Noodlandingen in Castricum

door Eric Bor

Het archief is vaak een eigenaardige grabbelton. We hebben maar liefst 4 foto’s van een noodlanding van een vliegtuigje op het strand in 1925. Van de noodlandingen die er waren in 1926, 1933, 1959 en 1971 hebben we geen enkele foto. (Wel vond ik op internet nog een van de vliegtuigen.)

Op 15 juni 1925 was Ir. Grace, chef van de wetenschappelijke afdeling van Fokker, ’s ochtends vroeg bezig met een splinternieuwe Fokker DXIII een snelheidsrecord te vestigen, toen de machine in de tiende ronde met een snelheid van 274 km/u een defect aan de olieleiding kreeg. Om 8 uur moest hij daarom een noodlanding maken op het strand bij paal 44 (noordelijk van de strandopgang). Het toestel raakte flink beschadigd, maar Grace overleefde het incident. Al snel schoot hem een aantal schelpenvissers te hulp en in de loop van de dag kwamen steeds meer belangstellenden het gehavende toestel bekijken. Het plan was het toestel in z’n geheel te bergen, maar ’s avonds maakte de opkomende vloed er korte metten mee.

Op 24 maart 1926 was het eveneens de olietoevoer die korporaal-vliegenier De Bruin, die juist de week ervoor zijn vliegbrevet had gehaald, dwong een noodlanding te maken met zijn marinevliegtuig Fokker S.IV bij de Rijksstraatweg. Hij landde op een weiland maar strandde in een sloot, waarbij het landingsgestel defect raakte. De Bruin en zijn passagier bleven ongedeerd.

Sportvlieger Van Nierop uit Hillegersberg kwam op 5 juni 1933 eveneens met het eenmotorig vliegtuig van bankdirecteur Mees uit Rotterdam, de Koolhoven FK.44 PH-AJM ‘Koolmees’, in een sloot terecht, nadat hij de machine, geremd door het hoge hooigras op een weiland in de Castricummer polder, niet meer over de sloot kon trekken. Zijn toestel werd zwaar beschadigd, maar hij klom er met zijn zoon ongedeerd uit. Nadat de politie was gewaarschuwd, die het toestel veilig stelde, zijn vader en zoon met een voorbijkomende automobilist uit Rotterdam naar hun woonplaats teruggekeerd.

De Koolhoven FK.44 PH-AJM ‘Koolmees’

Een vliegertouw deed een Pipercub die op 16 augustus 1959 met een reclamestrook achter zich over het duin vloog de das om: het touw zorgde ervoor dat de kabel brak die het spandoek trok. De piloot maakte daarop een geslaagde noodlanding in het duingebied tussen Castricum en Heemskerk. Met toestemming van de Rijksluchtvaartinspectie is het toestel later weer opgestegen. Duizenden badgasten, die meenden, dat het toestel een ongeluk had gekregen, renden van het strand af de duinen in, om te zien waar het toestel neerkwam en om zo nodig hulp te bieden. Tijdens deze stormloop op en over de duinen werd grote schade aangericht aan de helmaanplant. Op 10 augustus 1971 maakte de Engelse piloot B.J. Kichts uit Gordenstone met succes een noodlanding op het vliegveld van de Zaanse Zweefvliegclub. Het Comodore 180 sportvliegtuigje was op van Norwich weg naar Schiphol, maar kreeg een defect aan de radio, waardoor er geen contact meer mogelijk was. Na reparatie van de radio kon de heer Kichts in gezelschap van drie passagiers weer opstijgen. Dit echter niet voordat Castricums burgervader daarvoor ingevolge de luchtvaartwet toestemming had gegeven.

N.B. Meer columns van Eric Bor lezen?
U vindt al zijn columns hier.

Print Friendly, PDF & Email
0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties