Waarom de Duinkant niet terugkwam

Door: Eric Bor

Natuurlijk, de Duitsers lieten het dorpje de Duinkant, de nieuwe villa’s op de Boreellaan achter het station en de huizen aan één kant van de Beverwijkerstraatweg, de Mient en de Vinkebaan slopen om een vrij schootsveld te krijgen. Castricum werd onderdeel van de Atlantikwall, jawohl, daar hielp geen moedertje lief aan. Maar waarom werden die huizen na de oorlog niet teruggeplaatst? Neem nou die gloednieuwe villa’s achter het station, twintig jaar terug de trots van burgemeester Lommen…Vorige week, toen ik in de geschiedenis van De Harmonie dook, stuitte ik op het antwoord. Daar stond het, in de krant van 12 mei 1948: het verslag van de vergadering van gedupeerden en geïnteresseerde bouwers in De Harmonie.

Nadat wethouder De Vries, die tevens voorzitter was van de Stichting Oorlogsslachtoffers afdeling Castricum, de aanwezigen verwelkomd had, kwam burgemeester Smeets aan het woord. Hij wees erop, dat de gemeente voor 1948 materiaal kreeg voor het bouwen van verschillende huizen. Gedupeerden hadden voorrang gekregen tot herbouw, en B&W wilden als verantwoordelijken voor de huisvesting van de burgers, optimaal gebruik maken van de door het Rijk geboden mogelijkheid. Van de gedupeerden hadden zich echter maar 10 personen aangemeld. Tot 1 juni kregen de gedupeerden nog de gelegenheid zich hiervoor aan te melden, daarna zouden ook niet-gedupeerden gelegenheid krijgen om te bouwen.

De heer Brouwer, de secretaris van de Vereniging van Gedupeerden afdeling Castricum, wist de oorzaken wel van de geringe animo: de gedupeerden kregen een renteloos bouwkrediet, gedekt door een hypotheekakte en moesten maar vertrouwen op de belofte dat de regering die tien jaar later zou kwijtschelden. Bovendien stonden ze voor hoge kosten van interieurinrichting en het belangrijkste was: ze mochten niet bouwen op de plaats waar ze gewoond hadden. De gedupeerden hadden hun bezwaren al lang in een door velen getekende petitie aan B&W laten weten.

De burgemeester antwoordde dat zowel de provincie als de gemeente van mening waren, dat de duinzijde van de Beverwijkerstraatweg, de Mient en de Vinkebaan alsmede het gebied achter het station onbebouwd moesten blijven, om het gezicht op het mooie landschap te behouden. De verslaggever van het Nieuwsblad voor Castricum e.o. die dit verslag maakte, gaf zijn ongezouten mening: hij vond het “schreeuwend onbillijk”, dat wat de wederopbouwautoriteiten wilden voor de Castricumse burgers wet moest zijn.

Bronnen

Tekst:
  • Nieuwsblad voor Castricum e.o. van 12 mei 1948

  • Foto’s:
  • Beeldbank Oud-Castricum

  • Noot van de redactie
    In het 33e jaarboek 2010 is de geschiedenis van De Duinkant uitgebreid weergegeven. Het is te vinden in de inhoudsopgave van de jaarboeken onder ‘Duinkant, een verdwenen dorpje‘. De wederopbouw in het algemeen is in de artikelen Castricum in opbouw en Castricum in de groei in het 30e jaarboek (2007) beschreven.

    N.B. Meer columns van Eric Bor lezen?
    U vindt al zijn columns hier.

    Print Friendly, PDF & Email
    0 Reacties
    Inline feedbacks
    Bekijk alle reacties