Een spiegeltje van de tijd

De Landelijke Organisatie van Begraafplaatsen (LOB) besteedt in haar periodiek (oplage 1.850) onder andere aandacht aan bijzondere begraafplaatsen. De taakgroep Cultuurhistorie en Monumenten van de Werkgroep Oud-Castricum werd onlangs benaderd voor een artikel over de gesloten begraafplaats op het landgoed Duin en Bosch. Peter van Eerden mocht recent een bijdrage leveren aan een fraaie publicatie met landelijk bereik en daarin onder meer zijn zorgen uiten over de onzekere toekomst van de begraafplaats in Bakkum.

Wat gaat er gebeuren met de oude begraafplaats op landgoed Duin en Bosch in Castricum? Parnassia Groep, de huidige eigenaar, wil er geen geld meer in stoppen. De Werkgroep Oud-Castricum maakt zich daar zorgen over.

De gesloten begraafplaats van Duin en Bosch.

Dijk en Duin, gelegen op landgoed Duin en Bosch, is een specialistische GGZ-instelling, waar volwassenen (18+) met psychiatrische problemen worden behandeld. Op de begraafplaats bij de instelling liggen ongeveer 440 oud-medewerkers en patiënten begraven. De begraafplaats en meerdere gebouwen op het landgoed zijn Rijksmonument. Acht jaar geleden nam zorginstelling Parnassia Groep het verwaarloosde landgoed over en realiseerde nieuwe paviljoens. Diverse gebouwen en grond werden verkocht, onder andere om er woningen van te maken. Zo is het oude mortuarium nu een villa. Links van deze villa ligt de begraafplaats. Op 20 mei 1960 werd hier voor het laatst begraven, een man van 66 die 31 jaar als patiënt had gewoond op Duin en Bosch. De begraafplaats is sinds 1963 gesloten. Er waren drie klassen: staf, medewerkers en patiënten. Niemand betaalde graf- en onderhoudskosten, alleen de monumenten moesten worden betaald. De patiënten kregen een houten kruisje, de medewerkers vaak nog een opstaand natuurstenen graf en de staf, zoals geneesheer-directeur Jacobi, een heus monument van graniet.

Man uit Mosul

Grafsteen van Gabriël Benjamin uit Mosul

Peter van Eerden van de stichting Werkgroep Oud-Castricum maakt zich zorgen over de slechte staat van de begraafplaats. Van Eerden: “De begraafplaats is een ‘spiegeltje van de tijd’. Met onder andere een RK-gedeelte, waarop er nu nog resten zijn van de Calvarieberg. Een tweetal kindergraven, van kinderen van verplegers. En een bijzonder graf van de Syrisch-orthodoxe geestelijke Gabriel Benjamin die uit Mosul kwam. Hij was hier actief om fondsen op te halen voor een kerkje en een school in Syrië en is op zijn rondreis ziek geworden. In 1917 is hij terug te vinden in het patiëntenregister. Hij scheen aan paranoia te lijden maar is overleden aan een longontsteking. Het Nieuw Israëlisch Weekblad weidde nog een artikel aan hem omdat hij zichzelf uitgaf als jood en op die manier fondsen wilde werven in de joodse gemeenschap. Kortom, er ligt hier een bonte stoet aan mensen begraven.”

“De plek is vervallen – de dwergvleermuis heeft hier haar habitat – en veel monumenten van natuursteen zijn beschadigd door steentjes die opspatten bij het maaien, maar ook doordat nabestaanden de namen van de overledenen probeerden te wissen, omdat ze niet geassocieerd wilden worden met de mensen die er liggen.” “Wij maken ons zorgen over het onderhoud, want dat wordt nog maar minimaal uitgevoerd. In de beschrijving van het Rijksmonument worden de padenstructuur en de iepen genoemd, maar de bomen zijn gerooid vanwege de iepziekte en er worden geen nieuwe geplaatst. Wij denken dat de Parnassia Groep er vanaf wil. Er wordt gedacht aan de oprichting van een stichting, maar de Parnassia Groep wil daarin niet toetreden. Zij zien zorg verlenen als hun primaire taak en niet het beheer en onderhoud van een begraafplaats. Er valt ook zeker veel goeds te zeggen over de renovatie van het 82 hectare grote landgoed door de Parnassia Groep, maar op het gebied van het groenonderhoud laten ze een steekje vallen. Op 30 november heeft er een gesprek plaatsgevonden met de wethouder. Gepleit is voor meer betrokkenheid van gemeentelijke zijde bij de instandhouding van de natuurlijke en cultuurhistorische waarden van het park-, bos- en duinlandschap. De wethouder heeft toegezegd dat de gemeente het toezicht daarop zal verscherpen.”

Bruidsschat

Serge Mulders is werkzaam bij de vastgoedafdeling van de Parnassia Groep: “We hebben met diverse organisaties gesprekken gevoerd over de begraafplaats. Met Werkgroep Oud-Castricum hebben we inderdaad gepraat over het in het leven roepen van een nieuwe stichting voor het onderhoud van de begraafplaats, waarbij wij ze een ‘bruidsschat’ mee willen geven als startkapitaal.

Serge Mulders

We hebben gesproken met De Terebinth en met Natuurbegraven Nederland, maar door het achterliggende Natura 2000-gebied en de waterhuishouding van de duinen werd het te ingewikkeld om het verder te ontwikkelen. We hebben plannen laten maken door landschapsarchitecten van Vollmer en Partners en gesprekken gehad met Yarden. Maar tot op heden is uit al die gesprekken niets concreets gekomen. Het mooist zou het zijn als de begraafplaats een parkfunctie krijgt, eigenlijk zoals het nu als gesloten begraafplaats ook gebruikt wordt. We hebben te maken met veranderingen in de financiële regelingen, we krijgen per bed betaald en krijgen geen vergoeding meer via nacalculatie zoals voorheen. Op Dijk en Duin wordt het groen onderhouden door een groep patiënten, als dagbesteding, maar de groep is eigenlijk te klein en te zorgbehoevend en kan niet al het groen van het hele complex onderhouden, dus voor grotere klussen huren we een hoveniersbedrijf in.”

De toekomst

Peter van Eerden bij het graf van geneesheer-directeur Jacobi.

Zo blijft de toekomst van de bijzondere begraafplaats Dijk en Duin onzeker. Het blijkt vooral een kwestie van geld. De Parnassia Groep heeft van de begraafplaats op haar locatie in Den Haag een gedenkparkje gemaakt. Het ligt voor de hand dit ook in Castricum te doen. Gedenkpark Dijk en Duin kan dan een corridor worden naar het achtergelegen Natura 2000-gebied waar runderen grazen. En dan om kosten te besparen schapen inzetten bij het onderhoud, want schapen zijn ‘nette’ en goedkope grazers.

Bron: LOB ‘De Begraafplaats’ 19 (2017) nr.1 / tekst en foto’s Pauline Prior/Peter van Eerden.

 

Print Friendly, PDF & Email