Hondenkarren in Castricum

Door: Eric Bor

Strandtafereel met hondenkar, schilderij van Jozef Moerenhout (1801-1875)

We weten dat in ieder geval vanaf 1675 de hondenkar in Nederland in gebruik is. In dat jaar vaardigde het Amsterdamse stadsbestuur namelijk een verbod uit om de hondenkar te gebruiken. Het lijkt erop dat dat verbod niet werd gehandhaafd en in ieder geval niet werd nageleefd, want in later jaren werd het verbod een aantal keren opnieuw uitgevaardigd. Een soortgelijk verbod in Rotterdam werd evenmin nageleefd. Dat is wel logisch als je bedenkt dat lang niet iedereen zich een paard kon veroorloven en dat bepaalde hondenrassen eveneens in staat bleken een kar (en soms ook ploeg of trekschuit) te trekken. Een hond was goedkoop en stelde weinig eisen aan voeding, onderkomen of verzorging

Meisje met hondenkar, schilderij van Henriëtte Ronner-Knip ca. 1860

Het was meestal niet gezond voor de betreffende honden, die alleen of met z’n tweeën (soms zelfs met meer) met een tuig onder of voor de tweewielige wagen werden gespannen en soms heel zware lasten te trekken kregen. Wie denkt dat de toenmalige Nederlanders protesteerden tegen de behandeling van de dieren, vergist zich.

Een aantal Castricummers richtte op 28 juni 1877 een verzoekschrift aan de burgemeester:

“De ondergeteekenden, allen ingezeten van de gemeente Castricum, woonende aan de Rijksstraatweg in den kom der gemeente als mede aan den Straatweg langs duinzijde en Bakkum nemen de vrijheid zich langs deze tot U Edel-Achtbare te wenden ten einde eene klagt in te dienen tegen het zoo algemeen in zwang zijn van hondenwagens en wel hoofdzakelijk tegen die hondenwagens van Egmond aan Zee, terwijl de daarbij zijnde personen door het slaan der honden en door het nachtelijk rumoer dat zij maken, de nachtrust der aan den straatweg woonende burgers op eene verre gaande wijze wordt verstoord. Dat verder bij den dag met het tegenkomen of passeeren zoowel van voetgangers als van rijtuigen, de bestuurders dier honden karren niet dan door dwang zullen wijken of uithalen. Ter vermijding van ongelukken verzoek om hondenwagens in deze gemeente Castricum te verbieden.”

In Denemarken waren hondenkarren verboden, Parijs verbood ze in 1824 en Engeland in 1855. In Nederland kwam er pas in 1910 enigszins regulerende wetgeving: houders van trekhonden moesten boven de veertien zijn en geregistreerd staan en de kar moest zijn uitgerust met een drinkbak en een ligplank. Trekhonden moesten ouder dan een jaar zijn, een schofthoogte van minimaal zestig cm hebben en een muilkorf dragen. Er mochten maximaal drie honden voor de kar. Ook waren er voorschriften met betrekking tot het maken en de afmetingen van ‘hondentuig’. Pas de Wet op de Dierenbescherming uit 1962 verbood de hondenkarren definitief.

Bronnen

Tekst:
  • Werkgroep Oud-Castricum,
  • waaronder: Castricum 100 jaar geleden in Jaarboek Oud-Castricum nr. 1, 1978,
  • Willemen, Bert. Geschiedenis van de hondenkar.

  • Foto’s:
  • Beeldbank Oud-Castricum,
  • Beeldbank Stichting Historisch Egmond,
  • Catawiki,
  • Historiek.

  • N.B. Meer columns van Eric Bor lezen?
    U vindt al zijn columns hier.

    Print Friendly, PDF & Email
    0 Reacties
    Inline feedbacks
    Bekijk alle reacties