Wapenborden van de ‘Heeren van Backum’

Wapenborden van de 'Heeren van Backum'
Tot de bijzondere bezittingen van Oud-Castricum behoort een serie wapenborden, die oneerbiedig ook wel de ‘zoute droppen’ genoemd werden.
Op deze borden zijn de familiewapens geschilderd van de ‘Heeren van Backum’. Behalve in de straatnamen herinnert weinig meer aan deze heren, die vanaf de middeleeuwen namens de graaf gezag uitoefenden, ambtenaren konden aanstellen en belasting konden heffen. Sinds 1848 zijn de voorrechten vervallen.

Ruim 200 jaar (vanaf 1431) viel de heerlijkheid Bakkum, zoals bekend het gebied ten noorden van de Zeeweg, onder leden van de machtige familie Van Egmond. In 1613 werd de heerlijkheid verkocht aan Johan van Oldenbarneveld en na diens onthoofding kwam het gebied achtereenvolgens in handen van de geslachten Van der Mijle, Perné en Geelvinck. Zowel Castricum als Bakkum kwamen onder Geelvinck in 1749 onder dezelfde heer. De titel Heer van Bakkum is tegenwoordig  in het bezit van de familie Braakenburg van Backum. Sprake is inmiddels van de 24e of misschien al 25e Heer van Bakkum. In het 3e jaarboek schreef Simon Zuurbier erover.

Aan de wapenborden is een kleine geschiedenis verbonden. Lambertus Braakenburg van Backum, de 23e heer, heeft wat familiegegevens te boek gesteld. Hij vermeldt daarin dat in de St Bavokerk in Haarlem de wapenschilden hangen van de zeven geslachten, waarin Heren en Vrouwen van Backum  voor kwamen. Vermoedelijk heeft deze kerk de borden weer terug gegeven aan de familie Braakenburg. In ieder geval werden ze vervolgens aan de Hervormde kerk aangeboden om daar op te hangen. De oude borden bleken in zo slechte staat te zijn, dat  Lambertus aan het kerkbestuur schreef dat hij zeven nieuwe eikenhouten ruitvormige borden had laten maken, lengtedoorsnede 65 cm en breedtedoorsnede 42 cm.

Misschien was het een communicatiestoornis, maar het plaatselijk kerkbestuur wilde ze toch niet hebben. De borden werden vervolgens aan de gemeente aangeboden. De gemeenteraad besloot op 17 oktober 1901 op dat aanbod in te gaan. Er zijn foto’s van de raadzaal waaruit blijkt dat ze er echt hebben gehangen. Na een herinrichting van de raadzaal  kwamen ze op de zolder van het gemeentehuis terecht, waarna Oud-Castricum zich erover ontfermde.

Veel krediet hebben de ‘Heren’ kennelijk niet opgebouwd. In de jaren vijftig verzocht de toenmalige Heer van Bakkum om de straatnaamborden in de Brakenburgstraat te wijzigen. De naam  moet met dubbel a geschreven worden. Het gemeentebestuur antwoordde hem dat uitsluitend te willen doen op zijn eigen kosten. Dat antwoord is waarschijnlijk verkeerd gevallen. We blijven de naam dus gewoon fout schrijven.

Niek Kaan

Print Friendly, PDF & Email