode voor jongeren, toepasselijk genaamd De Schuur, omdat het gevestigd was in een naar achter gelegen voormalige schuur en paardenstal van Res. Dit filiaal had een aparte ingang aan de Korte Cieweg en werd gerund door dochter Geke Stevens, die van jongs af aan betrokken was bij de zaak van haar vader en moeder.

Stevens herenmode.
Stevens herenmode. Dorpsstraat 90 in Castricum, 1965. Collectie Oud-Castricum. Toegevoegd.

De panden van Stevens aan de overzijde van de Korte Cieweg, Dorpsstraat 90 en 92, kwamen in 1978, toen het echtpaar Stevens het na 20 jaar overigens voor gezien hield, in aanmerking voor sloop. Deze ging inderdaad door en leverde nieuwe winkelpanden op. Het pand Dorpsstraat 88 wist tot 1989 stand te houden, om toen ook plaats te maken voor nieuwbouw. Rond de nieuwbouw was door Stevens afgesproken dat zijn dochter Geke met echtgenoot Theo Sahuleka, Stevens Mode in het nieuwe pand zouden voortzetten. En dat is tot vandaag (2011) de dag de situatie.
Momenteel (2022): The Blue Barn.

Wim Hespe

Beeld in 2011 van damesmodezaak Stevens met appartementen, Dorpsstraat 88.
Beeld in 2011 van damesmodezaak Stevens met appartementen, Dorpsstraat 88.

Bronnen:

Archieven:

  • Gemeente Castricum: archief Bouw- en Woningtoezicht en bewonerskaarten;
  • Noord-Hollands Archief Haarlem: kadastrale gegevens betreffende Castricum;
  • Regionaal Archief Alkmaar: burgerlijke stand, bevolkingsregisters, kadastrale gegevens, notariële akten;
  • Werkgroep Oud-Castricum: fotoarchief, Nieuwsblad voor Castricum en De Castricummer, beschikbare nummers uit de periode 1925 tot heden.